Home / Hoofdlijnen financiële positie

Hoofdlijnen financiële positie

1. Samenvatting financiële ontwikkelingen Kaderbrief
Een totaaloverzicht van de financiële ontwikkelingen in de Kaderbrief is opgenomen in onderstaande tabel. Volstaan wordt met deze tabel, de inhoudelijke achtergronden ontwikkelingen zijn al eerder met uw raad besproken en staan toegelicht bij de programma's. Een overzicht van alle mutaties in de Kaderbrief is als bijlage opgenomen in deze begroting.

Stand Kaderbrief 2018-2021 (bedragen x € 1.000) -/- = Voordeel

­

­

­

­

Categorie

2018

2019

2020

2021

Autonoom

-9.639

-7.607

-6.786

-5.730

Mee/Tegenvaller

7.532

6.353

3.868

3.056

Nieuw Beleid

2.183

2.746

2.084

1.338

Verrekening met bestemmingsreserves

-1.400

-1.476

-774

-280

Saldo

-1.324

16

-1.608

-1.616

Verrekening met concernreserve

1.324

-16

1.608

1.537

Saldo kaderbrief 2018

0

0

0

-79

­

­

­

­

­

Meicirculaire '17, gemeld voordeel in de kaderbrief

-2.044

-2.058

-1.793

-2.017

­

­

­

­

­

Saldo Kaderbrief 2018

-2.044

-2.058

-1.793

-2.096

V

V

V

V

2. Ontwikkelingen na de Kaderbrief
Bij het opstellen van de begroting is nog een aantal ontwikkelingen te melden:

Mutaties begroting 2018-2021 (bedragen x € 1.000) -/- = Voordeel

2018­

2019­

2020­

2021­

1. Netto resultaat indexering en doorwerking cao incl., SP71, B&W, Raad en Babs

2.645

2.583

2.626

2.611

Dekking via verwachte compensatie Gemeentefonds

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

­

­

­

­

­

2. Voorbereiding ESOF congres 2022

100

225

125

­

Dekking ESOF congres 2022 vanuit bestaand budget P3

­

-125

-125

­

­

­

­

­

­

3. Verlaging opbrengstraming Bouwleges

1.100

300

300

300

­

­

­

­

­

4. Aanvulling budget Minimabeleid/Bijz bijstand

750

­

­

­

­

­

­

­

­

Netto ontwikkeling mutaties begroting 2018

2.595

983

926

910

­

N

N

N

N

­

­

­

­

­

Saldo begroting 2018-2021

551

-1.075

-867

-1.185

­

N

V

V

V

Structureel saldo van de begroting

Het saldo van de meerjarenraming bestaat uit een incidenteel en een structureel deel. Het structurele deel van de meerjarenraming 2018 - 2021 sluit met een saldo van € 2,2 miljoen voordelig. (zie paragraaf 4.1.3.)

Toelichting op de budgettaire ontwikkelingen in de begroting 2018

1. Netto ontwikkeling indexering en doorwerking CAO 2017 - 2018.
Op 4 juli 2017 hebben de VNG en de vakbonden een principeakkoord gesloten over een nieuwe CAO vanaf 1 mei 2017 t/m 1 januari 2019. De structurele loonsverhoging bedraagt 3,25%. Samen met de ontwikkeling van de pensioenpremies en de uitbetaling van het Individueel Keuze Budget (IKB) verlof stijgen de loonkosten met 5,53% per jaar. In de meicirculaire en in de kaderbrief is een loonkostenontwikkeling voorzien van 2,4%. In de kaderbrief was al een extra bedrag gereserveerd van € 650.000 voor deze ontwikkeling van de loonkosten. Het saldo van de indexering in de begroting 2018 bedraagt afgerond € 2,6 miljoen per jaar. Omdat er voor de rijksambtenaren nog geen nieuwe CAO vanaf 1-1-2017 is afgesloten, verwachten wij dat er op enig moment na het afsluiten van een nieuwe CAO voor de Rijksambtenaren via het gemeentefonds extra middelen naar de gemeenten zullen vloeien. Vooralsnog schatten wij dit effect in op € 2 miljoen per jaar. Mocht blijken dat deze verwachting niet reëel is, dan zullen wij nadere bijsturingsmaatregelen nemen om de salarissen binnen het beschikbare budget te houden.

De nieuwe CAO voor de gemeenten werkt ook indirect door naar de loonkosten voor Raad, B&W, buitengewoon ambtenaren en de gemeenschappelijke regelingen. Voor deze laatste is het effect van de CAO geraamd in deze begroting.

Voor de overige gemeenschappelijke regelingen geldt een afzonderlijk financieel kader. Voor 2018 wijzigt dit kader niet.

2. Voorbereiding ESOF congres 2022
EuroScience heeft besloten dat de gemeente Leiden in samenwerking met de gemeente Den Haag de organisatie van het EuroScience Open Forum 2022 (ESOF2022) op zich mag nemen.

Nu de conferentie voor 2022 toegewezen is aan Leiden, kan de gemeente zich met haar partners gaan richten op de verdere uitwerking. Hiervoor zullen we een apart plan van aanpak opstellen, dat we in 2018 aan de gemeenteraad zullen voorleggen. De gemeentelijke bijdrage in de kosten van voorbereiding en uitvoering wordt nu geraamd op €.450.000. € 250.000 zullen wij ten laste brengen van de extra middelen die beschikbaar zijn gesteld voor Economie 071. De overige € 200.000 dekken we bij deze begroting uit de Algemene Middelen.

3. Verlaging opbrengstraming Bouwleges
De opbrengst aan bouwleges kent een wisselend verloop en valt nu al een aantal jaar tegen. Voor 2018 stellen wij daarom voor een bedrag van € 1,1 miljoen te storten in de egalisatiereserve bouwleges. Daarnaast stellen wij voor de opbrengst structureel met € 300.000 te verlagen. Dit bedrag komt overeen met het tekort op de verlening van kleine bouwvergunningen. Deze categorie vergunningen is niet kostendekkend. Verder zullen wij nader onderzoek doen naar het verloop van de kosten en opbrengsten van het verlenen van bouwvergunningen. Op dit moment is deze niet kostendekkend. Om deze kostendekkend te maken moeten we kijken naar de capaciteitsbesteding, de opbouw van de kosten en de tariefstructuur. Daarnaast is uiteraard de nieuwe omgevingswet van invloed op de kosten en opbrengsten.

4. Aanvulling budget Minimabeleid/Bijzondere bijstand
Het aantal verstrekkingen Minimabeleid/Bijzondere bijstand neemt toe. De doelgroep wordt  groter en veel beter bereikt. Dit laatste is overigens geheel conform de doelstelling van het beleid. Mensen voor wie  deze voorzieningen bedoeld zijn, moeten er ook gebruik van kunnen maken.

Keerzijde is wel, dat ook de kosten stijgen. De minimaregelingen zijn open-eind regelingen. Een aanvraag kan niet worden afgewezen omdat er geen budget meer is. In de eerste bestuursrapportage 2017 is per saldo een structureel tekort van € 800.000 op de verstrekkingen gemeld bij ongewijzigd beleid. De begroting 2017 is aangepast. Ook voor 2018 is in de kaderbrief het budget met € 800.000 verhoogd. Na het opstellen van de eerste bestuursrapportage zijn de kosten opnieuw sterker gestegen dan verwacht. Op basis van de uitgaven tot en met augustus 2017 wordt nu op de al aangepaste begroting 2017 nog eens een  tekort verwacht van € 750.000. Ook dit tekort is naar verwachting bij ongewijzigd beleid structureel.

Zonder aanpassing van het beleid ontstaat in 2018 dus opnieuw een tekort van € 750.000 (en vanaf 2019 € 1,55 miljoen, omdat de bijstelling van het budget met € 800.000 in de kaderbrief nog niet structureel is ). Met deze begroting stellen wij voor het budget met € 750.000 te verhogen. Daarmee kan het huidige beleid ook in 2018 voortgezet worden.

Wijzigingen per programma begroting 2018-2021 t.o.v. begroting 2017-2020.
Onderstaand staan de wijzigingen per programma weergegeven ten opzichte van de begroting 2017-2020. Dat is de stand van de programmabegroting 2017 inclusief begrotingswijzigingen. De wijzigingen worden veroorzaakt door wijziging van toerekening van organisatiekosten, indexering, kapitaallasten, autonome ontwikkelingen, mee- en tegenvallers en nieuw beleid. De wijzigingen worden op de programma's toegelicht.

Programma (bedragen x € 1.000) -/- = Voordeel

2018

2019

2020

2021

Bestuur en dienstverlening

1.202

1.289

1.253

974

Veiligheid

216

337

337

272

Economie

709

527

420

51

Bereikbaarheid

1.285

1.702

-391

307

Omgevingskwaliteit

-1.614

-209

-166

-112

Stedelijke ontwikkeling

2.956

1.551

1.046

707

Jeugd en onderwijs

-1.241

-947

-1.062

-1.153

Cultuur, sport en recreatie

924

1.014

1.849

1.905

Maatschappelijke ondersteuning

3.857

3.037

2.424

2.697

Werk en inkomen

8.334

6.599

6.201

6.008

Algemene middelen

-18.308

-17.693

-15.179

-15.859

Programma overhead

906

1.733

793

1.481

Saldo, storten in concernreserve *)

773

1.059

2.475

2.722

Totaal

0

0

0

0

*) Opbouw wijziging storting concernreserve

2018

2019

2020

2021

Storting kaderbrief

1.324

-16

1.608

1.537

Resultaat meicirculaire 2017

2.044

2.058

1.793

2.095

Mutaties begroting 2018

-2.595

-983

-926

-910

Saldo

773

1.059

2.475

2.722

3. Weerstandsvermogen en kengetallen
Uit paragraaf 3.2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing blijkt dat het weerstandsvermogen van de gemeente begin 2018 voldoende is. Door de aanvullende stortingen in de concernreserve (zie onderstaande tabel) loopt het weerstandsvermogen bij gelijkblijvend risicoprofiel op tot ruim voldoende vanaf eind 2018. Uit de voorgeschreven financiële kengetallen blijkt wel dat de schuldpositie gaat stijgen als gevolg van de investeringen die de gemeente de komende jaren gaat doen en de inzet van de bestemmingsreserves. In theorie maakt dit de gemeente kwetsbaar voor rentestijging en is de begroting minder flexibel omdat een groter deel vast ligt in rentelasten. Het risico op de rentestijgingen wordt beheerst doordat de begroting ten opzichte van de huidige omslagrente van 1% al rekening houdt met een geleidelijke maar forse rentestijging naar 3,5%. Daarnaast wordt bij het aantrekken van langlopende leningen de rente voor lange tijd vastgezet. Het risico van de afnemende flexibiliteit wordt verminderd door het structureel sluiten van de begroting en het gemiddelde woonlastenniveau.

Verloop concernreserve

 

Begroot Stand 31/12/2017

Begroot Stand 31/12/2018

Begroot Stand 31/12/2019

Begroot Stand 31/12/2020

Begroot Stand 31/12/2021

Exclusief resultaat 2e Berap 2017

18.943

24.916

26.359

29.854

32.596

Inclusief resultaat 2e Berap 2017

17.356

23.329

24.772

28.267

31.009