Ga naar boven

Inleiding

Stedelijke Ontwikkeling staat voor een optimale inrichting van de fysieke leefomgeving. Onze fysieke leefomgeving is de omgeving waarin wij leven. De ruimte om ons heen waarin wij wonen, werken, recreëren, winkelen, fietsen, wandelen, naar school gaan en studeren. Hoe kunnen we die leefomgeving het beste ontwikkelen?

Voor het programma Stedelijke Ontwikkeling is een belangrijke opgave hoe we in de toekomst zorgen voor voldoende en juiste woningen. Uit demografische en planologische analyses van de provincie Zuid-Holland blijkt dat we in de komende tien jaar nog circa 30.000 woningen nodig hebben om de “autonome bevolkingsgroei”  (geboorten minus overlijden)  in het Hart van Holland op te vangen. Dit is exclusief extra toestroom door binnenlandse en buitenlandse immigratie. Van die 30.000 woningen zijn er zo’n 20.000 opgenomen in de harde en zachte plannen van gemeenten. Voor 10.000 woningen moet nog een plek worden gezocht.  In de praktijk zal een deel van de zachte plannen niet gerealiseerd worden, wat betekent dat de feitelijke opgave nog groter is. Leiden heeft als grootste gemeente in de regio een belangrijk aandeel om in de toenemende woningbehoefte te voorzien en in te spelen op de veranderende bevolkingssamenstelling.  

Als het aantal woningen gelijk blijft, neemt het inwonertal af, doordat huishoudens steeds kleiner worden. Wanneer dit gebeurt, neemt ook het draagvlak af voor voorzieningen zoals winkels. Het is dan ook van het grootste belang om het woningaanbod kwantitatief en kwalitatief te laten meegroeien met de vraag. Door het aantal woningen te laten groeien kunnen jongeren na hun studie hier blijven wonen, zorgen we voor groei van werkgelegenheid, versterken we het draagvlak voor stedelijke voorzieningen en kunnen we beter inspelen op veranderende behoefte aan zorg en ondersteuning in de leefomgeving van het toenemend aantal ouderen.  

De opgave om voldoende en juiste woningen te realiseren moet plaatsvinden in een omgeving die leefbaar, goed bereikbaar en economisch krachtig is en blijft, met oog voor klimaatverandering, vermindering CO2 uitstoot en behoud van waardevolle landschappen. Dit zijn zaken waar het cluster Stedelijke Ontwikkeling aan werkt en die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

We doen dit op vele manieren, maar bovenal integraal en gebiedsgericht. De opgaven waar we voor staan vragen niet om sectoraal beleid, maar om integrale oplossingen. De opgaven vragen ook om oplossingen die niet alleen vanuit het perspectief van de stad worden bekeken, maar ook vanuit het perspectief van de regio worden bezien. Bij het werken aan oplossingen zetten we de inwoners van ons gebied centraal. Daarom redeneren we vanuit het “daily urban system” van de regio. Niet de gemeentegrens staat centraal, maar de schaal die bij het op te lossen probleem hoort. Daarom werken we samen in meerdere regionale verbanden, zoals het Hart van Holland en de Toekomstvisie Leidse regio 2027. We komen met antwoorden voor de verstedelijkingsopgaven en leggen dit vast in de op te stellen omgevingsvisie voor de stad Leiden. Een omgevingsvisie, gebaseerd op samen met stad en bestuur opgestelde ontwikkelscenario’s, die we gebiedsgericht kunnen vertalen naar ontwikkelperspectieven. Ontwikkelperspectieven die er op gericht zijn om stad en regio economisch sterk, duurzaam , robuust en gezond en vitaal te houden en verder te versterken. Dit zijn onze kernwaarden.

Deze manier van werken vraagt van de gemeente niet alleen veel inhoudelijke inzet, maar ook aandacht voor de manier waarop er binnen het cluster Stedelijke Ontwikkeling wordt gewerkt. We richten ons daarom ook op de manier waarop we binnen het cluster werken en vooral op de wijze waarop we samenwerken . Intern, maar zeker ook richting inwoners, bedrijven en instellingen. Integraal werken vraagt om een andere blik, om daadwerkelijk met elkaar aan ontwikkelingen te werken. Hoe vertalen we bijvoorbeeld de opgaven uit de duurzaamheidsagenda naar de fysieke leefomgeving? De verstedelijkingsopgave is een transformatieopgave, maar kan ook leiden tot verdichting. Dit betekent dat we ook moeten nadenken over de vraag hoe we de stad en de regio bereikbaar houden en hoe we omgaan met het bestemmen van schaarse ruimte. We versterken Leiden als stad van kennis en cultuur met de programma’s Binnenstad en Kennisstad en zorgen voor verbetering van de economische ontwikkelingen in onder andere Economie071 en het BioScience park. We geven de ruimte voor ontwikkelingen van derden, maar stellen heldere kaders op om te zorgen dat het bijdraagt aan onze kernwaarden.

We denken na over de vraag hoe we ons de komende jaren gaan bewegen, op welke vormen van mobiliteit zetten we in? Dit alles met aandacht voor voldoende groen en het aanpassen van onze stad aan de gevolgen van de klimaatverandering. Op het niveau van de stad, maar zeker ook op het niveau van samengestelde gebieden van Leiden. Juist het gebiedsniveau leent zich ervoor om samen met inwoners en belanghebbenden antwoorden te vinden op de vele vragen waar we mee zitten en helpt ons ook om verbindingen te leggen met de sociaal maatschappelijke opgave waar de stad eveneens voor staat. Ruimtelijke ontwikkeling is geen oplossing voor sociaal maatschappelijke problematiek. Het kan oplossingen wel ondersteunen. Bijvoorbeeld door het creëren van plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, of het geven van plek aan maatschappelijke functies. Of het inpassen van verschillende typen woningen in een wijk. Het cluster Stedelijke Ontwikkeling vervult hier de rol van verbinder.

Bouwen in de stad is vaak complex en kost geld. Burgers en ondernemers investeren in de stad, maar de gemeente uiteraard ook. De komende jaren moet daarbij rekening worden gehouden met het feit dat er minder verdienend vermogen bij de gemeente is omdat de Vereveningsreserve Grondexploitaties leeg is en we niet beschikken over ‘weiland locaties’.