Ga naar boven

Programmakosten

Economie
bedragen x € 1.000,-

Rekening
2015

Begroting
2016

Begroting
2017

Meerjarenraming

2018

2019

2020

Ruimte om te ondernemen

Lasten

1.467

1.173

546

562

565

565

Baten

-436

-448

-455

-455

-455

-455

Saldo

1.031

725

91

107

110

110

Faciliteren/Stimuleren van ondernemen

Lasten

3.868

5.999

2.272

2.016

1.614

1.436

Baten

5

0

0

0

0

0

Saldo

3.873

5.999

2.272

2.016

1.614

1.436

Marketing en promotie

Lasten

2.611

4.005

2.491

2.499

1.991

1.775

Baten

-802

-750

-761

-761

-761

-761

Saldo

1.808

3.255

1.729

1.738

1.230

1.014

Programma

Lasten

7.945

11.177

5.309

5.077

4.170

3.776

Baten

-1.233

-1.198

-1.216

-1.216

-1.216

-1.216

Saldo van baten en lasten

6.712

9.978

4.093

3.861

2.954

2.560

Reserves

Toevoeging

6.733

2.229

641

641

141

141

Onttrekking

-912

-4.844

-641

-751

-141

0

Mutaties reserves

5.821

-2.615

0

-110

0

141

Resultaat

12.533

7.364

4.093

3.751

2.954

2.701

Budgettaire ontwikkelingen

Wijziging financiële regelgeving (BBV)
Door wijziging van de financiële regelgeving (BBV) mogen kosten die voorheen indirect aan een programma werden toegerekend (de overheadkosten), niet meer aan dat programma doorberekend worden. Door de eliminatie van deze kostencomponent uit het programma ontstaat er een verschil ten opzichte van het oude meerjarenbeeld. De indirecte kosten worden voortaan ondergebracht in 3.1.12 Overhead, Vpb en onvoorzien.
De BBV-wijziging heeft ook invloed op de tot eind 2016 gehanteerde systematiek van de interne rentedoorberekening. Door de wijziging moet de omslagrente worden verlaagd, rekenen we niet langer rente toe aan het eigen vermogen, en schrijven we in beginsel geen rente bij op de reserves. Het resultaat is dat de kapitaallasten binnen het programma aanzienlijk lager zijn dan in het oude meerjarenbeeld.

Beleidsterrein 3A Ruimte om te ondernemen­
De verlaging van het saldo met € 633.500 wordt grotendeels veroorzaakt door twee wijzigingen. Allereerst de (budgettair neutrale) wijziging m.b.t. het budget voor de uitvoering van de Economische Agenda. Voorheen was hiervoor ieder jaar +/- € 0,7 miljoen beschikbaar, gedekt vanuit de reserve Parkeren. Tijdens de 1e Bestuursrapportage 2016 is echter besloten om voor de periode 2017-2018 de volledige dekking in 2016 vanuit de Reserve Parkeren te storten in de Reserve Economische Impulsen en Kennisstad. De € 400.000 die voor het uitvoeren van de Economische Agenda in 2016 geraamd stond (650.000 min 250.000, die in de reserve Economische Impulsen en Kennisstad is gestort voor een voorziening voor Innovation Quarter) is daarom niet meer zichtbaar binnen de exploitatiebudgetten vanaf 2017, met als gevolg een daling in lasten van € 4 ton. Daarnaast laat de doorrekening in de kostenverdeelstaat voor doorbelasting overhead een verlaging van bijna € 2 ton zien.

Beleidsterrein 3B Faciliteren / stimuleren van ondernemen ­
De verlaging van het saldo met € 3,7 miljoen heeft een aantal oorzaken. Allereerst is tijdens de jaarrekening 2015 (RB 16.0065) een totaal van € 2,5 miljoen aan incidenteel budget overgeheveld van 2015 naar 2016, waardoor in 2017 een daling optreedt ten opzichte van 2016. Het bestemmingsvoorstel m.b.t de overheveling van de eenmalige subsidie van € 1,5 miljoen aan het LCIO voor het opstarten van een huisvestingslocatie voor startende ondernemers heeft hierin de grootste omvang. Verder betreft het budgetoverhevelingen m.b.t het versterken van het accountmanagement (€ 44.321), van exploitatiebijdragen aan investeringen op krediet Leeuwenhoekpark (€ 730.000), voor (onderzoek) Kennissteden (€ 90.839), voor subsidiebudget Kennisstad (€ 89.810) en tot slot voor de cofinanciering van kennisinitiatieven (€ 50.000).

In 2016 is een risicoreservering opgenomen voor het Proof of Concept fonds van € 500.000; deze wordt toegevoegd aan de hiervoor bestemde voorziening en is vanaf 2017 dus niet meer zichtbaar binnen de exploitatie. 
In de 1e Bestuursrapportage 2016 is eenmalig € 500.000 beschikbaar gesteld voor cofinanciering van het Leiden Regenerative Medicine Platform. In een separaat raadsvoorstel hierover heeft het college echter voorgesteld dit bedrag te verdelen over de komende jaren (€ 1 ton per jaar, van 2016-2020).
Vanaf 2017 wordt de taakstelling Kennisintensieve Bedrijvigheid ingezet van € 100.000, met ook een verlaging als gevolg.
De doorrekening in de kostenverdeelstaat voor doorbelasting overhead laat een verlaging van bijna € 275.000 zien.
Middels de Kaderbrief is tot slot een ophoging van de externe plankosten aangevraagd; € 98.000 in 2016 en € 326.000 in 2017.

Beleidsterrein 3C Marketing en Promotie­
De verlaging van het saldo met € 1,5 miljoen wordt voornamelijk veroorzaakt door (wijzigingen in) exploitatiebijdragen aan investeringen met een totaal van € 1,1 miljoen. Zo is op deze post bijna € 1,3 miljoen aan incidenteel budget overgeheveld van 2015 naar 2016 (zowel tijdens de 2e Bestuursrapportage 2015 als de Jaarrekening 2015) waardoor in 2017 een daling optreedt. Dit bedrag bestaat allereerst uit budgetoverhevelingen met een totaal van € 756.923 aan investeringskredieten met dekking door bijdragen van reserves. Daarnaast is € 592.280 overgeheveld naar 2016 voor het uitvoeringsprogramma Binnenstad. Aan deze € 1,3 miljoen is vervolgens weer ruim € 200.000 onttrokken waarvan € 160.000 t.b.v. de uitvoering herinrichting Haarlemmerstraat (RB 16.0019).
De doorrekening in de kostenverdeelstaat voor doorbelasting overhead laat tot slot een verlaging van ruim € 300.000 zien.

Reserves

Reserves programma 3
bedragen x € 1.000,-

Rekening
2015

Begroting
2016

Begroting 2017

Begroting 2018

Begroting 2019

Begroting 2020

Reserve Cofinancieringfonds Kennisstad

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

Onttrekking

-160

-50

0

0

0

0

Saldo

-160

-50

0

0

0

0

Reserve programma Binnenstad P3

Toevoeging

1.483

641

641

641

141

141

Onttrekking

-752

-2.066

-641

-751

-141

0

Saldo

731

-1.425

0

-110

0

141

Reserve economische impulsen Kennisstad

Toevoeging

5.250

1.588

0

0

0

0

Onttrekking

0

-2.000

0

0

0

0

Saldo

5.250

-412

0

0

0

0

Vereveningsreserve grondexploitatie P3

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

Onttrekking

0

-570

0

0

0

0

Saldo

0

-570

0

0

0

0

Reserve risico's bijzondere projecten P3

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

Onttrekking

0

-158

0

0

0

0

Saldo

0

-158

0

0

0

0

Reserves programma 3

5.821

-2.615

0

-110

0

141

Reserves
Onderstaand worden de grootste toevoegingen in en onttrekkingen uit de reserves toegelicht.

Reserve programma Binnenstad P3
De relatief hoge onttrekking in 2016 wordt grotendeels veroorzaakt door incidentele budgetten die in de jaarrekening 2015 zijn overgeheveld naar de exploitatie en worden ingezet als exploitatiebijdragen aan investeringen, te weten  € 756.923 en € 592.280, die al eerder werden toegelicht onder beleidsterrein ‘marketing en promotie’. Daarnaast is € 168.000 teruggestort in de reserve Bedrijfsvoering plankosten i.h.k.v. de herinrichting Haarlemmerstraat (RB 16.0019). Tot slot zijn in de 1e Bestuursrapportage 2016 bijdragen beschikbaar gesteld die gedekt worden uit de reserve; € 17.500 t.b.v. Modellenboek Gevelreclame en € 50.000 voor het realiseren van banieren in de binnenstad.  

Reserve economische impulsen en kennisstad
De toevoeging van bijna € 1,6 miljoen wordt veroorzaakt door het storten van de volledige dekking voor de Economische Agenda van € 1.337.500 in deze reserve (1e bestuursrapportage 2016) en het storten van € 2,5 ton voor het opnemen van een voorziening voor Innovation Quarter (PoC-fonds).  Zie ook de toelichting onder beleidsterrein ‘ruimte om te ondernemen’.

De hoge onttrekking wordt veroorzaakt door de subsidie van € 1,5 miljoen aan het LCIO.

Nog niet geraamd zijn de bijdragen voor de onderwerpen Nieuwe kansen voor het beroepsonderwijs, het bijdragen aan de verdere ontwikkeling van een eigentijdse bibliotheek c.q. kenniscentrum, de vernieuwing rondom de Geesteswetenschappencampus en de uitvoering van de Economische Agenda (waaronder een bijdrage aan het programmabureau E071, Expat Centre en het Centrum voor Vitaliteit).

Op dit moment is de voorbereiding van de eerste drie benoemde projecten in volle gang, waarbij het al dan niet kunnen cofinancieren een belangrijk criterium is. In 2017 is nog geen onttrekking begroot, maar investeringsvoorstellen zullen naar verwachting in de loop van 2017 aan de gemeenteraad ter besluitvorming worden voorgelegd

Vereveningsreserve grondexploitatie P3
De onttrekking van € 570.000 is in de jaarrekening 2015 overgeheveld naar de exploitatie en wordt ingezet als exploitatiebijdrage aan de investering voor het Leeuwenhoekpark.  

Reserve risico’s bijzondere projecten P3
De onttrekking van € 158.000 is in de jaarrekening 2015 overgeheveld naar de exploitatie en wordt ingezet als exploitatiebijdrage aan de investering voor het Leeuwenhoekpark.  

Een nadere toelichting op alle reserves binnen dit programma is te vinden in paragraaf 5.2.3 Toelichting reserves programma 3.

Investeringen

 

Omschrijving prestatie
Bedragen x € 1.000

Omschrijving investering

Categorie investering

Soort investering

Bijdrage derden/ reserves

 2017 

 2018 

 2019 

 2020 

03C103

Programmasturing Binnenstad

Programma binnenstad 2017-2018

Maatsch

Nieuw

1.282

641

641

-

-

Totaal Programma 3

1.282

641

641

-

-

In bovenstaandoverzicht staan de investeringen zoals opgenomen in het investeringsplan 2017-2020. In paragraaf 4.2.2 Investeringen wordt de ontwikkeling van de kapitaallasten toegelicht en staat een overzicht met te voteren kredieten.

Subsidies

Lege alinea­

subsidiestaat 2016

subsidiestaat 2017

Subsidie saldo

1.519.776

1.518.329

Het volledige subsidie-overzicht is opgenomen in paragraaf 3.2.8 subsidies.