Ga naar boven
Home / Beleidsbegroting / Paragrafen / Lokale heffingen

Lokale heffingen

Inleiding

Deze paragraaf bevat informatie over de lokale heffingen. Eerst komt de actualiteit aan de orde. Daarna worden de heffingen behandeld die deel uitmaken van de zogenaamde woonlasten, te weten de onroerende-zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Vervolgens wordt ingegaan op de heffingen die geen deel uitmaken van de woonlasten: de parkeerbelastingen, de toeristenbelasting, de precariobelasting en overige heffingen. Tot slot wordt het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente Leiden behandeld.

A. Overzicht van de lokale heffingen

De volgende heffingen worden door de gemeente Leiden geïnd:
1. Onroerende-zaakbelastingen,
2. Afvalstoffenheffing,
3. Rioolheffing,
4. Parkeerbelasting,
5. Toeristenbelasting,
6. Precariobelasting. 

B. Ontwikkelingen / Actualiteit

Precariobelasting kabels en leidingen
De minister van Binnenlandse Zaken heeft begin 2016 het wetsvoorstel ingediend dat er in voorziet netwerken van nutsbedrijven vrij te stellen van precariobelasting. De minister geeft hiermee gehoor aan de wens van de Tweede Kamer om een eerder ingetrokken wetsvoorstel, dat die vrijstelling regelde, alsnog in te dienen. Gemeenten krijgen de tijd om deze vorm van precarioheffing te stoppen. Het kabinet heeft gekozen voor een overgangstermijn van tien jaar zodat daarin de effecten kunnen worden opgevangen van inkomstenderving vanwege het afschaffen van deze vorm van precariobelasting. Deze periode kan worden bekort bij een grotere hervorming/verruiming van het gemeentelijk belastinggebied. Het overgangsrecht geldt alleen als een gemeente in 2015 ook daadwerkelijk inkomsten genoot van deze belasting. Onder de overgangsregeling kan een gemeente maximaal heffen naar het tarief zoals dat gold op 10 februari 2016; de datum waarop minister Plasterk het wetsvoorstel voor afschaffing van de precariobelasting heeft aangekondigd. Zo wordt voorkomen dat de tarieven verder oplopen en het aantal gemeenten dat precario heft verder stijgt. De geraamde opbrengst voor Leiden bedraagt vanaf 2016 afgerond € 7,5 miljoen. Vanaf 2026 valt deze opbrengst weg in onze begroting

Macronorm­
Om er voor te zorgen dat de onroerende-zaakbelastingen (OZB) jaarlijks niet te veel toenemen, heeft het rijk met de VNG een bovengrens afgesproken voor de stijging van de OZB. Deze macronorm voor de OZB geeft aan met hoeveel procent landelijk (macro) de OZB-opbrengst jaarlijks mag stijgen.

Tijdens het Bestuurlijk overleg financiële verhoudingen van 28 april 2016 is geconstateerd dat de overschrijding van de macronorm 2016 optreedt doordat de overschrijding uit 2015, die in mindering was gebracht op de norm voor 2016, niet volledig is ingelopen. De overschrijding van 2016 komt daarom in mindering op de macronorm voor 2017. De macronorm 2017 komt hierdoor uit op 1,97%.

Uitbreiding gemeentelijk belastinggebied

In december 2015 zegde de regering toe om voor de zomer van 2016 met voorstellen te komen voor een uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied. De regering heeft de voorstellen inmiddels bekendgemaakt in de vorm van een 'bouwstenenbrief'. Kernpunt bij de hervorming van het gemeentelijk belastinggebied is dat een verschuiving plaatsvindt van de door het Rijk geheven belastingen op arbeid naar de gemeentelijke belastingen; vooralsnog omvat deze verschuiving een bedrag van € 4 miljard.
De gepresenteerde bouwstenen zullen niet meer in deze regeerperiode tot besluitvorming leiden; het is aan een volgend kabinet om te besluiten over de precieze invulling van de hervorming van het gemeentelijk belastinggebied.

Wij volgen deze ontwikkeling op de voet, mede met het oog op de aangekondigde vrijstelling van precariobelasting op ondergrondse kabels en leidingen van nutsbedrijven.

Trendverhoging
De trendverhoging voor 2017 is in Leiden berekend op 1,5% voor de belastingen en de retributies die hieronder worden gespecificeerd.  

Beleid lokale heffingen (tarieven) 

Onroerende-zaakbelastingen
Onroerende-zaakbelastingen worden geheven van eigenaren van onroerende woningen en niet-woningen en van gebruikers van onroerende niet-woningen. De eigenaar/gebruiker op 1 januari van enig jaar is belastingplichtig voor het gehele jaar. Grondslag is de waarde van de onroerende zaak die is vastgesteld met een WOZ-beschikking. Voor het belastingjaar 2017 geldt de waarde van de onroerende zaak per 1 januari 2016.

Zoals verwoord in het Beleidsakkoord 2014-2018 wordt de OZB voor woningeigenaren verlaagd met 1,5% per jaar. De trendmatige verhoging in de tarieven van de onroerende-zaakbelastingen wordt niet doorgevoerd op woningen. De tarieven voor niet-woningen worden in beginsel verhoogd met de trend van 1,5%. Na bepaling van de nieuwe WOZ-waarden zullen alle tarieven aan die nieuwe waarden worden bijgesteld.

Afvalstoffenheffing
De afvalstoffenheffing is een heffing ter bestrijding van kosten van beheer van huishoudelijke afvalstoffen. De heffing komt ten laste van gebruikers van percelen waarvoor de gemeente een inzamelverplichting voor huishoudelijk afval heeft. De heffing is afhankelijk van de omvang van het betreffende huishouden. Er worden drie tarieven gehanteerd, namelijk voor een-, twee- en drie- of meerpersoonshuishoudens.

In het Beleidsakkoord 2014-2018 is opgenomen dat de afvalstoffenheffing uitsluitend trendmatig verhoogd wordt. Wijzigingen in aantal te belasten huishoudens, oninbaarheid, dan wel kwijtscheldingen hebben hierdoor geen invloed meer op de hoogte van de tarieven, maar op de begrote opbrengst, dan wel de verwachte kosten van kwijtscheldingen.

Voor de afvalstoffenheffing geldt dat de geraamde baten de geraamde lasten niet mogen overstijgen. Met de geraamde opbrengst voor 2017 zal de kostendekkendheid op circa 87% liggen.

Rioolheffing
Rioolheffing wordt geheven van gebruikers van percelen van waaruit water direct of indirect wordt afgevoerd op de gemeentelijke riolering. Bij woningen is het tarief afhankelijk van de omvang van het huishouden. Er zijn drie tarieven, namelijk voor een een-, twee- en drie- of meerpersoonshuishoudens. Bij niet-woningen is het tarief afhankelijk van het waterverbruik met een vast bedrag voor gebruik van maximaal 250 m3.

In het Beleidsakkoord 2014-2018 is opgenomen dat de rioolheffing uitsluitend trendmatig verhoogd wordt. Net als bij de afvalstoffenheffing hebben wijzigingen in aantallen huishoudens en oninbaarheid dan invloed op de hoogte van de begrote opbrengst en niet meer op de tarieven.

Voor de rioolheffing geldt dat de geraamde baten de geraamde lasten niet mogen overstijgen. Met de geraamde opbrengst voor 2017 zal de kostendekkendheid op circa 70% liggen.

Parkeerbelasting
Parkeerbelastingen wordt geheven voor het parkeren van een voertuig op een aangewezen plaats en tijdstip of voor verleende parkeervergunningen. Met de heffing van parkeerbelastingen worden algemene inkomsten verkregen. Zie voor een toelichting op de ontwikkeling parkeerbelastingen de tekst bij het programma Beleidsterrein 4D Parkeren.

Toeristenbelasting
Voor overnachtingen in hotels, pensions of andere vakantieonderkomens binnen de gemeente Leiden wordt van niet-ingezetenen toeristenbelasting geheven. De belasting wordt geheven van degene die de gelegenheid tot overnachting biedt (de hotelier, pensionhouder, e.d.); deze mag de belasting doorberekenen aan degene die overnacht. In overleg met de belastingplichtigen wordt de toeristenbelasting niet jaarlijks met de trend verhoogd. Dit in verband met de door hen te maken aanpassingen. De trendverhoging wordt daarom cumulatief eens in de drie jaar toegepast. De trendverhoging heeft voor het laatst per 2016 plaatsgevonden en geldt voor de jaren 2016, 2017 en 2018.

Het tarief 2017 bedraagt € 2,50 per persoon per nacht. Voor campingovernachtingen geldt een verlaagd tarief van € 0,55.

Precariobelasting
Precariobelasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. De belasting is verschuldigd door degene die de voorwerpen daar heeft of ten behoeve van wie ze daar zijn. Met de heffing van precariobelasting worden algemene inkomsten verkregen. Voor 2017 worden de tarieven verhoogd met de trend van 1,5%. De aanslagen worden achteraf opgelegd. De aanslagen over 2016 worden dus in 2017 opgelegd.

Opbrengsten

Voor 2017 raamt de gemeente Leiden aan te ontvangen lokale heffingen de volgende bedragen:

Soort

Begroting 2017

Begroting 2016

Afvalstoffenheffing

11.357

11.133

OZB-eigenaren

33.834

34.135

OZB-gebruikers

12.471

12.620

Parkeerbelastingen

12.958

11.406

Precariobelasting

8.250

8.250

Rioolheffing

6.129

6.008

Toeristenbelasting

761

600

Totaal

85.760

84.512

Kwijtschelding

1.282

1.282

Bedragen * € 1.000

Kostendekking lokale heffingen

Omdat de overhead met ingang van 2017 niet langer wordt doorgerekend aan de programma’s heeft de wetgever bepaald dat in de paragraaf lokale heffingen volgens een voorgeschreven model inzicht wordt gegeven in de mate van kostendekkendheid van de heffingen. Die kostendekkendheid moet buiten de boekhouding om worden berekend. Voor de toerekening van de overhead zijn daartoe twee verdeelsleutels toegestaan, te weten de loonkosten per taakveld of de omvang per taakveld. Beide sleutels mogen worden toegepast, maar is éénmaal een keuze gemaakt, dan moet die sleutel ook consequent worden gehanteerd. Deze sleutels moeten in de financiële verordening door de Raad worden bevestigd. Op basis van de opgestelde berekening kiezen wij ervoor om standaard te kiezen voor de verdeelsleutel van de loonsom per taakveld. Loonkosten bepalen in de meeste gevallen immers een groot deel van het tarief. Die sleutel ligt dan ook het meest voor de hand en de uitkomsten laten ook zien dat via deze sleutel verhoudingsgewijs een hoger deel van de overhead mag worden toegerekend aan de betreffende exploitatie resp. in het tarief mag worden betrokken.

Berekening kostendekkendheid van de rioolheffing

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

6.175.575

Kwijtschelding

438.990

Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen

-7.362 

Netto kosten taakveld

6.607.203

Toe te rekenen kosten:

Overhead

767.000

Rente

1.006.550

BTW

336.000

Totale kosten

8.716.753

Opbrengst heffingen

6.129.244

Dekking

70%

Berekening kostendekkendheid afvalstoffenheffing 

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

12.901.283

Kwijtschelding

837.533

Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen

-2.993.600 

Netto kosten taakveld

10.745.216

Toe te rekenen kosten:

Overhead incl. (omslag)rente

1.187.945

Rente

156.063

BTW

966.000

Totale kosten

13.055.224

Opbrengst heffingen

11.357.771

Dekking

87%

Berekening kostendekkendheid marktgelden

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

134.847

Inkomsten taakveld(en), excl. heffingen

Netto kosten taakveld

134.847

Toe te rekenen kosten:

Overhead incl. (omslag)rente

269.348

BTW

29.639

Totale kosten

433.834

Opbrengst heffingen

431.055

Dekking

99%

Berekening kostendekkendheid van de leges 

Titel 1 Burgerzaken leges

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

2.192.219

Overhead

1.495.368

BCF - BTW

12.600 

Totaal lasten

3.700.187

Legesopbrengsten

2.335.333

Titel 2 Bouw leges (wabo)

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

3.820.967

Overhead

2.560.446

BCF - BTW

57.580 

Totaal lasten

6.438.993

Baten

3.675.602

 

Titel 3 Overige leges (evenementen en horeca)

Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente

216.023

Overhead

16.781

BCF - BTW

4.127

Totaal lasten

236.931

Baten

76.572

Kostendekkendheid

Titel 1

63%

Titel 2

57%

Titel 3

32%

Lokale lastendruk

Onderstaand is de lokale lastendruk in de jaren 2016 en 2017 aangegeven. De lasten zijn weergegeven voor een huurwoning en een koopwoning en onderscheiden in de verschillende huishoudengrootten waarvoor Leiden verschillende tarieven kent. Het betreft de tarieven voor eenpersoonshuishoudens (1 PH); voor tweepersoonshuishoudens (2 PH) en voor drie- of meerpersoonshuishoudens (3 PH).

Bij een huurwoning bestaan de lasten uit afvalstoffenheffing en rioolheffing. Bij een koopwoning bestaan de lasten uit, naast de genoemde gebruikerslasten, ook uit de door eigenaren verschuldigde onroerende-zaakbelastingen.

Uitgangspunten zijn een woning met een gemiddelde WOZ-waarde en de naar verwachting door een huishouden verschuldigde afvalstoffenheffing en rioolheffing. De gemiddelde WOZ-waarde van een woning in Leiden was voor het belastingjaar 2016 circa € 205.000 (herleid uit Coelo, Kerngegevens belastingen grote gemeenten 2016). In het belastingjaar 2017 zullen weer nieuwe WOZ-waarden (naar prijspeil 2016) gelden.

 

2017

1 PH

2016

1 PH

2017

2 PH

2016

2 PH

2017

3 PH

2016

3 PH

Huurwoning

 

 

 

 

 

 

Afvalstoffenheffing

148

147

214

212

279

276

Rioolheffing

67

66

95

94

124

123

Totaal

215

213

306

306

403

399

Koopwoning

 

 

 

 

 

 

Onroerende-zaakbelasting

347

351

347

351

347

351

Afvalstoffenheffing

148

147

214

212

279

276

Rioolheffing

67

66

95

94

124

122

Totaal

562

564

656

657

750

750

Vergelijking lastendruk met omliggende gemeenten over jaar 2016

In de tabel hieronder staan, op alfabetische volgorde, de woonlasten 2016 weergegeven van de aan Leiden grenzende gemeenten. De cijfers zijn overgenomen uit de Atlas lokale lasten 2016 van het Coelo. Daarin staan de lasten voor eenpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishoudens in koopwoningen. Voor Leiden wordt voor de woonlasten van meerpersoonshuishoudens het tarief voor 3- of meerpersoonshuishoudens gehanteerd.  

Gemeente

Woonlasten eenpersoonshuishoudens

Woonlasten meerpersoonshuishoudens

Katwijk

588

681

Leiden

565

751

Leiderdorp

680

861

Leidschendam-Voorburg

631

693

Oegstgeest

785

895

Teylingen

605

674

Voorschoten

921

989

Wassenaar

987

1.206

Zoeterwoude

744

837

Vergelijking lastendruk met gemeenten met vergelijkbare aantal inwoners over het jaar 2016
In de tabel hierna staan de woonlasten 2016 weergegeven van de qua inwoneraantal met Leiden vergelijkbare gemeenten. De cijfers van de woonlasten zijn overgenomen uit de Atlas lokale lasten 2016 van het Coelo. De inwoneraantallen komen uit een rapport van het CBS uit 2015. Leiden heeft in dat jaar 121.562 inwoners. Opgenomen zijn de woonlasten van de gemeenten die volgens het genoemde rapport 10% meer of minder inwoners hadden dan gemeente Leiden. 

Gemeente

Inwoneraantal

Woonlasten eenpersoonshuishoudens

Woonlasten meerpersoonshuishoudens

Ede

111.575

646

693

Dordrecht

118.899

644

644

Leiden

121.562

565

751

Maastricht

122.397

694

729

Zoetermeer

124.025

681

723

Zwolle

123.861

585

638

Kwijtscheldingsbeleid

Voor de volgende heffingen kan om kwijtschelding worden verzocht:

  • Onroerende-zaakbelastingen;
  • Afvalstoffenheffing;
  • Rioolheffing;
  • Precariobelasting voor woonboten als de aanslag wordt opgelegd aan een belastingplichtige die de woonboot als permanente woning gebruikt;
  • Binnenhavengeld voor woonboten als de belastingplichtige de woonboot als permanente woning gebruikt.  

Of iemand in aanmerking komt voor kwijtschelding wordt getoetst aan de betalingscapaciteit en de hoogte van het vermogen van een belastingschuldige. Hier zijn normeringen voor. Minimaal 80% van de betalingscapaciteit dient te worden aangewend ter voldoening van belastingschulden. De betalingscapaciteit wordt berekend door het netto besteedbaar inkomen te verminderen met de genormeerde kosten van bestaan. Deze genormeerde kosten van bestaan betreffen een percentage van de uitkering die de belastingschuldige naar de normen van de bijstandsregelgeving zou kunnen krijgen. De gemeente Leiden kent in het kader van het kwijtscheldingsbeleid een 100%-norm. Dit is het maximaal toegestane percentage.