Ga naar boven

Ontwikkeling kapitaallasten

Het totaal van de kapitaallasten in het meerjarenbeeld 2018 - 2021 laat ten opzichte van het huidige meerjarenbeeld de volgende ontwikkeling zien:

bedragen x € 1.000

meerjarenbeeld kapitaallasten

2018

2019

2020

2021

 

 

 

 

 

2017 - 2020

37.110

40.287

46.064

46.064

2018 - 2021

31.514

37.364

42.449

44.670

verschil:

- 5.596

- 2.923

- 3.615

- 1.394

 In het meerjarenbeeld is naast de omvang kapitaallasten 2018 – 2021 ook een stelpost onderuitputting kapitaallasten opgenomen omdat blijkt dat een zeker “planningsoptimisme en/of vertraging in de uitvoering” elk jaar leidt tot een voordeel in de kapitaallasten van een jaar. De omvang hiervan bedraagt:

bedragen x € 1.000

meerjarenbeeld kapitaallasten

2018

2019

2020

2021

 onderuitputting kaplasten 2018 - 2021

- 1.854

- 1.282

- 1.511

- 1.282

 Bij de Kaderbrief 2018 is de stelpost onderuitputting kapitaallasten vanaf 2018 structureel met € 350.000 verhoogd. De omvang van deze onderuitputting ligt binnen het voordeel dat de afgelopen vier jaar ten opzichte van de begrote kapitaallasten in die jaren heeft voorgedaan. Gemiddeld bedraagt dit voordeel € 3,1 mln.

De budgettaire effecten moeten gecorrigeerd worden voor bijvoorbeeld mutaties in kapitaallasten die worden verrekend met reserves ter dekking van kapitaallasten (bijvoorbeeld de parkeerreserve en de reserve afschrijving investeringen), kapitaallasten van investeringen in bedrijfsmiddelen etc. Ook wordt de stelpost kapitaallasten gecorrigeerd.

 Deze correcties geven het volgende beeld:

bedragen x € 1.000

meerjarenbeeld kapitaallasten

2018

2019

2020

2021

totaal correcties:

11.387

11.682

2.562

664

 Een deel van deze correcties heeft betrekking op voordelen op kapitaallasten van afgesloten investeringen bij de jaarrekening 2016 die worden verrekend met de taakstelling op kapitaallasten uit de begroting 2015 van € 150.000 structureel vanaf 2018. Dit levert het volgende voordeel op:

bedragen x € 1.000

aanvullende effecten

2018

2019

2020

2021

totaal correcties stelpost kaplasten:

121

121

121

121

 Het restant van deze taakstelling wordt in 2017 opgelost door voordelen op kapitaallasten van investeringen/projecten of valt vrij wanneer de taakstelling meer dan gerealiseerd is..

Ten opzichte van het meerjarenbeeld 2017 – 2020 geeft dit de volgende budgettaire ontwikkeling in de meerjarenkapitaallasten te zien:

bedragen x € 1.000

meerjarenbeeld kapitaallasten

2018

2019

2020

2021

 totaal budgettair:

- 4.209

- 1.239

- 1.053

- 730

 Opgesplitst per programma geeft dit het volgende beeld:

bedragen x € 1.000

 Per Programma:

2018

2019

2020

2021

 

 

 

 

 

 Bestuur & Dienstverlening

- 92

1

1

6

 Veiligheid

1

1

-

-

 Economie & Toerisme

1

 1

3

3

 Bereikbaarheid

- 1.066

- 1.082

- 3.382

- 2.674

 Omgevingskwaliteit

- 1.600

- 714

- 377

- 13

 Stedelijke Ontwikkeling

97

53

 50

40

 Jeugd en Onderwijs

- 216

- 431

- 694

- 208

 Sport, Cultuur & recreatie

- 911

44

436

415

 Welzijn en Zorg

- 1

-

- 1

- 1

 Werk en Inkomen

-

-

-

-

 Algemene Dekkingsmiddelen

- 422

888

2.911

1.702

 

 

 

 

 

 Totaal:

- 4.209

- 1.239

- 1.053

- 730

effect afschrijvingstermijnen

- 903

- 1.076

- 1.082

- 1.061

 Een deel van dit voordeel wordt veroorzaakt door de gewijzigde afschrijvingstermijnen uit de financiële verordening. In onderstaand overzicht wordt voor de programma’s waarin dit majeure voordelen met zich meebrengt weergegeven.

bedragen x € 1.000

 Per Programma:

2018

2019

2020

2021

 Bereikbaarheid

- 298

- 381

- 411

- 427

 Omgevingskwaliteit

- 577

- 624

- 577

- 515

 Jeugd en Onderwijs

- 53

- 96

- 118

- 141

 overige programma's

25

25

24

22

 

-

-

-

-

 totaal:

- 903

- 1.076

- 1.082

-  1.061

 Een korte toelichting op de saldi per programma > € 100.000: 

Bereikbaarheid:
Vanuit het programma Bereikbaarheid zijn de voordelen geheel te verklaren door verschuivingen in de cash-flow Leidse Ring, de diverse projecten in de openbare ruimte binnenstad en het Masterplan BioSciencePark, als gevolg van actuele planning van werkzaamheden. Voor dit programma is bij de begroting 2017 in de jaarschijf 2020 een kapitaallast van € 2.000.000 opgenomen voor de ontwikkeling van de kapitaallasten die buiten het meerjarenbeeld 2017 -2020 zou vallen. Bij de actualisatie is  wederom een deel buiten het meerjarenbeeld geplaatst.

Omgevingskwaliteit:
De voordelen hebben over het geheel genomen betrekking op gewijzigde cash flows van investeringen. Met name in 2018 is sprake van een voordeel op de kapitaallasten voor kunstwerken (technische installaties beweegbare bruggen, valkbrug en brug Poelgeest) en openbare verlichting.

Jeugd en Onderwijs:
De voordelen in de kapitaallasten op dit programma worden veroorzaakt door gewijzigde cash flow op de investeringen nieuwbouw Leonardo Telderskade en VMBO Boerhavenlaan. In onderstaand schema als volgt weergegeven:

Sport, Cultuur & Recreatie:
In dit programma is sprake van een aanzienlijke voordelen in de kapitaallastenontwikkeling in 2018 als gevolg van de gewijzigde cash-flow op de investering voor renovatie en uitbreiding Lakenhal conform actuele planning van de werkzaamheden. Daarnaast is in de kapitaallastenontwikkeling rekening gehouden met een nadeel als gevolg van de gewijzigde afschrijvingstermijnen (volgens de componentenbenadering) voor de investering in de nieuwbouw vijf meihal (topsporthal) vanaf 2019 met € 171.000. De investering in installaties moet volgens de termijnen in de financiële verordening worden afgeschreven in 15 jaar.

Algemene Dekkingsmiddelen:
Het voordeel in de kapitaallasten 2018 wordt veroorzaakt door vertraging in de vervangingsinvesteringen van het wagenpark. Daarnaast is op dit programma de stelpost kapitaallasten teruggeboekt. Dit geeft nadelen in het meerjarenbeeld van € 171.000 in 2018, € 603.000 in 2019, € 2.603.000 in 2020 en € 1.408.000 in 2021. Ook heeft een correctie plaatsgevonden voor de kapitaallasten van de in de Kaderbrief aangemelde vervangingsinvesteringen in bedrijfsmiddelen.

Tot slot
In het meerjarenbeeld 2018 - 2021 is in de laatste jaarschijf niet de volledige kapitaallasten van de lopende investeringen en investeringen uit het meerjareninvesteringsplan 2017 – 2020 meegenomen. Een aantal cash-flows vindt plaats in en na 2021 waardoor de kapitaallast buiten het meerjarenbeeld valt. Dit betreft een toename van ongeveer € 500.000. In de begroting 2018 is in de jaarschijf 2021 is met dit effect rekening gehouden.