Ga naar boven
Home / Beleidsbegroting / Paragrafen / Financiering

Financiering

Inleiding
In de paragraaf Financiering wordt de financieringsfunctie van de gemeente Leiden uiteengezet voor de jaren

2018-2021. Dit gebeurt in een onderdeel 'algemene ontwikkelingen' en een onderdeel 'ontwikkelingen gemeente Leiden'. Onder de algemene ontwikkelingen komen de renteontwikkelingen en ontwikkelingen in de wet- en regelgeving aan de orde. In de paragraaf Ontwikkelingen gemeente Leiden geven we een toelichting op de renterisiconorm, de kasgeldlimiet en de financiering van de gemeente.

Algemene ontwikkelingen

Renteontwikkelingen­
De rente op de geld- en kapitaalmarkt wordt voornamelijk bepaald door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De belangrijkste rentetarieven van de ECB zijn in 2016 verlaagd naar 0%. Daarnaast is het de verwachting dat de ECB het in 2014 gestarte opkoopprogramma van obligaties, met als doel het aanjagen van de inflatie, voorlopig tot eind 2017 zal blijven uitvoeren. Uitvoering van het opkoopprogramma moet ertoe leiden dat er meer geld in de economie komt, wat zal resulteren in een hogere inflatie. Tot nu toe heeft het opkoopprogramma nog niet volledig het gewenste effect opgeleverd (Het doel is een inflatie van rond de 2%).

Naast het beleid van de ECB zijn ook andere macro-economische effecten van belang voor de renteontwikkeling. Het beleid van de Verenigde Staten onder de nieuwe president Trump en de zichtbaar stijgende rente in de Verenigde Staten zijn van belang. Maar bijvoorbeeld ook de uittreding van het Verenigd Koningrijk uit de Europese Unie kan een effect hebben op de rente.

De gemiddelde kapitaalmarktrente voor rentevaste en lineaire leningen met een looptijd van 10 jaar is in 2016 uitgekomen op 0,60%. Gedurende 2017 is een voorzichtige stijgende lijn zichtbaar in de renteontwikkeling. Richting het einde van 2017 wordt een rentepercentage van 1% verwacht. Gedurende 2018 zal naar verwachting de rente verder op gaan lopen.

Renteontwikkelingen

Omschrijving

2017

2018

2019

2020

2021

Rente kapitaalmarkt

1,25%

2,00%

2,50%

3,00%

3,50%

Rente geldmarkt

1,00%

1,00%

1,00%

1,00%

1,00%

Op basis van een lening met een looptijd van 10 jaar, rentevast en aflossing in gelijke delen. De rentepercentages komen voort uit een rentevisie, die mede tot stand is gekomen op basis van de rentevisies van een aantal financiële instellingen (BNG, ING en ABN-AMRO).

Ontwikkelingen gemeente Leiden

Beleidsvoornemen treasury

In de financiële verordening (RV 11.0032) zijn de kaders voor de treasuryfunctie door de raad bepaald. In de nota Treasury, besluitnr. 11.0573, zijn die kaders verder geconcretiseerd en in overeenstemming gebracht met de wet FIDO.

Het beleid van de gemeente Leiden is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende schulden omdat de rente op de kortlopende middelen in het algemeen lager is dan de rente op langlopende middelen. Hierbij is de gemeente Leiden gehouden aan de kasgeldlimiet, die bepaalt dat de gemiddelde vlottende schuld, over drie maanden gezien, niet boven de 8,5% van het begrotingstotaal mag uitkomen. Bij een rentevisie die uitgaat van een stijgende rente op korte termijn, kan de overweging gemaakt worden om een deel de financieringsbehoefte af te dekken met langlopende leningen.

Risicobeheer

Voor de beheersing van de renterisico’s gelden twee concrete richtlijnen: de kasgeldlimiet en de renterisiconorm (beide benoemd in de wet FIDO).

De kasgeldlimiet
De gemiddelde vlottende schuld, over drie maanden gezien, is voor een gemeente gelimiteerd op 8,5% van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet heeft het volgende verloop (gehad):

  • Kasgeldlimiet 2016 € 42 miljoen
  • Kasgeldlimiet 2017 € 43 miljoen
  • Kasgeldlimiet 2018 € 44 miljoen

In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de gemiddelde netto vlottende schuld over het afgelopen jaar weergegeven (kwartaal 3 en 4 van 2016 en kwartaal 1 en 2 van 2017):

Kasgeldlimiet

Omschrijving

Gemiddelde netto vlottende schuld

Kasgeldlimiet

Ruimte (=+) of Overschrijding

derde kwartaal 2016

35.342

42.355

7.013

vierde kwartaal 2016

41.061

42.355

1.294

eerste kwartaal 2017

57.221

43.476

-13.745

tweede kwartaal 2017

36.054

43.476

7.422

Bedragen x € 1.000,-

In de eerste kwartaal van 2017 is de kasgeldlimiet overschreden conform het eerder vermelde beleidsvoornemen. Als gevolg van een verwachte stijgende rente is in het eerste kwartaal de kortlopende schuld omgezet naar een langlopende schuld, met als gevolg dat de kasgeldlimiet in het tweede kwartaal van 2017 niet is overschreden.
De wet FIDO schrijft voor dat de toezichthouder (Provincie) geïnformeerd dient te worden indien de kasgeldlimiet drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden. Als gevolg van het aantrekken van de langlopende lening is de kasgeldlimiet slechts één kwartaal overschreden, waardoor er geen sprake is van een overschrijding van drie opeenvolgende kwartalen en er wordt voldaan aan de kaders die de wet FIDO stelt.

De renterisconorm
Over de langlopende schuld mogen de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van de renterisiconorm voor de komende jaren weergegeven:

Renterisiconorm

Nr.

Omschrijving

2017

2018

2019

2020

2021

1

Begrotingstotaal

511.4831

520.823

492.503

494.237

484.743

2

Wettelijk percentage

20%

20%

20%

20%

20%

3

Renterisiconorm (1x2)

102.297

104.165

98.501

98.847

96.949

4

Renteherzieningen

0

0

0

0

0

5

Aflossingen

19.802

35.719

47.370

61.437

70.534

6

Bedrag waarover renterisico gelopen wordt (4+5)

19.802

35.719

47.370

61.437

70.534

7

Ruimte onder renterisiconorm (3-6)

82.494

68.446

51.130

37.411

26.415

  1. 1Voor 2017 betreft dit de primitieve begroting. De primitieve begroting is de basis voor de verantwoording op de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.

Bedragen x € 1.000,-

De bedragen aan langlopende leningen waar de gemeente Leiden de komende jaren een renterisico over loopt, blijven ruimschoots binnen de wettelijke norm (wet FIDO).

De leningenportefeuille
Voor 2018 verwachten we voor ca. € 130 miljoen aan langlopende leningen aan te trekken.
Met de exploitatielasten van de leningen hebben we in de exploitatiebegroting rekening gehouden.

Ontwikkelingen leningenportefeuille

Omschrijving

2017

2018

2019

2020

2021

Stand 1 januari

182.880

368.110

448.853

542.092

581.572

Nieuwe leningen

205.032

116.462

140.609

100.917

86.645

Reguliere aflossingen

19.802

35.719

47.370

61.437

70.534

Stand per 31 december

368.110

448.853

542.092

581.572

597.683

Rentelasten

5.274

6.905

9.117

11.061

12.489

Bedragen x € 1.000,-

Met de introductie van de geprognostiseerde balans in de begroting 2017, moet de verwachte ontwikkeling van de leningenportefeuille in samenhang worden gezien met het verwachte verloop van de activa, de voorraad grond, het eigen vermogen en de vlottende schuld. Hiervoor verwijzen wij naar de in deze begroting opgenomen geprognostiseerde balans.

Rentemethodiek en renteresultaat
Voor de toerekening van de rentelasten maakt de gemeente Leiden gebruik van de rente-omslag-methode. Het totaal van de rentelasten wordt ‘omgeslagen’ over het geheel van de investeringen. De rentelasten betreffen het totaal van de rentelasten op de langlopende geldleningen en de kortlopende financiering minus de renteopbrengsten van overtollige middelen.

Door toepassing van de rente-omslag-methode worden de rentelasten aan de hand van de stand van de investeringen toegerekend aan de prestaties in de programmabegroting. De achterliggende gedachte is hierbij dat de gehanteerde omslagrente een reëel percentage is. Zodra de afwijking tussen de gehanteerde omslagrente en de werkelijk rentelast groter wordt dan 0,5% dient de gehanteerde omslagrente aangepast te worden.

Renteresultaat

a.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering

7.255

b.

De externe rentebaten (idem)

176

-/-

Saldo rentelasten en rentebaten

7.079

c1.

De rente die aan de grondexploitatie

367

-/-

moet worden doorberekend

c2.

De rente van projectfinanciering die aan

24

-/-

het betreffende taakveld moet worden

toegerekend

c3

De rentebaat van doorverstrekte leningen

24

+/+

indien daar een specifieke

lening voor is aangetrokken

(= projectfinanciering), die aan

het betreffende taakveld moet worden

toegerekend

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

367

-/-

d1.

Rente over eigen vermogen

0

+/+

d2.

Rente over voorzieningen

0

+/+

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

6.712

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

7.373

-/-

Renteresultaat op het taakveld Treasury

-661

(Voordeel)

Bedragen x € 1.000,-

Bij de gehanteerde rentesystematiek wordt de betaalde rente omgeslagen over het totaal aan activa. Voor deze renteomslag wordt een vast percentage gehanteerd. Voor 2018 bedraagt dit 1%. Dit percentage wordt de omslagrente genoemd.

De omslagrente mag niet meer afwijken dan 0,5% van de werkelijke verhouding tussen de betaalde rente en het activavolume. Doordat er een verschil is tussen het gehanteerde omslagpercentage en het werkelijke percentage (toegestaan binnen een bandbreedte van -0,5% en 0,5%) ontstaat er een renteresultaat.

Het gepresenteerde voordeel van € .000 betekent dat de gehanteerde omslagrente van 1% hoger is dan het werkelijke percentage. Er wordt € .000 meer rente doorberekend naar de activa, dan dat er daadwerkelijke aan rente wordt betaald aan de geldverstrekkers. Het verschil bevindt zich ruim binnen de gestelde bandbreedte, wat betekent dat een reëel rentepercentage wordt toegerekend aan de activa.

Overig

Complexe financiële producten
De gemeente Leiden maakt geen gebruik van complexe financiële producten zoals derivaten.

Geldstromenbeheer
De betalingen van de gemeente worden zo veel mogelijk via de BNG geleid omdat door de BNG de kortlopende financieringsbehoefte voor de gemeente Leiden wordt afgedekt. Met de BNG is daartoe een ruime kredietfaciliteit van € 75 miljoen overeengekomen. Via de ING worden een aantal bulkmutaties, zoals bijvoorbeeld parkeervergunningen en parkeergelden, afgehandeld.