Ga naar boven
Home / Beleidsbegroting / Programmaplan / Omgevingskwaliteit / Beleidsterrein 5D Duurzaamheid

Beleidsterrein 5D Duurzaamheid

Zoals in de inleiding van programma 5 is aangegeven, wordt met een ambitieuze Duurzaamheidsagenda geïnvesteerd in duurzaamheid met als doel om te zorgen dat de stad ook in de toekomst een goede omgevingskwaliteit houdt. Leiden neemt zo haar verantwoordelijkheid aangaande het terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen, het in stand houden en verbeteren van biodiversiteit en het voorkomen van afval. In 2017 zet de gemeente zich verder in om burgers, bedrijven en instellingen te helpen met en te overtuigen van het nut en de kansen van verduurzaming. Daarnaast neemt de gemeente haar verantwoordelijkheid door het verduurzamen van de eigen organisatie en gemeentelijke werkzaamheden.

Doelen en prestaties bij 5D Duurzaamheid

Doel

Prestatie

5D1 Leiden duurzame stad

5D1.1 Ontwikkelen duurzaamheidbeleid

5D1.2 Uitvoeren geluidsanering

5D1.3 Uitvoeren bodemsanering

5D1.4 Uitvoeren duurzaamheidbeleid

5D1.1 Ontwikkelen duurzaamheidbeleid
Eind 2015 heeft de gemeenteraad de Duurzaamheidsambities Leiden 2030 en de Duurzaamheidsagenda 2016-2020 vastgesteld. Leiden heeft de consequenties van het Klimaatakkoord van Parijs, Energieakoord en andere (inter)nationale afspraken vertaald naar de eigen gemeente en wil als kennisstad voorop lopen op het gebied van innovatie en duurzaamheid. Dit Duurzaamheidsbeleid is na actieve participatie van burgers, bedrijven en organisaties uit de stad tot stand gekomen. Het Duurzaamheidsbeleid spitst zich toe op zes thema’s en zestien concrete doelstellingen. Deze doelstellingen worden bereikt door inzet en samenwerking van overheden, burgers, bedrijven en organisaties.

Met de vaststelling van de Duurzaamheidsambities 2030 en de Duurzaamheidsagenda 2016-2020 is het gemeentelijk beleid voor de komende jaren neergezet. De focus van het Programma Duurzaamheid ligt op de uitvoering van maatregelen en het boeken van resultaten. Naast dat en juist daarvoor is het noodzakelijk dat op verschillende onderdelen een uitwerkende slag op deelbeleid plaatsvindt. In het Werkplan Programma Duurzaamheid 2016-2020 (mei 2016) is aangegeven aan welke beleidsproducten wordt gewerkt. Jaarlijks, dus ook in 2017, zal een geactualiseerd  Werkplan worden opgesteld.

Hieronder volgt een opsomming van Duurzaamheidbeleid dat nog wordt opgesteld als uitwerking van het vastgestelde beleidskader over duurzaamheid:

  • Regionale energie samenwerking en strategie: in verschillende samenwerkingsverbanden wordt gewerkt aan de energieopgaven. Het uitgangspunt van de gemeente Leiden is dat met gemeenten/ gemeentelijke verbanden word samengewerkt die welwillend zijn om door te pakken op bepaalde thema’s. In Holland Rijnland verband wordt gewerkt aan een gezamenlijk actieprogramma Energie en een overeenkomst met onder andere de Provincie Zuid- Holland (PZH) in 2017. De PZH heeft aangegeven om samen met regio’s verder te willen denken over ruimtelijke inpassing van duurzame energieopwekking. Dat wordt bij voorkeur gedaan in Holland Rijnland verband maar zou ook beperkt kunnen worden tot omgevingsvisie verband (10 gemeenten) of Leidse regio verband (5 gemeenten);
  • Omgevingsvisie: onder regie van Leiden wordt samen met 9 andere regio gemeenten de Omgevingsvisie nader geconcretiseerd. De ruimtelijke consequenties van energieopgaven, klimaatveranderingen en biodiversiteitambities worden nader uitgewerkt en op basis daarvan wordt in 2017 een strategie/ ruimtelijk beleid voor de komend jaren opgesteld met specifieke aandacht voor energie, klimaat en biodiversiteitopgaven;
  • Warmtevisie: met inbreng van woningbouwcorporaties, burgers, energiepartijen, etc. wordt een breed gedragen kaderstellende Warmtevisie opgesteld in 2017 die antwoord geeft op de vraag hoe de toekomstige warmtevoorziening van Leiden er uit ziet;
  • Bodemvisie: er wordt in 2017 beleid opgesteld voor het gebruik van de bodem voor Warmte Koudeopslag;
  • Kaderstellend afvalbeleid: eind 2016/ begin 2017 wordt het Kaderstellend afvalbeleid herijkt;
  • Visie NME/ Duurzaamheidseducatie: in 2017 wordt een visie opgesteld voor natuur- en milieu/ duurzaamheids educatie;
  • Gemeentelijk aanbestedingsbeleid: eind 2016/ begin 2017 wordt nieuw SP 71 aanbestedingsbeleid voorgelegd aan de raden met daarin meer aandacht voor duurzaamheid;
  • Duurzaamheid belemmerende regelgeving: Eind 2016/ begin 2017 wordt een advies opgesteld aan de raad over aanpassing van mogelijk duurzaamheid belemmerende regelgeving;
  • Duurzaamheid en energiebeleid gemeentelijke organisatie: in 2017 wordt nader duurzaamheid en energiebeleid voor onze gemeentelijke organisatie opgesteld.

5D1.2 Uitvoeren geluidsanering
Ter vergroting van de leefbaarheid op de verkeersknelpunten moet de geluidsoverlast worden teruggedrongen. Dit vraagt onder meer om fysieke maatregelen aan woningen die door het verkeerslawaai een te hoge geluidsbelasting hebben. Het middel hiervoor is gevelsanering. Leiden heeft zich verplicht om 760 woningen, die op de zgn. A-lijst staan, in 2020 te hebben gesaneerd. Daarnaast kunnen ook andere woningen voor sanering in aanmerking komen indien blijkt dat de geluidbelasting door wegverkeer te hoog is. De projectbegeleiding van de sanering vindt plaats door de Omgevingsdienst. De noodzaak van geluidsanering is afhankelijk van de planvorming met betrekking tot grote infrastructurele projecten. Immers, als de verkeerscirculatie wijzigt, verandert ook de geluidsbelasting. Door de sanering af te stemmen op de uitvoering van de grote infrastructurele projecten wordt voorkomen dat onnodige maatregelen worden genomen, dan wel dat er maatregelen worden genomen die niet afdoende zijn.

In 2017 wordt het saneringsprogramma voortgezet met projecten die in 2016 zijn opgestart. Langs het traject van de centrumroute liggen verdeeld over drie deelprojecten zo’n 500 saneringswoningen, waaronder langs de Langegracht. Vanwege het herinrichten van de verkeerscirculatie is een akoestisch onderzoek per deelproject noodzakelijk. Er is inmiddels door het rijk subsidie toegekend voor het project Langegracht. Zodra de uitkomst van het akoestisch onderzoek bekend is wordt de sanering verder opgepakt. Ook wordt subsidie aangevraagd voor de geluidsanering van de resterende woningen langs de centrumroute.

5D1.3 Uitvoeren bodemsanering
In de gemeente Leiden vindt de aanpak van bodemverontreiniging plaats via twee sporen. Enerzijds wordt zoveel mogelijk gesaneerd in samenloop met bouw- of herinrichtingsplannen. Daarmee wordt de omgevingskwaliteit integraal verbeterd. Anderzijds worden locaties aangepakt op grond van milieuhygiënische urgentie (spoed-locaties).

Het Rijk en de koepelorganisaties IPO, VNG en Unie van Waterschappen hebben in 2015 een nieuw bodemconvenant gesloten over het duurzaam en efficiënt beheren van bodem en ondergrond voor de periode 2016-2020. In dit nieuwe convenant wordt uitgegaan van eenzelfde bijdrage voor de apparaatskosten als in het vorige convenant. De Omgevingsdienst voert de taak bodemsanering voor de gemeente uit. Het uitvoeringsprogramma voor 2017 wordt in overleg met de gemeente opgesteld en vormt een onderdeel van het "Leidse Uitvoeringsprogramma Bodem en Ondergrond 2016-2020" (zie prestatie 5A1.1).

5D1.4 Uitvoeren duurzaamheidbeleid
De raad heeft op 9 april 2015 ingestemd (RV 15.0013) met het inrichten van een Programma Duurzaamheid vanaf 1 juli 2015 voor de duur van drie jaar inclusief de aanstelling van een programmamanager Duurzaamheid.

Eind 2015 is de Duurzaamheidsagenda 2016-2020 vastgesteld met zestien concrete doelstellingen. De raad heeft voor het bereiken van deze doelstellingen per doelstelling een krediet vastgesteld. Om de doelstellingen te bereiken is een programmaorganisatie opgezet en een Werkplan Programma Duurzaamheid opgesteld (mei 2016). Het programma wordt gestuurd vanuit het team Economie, Cultuur, Wonen, Duurzaamheid en de maatregelen worden door verschillende teams inde organisatie uitgevoerd. De gemeente is aanjager, facilitator en uitvoerder van maatregelen. De doelstellingen moeten bereikt worden door inzet en samenwerking van overheden, burgers, bedrijven en organisaties. In 2017 worden verschillende maatregelen uitgevoerd die de 16 door de raad vastgestelde doelstellingen dienen. Het Werkplan Programma Duurzaamheid geeft hiervan een overzicht.

Resultaat van de maatregelen in 2017 is dat wij samen met de stad stappen maken in het bereiken van de 16 door de raad vastgestelde duurzaamheidsdoelstellingen voor 2020. Onder andere 1,5% energiebesparing per jaar, CO2 uitstoot verlaging, afvalscheidingsnormen, luchtkwaliteitsdoelstellingen, groenbeleving, biodiversiteitverbetering.

Verbonden Partijen

De onderstaande Verbonden Partijen leveren een bijdrage aan dit beleidsterrein. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.

Omgevingsdienst West-Holland

Uitvoering van de wettelijke taken zoals de vergunningverlening en handhaving van de Wet milieubeheer en de Wet bodembescherming (m.n. bouwstoffenbesluit), en advisering van de deelnemende gemeenten bij de uitvoering van hun taken, zoals ruimtelijke planvorming en verkeersbeleid.

Effectindicatoren bij 5D Duurzaamheid

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2017

2018

2019

2020

Doel 5D1 Leiden duurzame stad*

5D1.a Totale CO2 uitstoot Leiden in mln kg

509,2 (2013)
494,5 (2014)
495,4 (2015)

467,3

453,3

439,2

425,2

Energie in beeld

5D1.b Totaal gasverbruik in Leiden in mln m3

111,5 (2013)
104,9 (2014)
106,0 (2015)

102,8

101,3

99,8

98,3

Energie in beeld

5D1.c Totaal elektraverbruik in Leiden in mln kWh

526,6 (2013)
521,7 (2014)
519,8 (2015)

504,3

496,8

489,3

482,0

Energie in beeld

5D1.d Gasverbruik door bedrijven in mln m3

67,1 (2013)
62,9 (2014)
63,7 (2015)

61,8

60,9

60,0

59,1

Energie in beeld

5D1.e Elektraverbruik door bedrijven in mln kWh

404,4 (2013)
403,8 (2014)
398,2 (2015)

386,3

380,5

374,8

369,2

Energie in beeld

5D1.f Percentage hernieuwbare energie

1,2% (2011)
1,7% (2013)

12,2%

14,8%

17,4%

20,0%

Klimaatmonitor RWS

5D1.g Percentage hernieuwbare elektriciteit

0,1% (2012)
0,2% (2013)
0,3% (2014)

Klimaatmonitor RWS**
(wsjg - BBV)

5D1.h Omvang huishoudelijk restafval in kg per inwoner

267 (2012)
258 (2013)
258 (2014)

***

CBS**
(wsjg - BBV)

5D1.i Aantal wegen met NO2 > 35 µg/m3

21 (2012)
8 (2013)
10 (2014)

5

5

2

0

Ministerie I en M

* De indicatoren in dit beleidsterrein zijn anders dan vorig jaar. Dit is het gevolg van het gereedkomen van de Duurzaamheidsagenda 2016-2020. In het bijzonder programma Duurzaamheid, verderop in deze programmabegroting, staat meer informatie. Onder andere over de uitgangspunten die zijn gehanteerd bij het bepalen van de streefwaarden.
** Het herziene Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) 2015 stelt een aantal indicatoren voor alle gemeenten verplicht. Bij beleidsterrein 5D Duurzaamheid zijn er twee opgenomen, te herkennen aan de aanduiding (wsjg.nl - BBV) bij de bron. Dit verwijst naar de plek
waar alle indicatoren voor alle gemeenten te vinden zijn: www.waarstaatjegemeente.nl. Gemeenten zijn verplicht de bron te hanteren die
daar aangegeven staat. Dat maakt vergelijking tussen gemeenten mogelijk.
*** In 2017 wordt met het nieuwe kaderstellend afvalbeleid de streefwaarde voor de hoeveelheid afval vastgesteld.