Ga naar boven

Inleiding

In programma 5 presenteert het college de plannen en ontwikkelingen op het gebied van de omgevingskwaliteit. De ambities vanuit het collegeakkoord zijn vertaald naar het beheer- en onderhoudsbeleid. We richten ons niet meer alleen op effectief beheer- en onderhoudsbeleid en uitvoering. We richten ons ook op duurzame verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte, het water en groen in Leiden. Om op deze wijze de openbare ruimte klimaat robuust in te richten. Door actief aan de slag te gaan met het ontwerp van deze nieuwe buitenruimte, zoeken naar koppelkansen in de meerjarenplanning, streven we ernaar deze transitie effectief vorm te geven. Daarbij is het versterken van de biodiversiteit in de openbare ruimte en het versterken van groene corridors in de stad een belangrijk aandachtspunt. Het duurzaamheidsprogramma helpt om de toekomstbestendige en duurzame omgevingskwaliteit in en om de stad te realiseren. Leiden neemt zo haar verantwoordelijkheid aangaande het terugdringen van het gebruik van fossiele brandstoffen, het in stand houden en verbeteren van biodiversiteit en het voorkomen van afval. Leiden heeft in de Programmabegroting een bijzonder programma Duurzaamheid opgenomen, naast de bijzondere programma's Binnenstad, Bereikbaarheid, Kennisstad, Transformatie Sociaal Domein en Omgevingswet.

Beleidsterrein

Maatschappelijk effect

Vertaling naar een doel

5A Verharde openbare ruimte

Tevreden gebruikers van de openbare ruimte, die ruimte biedt om te leven en plaats biedt aan initiatieven uit de stad.

5A1 Schoon, heel en veilig

5B Openbaar water

De stad is door goed waterbeheer voorbereid op klimaatverandering. Een passende inrichting van de openbare ruimte, adequate riolering en goed grondwaterbeheer zorgen voor voldoende waterkwaliteit en waterkwantiteit.

5B1 Waterkwantiteit op orde en verbeteren waterkwaliteit

Het openbaar water wordt gebruikt waarvoor het bedoeld is, gebruikers vertonen verantwoordelijk gedrag op en rond het water. De Leidenaar is voldoende tevreden over het gebruik van het water door bewoners, ondernemers en bezoekers.

5B2 Stimuleren van een doelmatig gebruik van het openbaar water

5C Openbaar groen

De robuuste groene hoofdstructuur biedt voldoende leefgebied aan stedelijke flora en fauna en verbindt het stedelijk groen met het buitengebied.

5C1 Behoud en versterken van de groene hoofdstructuur

Een grotere tevredenheid en meer gebruik van het openbaar groen door bewoners en bezoekers.

5C2 Verbeteren gebruik en kwaliteit openbaar groen

5D Duurzaamheid

De stad behouden voor toekomstige generaties.

5D1 Werken aan een klimaatneutrale en klimaatinrichte stad

Programma Duurzaamheid
Het programma Duurzaamheid wordt herijkt en verlengd tot 2022. Het is van belang de komende jaren focus aan te brengen op een drietal domeinen: duurzame verstedelijking en energietransitie, klimaatadaptatie en biodiversiteit en circulaire economie. Binnen deze drie domeinen wordt focus gelegd op de realisatie en uitvoering van projecten in de stad, samen met marktpartijen en bewoners. We dagen de stad uit om samen met ons de doelstellingen te realiseren. In de paragraaf ‘Bijzonder programma Duurzaamheid’ in deze programmabegroting worden de werkzaamheden nader toegelicht. Daarnaast wordt in de programma 3 economie en in programma 6 stedelijke opgaven respectievelijk ingegaan op de ambities t.a.v. circulaire economie en energietransitie in relatie tot duurzame verstedelijking. Op welke wijze het duurzaamheidsprogramma tot uiting komt bij klimaat adaptief beheer in de stad wordt in de onderstaande drie paragrafen beschreven.

Beheren van de openbare ruimte
De openbare ruimte wordt ook komend jaar beheerd en onderhouden op basis van wettelijke regels, de ambities uit het beleidsakkoord, zorgplicht en de bedoelde functionaliteit en kwaliteit zoals die in de beleidskaders en beleidsplannen is benoemd. De uitwerking hiervan komt samen in de beheerplannen 2017-2021. Onderdeel van de beheerplannen zijn de einde levensduur vervangingen van de kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Denk aan riolering, wegen en kunstwerken. Het beheer van de openbare ruimte verandert echter snel; niet langer traditioneel “steentje er uit - steentje er in”, maar toekomstgericht of kansgestuurd onderhoud en beheer. Elke vervanging is zo een kans voor vernieuwing. Vernieuwing die rekening houdt met de maatschappelijke, technologische en klimatologische ontwikkelingen. Vernieuwing waar klimaatadaptieve maatregelen en de energietransitie meteen integraal in meegenomen worden. Beheer wordt daarmee meer en meer een motor voor stadsvernieuwing; “Beheer als Stadsvernieuwer”. De opgave hierbij is om de vervangings- en vernieuwingsinvesteringen van de kapitaalgoederen te combineren met die van andere investerende partijen zoals woningbouwcorporaties, bedrijven en sociale partners. Deze opgave vraagt een andere werkwijze die nu al wordt toegepast en doorontwikkeld. Een werkwijze waarbij de taken, plannen en budgetten van Stedelijke Ontwikkeling en Beheer meer naar elkaar toegroeien. Een werkwijze waarbij steeds intensiever samen gewerkt wordt aan het ontwikkelen, inrichten en beheren van onze stad om zo een duurzame leefbare stad te realiseren.

Begin 2019 kijken we met de Raad terug op het eindresultaat van het project ‘Ruimte voor de Stad’ dat eind 2018 afloopt. Dat wat we bereikt hebben en de geleerde lessen nemen we mee in een herziening van de visie ‘Ruimte voor de Stad’ inclusief de bijbehorende kaders, waarmee dit beleidskader in lijn wordt gebracht met het nieuwe coalitieakkoord. 

Vanuit Stedelijke Ontwikkeling wordt dagelijks gewerkt aan het (door)ontwikkelen van onze stad. Stedelijke Ontwikkeling initieert in dat kader vele projecten. Als het maar een klein beetje mogelijk is (locatie en planning) dan bundelen Beheer en Stedelijke Ontwikkeling hun projecten. En onder het motto “in één keer goed” worden de projecten wijkgericht uitgevoerd. Het motto hierbij: “Niet Praten, maar DOEN” met als voordeel een integrale aanpak en een manier om de communicatie en inwonerparticipatie goed te organiseren.

We weten nog niet precies hoe we de energietransitie vorm moeten geven en wat de beste aanpak is op wijkniveau. Wat we wel weten is dat vanuit het KEA (klimaat en energieakkoord) de gemeente als regisseur is aangewezen omdat zij kennis van de wijk en partijen in de stad heeft. De samenloop met de klimaatadaptieve inrichting maakt dat dit een kans is om projecten integraal aan te pakken. Gaan starten en doen, met aandacht voor onze inwoners is belangrijk om zo snel mogelijk kennis en ervaring op te doen om deze transitie op langere termijn effectiever aan te pakken. De integrale werkwijze tussen Stedelijke ontwikkeling en Beheer wordt daarbij de nieuwe standaard. We ontwerpen klimaatadaptief en monitoren het effect van de vele verschillende inrichtingsmaatregelen. Daarnaast houden we, daar waar ze verwachten, bij het ontwerp van de ondergrondse ruimte (profielen) rekening met toekomstige ligging van warmteleidingen.

Uitgangspunt van klimaatadaptief werken is dat het resulteert in minder verharding en meer groen. In 2018 is bovenstaande werkwijze al toegepast in Leiden Zuidwest in de wijken Gasthuis en Haagweg Zuid. In 2019 wordt tijdens fase 1 in de Gasthuiswijk Zuid de gemengde riolering vervangen door een gescheiden stelsel en wordt 115.000 m2 verharding vernieuwd. Deze kans gebruiken we meteen om in dit gebied klimaatadaptieve maatregelen toe te passen. Welke maatregelen in dat gebied het beste passen en het meeste resultaat opleveren, wordt momenteel uitgezocht. Een uitgelezen kans ook om later wanneer de volgende onderdelen van de wijk worden uitgevoerd, maatregelen te nemen op het gebied van energie en klimaat. Ook een uitgelezen kans om integraal te werken aan de ontwikkeling van een wijk. Vanaf 2019 breiden we deze werkwijze ook uit naar andere projecten en wijken.

Werken aan klimaatadaptatie
Leiden heeft een klimaatadaptatiestrategie ontwikkeld om de stad ook in 2040 meer klimaatrobuust te maken voor de effecten van klimaatverandering, zoals hevigere regenbuien, droogte en hittestress. We hebben in 2018 een Klimaatadaptatiestrategie opgesteld wat de randvoorwaarden biedt om een uitvoeringsplan op te stellen. De (nog uit te voeren) Klimaatstresstest geeft ons in 2019 inzicht op welke gebieden we zullen moeten focussen als het gaat om klimaatadaptief herinrichten. Conform het projectplan Leiden Klimaatbestendig werken we in het Europese SPONGE- project aan 3 pilot gebieden.

Het Stationsgebied en de Schipholweg zijn grote transformatiegebieden waar de komende jaren veel verandert: zowel de inrichting van de openbare ruimte als de meerderheid van het vastgoed. De kans voor verduurzaming is hier dus groot. 25 partijen waaronder inwoners, bedrijven en overheden een zogenaamde ‘coalitie van ambitie’ gevormd om de Duurzaamste Kilometer van Nederland te maken in het Stationsgebied en de Schipholweg. We staan aan het begin van het proces, het zijn nu voornamelijk plannen. Op www.duurzaamstekilometer.nl zijn zes cases gepresenteerd waaraan we gaan werken. Enerzijds gebiedsbrede plannen voor meer biodiversiteit en groen, anderzijds ook concrete quick wins. Denk bijvoorbeeld aan groene daken en gevels voor de nieuwbouw zoals Lorentz, De Geus en het tweede deel van het Rijnsburgerblok. Voor de openbare ruimte studeert de gemeente op inpassing van groen om zo goed mogelijk bij te dragen aan infiltratie, biodiversiteit en reductie van hittestress. Een van de meest vergevorderde plannen is om Leiden in 2050 klimaatproof te maken. Daarvoor werkt de gemeente samen met 10 andere (internationale) partijen in het SPONGE 2020 project. Hierin werken we met stedelijke partijen zoals projectontwikkelaars/ woningbouwcorporaties en met inwoners samen aan het voorkomen van wateroverlast en hittestress. Meer informatie staat op https://www.gagoed.nl/thema/klimaat/

Bouwen aan een ecologisch netwerk en groene hoofdstructuur
In 2018 is het uitvoeringsprogramma"Groene hoofdstructuur” vastgesteld. Binnen en buiten de hierboven beschreven integrale aanpak wordt zoveel mogelijk gewerkt aan het uitvoeren van deze ambities. Vergroening helpt om de biodiversiteit te verhogen en daarmee de leefbaarheid gezonder te maken. Het draagt bij aan het klimaatbestendig maken van de stad. Het is van belang deze kwaliteiten te bewaren, te vernieuwen en te versterken tezamen met stakeholders in de stad die een bijdrage leveren aan de groene buitenruimte. Hierbij richten we ons onder andere op het verbeteren van de groene hoofdstructuur, versterken van de verbindingen binnen en buiten de stad en het versterken van de link met het Singelpark.