Ga naar boven
Home / Beleidsbegroting / Programmaplan / Werk en inkomen / Beleidsterrein 10C Inkomensvoorzieningen

Beleidsterrein 10C Inkomensvoorzieningen

Voor de mensen die niet in staat zijn om in hun levensonderhoud te voorzien, biedt de gemeente een financieel vangnet in de vorm van een uitkering.

Doelen en prestaties bij 10C Inkomensvoorzieningen

Doel

Prestatie

10C1 Leidenaren (18 t/m AOW-leeftijd) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.1 Behandelen aanvragen en beheer uitkeringen Participatiewet, Ioaw, Ioaz, Bbz- inkomensvoorzieningen

10C1.2 Uitvoeren fraudepreventie en opsporen uitkeringsfraude

10C1.3 Uitvoeren terugvordering en verhaal

10C1.1 Behandelen aanvragen en beheer uitkeringen WWB, Ioaw, Ioaz, Bbz-inkomensvoorzieningen
Het aantal bijstandsuitkeringen is de laatste jaren gestaag toegenomen. Het Rijk gaat er in het meerjarenbeeld tot en met 2019 vanuit dat deze stijging doorzet. Met de invoering van de Participatiewet is de doelgroep van de bijstand groter is geworden. Dit komt vooral tot uiting in het hogere aantal jongeren in de bijstand nu de Wajong voor jongeren met beperkte arbeidsmogelijkheden geen optie meer is. Ook de toename van het aantal statushouders leidt tot meer bijstandsgerechtigden. Statushouders hebben in de regel een grotere kans om langdurig in de bijstand te blijven. In het Project JAS (zie ook onder 10A1.3) wordt gewerkt aan de maatschappelijke en arbeidsintegratie van deze groep met het doel om langdurige bijstandsafhankelijkheid te voorkomen.

Het Team Werk en Inkomen werkt wijkgericht. Hierbij wordt samengewerkt met de sociale wijkteams en andere partners in de stad. Bij het beheer van de uitkeringen worden de uitkeringsgerechtigden regelmatig gesproken in Klant in Beeld gesprekken. Bij deze gesprekken kijken de klantmanagers met een brede blik naar de situatie van de klant en zijn omgeving op de verschillende leefgebieden. Het streven is om in 2017 te gaan werken volgens een vaste methodiek en daarbij een bewezen effectief diagnose-instrument in te zetten. Op basis van de diagnose stellen de klantmanager en de klant samen een SMART Plan van Aanpak op gericht op maximale participatie, bij voorkeur door uitstroom naar werk. Ook is het streven om in 2017 een functioneel meetsysteem in te voeren waarmee de klantmanagers het effect van de door hen ingezette middelen kunnen meten. Dit stelt hen in staat om te reflecteren op de effectiviteit van die middelen.

10C1.2 Uitvoeren fraudepreventie en opsporen uitkeringsfraude
Van 1 juni tot 1 december 2016 loopt de pilot “Strenger aan de Poort”. Medewerkers fraudeonderzoek worden tijdens de aanvraagprocedure ingezet om te screenen op mogelijke fraude-indicatoren. Komen er uit de screening geen bijzonderheden dan wordt de aanvraag direct afgehandeld. Als er wel bijzonderheden naar voren komen, wordt er aanvullend onderzoek gedaan. Het uitgangspunt is 'soepel waar het kan en strenger waar het moet'. Met deze werkwijze wordt zoveel mogelijk voorkomen dat klanten van Werk en Inkomen te maken krijgen met terugvorderingen en boetes. In december 2016 wordt de pilot geëvalueerd en bij gebleken succes zal dit in 2017 de vaste werkwijze worden.

De wijziging van de Fraudewet betekent dat nu in de wet is vastgelegd wat de gemeente op basis van jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep al doet. De strenge boetewetgeving die in 2013 werd ingevoerd is hiermee genuanceerd. Bij het opleggen van een bestuurlijke boete wegens schending van de inlichtingenverplichting moeten altijd de ernst van het feit, de mate van verwijtbaarheid en de persoonlijke omstandigheden worden meegewogen.

10C1.3 Uitvoeren terugvordering en verhaal
In 2017 wordt de wetgeving over de beslagvrije voet gewijzigd. Het doel is een eenvoudiger en transparanter berekening. Het risico dat de schuldenaar niet voldoende overhoudt om in de basale kosten van het levensonderhoud te kunnen voorzien, wordt veel kleiner. Schuldeisers krijgen meer duidelijkheid over de afloscapaciteit van de schuldenaar. Daartoe wordt voorgesteld de berekeningswijze van de beslagvrije voet te vereenvoudigen en het proces van vaststelling van de beslagvrije voet zodanig aan te passen dat betere afstemming wordt bereikt.

Effectindicatoren bij 10C Inkomensvoorzieningen

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2017

2018

2019

2020

Doel 10C1 Leidenaren (18 t/m 64 jaar) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.a Personen met een bijstanduitkering, aantal per 10.000 inwoners

433,5 (2015)

440

450

450

420

CBS

10C1.b % ontvangen bedrag van het totaalsaldo vorderingen (Incassoquote)

15% (2014)

14% (2015)

19%

22%

22%

22%

W&I

10C1.c % percentage personen met schuld, inclusief fraude met wie nog geen afspraak tot aflossing is gemaakt

24% (2014)

16,5% (2015)

16%

15%

15%

15%

W&I