Ga naar boven

Mutaties Kaderbrief 2017-2020

Voor het overzicht hebben we hieronder de toelicting op alle mutaties die in de kaderbrief 2017-2020 zijn opgenomen nog een keer weergegeven.

Programma 1 Bestuur en dienstverlening

Extern juridisch advies
Het budget voor extern juridisch advies blijkt al een aantal jaren ontoereikend. Inhuur van extern juridisch advies is vereist vanwege complexiteit van de juridische casussen en daarmee samenhangende vraag naar specialistische kennis. Voorbeelden zijn de OV chip poortjes, de Oostvlietpolder, WOB verzoeken en het onderzoek van de FIOD. Voorstel is om het budget op een adequaat niveau te brengen. Bovendien is een correctie op de begroting vereist vanwege een niet te realiseren geraamde opbrengst van ca. € 207.000. Voorzien was dat juridische kosten kunnen worden doorbelast naar projecten of begrotingsprogramma’s. Juist voor gemeentebrede casussen (zie de voorbeelden) blijkt dit niet het geval te zijn. Tegelijk met de budgetaanpassingen nemen we een aantal maatregelen om de kosten terug te dringen, waaronder versterking van de interne juridische functie. Daarmee kan inhuur van externen
worden beperkt, door zelf meer te doen en door als ‘poortwachter’ nut en noodzaak van extern advies vooraf af te wegen.

Verlaging taakstelling op het verstrekken van reisdocumenten
Het Rijk heeft de leges voor reisdocumenten gemaximeerd waardoor een tekort is ontstaan van € 200.000. Dit is omgezet in een taakstelling op dienstverlening. Daarnaast moet door digitalisering van de dienstverlening een bijdrage worden geleverd aan de algemene taakstelling op de bedrijfsvoering. Beide taakstellingen moeten worden gerealiseerd door efficiënter werken omdat de leges niet mogen worden verhoogd. € 20.000 van de taakstelling is gerealiseerd. Het college ziet geen mogelijkheden verder te bezuinigen zonder verschraling van de dienstverlening en stelt daarom voor, het niet te realiseren gedeelte van deze taakstelling te laten vervallen. Via onder andere werk-op-afspraak wordt een bijdrage geleverd aan de algemene taakstelling op bedrijfsvoering.

Krediet ontwikkeling informatiseringsbeleid
In de bedrijfsvoeringreserve concern zijn voor 2017 en 2018 onttrekkingen geraamd als dekking voor het krediet ontwikkeling informatiseringsbeleid. De raad wordt gevraagd deze goed te keuren.

Programma 2 Veiligheid

Incidentele tegenvaller bijdrage Veiligheidsregio
Het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden heeft nieuwe bestuurlijke afspraken gemaakt over het kostenniveau en de financieringssystematiek van de gemeentelijke bijdragen. De nieuwe afspraken gaan in per 2019, terwijl in de Leidse meerjarenbegroting is gerekend op 2018. Hierdoor ontstaat er in 2018 bovenop het bij 2.02 genoemde structurele nadeel een incidenteel nadeel van € 657.000 Verwezen wordt naar het raadsvoorstel dat op 16 juni staat geagendeerd waarin de raad zienswijzen op de programmabegroting van de Veiligheidsregio geeft. In het raadsvoorstel is aangegeven de incidentele tegenvaller te betrekken bij de kaderbrief 2017-2020.

Structureel nadeel bijdrage Veiligheidsregio
Vanaf 2018 werd voor de Veiligheidsregio rekening gehouden met een lagere bijdrage van ca. € 900.000. De inschatting van deze verlaging was gebaseerd op informatie uit de meicirculaire 2015-2019. Door een correctie van het aantal wooneenheden ontvangt Leiden nu een hogere Algemene Uitkering dan in de meicirculaire was geprognosticeerd. Daar staat tegenover dat de bijdrage aan de Veiligheidsregio ook verhoogd moet worden, op basis van bestaande afspraken binnen de Gemeenschappelijke Regeling, waardoor het oorspronkelijke voordeel lager uitpakt (minder meer).

Cameratoezicht Stationsgebied
Het cameratoezicht in het stationsgebied is in 2010 aangelegd wegens toenemende terroristische dreiging. Inmiddels is dit systeem afgeschreven en is er geen dekking meer. Voorgesteld wordt om het cameratoezicht, dat ook gunstige effecten heeft voor het lokale veiligheidsbeleid, voort te zetten met een kleiner aantal (beweegbare) camera’s en het systeem in te richten zoals verder binnen politie-eenheid Den Haag, uitgaand van het model waarbij de financiering verdeeld wordt tussen politie (60%) en de gemeente (40%).

Extra middelen voor de uitvoering van handhaving openbare ruimte
Bij de behandeling van de Kaderbrief 2016 – 2019 op 9 juli 2015 is een motie aangenomen met de titel “Een schone, groene stad”. In de motie wordt het college verzocht om de Raad bij de Programmabegroting 2016 en de Kaderbrief 2017- 2020, voordat er bestemming gegeven is aan meevallers uit het Gemeentefonds of meevallers in algemene zin, te informeren over deze meevallers en daarbij een voorstel te doen om in 2018 en 2019 extra handhavingscapaciteit voor de openbare ruimte te kunnen inzetten. Het college stelt voor hiervoor vanaf 2017 € 190.000 beschikbaar te stellen. Hiermee wordt gevolg gegeven aan de motie.

Programma 3 Economie

In- en externe plankosten LBSP­
Momenteel stelt Leiden samen met de Universiteit Leiden een nieuw masterplan en bestemmingsplan op voor het Bio Sciencepark. Deze kosten worden gezamenlijk gedragen door de Universiteit en de gemeente. De benodigde extra plankosten bedragen voor de periode 2016 - 2019 op basis van tussenevaluatie en het concept projectplan naar verwachting € 740.000. Hiervan is € 98.000 aangemeld bij de 1ste Bestuursrapportage van 2016. Voorgesteld wordt om een bedrag van 150.000 te financieren uit een restant krediet Niels Bohrweg. De resterende € 492.000 wordt hier als nieuw beleid aangemeld.

Cofinanciering Leiden Regeneratieve Medicine Platform­
Regeneratieve geneeskunde of vervangingsgeneeskunde houdt zich bezig met regeneratie van cellen, weefsels en zelfs organen. Op die manier probeert men ziekten te voorkomen en genezen. Het LUMC heeft een belangrijke onderzoeksgroep op dit nieuwe innovatieve en veelbelovende wetenschapsgebied. Het opzetten van het Leiden Regenerative Medicine Platform heeft als belangrijkste doel het in de markt zetten van zeer kansrijke nieuwe producten voor het behandelen van ziekten die nu nog slecht of niet te behandelen zijn. Deze valorisatie van wetenschappelijke ontdekkingen kan daarbij bijdragen aan de verdere doorgroei van het Bio Sciencepark en de werkgelegenheid aldaar. De bijdrage van de Gemeente Leiden is - naast de bijdragen van LUMC en Universiteit zelf - voor het ministerie van EZ voorwaarde om een bijdrage van € 1.500.000 toe te kennen (€ 300.000 per jaar). Het bedrag staat hier op nihil, omdat de € 5 ton is vermeld bij de 1ste Bestuursrapportage.

Pilgrimjaar 2020­
De Pilgrim fathers waren een groep Engelse geloofspuriteinen die hun land verlieten onder druk van koning Jacobus I. Een groot deel van deze vluchtelingen nam in 1609 de wijk naar Leiden in Nederland, waar de leden hun religie vrij konden uitoefenen en in staat waren volgens door hen zelf gestelde regels te leven. In 1620 voeren ruim honderd emigranten van hen met de Mayflower naar Noord Virginia. Hun invloed is tot op de dag van vandaag groot. Ze worden als de Founding Fathers gezien van de Verenigde Staten. En uit hun midden zijn later maar liefst 7 presidenten van de VS voortgekomen. In 2020 is het 400 jaar geleden dat deze belangrijke reis plaatsvond. Een herdenking die zowel in Engeland als de Verenigde Staten groots gevierd gaat worden. Leiden sluit graag aan bij die herdenking en wil hiervoor de komende jaren een projectorganisatie opzetten en reserveert daarvoor € 200.000. Het aanhaken bij deze grote internationale herdenking, die de Universiteitsstad Leiden, als eeuwenoud bolwerk van vrijheid, met al haar prachtige erfgoed in de etalage zet, past prachtig in het internationaal branden van Leiden Stad van Ontdekkingen. Het biedt een mooie kans opnieuw samenwerking te stimuleren tussen culturele organisaties en makers in onze stad en ondernemers in de toeristische sector of bezoekerseconomie.

Economie 071 en programma Binnenstad­
Voor de volledigheid merken we op dat voor deze collegeperiode extra middelen zijn gereserveerd voor het programma binnenstad, de kenniseconomie en Economie071. Deze middelen en de hierbij behorende prestaties lopen tot eind 2018.

Programma 4 Bereikbaarheid

Spoorlijn Leiden – Utrecht (Limes-lijn)­
Samen met de Provincie Utrecht, de Provincie Zuid Holland en de stad Utrecht wordt er gewerkt aan de ontwikkeling van een lange termijn ambitie voor het spoor Leiden-Utrecht. De wens is een betere verbinding met Alphen aan de Rijn en Utrecht. Voor dit soort grote investeringen is het nodig in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) te worden opgenomen, waarin het Rijk haar toekomstige grote investeringen plant.

Er wordt nu toegewerkt naar een MIRT-waardig onderzoek. Om dit op een goede manier te kunnen doen zijn er aanvullende middelen nodig voor procesbegeleiding. De proceskosten worden gedeeld met de andere partners en bedragen voor Leiden naar verwachting meerjarig vanaf 2016-2019 € 50.000 per jaar, totaal € 200.000. Daarnaast zijn er eenmalige onderzoekskosten die worden geschat op € 50.000.

Totaal benodigd krediet is € 250.000. Eind 2019 moet inzichtelijk zijn of de ambitie is opgenomen 2019 in het MIRT.

Totaal is er al €162.301 van dit bedrag beschikbaar: in het Leidse Meerjarige Infra Programma 2016-2019 is eerder voor 2016 €75.000 en in 2017 €75.000 opgenomen voor de ontwikkeling van een lange termijn ambitie voor het spoor Leiden Utrecht met als dekking de reserve Bereikbaarheid. Daarnaast is er in de begroting 2016 €12.301 ruimte die in 2016 ingezet wordt voor dit onderzoek.

Voor het resterende bedrag wordt nu voorgesteld om de onttrekking van de beschikbare gelden in de reserve Bereikbaarheid te herverdelen. In 2016 (1e bestuursrapportage) wordt voorgesteld € 87.699 te onttrekken aan de reserve Bereikbaarheid en € 12.301 ten laste van de exploitatie te brengen.

In de kaderbrief 2017 wordt voorgesteld om in 2017 € 50.000 en in 2018 € 12.000 te onttrekken aan de reserve Bereikbaarheid. In 2018 ontstaat een tekort van € 38.000 en 2019 ontstaat een tekort van € 50.000, waarvoor nu zoals hierboven vermeld, een aanvraag in de kaderbrief gedaan wordt.

Camera´s ongevallenlocaties­
Soms constateren we op sommige locaties een hoger aantal ongelukken of krijgen we meldingen van gevoelde of geconstateerde verkeersonveiligheid. Dit kan komen door onvolkomenheden in het wegontwerp. Om deze onvolkomenheden op te sporen, is het nodig om patronen te kunnen ontdekken in het ongevallenbeeld en verkeersgedrag. Die patronen kunnen leiden tot ongevalsoorzaken die mogelijk door middel van relatief kleine maatregelen kunnen worden voorkomen. Om over voldoende informatie te beschikken komen verkeersongevallen op de meeste locaties (gelukkig) te weinig voor. Door middel van conflictobservaties met videocamera’s kunnen ‘bijna-ongevallen’ worden geanalyseerd, waarna gezocht kan worden naar eenvoudige maatregelen met relatief groot effect. Jaarlijks worden 5 locaties op deze manier geanalyseerd. De kosten voor onderzoek en analyse op vijf locaties worden geraamd op € 55.000, exclusief het treffen van maatregelen.

Programma 5 Omgevingskwaliteit

Kredietaanvraag vervangen Jan van Houtbrug­
De Jan van Houtbrug moet eerder dan gepland worden vervangen. De kosten hiervoor zijn niet begroot en bedragen € 1.087.500.

Kredietaanvraag vervangen technische installaties beweegbare bruggen­
De technische installaties van de beweegbare bruggen moeten conform nieuwe richtlijnen worden vervangen. De kosten voor de periode 2017-2021 bedragen € 3.893.200.

Beheerplannen Openbare Ruimte 2017-2021­
In het afgelopen jaar hebben we beheerplannen voor kapitaalgoederen bijgewerkt. Daardoor weten we nu hoeveel geld nodig is voor onderhoud en beheer van gemeente-eigendommen in de stad, zoals bruggen, walmuren, straten en gebouwen. Uit deze berekening is gebleken dat daarvoor meer geld nodig is dan tot op heden in de programmabegroting was opgenomen. Het verschil loopt op tot circa € 1 miljoen in 2020. In het meerjarenbeeld hebben we dit aangepast. Deze aanpassing verzekert ons ervan dat de stad niet alleen mooier wordt door alle investeringen, maar daarna ook mooi blijft. Op 7 juni hebben wij de beheerplannen kapitaalgoederen 2017 -2021 vastgesteld en u hierover geïnformeerd.

Baten Reinigingscontrole­
Sinds tenminste 2006 is er een structurele opbrengst van € 85.000 begroot voor opgelegde boeten naar aanleiding van reinigingscontrole (grof vuil). In de afgelopen jaren is dit bedrag bij lange na niet gerealiseerd. Het is niet realistisch te verwachten dat dit bedrag de komende jaren wel zal worden gerealiseerd.

Subsidie Leidse Schooltuinen­
De Vereniging Leidse Schooltuinen (VLS) heeft in 2011 via een brief van het College van Burgemeester en Wethouders toegezegd gekregen dat de subsidie aan hen gehandhaafd blijft omdat deze past in de regiefunctie van NME en bijdraagt aan de realisatie van de beleidsdoelstellingen. De subsidiemiddelen maken onderdeel uit van het gemeentelijk NME budget. Echter, vanaf 2013 is het budget ingezet voor invulling van een structurele taakstelling op NME. Een structurele dekking van de subsidie aan VLS is niet gevonden (binnen groen onderhoud en beheer, onderwijs, kennisstad, gezondheid, wijkinitiatieven, cultuur). Het college stelt voor € 30.000 per jaar beschikbaar te stellen t.b.v. structurele subsidie aan VLS vanaf 2017.

Bedrijfsafval en verbrandingsheffing­
De concurrentie op de bedrijfsafvalmarkt is de afgelopen jaren toegenomen. Hoewel kostenefficiënties hebben gezorgd voor een tijdelijke kostenneutrale bedrijfsvoering zien we nu een verdere afname van het klantenbestand. Naar verwachting zal dit in 2016 opnieuw tot een tekort leiden. Daarnaast hebben de hogere heffingen op verbranding tot een stijging van de kosten geleid. We houden tot 2017 nog rekening met deze exploitatie en de nadelen daarvan. In de tussentijd doet het college onderzoek naar mogelijkheden om deze tekorten te beperken.

Voorbereidingskrediet restant deelprojecten Singelpark­
Intensieve samenwerking met de stad vergt extra voorbereidingskrediet voor de nog resterende deelprojecten Singelpark, om voor de resterende deelprojecten gedurende de looptijd project Singelpark op dezelfde wijze met de stad en de stadspartners te kunnen samenwerken.

Transport afval­
In de aanbesteding voor afvalverwerking is het transport van afval van Leiden en de regiogemeenten naar de afvalverwerker meegenomen. Dit had tot gevolg dat m.i.v. 1.1.2016 niet langer de gemeente Leiden het transport van afval van Leiden en de regiogemeenten naar de afvalverwerker uitvoert, maar dat dit is meegenomen in de opdracht voor afvalverwerking.

Op de aanbesteding voor afvalverwerking én transport is m.i.v. 1.1.2016 structureel ca. € 2 miljoen voordeel gerealiseerd. Deze besparing is direct en volledig als structureel voordeel in het meerjarenbeeld verwerkt.

Bij het inboeken van het structureel voordeel op de aanbesteding is verzuimd om de inkomsten voor Leiden uit afvaltransport eerst in mindering te brengen op het aanbestedingsvoordeel afvalverwerking en transport. Dit wordt nu rechtgetrokken. Hierdoor ontstaat m.i.v. 1.1.2016 een structureel nadeel van € 475.000.

Opbrengst inzameling huishoudelijk afval regiogemeenten­
Leiden zamelt in opdracht van drie regiogemeenten afval in.

De inzameling van afval voor de buurgemeenten is de afgelopen jaren efficiënter georganiseerd, met minder inzet van formatie en materieel, waardoor bezuinigd kon worden op de kosten. Deze lagere daadwerkelijke kosten zijn gefactureerd aan de opdrachtgever. Voor de gemeente Zoeterwoude betekent dat dat al geruime tijd € 54.000 minder worden gefactureerd. Verzuimd is om de inkomsten in de begroting lager te begroten. Dat betekent dus een neerwaartse bijstelling van inkomsten van afvalinzameling voor Zoeterwoude van € 54.000.

De afvalinzameling voor Alkemade is enkele jaren geleden beëindigd. De inzet van formatie en materieel op deze activiteit is toen wegbezuinigd. In het Meerjarenbeeld is echter een inkomst van € 16.000 blijven staan. Dit betekent een neerwaartse bijstelling inkomsten afvalinzameling Alkemade van € 16.000.

Voor de gemeente Oegstgeest geldt het omgekeerde. De gefactureerde kosten voor inzameling in Oegstgeest zijn € 16.000 hoger dan meerjarig begroot. Dit betekent een opwaartse bijstelling van de inkomsten afvalinzameling Oegstgeest van € 16.000.

Programma 6 Stedelijke Ontwikkeling

Voortzetting wijkontwikkelingsplan Leiden Noord 2017-2020­
Het college stelt voor een krediet beschikbaar te stellen voor continuering van de coördinatie voor WOP Noord voor 2017 en 2018 van € 100.000 per jaar en 2019 en 2020 van € 120.000 per jaar. Dekking is beschikbaar in de reserve onderhoud kapitaalgoederen. Het wijkontwikkelingsprogramma Leiden Noord loopt al vanaf 2001. Er zijn drie hoofddoelen geformuleerd om van de wijk een gemiddelde wijk van Leiden te maken. 2016 is het laatste jaar dat er programmasturing op zit. De programmasturing houdt in dat de samenhang bewaakt wordt tussen de verschillende inspanningen, er gecommuniceerd wordt met de bewoners en betrokkenen via de nieuwsbrief en met het voorzittersoverleg. Inmiddels is het wijkgerichte werken geïntroduceerd en is de gedachte dat het programma overgenomen zou kunnen worden door de lijn. Echter in de wijk gebeurt nog ontzettend veel. Zo zijn er recent nieuwe projecten gestart zoals de Leidse Ring en de wijkvisie voor de Prinsessenbuurt. Ook is een aantal ontwikkelingen nog niet afgerond zoals het Kooiplein, tweede fase van Groenoord, de waterhuishouding en de kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte. Een paraplu over al deze losse projecten blijft onzes inziens van waarde.

Taakstelling leges bouwvergunningen
De taakstelling op bedrijfsvoering is door het cluster meerjarig ingevuld. Het is niet mogelijk gebleken om een extra verlaging van de kosten door te voeren. Daarnaast is het niet verstandig om nu drastische personeelsreducties door te voeren zolang nog niet zeker is wat de gevolgen van de invoering van de omgevingsvergunning voor Leiden exact gaan betekenen. De kosten, inclusief algemene overhead, die toegerekend worden aan de Wabo-leges betreffen overigens niet alleen kosten van het cluster PHV. Vrijkomende vacatures binnen het team worden tijdelijk vervuld zodat bij invoering van de omgevingsvergunning bovenformatieve lasten verminderd worden.

Subsidie RAP 2017 – 2020­
Voor voortzetting van de actieve rol van het Rijnlands Architectuur Platform (RAP) bij de participatie op het gebied van ruimtelijke ordening en stedenbouw is het van belang het RAP vanaf 2017 te blijven subsidiëren. Het RAP betrekt door kennisverwerving en discussies op het gebied van de architectuur en het gebruik van de openbare ruimte de bevolking bij de vraagstukken op dit gebied die binnen de stad en in de relatie met de omgeving leven en om aandacht vragen. Afgelopen jaren heeft het RAP daarin flinke inzet en groei laten zien. Met een subsidie van € 30.000 per jaar is een deel van de kosten van het RAP gedekt. Voor het overige deel zal het RAP concrete actie moeten ondernemen gelden te verwerven van overige partijen, onder andere woningbouwcorporaties en andere gemeenten in deze regio. Programma 6 kent geen mogelijkheid deze subsidie te verstrekken. Zoals in de evaluatie blijkt hebben ze een grote rol gespeeld in de Week van de Architectuur, de reeks Stand van de Stad, de architectuurprijs en diverse andere onderwerpen. Voor het overige deel zal het RAP concrete actie moeten ondernemen gelden te verwerven van overige partijen, onder andere woningbouwcorporaties en andere gemeenten in deze regio. Programma 6 kent geen mogelijkheid deze subsidie te verstrekken. Zoals in de evaluatie blijkt hebben ze een grote rol gespeeld in de Week van de Architectuur, de reeks Stand van de Stad, de architectuurprijs en diverse andere onderwerpen.

Baten dwangsommen Bouwtoezicht­
De hoogte van de opgelegde dwangsommen is afhankelijk van het aantal overtredingen van de regelgeving en is bedoeld als sanctiemiddel om de overtreding op te heffen. Doordat we steeds met meer succes inzetten op het informele contact voorafgaand aan het opleggen van de dwangsom worden de geraamde inkomsten zoals begroot structureel niet behaald. Het geraamde bedrag blijkt niet realistisch en wordt al jaren niet gehaald. Doordat we steeds met meer succes inzetten op het informele contact voorafgaand aan het opleggen van de dwangsom zullen de geraamde inkomsten ook in de toekomst niet worden gehaald.

Invulling taakstelling verkoop vastgoed vanuit de vereveningsreserve­
In RB 05.0129 is opgenomen dat uit het project 'verkoop vastgoed' een structurele taakstelling van € 200.000 ten behoeve van de Taken- en Efficiency operatie zal worden gefinancierd. Deze bijdrage zou gelden voor een termijn van vijf jaar en zou eindigen na 2010. Deze taakstelling is in de begroting structureel opgenomen en niet beëindigd vanaf 2011. Wel is het bedrag van € 200.000 verlaagd naar € 98.103 doordat negatieve exploitatieresultaten van verkoop vastgoed in 200.000 ten behoeve van de Taken- en Efficiency operatie zal worden gefinancierd. Deze bijdrage zou gelden voor een termijn van vijf jaar en zou eindigen na 2010. Deze taakstelling is in de begroting structureel opgenomen en niet beëindigd vanaf 2011. Wel is het bedrag van € 200.000 verlaagd naar € 98.103 doordat negatieve exploitatieresultaten van verkoop vastgoed in genomen en niet beëindigd vanaf 2011. Wel is het bedrag van € 200.000 verlaagd naar € 98.103 doordat negatieve exploitatieresultaten van verkoop vastgoed in mindering zijn gebracht. Voorstel om het restant nu alsnog conform besluit te verwerken.

Invoering omgevingswet­
In 2016 is een start gemaakt met het programma Invoering Omgevingswet. Kernwoorden: zeer omvangrijke stelselwijziging met vele en grote gevolgen voor het ruimtelijk instrumentarium, voor beleidsvorming, voor participatie, voor de keten van vergunningen, toezicht en handhaving en voor de digitalisering.

De rijksoverheid geeft vier ambities mee aan de decentrale overheden (vergrote lokale afwegingsruimte, beter inzicht in waar wat wel en niet mag, snellere besluitvorming met beter resultaat, samenhangende benadering in beleid, besluitvorming en regelgeving van de fysieke leefwereld).

De invoering van deze nieuwe wet heeft grote impact. Vooralsnog ramen wij het benodigde bedrag voor invoering tot aan 2019 op € 1,5 miljoen. Dit is een eerste voorzichtige inschatting. Het komend jaar zal het college een onderbouwing van de geraamde invoeringskosten opstellen. Het komend jaar zal het college een onderbouwing van de geraamde invoeringskosten opstellen.

Raming beheer- en onderhoudskosten Kooiplein e.o.­
In het uitvoeringsbesluit Kooiplein en omgeving (RV10.0003) is opgenomen dat voor standaard onderhoudsniveau geput kan worden uit de standaardbudgetten middels de systematiek van areaaluitbreiding. Er is geen budget beschikbaar gesteld voor beheer en onderhoud dat een hoger onderhoudsniveau kent. Hiervoor dient daarom bovenop het bestaande beheer- en onderhoudsbudget voor dit gebied extra budget beschikbaar te worden gesteld van jaarlijks €175.000 vanaf 2017. Er is namelijk sprake van een grote areaaluitbreiding. Aan het bestaand areaal wordt een complex en kostbaar dakpark toegevoegd en op het Kooiplein wordt een groen centrum en een nieuwe waterpartij met daarop 3 bruggen gerealiseerd.

RV 10.0003. Beheerkosten openbare ruimte
Het in te dienen plan voor de openbare ruimte zal in het kader van de beheertoets bekeken worden op financiële haalbaarheid binnen de onderhoudsbudgetten voor bestaand areaal in het gebied, uitgebreid met nieuw areaal als gevolg van de planontwikkeling. Voor beheer en onderhoud zijn middels de systematiek van areaaluitbreiding, standaard budgetten beschikbaar, die uitgaan van een standaard aanlegniveau en een standaard onderhoudsniveau. Voor hogere onderhoudskosten dient extra budget te worden gerealiseerd, zo niet dan dient het plan te worden aangepast.

Realiseren brug Kooiplein Arubapad – Surinamestraat­
Op verzoek van omwonenden en gebruikers van Het Gebouw (BSLN) wordt een derde brug ophet winkelplein gerealiseerd.

In het stedenbouwkundig plan (vastgesteld in 2009) zijn drie bruggen voorgesteld over de te realiseren waterpartij in het winkelgebied Kooiplein. Nadere uitwerking van de plannen wees uit dat het realiseren van drie bruggen financieel onhaalbaar bleek en daarom is ervoor gekozen twee bruggen te realiseren. Om een stimulerend winkelrondje te creëren zijn de bruggen ter hoogte van de moskee en in het verlengde van de Philipsburgerstraat van groot belang.
­
Daarnaast is het winkelgebied een voetgangersgebied en om het fietsen te ontmoedigen leek een brug van het Arubapad richting de Surinamestraat onwenselijk. Om deze redenen is besloten de brug ter hoogte van het Arubapad naar de Surinamestraat niet te realiseren. Omwonenden en gebruikers van Het Gebouw bleken tegen het besluit om de brug niet te realiseren en hebben gevraagd om het terugbrengen van de brug. Het college wil de belanghebbenden tegemoet komen door een derde brug te realiseren ter hoogte van het Arubapad naar de Surinamestraat en hiervoor € 175.000 aanvullend beschikbaar te stellen.

Programma 7 Jeugd en onderwijs

Eenmalige voorzieningen onderwijshuisvesting­
Het budget voor eenmalige voorzieningen voor onderwijshuisvesting in de jaren 2018 en 2019 is niet toereikend om alle noodzakelijke éénmalige voorzieningen in de komende jaren te kunnen dekken. Wij stellen voor om het budget voor eenmalige voorzieningen in 2018 en 2019 te verhogen. Dekking komt vrij door vertraging in de realisatie van een nieuwe Vmbo school. Hierdoor ontstaat onderuitputting op de kapitaallasten van tweemaal € 600.000 in 2018 en 2019.

Inzet maatschappelijk werk in de jeugd en gezinsteams

  • De vorming van de coöperatie JGT vraagt om herbezinning op de huidige knip tussen de lokale inzet van middelen voor Kwadraad en MEE en de regionaal ingezette jeugdhulpmiddelen voor de overige expertises (vanuit o.a. Rivierduinen, Gemiva, Curium, Cardea, Ipse de Bruggen)
  • (Gedeeltelijk) wegvallen van de onderwijsmiddelen. Met de komst van de nieuwe jeugdhulptaken en Passend Onderwijs is het niet langer passend dat het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Leidse regio alleen in Leiden (in het kader van onderwijskansen) meebetaalt aan de formatie van de Jeugd & Gezinsteams. Omdat de teams nu overal werkzaam zijn, is een specifieke relatie met OnderwijsKansenbeleid moeilijk te verantwoorden. Om diezelfde reden is ook inzet van het geoormerkte budget onderwijsachterstandenbeleid niet langer wenselijk.

Verwacht tekort op de Jeugdhulpverlening­
Momenteel verwachten wij bij huidig beleid een tekort op de Jeugdhulpverlening. De herverdeling van het landelijk budget Jeugd 2016 en verder is nadelig voor Holland Rijnland: 8% extra taakstelling bovenop de taakstelling van 15%. De cumulatieve kortingen zijn doorgevoerd in de afspraken met aanbieders. Het blijkt nu dat dit zorgt voor onacceptabele wachtlijsten (en onvoldoende ruimte voor transformatie). Om hierop te anticiperen verwachten wij extra budget nodig te hebben: 2016: 1,25 miljoen, 2017: 9 ton en 2018: 5 ton. Over het bedrag voor 2016 zullen wij u bij de tweede bestuursrapportage informeren. De mogelijke tekorten voor 2017 en 2018 kunnen we dekken uit de reserve zachte landing 3D. Om een goede prognose te kunnen maken van de uitgaven in de komende jaren is echter een langer beeld nodig dan een beeld van slechts 1 jaar.

Programma 8 Cultuur, sport en recreatie

Taakstelling evenementen­
De afgelopen jaren zijn afspraken gemaakt met veel evenementorganisaties over het in rekening brengen van de kosten die de gemeente Leiden maakt voor het evenement. Dit is gelukt en deze kosten worden nu doorbelast. Hierbij valt te denken aan schoonmaakkosten, kosten voor wegafzettingen, het tijdelijk weghalen van banken, fietsenklemmen e.d. in de openbare ruimte enz. Er resteren negen evenementen waarbij het doorbelasten van die kosten niet wenselijk is of op basis van eerder gemaakte afspraken niet kan. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan Dodenherdenking, de intocht van Sinterklaas, 3 oktober of de Koningsspelen. De taakstelling die hiervoor was opgenomen wordt daarom met dit bedrag verlaagd.

Sport inclusief­
­Conform amendement bij RV 15.0147 (Tussenevaluatie sportnota) wordt voorgesteld om de kosten van de subsidie consulent sport voor mensen met een (functie)-beperking niet langer te dekken binnen de WMO-begroting programma 9, maar onder te brengen binnen de sportbegroting programma 8. De dekking van deze kosten binnen de WMO-begroting i.p.v. de sportbegroting geeft een signaal van uitsluiting. In een inclusieve samenleving horen ook mensen met een (functie) beperking erbij en daarom deze overheveling.

Actualisatie beheerplan Sport 2017-2021­
De gemeente Leiden is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de sportaccommodaties. Om aan deze opgave invulling te geven wordt gebruik gemaakt van een beheerplan. In het beheerplan wordt inzichtelijk gemaakt welke kosten gemaakt moeten worden om de gewenste onderhoudsniveaus uit de beleidskaders te realiseren. Aan de hand van het beheerplan wordt de uitvoering van de beheertaken gerationaliseerd; het geboden kwaliteitsniveau wordt duurzaam gegarandeerd, kapitaalsvernietiging geminimaliseerd en er vindt afstemming plaats tussen de verschillende vakgebieden. Het vaststellen van een beheerplan is wanneer gebruik gemaakt wordt van voorzieningen voor groot onderhoud bovendien een verplichting in het kader van het BBV. Voor het domein Sport is een voorziening beschikbaar. Bij het opstellen van het beheerplan is een meerjarenperspectief van 5 planjaren (2017-2021) aangehouden.

Subsidie bestaande IJshal­
In de begroting staan subsidiebijdragen gereserveerd van jaarlijks € 100.000 tot 2017 als bijdrage in de exploitatie voor het openhouden van de huidige IJshal. Het college heeft de raad voorgesteld om een kaderbesluit voor te bereiden met als doel te onderzoeken of het mogelijk is een nieuwe ijshal te bouwen. Na een instemmend besluit van de gemeenteraad voor een nieuwe IJsbaan, kan deze naar verwachting medio 2019 worden opgeleverd. In dit geval zal er ook in 2017 en 2018 een subsidiebijdrage van € 100.000 per jaar verstrekt dienen te worden voor de huidige IJshal. Wij stellen om de vrijval aan kapitaallasten binnen het programma sport hiervoor in te zetten. Deze vrijval wordt meegenomen in de totale vrijval aan kapitaallasten van alle investeringen van de gemeente Leiden binnen het programma "algemene dekkingsmiddelen".

Correctie afschrijvingstermijn krediet nieuwe IJshal­
Correctie afschrijvingstermijn krediet nieuwe IJshal van 40 naar 20 jaar. Het vervolgonderzoek ""Businesscase Nieuwbouw Leiden"" is in nauw overleg met de Stichting IJshal Leiden tot stand gekomen. Deze business case is vervolgens voor advies aan de Leidse Sport Federatie voorgelegd. Op basis van het business model kan worden geconcludeerd dat de afschrijvingstermijn van 40 jaar zoals die is opgenomen in het meerjareninvesteringsprogramma(op basis van renovatie), niet juist is. Er zal een correctie moeten plaatsvinden van de afschrijvingstermijn van 40 naar 20 jaar. Dit betekent een ophoging van de kapitaallast in het eerste jaar (2019) van 240.000 naar 340.000.

Tekort opbrengsten zwembaden en ophoging zwemtarieven­
Bij de tussenevaluatie 2015 van de sportnota ‘verleiden tot bewegen’ is gemeld dat er op de
inkomsten zwembaden een structureel tekort is van € 205.000. Zo ook in 2016. Vanaf 2017 loopt
dit tekort mee in de taakstelling sport.

In de Kaderbrief 2015 (2016-2019) was al opgenomen een deel van dit tekort in te vullen door de
tarieven van losse kaartjes met 5% extra te verhogen, dat zou een bedrag van € 38.000
opleveren over heel 2016. Deze maatregel is echter (nog) niet doorgevoerd in afwachting van
een nieuw tarievensysteem in 2016. Het realiseren van een vernieuwd Leids tarievensysteem
voor de sport is echter complex en vraagt meer tijd dan bij de tussenevaluatie was geschat. Naar
het zich nu laat aanzien zal dit proces een doorlooptijd hebben tot eind 2017.

Voorgesteld wordt om een tariefsverhoging voor recreatief zwemmen van losse kaartjes alsook
abonnementen, en doelgroepen en leszwemmen stapsgewijs door te voeren vanaf september
2016 met 5%, en vanaf 1 januari 2017 met 5% en 1 januari 2018 ook met 5%. Tarieven voor
zwemverenigingen vallen buiten deze verhoging. De totale meeropbrengsten betreffen dan resp.
€17.000 in 2016, € 76.000 in 2017 en € 114.000 vanaf 2018. Deze extra verhoging betekent niet
dat de Leidse zwembaden voor recreatiezwemmers onevenredig duur worden. De benchmark
met de zwembaden in de Leidse regio laat zien, dat de Leidse tarieven ca. 15-25% goedkoper
zijn dan in de regio.

Het voordeel wordt gebruikt om het gedeeltelijk het tekort aan opbrengsten in 2016 op de zwembaden te dekken en vanaf 2017 om de taakstelling binnen sport deels in te vullen.

Opstellen accommodatieplan Voetbal Vitaal­
In fase 2 is op basis van het Plan van aanpak Voetbal Vitaal met een ruimtelijke onderlegger in beeld gebracht welke ruimtelijke mogelijkheden aanwezig zijn om scenario’s in beeld te brengen voor concrete besluitvorming door College en Raad. Verplaatsingen zijn mede ingegeven als gevolg van mogelijke veranderingen in ruimtegebruik op de Vliet als gevolg van project Combibad (en mogelijk ook nieuwbouw IJsbaan op de Vliet). Daarnaast bestaan er bij diverse sportverenigingen ruimtebehoeften die niet of onvoldoende gefaciliteerd kunnen worden (hockey, voetbal, rugby en korfbal). Met Voetbal Vitaal en het op te stellen sportaccommodatieplan wordt eind 2016 een (gefaseerde) aanzet geven voor de ruimtelijke inrichting van het sportareaal in Leiden. Het sportaccommodatieplan is o.m. gericht op de invulling van vitale wijksportparken als voorwaarde voor vitale verenigingen en multifunctionele gebouwen (conform M150147.3) als onderdeel van vitale sportparken. In een eerste fase voor het voetbal en een volgende fase voor de overige buitensporten. Bij een sportaccommodatieplan zal inzichtelijk moeten zijn op welke wijze de uitvoerings- en realisatiekosten gefaseerd (in jaarschijven van 0-10 jaar) ingevuld worden. De plankosten van het opstellen van een sportaccommodatieplan (fase 1 voetbal en fase 2 overige buitensporten) worden geschat op € 75.000 in 2016 en € 75.000 in 2017.

Beelden in Leiden­
In de afgelopen vijf jaar is Beelden in Leiden uitgegroeid tot een prachtige jaarlijkse tentoonstelling van beeldende kunst in de openbare ruimte. Met een uitgebreid educatief programma richting basis- en middelbare scholen, een prestigieuze prijs voor jonge talentvolle startende beeldend kunstenaars, verbindt Beelden in Leiden zich met de stad. Dit jaar vond zij die samenwerking met bedrijven op het Bio Sciencepark, volgend jaar geven ze mede invulling aan de viering van 100 jaar de Stijl en in 2018 kijkt men samen met het Museum van Oudheden uit naar het 200 jarig bestaan van dit door Koning Willem I opgerichte museum. Met deze meerjarige subsidierelatie verkrijgt stichting Beelden in Leiden een aankoopbudget voor in opdracht gemaakte beelden door jonge kunstenaars. Door deze aankoopmogelijkheden kan men de kunstenaars meer bieden en kan de kwaliteit van de tentoonstelling nog verder toenemen. De aangekochte beelden kunnen in de openbare ruimte van Leiden worden geplaatst. Daarmee wordt invulling gegeven aan doelstelling 6 uit de cultuurnota: “Meer plek voor tijdelijke beeldende kunst in de openbare ruimte”. Hierover zijn bijvoorbeeld ook eerste contacten met de Vrienden van het Singelpark. Een en ander wordt na besluit uitgewerkt.

Continuering subsidie lokale omroep­
Holland Centraal-Unity (HC-Unity) is de huidige lokale omroep voor Leiden; de vergunning heeft een looptijd tot oktober 2017. De subsidie aan HC-Unity is tot en met het begrotingsjaar 2017 op de gemeentelijke begroting opgenomen en kent een wettelijke grondslag gebaseerd op het aantal huishoudens van onze stad. Voor de periode daarna ontbreekt de subsidie aan de lokale omroep in het meerjarenbeeld. In de loop van 2017 zal het Commissariaat voor de Media (CvdM) de procedure voor de nieuwe 5 jaars-vergunning opstarten, met een geldingsduur tot oktober 2022. Volgens de gehanteerde procedure zal het CvdM de gemeenteraad om advies vragen over de representativiteit van het pbo (programma beleidsbepalende orgaan) van de kandidaatomroep(en). Na de aanwijzing van de lokale omroep voor de nieuwe 5-jaars periode door het CvdM, is de gemeente wettelijk verplicht om een jaarlijks subsidie aan de lokale omroep te verstrekken. Concreet betekent dit dat vanaf het begrotingsjaar 2018 de subsidie aan de lokale omroep (ad € 75.000 per jaar) in de gemeentelijke begroting moet worden opgenomen.

Continuering subsidie Nacht van Kunst en Kennis­
Subsidiëring Nacht van Kunst en Kennis. Nacht van Kunst & Kennis heeft een vernieuwende muziekprogrammering met bekend en opkomend talent en ook de jaarlijkse Ig Nobel Night maakt deel uit van het programma. Studenten en wetenschappers van de Universiteit Leiden presenteren de nieuwste ontwikkelingen op technologisch gebied en de ondernemers van het BioScience Park laten zien welke producten zij ontwikkelen en wat de toepassingen hiervan zijn. De Nacht van Kunst en Kennis is de afgelopen drie jaar uitgegroeid tot een spraakmakend en druk bezocht evenement, dat ook scherp profiel geeft aan Leiden als Stad van Ontdekkingen en mooie verbindingen legt tussen kunstenaars, wetenschappers, ondernemers, Leidenaren en bezoekers van buiten.
Om ervoor te zorgen dat de Nacht aansprekend vorm is gegeven, een breed aanbod kent en kwalitatief een hoogwaardig niveau heeft, is het tevens een kostbaar festival. Wij vinden het van groot belang om de Nacht voor Leiden te behouden en willen de subsidie vanuit het cultuurdomein meerjarig continueren.

Onderhoud Pieterskerk­
Het college wil een bijdrage leveren om de Pieterskerk in de huidige goede conditie te houden. Met de culturele en zakelijke programmering, de exploitatie van Villa Rameau, het Pieterskerkcafé en de bijdrage vanuit het vermogen van de Vrienden van de Pieterskerk, is de Stichting Pieterkerk onvoldoende in staat het onderhoud van het kerkgebouw te financieren. Het vermogen van “de vrienden” en Pieterskerk nadert hierdoor het nulpunt. Juist omdat goed jaarlijks onderhoud aan dit voor Leiden zo belangrijke monument cruciaal is, stelt het college voor een jaarlijkse bijdrage te leveren aan de exploitatie van de Stichting Pieterskerk van € 75.000, onder de uit te werken conditie dat dit van de Pieterskerk vraagt verdere verbindingen aan te gaan met andere culturele instellingen en makers en hen enkele keren per jaar een podium te bieden op deze mooie locatie.

PS-theater­
Dit betreft het aangaan van een meerjarige subsidierelatie met het Stadsgezelschap van Leiden; het PS-theater. Het Stadsgezelschap van Leiden onderzoekt hoe mensen met elkaar samenleven, trekt met nieuwsgierigheid en openheid de stad in, verbindt mensen, plekken en organisaties in de stad, creëert onverwachte ontmoetingen en geeft via ontroerende, beeldende en muzikale producties die gehoorde verhalen terug aan de kijker en luisteraar van de voorstelling. Als gemeente ondersteunden wij het PS-Theater door het Makersstipendium, een driejarige subsidie met het oog op verdere doorontwikkeling. Het heeft PS-theater gebracht tot waar het nu staat, hét stadsgezelschap van Leiden. Mede met het oog op de recent aan u toegestuurde tussentijdse evaluatie van de cultuurnota en de hierin benoemde ambitie versterkt in te zetten op agendering van maatschappelijke vragen via culturele makers, stelt het college een meerjarige subsidie van € 75.000 voor.

BplusC
Met BplusC is bestuurlijk in de uitvoeringsovereenkomst 2016 afgesproken de negatieve indexering van 2016 te repareren mits dit financieel mogelijk is binnen de gemeente. Daarnaast is afgesproken om vanaf 2017 het subsidiebedrag van BplusC structureel met € 30.000 te verhogen, mede ter compensatie van alle eerdere (substantiële) bezuinigen.

In praktijk heeft dit ertoe geleid dat de reparatie van de negatieve indexering van 2016 niet meer voor BplusC gecompenseerd is door de gemeente. Vanaf 2017 wordt de subsidie dus wel met € 30.000 structureel verhoogd. Deze compensatie staat los van eventuele positieve of negatieve indexeringen waartoe de raad voor de 2017 e.v. zal besluiten.

Voeding sportstimuleringsfonds­
Bij de behandeling van de Tussenevaluatie 2015 van de sportnota is een motie (M.150147.4) aangenomen, waarin de raad het college verzocht een sportstimuleringsfonds op te richten en te voeden t.b.v. een betere uitvoering van de Leidse sportvisie anders dan sportaccommodatiebeleid (onder nader vast te stellen voorwaarden van cofinanciering met inzet private middelen). Deze motie is als inspanningsverplichting opgevat, naast het omarmen van de inhoudelijk geformuleerde en bij de motie behorende sportvisie. Het college stelt voor een reserve sportstimuleringsfonds in te stellen en € 500.000 in te zetten voor de dotatie aan het sportstimuleringsfonds.

Niet in de cijfers van dit programma, maar wel begroot bij de ontwikkeling van de kapitaallasten op programma 11:Restauratie en Uitbreiding Museum De Lakenhal­
Na de tegenvallende aanbesteding van de Restauratie en Uitbreiding worden nu planaanpassingen en optimalisaties doorgevoerd om de bouwkosten zoveel mogelijk binnen budget te brengen. Hierbij wordt ook de input van de aannemers meegenomen.

Het verschil tussen het aanbestedingsresultaat en het beschikbare budget is echter dermate groot dat overbrugging hiervan zonder ingrijpende planaanpassing niet mogelijk lijkt. Ingrijpende planaanpassingen, waarbij ook de Omgevingsvergunning substantieel wijzigt, betekenen aanzienlijke extra plankosten en vertraging. Gezien de huidige staat van het monument en de klimaatinstallaties en de afwezigheid van een deel van de topstukken uit de collectie, is het langer openhouden van het museum niet goed mogelijk. Ook betekent een dergelijke vertraging een groot risico voor de in 2018 geplande Jonge Rembrandt tentoonstelling. Bij nieuwe bezwaren tegen de gewijzigde vergunning bestaat het risico dat de heropening te laat is voor het gehele Rembrandtjaar in 2019 en het Pilgrimjaar in 2020. Ook heeft een dergelijke vertraging nadelige gevolgen voor o.a. het nieuwe Filmhuis, het nieuwe Cultuurplein Lammermarkt en de exploitatie van de nieuwe parkeergarage.

De aanbestedingsmarkt is momenteel sterk in ontwikkeling. Wanneer het proces van planaanpassing te lang duurt, worden de behaalde bezuinigingen weer deels teniet gedaan door de benodigde extra plankosten en stijgende marktprijzen. Dit betekent dat er veel kwaliteit moet worden ingeleverd voor een relatief beperkte besparing.

Om dit te voorkomen is het belangrijk om vertraging zoveel mogelijk te beperken. Uit de analyses, alsmede uit de overleggen met de architecten en aannemers, blijkt dat op veel punten met relatief beperkte aanpassingen flinke besparingen zijn te realiseren.

Om het proces te bespoedigen en extra kosten te vermijden heeft het college aanvullende kapitaallasten gereserveerd om, na de maximaal haalbare bezuinigingen, het resterende verschil met de aanvullende investeringsruimte te overbruggen, om zodoende tot een sluitend onderhandelingsresultaat te komen. In het meerjarenbeeld is daarom vanaf 2019 een bedrag van indicatief € 190.000 per jaar opgenomen als extra kapitaalslast.

Daarbij wordt gebruik gemaakt van de huidige situatie, waarbij de kapitaallasten van het project grotendeels starten in 2019 in plaats van 2018, vanwege de nu reeds opgelopen vertraging. Dit laatste resulteert in een voordeel voor de kapitaallasten in 2018. Het college zal in september een aanvullend kredietbesluit voorleggen aan de raad.

Programma 9 Maatschappelijke ondersteuning

Eigen bijdragen WMO
Op basis analyse jaarrekening 2015 kan de raming inkomsten uit eigen bijdragen beschermd wonen omhoog

Wonen kwetsbare groepen en vergunninghouders
Momenteel wordt gewerkt aan de opstelling van het beleidskader Maatschappelijke Zorg; naar verwachting wordt dit in december 2016 voorgelegd aan de raad. Dit beleidskader luidt een omwenteling in de maatschappelijke zorg (beschermd wonen en maatschappelijke opvang) in, waarbij inzet is de betreffende inwoners zoveel mogelijk in hun eigen woonomgeving te huisvesten in plaats van in intramurale voorzieningen.Deze verandering vraagt het daadwerkelijk creëren van een voldoende woonaanbod voor deze doelgroep in de vorm van goedkope zelfstandige eenpersoonswooneenheden. Hieraan wordt momenteel gewerkt op de tijdelijke locaties die zijn aangewezen voor de taskforce huisvesting vergunninghouders en bijzondere doelgroepen. Het is echter noodzakelijk de komende jaren ook op andere plekken in de stad extra woningen te realiseren. Dit is een investeringsopgave waarvoor de benodigde financiën nu nog moeilijk te ramen zijn, maar die wel op de agenda moet komen.

Continuering inzet wijkregisseurs
Voor 2018 en 2019 blijft de financiering van vier wijkregisseurs gedekt zodat zij voor de hele stad kunnen blijven werken. Vanaf 2020 maken de wijkregisseurs onderdeel uit van het reguliere formatiebudget. Door bij deze Kaderbrief nog twee jaar alternatieve dekking te regelen, heeft de organisatie de tijd om in de jaren dat de taakstellingen worden ingevuld, de formatie structureel te regelen.

Onderbesteding WMO individuele voorzieningen
Op basis van de analyse van de cijfers over 2015 kunnen deze WMO-budgetten binnen het beleidsterrein Ondersteuning per saldo omlaag zonder aanpassing van het bestaande beleid. Binnen het beleidsterrein Ondersteuning zijn wel extra tijdelijke budgetten nodig in 2016 en 2017 voor de sociale wijkteams, voor verlenging van tijdelijke medewerkers (€ 465.000) en ICT-voorzieningen (€ 235.000). In 2017 is het structurele budget voor de sociale wijkteams € 100.000 hoger dan in 2016 en in de loop van 2017 zal de coöperatie van start gaan waardoor er minder extra budget is benodigd in 2017. Doordat het aantal WMO-zaken beroep en bezwaar is toegenomen en doordat de werkwijze van afhandeling verandert, is extra inzet van formatie nodig vanaf 2017.

Overdracht deel van juridische taken aan Servicepunt71
In verband met overheveling van taken met betrekking tot bezwaar en beroep van Werk & Inkomen naar Servicepunt71 wordt budget overgeheveld van programma Werk en Inkomen naar programma Algemene Dekkingsmiddelen.

Multifunctionele accommodaties
De ontwikkeling van maatschappelijk vastgoed naar multifunctionele accomodaties.

Continuering van de bed, bad en brood regeling
De Stichting Uitgeprocedeerde Vluchtelingen (STUV) biedt tijdelijke ondersteuning aan uitgeprocedeerde vluchtelingen en andere vreemdelingen in nood die geen recht (meer) hebben op wettelijke voorzieningen.

Doel van de tijdelijke ondersteuning is te voorkomen dat deze personen in de marge van de samenleving terecht komen, terwijl zij met tijdelijke hulp zichzelf kunnen redden in de toekomst. Het aantal hulpvragen varieert per jaar. Eind 2015 is de bed, bad en broodvoorziening aan het Maansteenpad gerealiseerd. In 2016 kan hier aan ca. 30 mensen een sobere opvang geboden worden, gericht op het zoeken naar nieuw perspectief/ terugkeer naar het land van herkomst. Voor de komende jaren willen wij deze voorziening continueren.

Programma 10 Werk en inkomen

Premie Beschut Werk
Voor het stimuleren van arbeidsplaatsen Beschut Werk (BW), geeft het Rijk de komende jaren een premie per gerealiseerde BW.

LIV (Lage Inkomens Voordeel)
Door LIV per 1 jan 2017 stijgen de inkomsten bij DZB met € 700.000 structureel. Door deze middelen in te zetten voor DZB sluit haar MJB.

Overdracht deel van juridische taken aan Servicepunt71
In verband met overheveling van taken met betrekking tot bezwaar en beroep van Werk & Inkomen naar Servicepunt71 wordt budget overgeheveld van programma Werk en Inkomen naar programma Algemene Dekkingsmiddelen.

Correctie uitvoeringskostenbudget Werk en Inkomen 2017
In de kaderbrief 2016 is een tijdelijk uitvoeringsbudget van € 338.000 per abuis vanaf 2017 tijdelijk uitvoeringsbudget van € 338.000 per abuis vanaf 2017 structureel gemaakt. Dat had vanaf 2018 moeten zijn. Het ten onrechte verhoogde budget voor 2017 wordt nu gecorrigeerd.

Programma 11/12 Algemene dekkingsmiddelen / overhead

Bijdrage Servicepunt71, verwerking taakstelling
Servicepunt71 heeft sinds de oprichting een bezuiniging weten te realiseren van ca. € 3 miljoen en heeft de komende periode nog taakstellingen ter hoogte van € 1 à € 1,5 miljoen te gaan. Het college acht het nog niet verantwoord om het Servicepunt mee te laten doen in de Leidse taakstelling op personeel in 2017 van € 292.000. Vanwege de nog te realiseren taakstelling wordt voorgesteld Servicepunt71 deels te compenseren voor de stijging van de loonkosten als gevolg van de nieuw afgesloten cao voor gemeenteambtenaren. Deze stijging was niet voorzien in het meerjarenbeeld van het Servicepunt en wordt voor per saldo € 137.000 (€ 329.000 minus € 192.000) gecompenseerd door verhoging van de bijdrage door de gemeente Leiden. Daarnaast neemt de bijdrage aan Servicepunt71 structureel toe omdat Leiden extra diensten afneemt van Servicepunt71 op het gebied van Inkoop, fiscaal advies, JZ/Verzekeringen. Servicepunt71 komt in oktober 2016 met een voorstel voor de invulling van de nog openstaande taakstellingen, waarbij ook de mogelijkheden worden betrokken om vanaf 2018 wel bij te dragen aan de Leidse taakstelling op personeel en digitalisering

Stelpost taakstelling verstrekking scootmobielen
De algemene uitkering is verlaagd van € 103.000 in 2015 tot € 296.000 in 2019 vanwege de lagere kosten voor het verstrekken van scootmobielen. De korting op de algemene uitkering is intern vanaf 2015 niet in mindering gebracht op het budget voor de verstrekking van scootmobielen. Dit omdat eerder in 2014 al een bezuiniging op dit budget was doorgevoerd. Het budget is in 2014 verlaagd van € 914.000 naar € 550.000. Een verdere verlaging acht het college niet wenselijk en wordt als tegenvaller aangemeld bij de kaderbrief.

Overboeking taakstelling naar stelpost bestuurlijke samenwerking
De onder de budgetten van de algemene uitkering opgenomen taakstelling wordt overgeboekt naar de stelpost bestuurlijke samenwerking.

Huisvesting ambtenaren
In het collegeakkoord is afgesproken dat de kosten voor ambtelijke huisvesting gelijk blijven of dalen. Als ijkbedrag zijn de kosten in 2020 genomen bij voortgezet gebruik van de huidige panden. Het gaat dan om € 6,9 miljoen per jaar (€ 4,7 miljoen voor Stationsplein 107 en Stadsbouwhuis + € 2,2 miljoen. voor het stadhuis). In de Nota van Uitgangspunten is voorgesteld om € 6,9 miljoen taakstellend te laten zijn. Hierbij is rekening gehouden met het feit dat, bij voortgezet gebruik, grootschalige renovatie moet plaatsvinden om Stationsplein 107 en het stadsbouwhuis voor gebruik geschikt te laten blijven. Tegelijk zullen eerder vastgestelde taakstellingen richting uitvoeringsbesluit nader invulling krijgen. Dat gebeurt in samenhang met taakstellingen op bedrijfsvoering en binnen de totale ambtelijke huisvestingsportfolio. Conform de Nota van Uitgangspunten is vanaf 2020 een extra budget nodig van € 0,6 miljoen. Wegens vrijvallende kapitaallasten vanaf 2019 (opgenomen in de post onderuitputting kapitaallasten hieronder) moet hier ook een post van € 200.000 worden opgenomen, om in 2020 een toereikend budget beschikbaar te hebben. Daarnaast houden we alvast rekening met een bedrag voor incidentele niet activeerbare kosten, zoals kosten voor tijdelijke huisvesting en verhuiskosten, in totaal voor voorlopig een bedrag van € 1 miljoen. Bij uitvoeringsbesluit zal dit bedrag nader worden bepaald.

Bijstelling OZB opbrengsten

  • De OZB voor woningen stijgt de komende jaren door toename van het aantal woningen tot ruim 1 miljoen structureel in 2020.
  • Bij de opbrengst OZB voor Niet woningen worden zijn wij voor de komende jaren geconfronteerd met een tegenvallende opbrengst. Wetwijzigingen, arresten van de Hoge Raad en vertragingen in de realisatie van nieuwe projecten liggen hieraan ten grondslag. Na het aframen van de tegenvallers hebben we een nieuwe raming gemaakt van de opbrengst van de grote projecten in de stad en vooral op het Leiden Bio Science park. Op basis van deze verwachting ontvangen we de komende jaren voor de nieuwe projecten een opbrengst aan OZB voor Niet-woningen oplopend van tot € 500.000 structureel in 2020 tot € 500.000 structureel in 2020.

Onderuitputting kapitaallasten 2017 – 2020
Door het later gereed komen van een aantal investeringen is sprake van tijdelijk lagere kapitaallasten in diverse jaren. Binnen deze aanmelding is rekening gehouden met een reservering voor de kapitaallasten voor renovatie en uitbreiding van de Lakenhal. Vanaf 2021 gaan de kapitaallasten als gevolg van grote investeringen in het programma Bereikbaarheid sterk toenemen. De verwachting is met ongeveer € 2 miljoen. per jaar. Dat bedrag heeft het college alvast in 2020 opgenomen, om een zuiver structureel beeld te geven. Deze kapitaallasten worden incidenteel als ’voordeel’ weer opgevoerd onder ‘onderuitputting’, zodat hiervoor per saldo in 2020 nihil is opgenomen. Dat betekent dat voorzichtigheidshalve al in het begrotingsjaar 2020 rekening is gehouden met de stijging van de kapitaallasten in 2021.

Ontwikkelbudget ambtelijke organisatie
Om de ambities van het college en de organisatie ondanks de invulling van taakstellingen te kunnen blijven en gaan uitvoeren is budget nodig om de capaciteit binnen de organisatie een tijdelijke impuls te geven. Budget om snel aan de slag te kunnen met initiatieven uit de stad, om recht te doen aan de werkprincipes (met name ‘van buiten naar binnen’), om in te kunnen spelen op de veranderde relatie tussen gemeente en samenleving en om de vraagstukken en uitdagingen op te pakken die de basis zijn voor de verdere ontwikkeling van en innovatie in stad en regio. Daarnaast is voor de realisatie van versnelde uitstroom van oudere medewerkers extra geld benodigd voor flankerend beleid. Met de versnelde uitstroom van oudere medewerkers zorgen we mede met de instroom van jongeren voor vernieuwing van de organisatie. Hiervoor wil het college tijdelijk € 3 miljoen beschikbaar stellen. Het college ziet dit als een noodzakelijke incidentele investering om de organisatie verdergaand te vernieuwen en klaar te maken voor toekomstige taken tegen lagere kosten.

Investering vervangen containers (voormalig Gevulei)
Door de Gevulei zijn in het verleden afvalinzamelcontainers aangeschaft ten behoeve van de inzameling van afval in Leiden, Oegstgeest, Zoeterwoude en Leiderdorp. De Gevulei heeft in haar begroting geen rekening gehouden met de vervanging van de containers. Totaal gaat het om 76 containers. Leiden heeft van dit aantal 53 containers in gebruik. De containers zijn aan het einde van de levensduur en moeten in 2017 / 2018 worden vervangen.

Wagenpark Beheer
Cluster beheer heeft een nieuw beheerplan voor het beheer van het wagenpark opgesteld. De exploitatie wordt bijgesteld op diverse posten ( brandstof verzekeringen en onderhoud vervoermiddelen), daarnaast is het investeringsvolume en de bijbehorende levensduur van het wagenpark onderzocht. Op basis van dit onderzoek is het investeringsvolume bijgesteld en is er een doorrekening van de verwachte kapitaallasten gemaakt. Deze genereren een zodanig positief beeld dat de taakstelling hiermee deels structureel kan worden ingevuld.

Financieel effect CAO
Hoofdstuk 3 van de CAO betreffende toelagen is veranderd. Dit heeft nadelige financiële gevolgen. Het grootste effect komt voor bij de clusters met veel uitvoerenden zoals Beheer en Handhaving. Een negatief effect komt voor bij de onregelmatigheidstoeslag (ORT) en de Beschikbaarheidsdienst. Daar waar de vergoedingen lager worden in de nieuwe CAO krijgen de medewerkers die de oude toelages ontvangen een Toelage Overgangsrecht (TOR).

Resultaat op Indexering lasten en baten
De indexering van de baten levert onvoldoende budget op om de verwachte lastenstijgingen te indexeren. Vooral de indexering van de algemene uitkering is niet toereikend om de verwachte loonkostenontwikkeling te kunnen dekken. Vooralsnog verwachten wij een nadelig saldo hierop van € 1,5 miljoen. Dit saldo is gelijk aan het saldo van 2016.

Indexering subsidies niet op 0
Bij de bespreking van de Kadernota 2016-2019 heeft de raad het college via een motie verzocht bij meevallende algemene inkomsten de subsidies toch te indexeren, en de taakstelling in verband hiermee vanaf 2018 niet door te voeren. Het college stelt voor de indexering (uiteindelijk € 700.000) voor de helft door te voeren, maar wel eerder, namelijk vanaf 2017. Deze ruimte is beschikbaar vanaf 2017, daarom ook het voorstel om het al vanaf 2017 i.p.v. 2018 te doen.

BBV notitie grondexploitaties
De uitvoering van de notitie grondexploitatie 2016 van de commissie BBV levert een nadeel op bij de algemene dekkingsmiddelen omdat minder rente kan worden doorberekend naar de voorraad grond. Tegen het nadelige effect op de algemene dekkingsmiddelen ontstaat er een positief effect op de grondexploitatie als gevolg van lagere rentelasten welke worden doorbelast. Per saldo is het effect budgetneutraal al kunnen er wel resultaateffecten ontstaan in de tijd, welke worden opgevangen binnen de vereveningsreserve

Netto ontwikkeling Algemene Uitkering o.b.v. Meicirculaire 2016
De belangrijkste autonome ontwikkeling is de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De september- en meicirculaire geven een positieve ontwikkeling van het Gemeentefonds te zien. Veel is echter nog onzeker voor het gemeentefonds. De Tweede Kamer verkiezingen en het aantreden van een nieuw Kabinet kunnen grote invloed hebben op de omvang van het fonds. Eventueel nieuw beleid van het kabinet kan “trap-op” of “trap-af” effecten hebben vanaf 2018. Daarnaast is ook de discussie gestart over een fundamenteel andere verdeling van het gemeentefonds en het gemeentelijk belastinggebied.

Dividend Alliander
Uitwisseling van netwerken tussen Liander/Endinet en Enexis levert een boekwinst op die via het dividend aan de aandeelhouders zal worden uitgekeerd. Voor Leiden bedraagt de uitkering naar verwachting 1,4 miljoen (incidenteel).

Stelpost areaalontwikkeling
Reservering voor extra beheerkosten door groei van de gemeente vanaf 2020. Voor de jaren t/m 2019 is geen extra areaal budget benodigd. De beschikbare bedragen in de meerjarenraming 2016 – 2019 worden bij de uitwerking van de beheerplannen voor de openbare ruimte toegevoegd aan de budgetten voor beheer in programma 5.

Aframen bijdrage aan BSGR
Aframing bijdrage aan BSGR en bestemming voordeel voor verbetering en op orde houden koppelingen BAG- met WOZ-systeem, en verbeterde informatieuitwisseling met BSGR.

Bijstelling bijdrage aan BSGR: verdeling op basis van werkelijke kosten
De bijdragen van deelnemende gemeenten aan de Gemeenschappelijke Regeling BSGR wordt herijkt. Er wordt toegewerkt naar een systeem op basis van kostprijzen voor de afgenomen producten. Dat betekent voor de gemeente Leiden in de loop van de komende jaren een fors voordeel ten opzichte van onze huidige bijdrage.

Taakstelling bedrijfsvoering, aandeel Cluster Beheer
Afboeken taakstelling bedrijfsvoering, aandeel cluster stedelijk beheer omdat deze voor een dubbele taakstelling staan, na jaren van bezuinigingen. In het collegeakkoord was apart voor beheer een taakstelling van € 1 miljoen. opgenomen. Deze taakstelling wordt door beheer gerealiseerd. Het daarnaast ook bijdragen aan de algemene taakstelling zou leiden tot een extra taakstelling van € 400.000 in 2017 en € 800.000 vanaf 2018. Dit acht het college niet wenselijk omdat dit niet meer lukt met het treffen van extra efficiencymaatregelen, maar ten koste zou gaan van de kwaliteit van het beheer van de stad.

Inzet reserve vervangingsinvesteringen maatschappelijk nut
De reserve vervangingsinvesteringen maatschappelijk nut is gevormd bij de balansverkorting in 2014. Hiervoor is geen specifieke bestemming. De reserve kan vrijvallen.

Vrijval reserve ISV/gsb
Voor € 1,5 miljoen is er geen specifieke bestemming voor de reserve ISV\GSB. Voorstel is om deze vrij te laten vallen.