Programmabegroting 2023

Jeugd en onderwijs

Programmanummer

 

7

Commissie

 

Onderwijs en Samenleving

Portefeuille(s)

 

Kansengelijkheid, Jeugd & Onderwijs

De missie van het programma Jeugd en onderwijs luidt:
In Leiden groeien kinderen en jongeren gezond en veilig op in een stimulerend stadsklimaat, zodat zij zich volledig kunnen ontwikkelen en volwaardig aan de samenleving kunnen deelnemen.

Inleiding

Leiden is een sociale stad waarin iedereen meedoet en meetelt. We willen dat alle kinderen en jongeren gelijke kansen krijgen, gezond en veilig opgroeien en zichzelf zo goed mogelijk kunnen ontplooien en ontwikkelen. Hiermee sluiten we aan op de expliciete aandacht voor kansengelijkheid in het beleidsakkoord ‘Samen leven in Leiden 2022-2026’.
Dit gebeurt in een zo veilig en stimulerend mogelijke omgeving, in de stad, wijk, thuis en op school. De manier waarop kinderen zich ontwikkelen en de kansen die ze daarbij krijgen wordt voor een deel mede bepaald door de situatie op andere leefgebieden, zoals het hebben van een passende woning, voldoende inkomen in een gezin, een stabiele en gezonde thuissituatie en geen schulden. We werken daarom integraal aan kansengelijkheid via de Gelijke Kansen Aanpak die we de komende jaren ontwikkelen. Meer over bestaanszekerheid (voldoende inkomen) staat in Programma 10, meer over wonen voor kwetsbare groepen en gezondheid in Programma 9. In Programma 8C Sport staat meer over sport en gezondheid.

Gelijke Kansen Aanpak
In Leiden vinden we dat ieder kind zich volledig moet kunnen ontplooien. In 2023 werken we daarom aan de ontwikkeling van de integrale Gelijke Kansen Aanpak. Dit doen we onder meer met het onderwijs via de Leidse Educatieve Agenda (LEA) waarin gelijke kansen een speerpunt is. Mogelijke onderdelen van deze aanpak zijn al lopende en veelal innovatieve activiteiten zoals project Gezonde Kansrijke Start, het onderwijskansenbeleid voor de kinderen van 2-12 jaar, de Gelijke Kansen Alliantie Agenda, de inzet op de overgang van primair naar voortgezet onderwijs en het betrekken van ouders en leerlingen bij de schoolcarrière.
In de Gelijke Kansen Aanpak omarmen we ook het concept van de rijke leerdag. Deze rijke leerdag bestaat uit veel afwisselende activiteiten die aansluiten op het ‘gewone’ onderwijs. Het geeft kinderen een extra impuls in de ontwikkeling van hun eigen talenten. Er zijn activiteiten zowel tijdens schooltijd (rijke schooldag) als na schooltijd. Het is een ‘rijke’ leerdag omdat er vele verschillende activiteiten mogelijk zijn, bijvoorbeeld op het gebied van sport, cultuur, sociale en persoonlijke ontwikkeling en wereldoriëntatie. In Leiden hebben we al een aanbod rond scholen (rijke leeromgeving) waarin heel veel verschillende onderwerpen aan bod komen, van sport en cultuur tot techniek en natuur. We streven naar een verbinding tussen thuissituatie, omgeving, (voor)school en kinderopvang.
We bereiden de uitwerking van het concept Integraal Kindcentrum (IKC) voor. Daarin hebben kinderopvang en basisschool een gezamenlijke pedagogische visie hebben waardoor er een doorlopende leerlijn ontstaat.

Vernieuwende aanpakken
We gaan door met wat al loopt. En we intensiveren dit door waar mogelijk vernieuwende aanpakken in te zetten. We maken gebruik van goede voorbeelden in het land, het instrument van de Leidse onderwijsinnovatiesubsidies en samenwerking met onze kennispartners. Dit doen we bijvoorbeeld door met een onderwijsinnovatiesubsidie een gezinsconsulent bij de scholen in Het Gebouw in te zetten en door de samenwerking tussen SOL en de scholen te intensiveren. Via Gezonde Kansrijke Start krijgt de jeugdgezondheidszorg (JGZ) al vanaf -9 maanden een regierol om kwetsbare (aanstaande) ouders te ondersteunen. Deze aanpak is vernieuwend omdat er een lokale coalitie is samengesteld met partners uit de geboorteketen (uit zowel het medisch, als het sociaal domein) om samen te werken aan een Gezonde Kansrijke Start in Leiden.

Uitvoering Visie Sociaal Domein
Programma 7 maakt deel uit van het sociaal domein, net als de programma’s 8C, 9 en 10. Dat betekent dat we de Visie Sociaal Domein uitvoeren. We ordenen onze activiteiten in het sociaal domein in de drie niveaus uit de visie: stadsklimaat, collectief niveau en individueel niveau.
Ook in 2023 willen we de goede basisinfrastructuur (stadsklimaat) voor alle kinderen en jongeren behouden, via goede jeugdgezondheidszorg, goed onderwijs en mogelijkheden voor kinderen en jongeren om zelf mede vorm te aan hun leefomgeving (jeugdparticipatie).
Collectief zijn die activiteiten die voor een specifieke groep zijn. Voorbeeld hiervan is het project Gezonde Kansrijke Start Leiden waarin we jonge (aanstaande) ouders in kwetsbare posities extra ondersteuning bieden om hun jonge kindje een kansrijke start te bieden. Het onderwijskansenbeleid is gericht op die groep kinderen met een hoger risico op onderwijsachterstanden. Ook beleid gericht op voortijdig schoolverlaten en de jeugdteams zijn voorbeelden van activiteiten op het collectieve niveau.
Op het individuele niveau bieden we hulp en ondersteuning, zoals via specialistische jeugdhulp en
passend onderwijs en het Preventie Interventie Team (PIT aanpak). Hierbij hebben we extra aandacht voor jongvolwassenen in een kwetsbare situatie (groep 16-27 jaar). We zorgen ervoor dat we tijdig starten met het maken van een toekomstperspectiefplan om de continuïteit van zorg te waarborgen. Ook vanuit de specialistische jeugdhulp wordt al ingezet op preventie, ter voorkoming van uit huisplaatsing. Zo zijn er interventies en producten ontwikkeld waarbij het hele gezin onder de loep wordt genomen.

Kennisstad
Vanuit Leiden Kennisstad willen we bij de opgaven voor jeugd en onderwijs steeds de samenwerking met onze kennispartners opzoeken en versterken. Zo benutten we de meerwaarde van deze instellingen voor onze stad en haar inwoners optimaal. Kennis draagt ook bij aan een rijke leeromgeving.

Impact corona
Scholen, kinderen en jongeren, hebben veel nadelen ondervonden van de schoolsluitingen. Kinderen hebben meer en/of grotere leerachterstanden en ze voelen zich minder goed (verminderd welbevinden). Met middelen van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) ondersteunen we kinderen en jongeren in hun ontwikkeling in en rond school en zetten we in op het verkleinen van de achterstanden, die zijn ontstaan door corona-maatregelen. De Leidse scholen hebben een eigen NPO-programma vormgegeven en de gemeente sluit hier met aanvullende activiteiten op aan. De middelen voor het NPO, onderdeel van het Programma Social Impact, kunnen tot schooljaar 2024/2025 worden ingezet.

Speelruimtebeleid
In Leiden stimuleren we onverminderd dat kinderen buiten (kunnen) spelen. Aan de hand van de Leidse Beweegsleutels richten we de stad beweegvriendelijk, maar vooral ook speelvriendelijk in. Een van de beweegsleutels is de speelruimterichtlijn, waarbij bij ontwikkeling van de openbare ruimte minimaal 10% van de ruimte voor spelen gebruikt moet kunnen worden. Bijzondere aandacht gaat ook uit naar inclusiviteit. Alle kinderen kunnen in Leiden dichtbij huis samen buiten spelen, in een van de speeltuinen, op een speelplek in de buurt, op een veldje, een pleintje of op de stoep. Dat doen we op basis van het Beheerplan Spelen en het Uitvoeringsplan Spelen. In 2022 heeft Leiden de Jantje Betonprijs voor de meest speelvriendelijke gemeente gekregen. In 2023 vindt de uitreiking van deze prijs daarom in Leiden plaats. We dragen dan het stokje van de ‘meest speelvriendelijke gemeente van Nederland’ over aan een andere gemeente.

Speerpunten 2023
1. We werken de jongerenparticipatie, het welzijn en de ondersteuning van leerlingen op het voortgezet onderwijs (VO) en de studenten (MBO, HBO, WO) in de stad, verder uit. Jongeren zijn een belangrijk onderdeel van onze maatschappij. Het is belangrijk hen te betrekken bij het vormen van beleid.
2. Leiden is en blijft een speelvriendelijke stad. We zorgen ervoor dat kinderen dichtbij huis kunnen buitenspelen, ook bij nieuwe ontwikkelingen in de stad. We stimuleren dat de 14 speeltuinen in Leiden nog meer gaan bruisen en geven bijzondere aandacht aan inclusief spelen.
3. We blijven op integrale wijze werken aan een goede (gebiedsgerichte) ondersteuning en hulp aan kinderen en hun ouders, waarbij we inspelen op landelijke en lokale ontwikkelingen.
4. We versterken de samenwerking tussen Jeugdteams, JGZ, onderwijs en Regionaal Bureau Leerplicht (RBL) door middel van integraal arrangeren om steeds betere hulp en ondersteuning aan kinderen te kunnen bieden.
5. De inzet van Praktijkondersteuners Jeugd bij de huisartsen, wordt verder uitgerold over de wijken
6. We implementeren een Experttafel voor behandeling van de meest complexe casuïstiek in de vraag naar specialistische jeugdhulp, waardoor aanbieders zelf een passende oplossing kunnen bieden.
7. Met een overkoepelende aanpak met de andere gemeenten in de regio, pakken we het probleem van de wachtlijsten in de specialistische jeugdhulp op.
8. We maken gebruik van de PIT-aanpak om via school kinderen en jongeren die risicovol gedrag laten zien gerichte aandacht te geven. Met ervaringen uit het Europese project 'It Takes a Village to Raise A Child' versterken we 'wrap-aroundcare' en bedden we PIT in in het Leidse netwerk van hulp en ondersteuning. Wrap-aroundcare is een werkwijze die handvatten biedt voor het organiseren van geïntegreerde zorg voor gezinnen met als focus het vergroten van het oplossend vermogen en de zelfredzaamheid van het gezin en de kracht van hun sociale netwerk.
9. Ontwikkeling Gelijke Kansen Aanpak, inclusief vernieuwing LEA.
10. Uitvoering Programma Social Impact en hiermee ook het Nationaal Programma Onderwijs. We doen dit integraal, in samenspraak met het onderwijs, kinderen, jongeren, en jongvolwassenen zelf, JGZ, jeugdhulp en -preventie, de Sterke Sociale Basis partners en onze maatschappelijke partners.
12. We continueren het initiatief Stagepact071, omdat we het belangrijk vinden dat alle jongeren toegang hebben tot voldoende stagemogelijkheden.
13. We zetten in 2023 in op het verder ontwikkelen van een regionaal nieuwkomersonderwijsbeleid, samen met het onderwijs, zoals aangegeven in het uitvoeringsplan Internationalisering, om zo een beter onderwijsaanbod voor de diverse groep internationale leerlingen te organiseren.
14. We versterken de samenwerking met onze kennispartners in onze opgaven voor het jeugd- en
onderwijsdomein.
15. Wat betreft onderwijshuisvesting verwachten we in 2023 een start te maken met het Programmaplan Onderwijshuisvesting. Onderdeel van dit programmaplan is het Integraal Huisvestingsplan 2024-2040 (IHP). Dit IHP leggen we in 2023 aan de raad voor.

Beleidsterrein 7A Jeugd

Doelen en prestaties bij 7A Jeugd

Doel

Prestatie

7A1 Een krachtige pedagogische samenleving

7A1.1 Betrekken van de jeugd via jeugdparticipatie

7A1.2 Waarborgen kwaliteit (openbare) speelruimte

7A1.3 Ondersteunen spelbevordering

7A2 Goede (gebiedsgerichte) ondersteuning en hulp aan jeugd en gezin

7A2.1 Vanuit het CJG uitvoeren Wet Publieke Gezondheid

7A2.2 Vanuit het CJG organiseren van informatie, advies en opvoedingsondersteuning

7A2.3 Vanuit het CJG organiseren van jeugdhulp door middel van jeugdteams

7A3 Goede specialistische hulp beschikbaar

7A3.1 Het organiseren van specialistische hulp

7A1 Een krachtige en pedagogische samenleving

Jeugdparticipatie
Jongeren zijn een belangrijk onderdeel van onze maatschappij. Het is belangrijk hen te betrekken bij het vormen van beleid. Dit levert waardevolle inbreng op voor innovatieve en duurzame oplossingen en het draagt bij aan burgerschapsontwikkeling van jongeren zelf. SOL geeft jeugdparticipatie vorm binnen de Sterke Sociale Basis (SSB). Dit gebeurt onder andere door een stedelijke jeugdraad die gevraagd en ongevraagd adviseert. De organisatie STAD ondersteunt met een gemeentelijke subsidie eigen initiatieven van jongeren.
Jeugdparticipatie is ook onderdeel van het Programma Social Impact. Als organisatie zetten we in 2023 ook in op een meer bij de jongeren passende communicatie om zo het bereik te vergroten en hen eerder te betrekken. Ook in 2023 zal de gemeente studentambtenaren inzetten om een brug te slaan tussen studenten (inclusief MBO) en de gemeente. We rollen het met hen opgestelde actieplan in 2023 verder uit.

Spelen
Aan de hand van het Beheerplan Spelen 2022-2026 worden in 2023 30 bestaande speelplekken in Leiden opgeknapt en heringericht. Dit doen we samen met de stad.
Met subsidie van Jantje Beton en IVN doen we mee met het project Gezonde Buurt. In de Tuinstadwijk kunnen hierdoor extra in zetten op spelen, groen en ontmoeting. Dit project zal medio 2023 zijn afgerond. Als een van de laatste acties uit het Uitvoeringsplan Spelen (2018-2022) worden in een aantal buurten routes van speelaanleidingen aangelegd. De aanleg van een aantal routes gaat mee in de gebiedsontwikkelingen in Leiden Noord.
De Leidse speeltuinen zijn een levendige plek in de buurt waar kinderen kunnen spelen, waar volwassenen elkaar kunnen ontmoeten en waar in samenwerking met welzijns- en buurtorganisaties activiteiten plaatsvinden. In 2023 stimuleren we dat de speeltuinen nog meer gaan bruisen. Op de landelijke buitenspeeldag spelen we in Leiden samen buiten. Op die dag vinden er in samenwerking met de Leidse speeltuinverenigingen en het welzijnswerk spelactiviteiten plaats om buiten spelen te stimuleren.

7A2 Goede (gebiedsgerichte) ondersteuning en hulp aan jeugd en gezin

Centra voor Jeugd en Gezin
De Centra voor Jeugd en Gezin hebben een centrale rol in het bieden van laagdrempelige hulp en ondersteuning aan gezinnen. Dit doen ze vooral samen met de jeugdgezondheidszorg, jeugdteams, Sociaal wijkteams en de SSB partners.

Gezonde Kansrijke Start
De uitvoering van het actieprogramma Gezonde Kansrijke Start Leiden loopt in 2023 door. De nadruk zal lokaal liggen bij de doorontwikkeling van de regierol van de JGZ als vervolg op het prenataal huisbezoek, de regionale borging van het programma Nu Niet Zwanger en het versterken van de samenwerking tussen de geboortezorgpartners en het sociaal domein. Naar aanleiding van de landelijke vervolgaanpak actieprogramma Kansrijke Start 2022-2023 zal de focus binnen Leiden verder liggen op het versterken van het informele netwerk voor de jonge (aanstaande) ouder en het bestendigen van de lokale en regionale afspraken rondom Gezonde Kansrijke Start.

Jeugdteams Leidse Regio
De Jeugdteams zijn een laagdrempelige voorziening in de wijken w aar ouders en jeugdigen vrij toegankelijke hulp en advies kunnen krijgen. De Jeugdteams werken nauw samen met de Sociale Wijkteams, zodat problematiek bij de ouders ook kan worden opgepakt. De Jeugdteams spelen een belangrijke rol om kinderen sneller en meer als onderdeel van het normale leven te helpen. Een goed gebruik van hulp in de collectieve voorzieningen draagt bij aan de ontwikkeling van het kind maar helpt ook om te normaliseren en de behoefte aan specialistische hulp te verlagen. Als blijkt dat dit soort voorzieningen ontbreekt gaan we in gesprek met partners over oplossingen.

Bij multiproblem gezinnen (ofwel problemen op meerdere gebieden) zetten we met de Jeugdteams in op triage en procesregie. Door de triage aan het begin komt er goed zicht op wat er speelt, niet alleen bij het kind maar ook in het gezin. De procesregisseur schakelt met de hulpverleners uit de specialistische jeugdhulp en ziet erop toe of de doelen uit 1Gezin1Plan worden gehaald, wanneer er kan worden afgeschaald en wanneer er juist moet worden opgeschaald.

Aanpassing titel prestatie 7A2.3
Omdat de Jeugd- en gezinsteams sinds 2022 Jeugdteams heten, wordt de naam van prestatie 7A2.3 aangepast van 'Vanuit het CJG organiserenvan jeudghulp door midel van Jeugd en Gezinsteams' in 'Vanuit het CJG organiseren van jeugdhulp door middel van jeugdteams'.

Praktijkondersteuner Jeugd
De Praktijkondersteuner Jeugd (POJ) bij de huisartsen wordt verder uitgerold over de wijken. De POJ is een belangrijk middel om het aantal verwijzingen door de huisartsen naar specialistische hulp te verminderen en tevens om te kijken wat er verder in het gezin speelt (multi problem, ofwel problemen op meerdere gebieden) dat van invloed is op de hulpvraag. Hierdoor wordt dit eerder gesignaleerd. Omdat de verwijzing naar de POJ via de huisarts verloopt, is het voor ouders laagdrempelig. De praktijkondersteuners zijn onderdeel van de Jeugdteams wat het schakelen tussen beide vergemakkelijkt.
De samenwerking tussen Jeugdteams en scholen gaat versterkt worden. Voor iedere school zal er een vaste contactpersoon zijn in het Jeugdteam.

7A3.1 Het organiseren van specialistische hulp
De vraag naar jeugdhulp blijft groeien, ook in de inkoopregio Holland Rijnland waar Leiden deel van uitmaakt. De effecten van corona hierop voor de middellange en langere termijn zijn nog niet duidelijk. Het blijven bieden van kwalitatief goede jeugdhulp en het in de hand houden van de wachtlijsten vraagt om een andere manier van sturen door gemeenten op aanbieders, enerzijds door een nieuwe manier van inkopen (met bijbehorende nieuwe doelen) en anderzijds door het vergroten van de sturingsmogelijkheden door gemeenten zelf.
Jeugdhulp wordt sinds 2022 in segmenten ingekocht, bijvoorbeeld ‘behandeling met verblijf’, ‘ambulant’, ‘wonen’. Per segment sturen de gemeenten van Holland Rijnland op specifieke inkoopdoelen die passen bij de beleidsuitgangspunten zoals vastgelegd in de regionale visie (‘normaliseren’, ‘kind en gezin centraal’ etc.). Naast het regionaal contractmanagement door de nieuwe Serviceorganisatie Zorg (SOZ), sturen gemeenten steeds meer zelf bij aanbieders op deze beleidsdoelen, zowel op uitvoerend als bestuurlijk niveau. Hiervoor is een nieuwe een nieuwe governancestructuur uitgewerkt en geïmplementeerd. Overkoepelende doelstelling is hierbij is om goede jeugdhulp tijdig beschikbaar te hebben voor de kinderen die dat het hardst nodig hebben.

Regionale Experttafel
De Regionale Experttafel is een samenwerkingsverband tussen verschillende aanbieders en een onafhankelijke voorzitter, gedragswetenschapper, zorgbemiddelaar en ondersteuner. De betrokken aanbieders hebben hun verantwoordelijk voor het oplossen van deze hulpvragen vastgelegd in een bestuurlijk convenant en de gemeenten zorgen dat financiën geen probleem zijn bij het uitvoeren van het aanbod.

Wachtlijsten
Wachtlijsten voor (hoog-)specialistische jeugdhulp blijven helaas een probleem in de regio. Daarom is door de gemeenten een overkoepelende aanpak op dit thema ingezet. Hierbij werken we met aanbieders samen om deze wachtlijsten te verkorten en effectieve interventies te creëren en te organiseren voor jeugdigen die op een wachtlijst staan. Naar aanleiding van de coronapandemie zagen we een toenemende druk op jeugd-GGZ. Hier lag zodoende de primaire focus van dit project. In 2023 wordt de focus verbreed naar andere jeugdhulpvormen.


Dekkend zorglandschap en verbetering financieel stelsel
Verder werken we in 2023 ook samen met de andere gemeenten van Holland Rijnland aan de verbetering van de mate waarin het zorglandschap dekkend en passend is bij de hulpvragen van de jeugdigen uit de regio. Hierbij maken we een analyse van alle hulpvragen die nu niet door het gecontracteerd aanbod kunnen worden opgepakt en bekijken we of dit aanknopingspunten biedt voor de verbetering van de inkoop en contractering.
Tot slot ligt de focus dit jaar op het verbeteren van het financieel stelsel zodat dit beter aansluit bij de dynamiek in vraag en aanbod. Dat betekent dat we bijvoorbeeld eerder kunnen signaleren wanneer het knelt bij de uitvoering van bepaalde jeugdhulpvorm en daarop kunnen inspelen.

Landelijke ontwikkelingen
Belangrijke landelijke ontwikkeling is dat een voorgenomen bezuiniging van 500 miljoen uit het regeerakkoord niet zal worden afgewenteld op de gemeenten. Dit betekent dat extra bezuinigingen niet nodig zijn en dat de gesprekken om te komen tot een hervormingsagenda, waarin onder andere de nadere afbakening van de jeugdhulpplicht voor gemeenten is opgenomen, kunnen worden hervat.
Daarnaast heeft staatssecretaris Van Ooijen in een brief kenbaar gemaakt voornemens te zijn het jeugdhulpstelsel te willen herzien, door bijvoorbeeld bepaalde hoogspecialistische jeugdhulpvormen meer op regionaal niveau te organiseren. Als regio volgen we deze ontwikkelingen op de voet en sorteren we hier, waar mogelijk, op voor.

Aanpassing titel prestatie 7A3.1
De titel van prestatie 7A3.1 wordt aangepast in 'Het organiseren van specialistische jeugdhulp'. Dit klinkt actiever dan de vorige prestatie 'Het doen organiseren van specialistische jeugdhulp'.

Effectindicatoren bij 7A Jeugd

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2023

2024

2025

2026

Doel 7A1 Een krachtige pedagogische samenleving

7A1.a Percentage inwoners dat het eens of helemaal eens is met de stelling dat er in de buitenruimte voldoende gelegenheid is om te sporten, bewegen of spelen voor kinderen / jongeren

63% (2019)

65% (2021)

67%

68%

69%

70%

Stads- en wijkenquête

7A1.b Percentage inwoners dat het eens of helemaal eens is met de stelling dat er in de buitenruimte voldoende gelegenheid is om te sporten, bewegen of spelen voor volwassenen

53% (2019)

52% (2021)

57%

58%

59%

60%

Stads- en wijkenquête

7A1.c Percentage inwoners dat vindt dat in de buurt voldoende speelmogelijkheden voor kinderen zijn*

48% (2019)

49% (2021)

51%

53%

54%

55%

Stads- en wijkenquête

7A1.d Percentage inwoners dat vindt dat de speelmogelijkheden in de buurt veilig zijn

45% (2019)

50% (2021)

49%

50%

51%

52%

Stads- en wijkenquête

7A1.e Percentage inwoners dat vindt dat de speelmogelijkheden in de buurt uitdagend zijn

20% (2019)

20% (2021)

24%

25%

26%

27%

Stads- en wijkenquête

7A1.f Percentage inwoners dat vindt dat er goede voorzieningen voor jongeren zijn

46% (2021)

-

28%

29%

30%

Veiligheidsmonitor**

Doel 7A3 Goede specialistische hulp beschikbaar

7A3.a Percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp

15,2% (2018)

16,1% (2019)

15,9% (2020)

14,0%

14,0%

14,0%

14,0%

CBS
(wsjg - BBV)

7A3.b Percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdbescherming

0,9% (2018)

1,1% (2019)

1,2% (2020)

1,0%

1,0%

1,0%

1,0%

CBS

(wsjg - BBV)

7A3.c Aantal Leidse gezinnen die door vrijwilligers worden ondersteund bij opvoedproblemen

 

45

45

45

45

Jaarraportage HomeStart

7A3.d Percentage jeugdhulptrajecten met verblijf

2,8% (2019)

2,2% (2020)

2,3% (2021)

2,3%

2,2%

2,1%

2,0%

SOZ/Holland RIjnland

7A3.e Aantal jongeren in gesloten jeugdhulp

7 (2019)

4 (2020)

9 (2021)

4

3

2

2

SOZ/Holland Rijnland

7A3.f Gemiddelde trajectduur in dagen

187 (2019)

240 (2020)

269 (2021)

230

210

200

180

SOZ/Holland Rijnland

7A3.g Percentage jeugdigen met hoogspecialistische ambulante jeugd-GGZ van het totaal aantal jeugdigen met jeugdhulp

47% (2019)

50% (2020)

50% (2021)

48%

45%

43%

40%

SOZ/Holand Rijnland

7A3.h Aantal trajecten ingezet bij niet-gecontracteerde aanbieders

44 (2019)

36 (2020)

72 (2021)

50

30

20

10

SOZ/Holland Rijnland

* Per abuis was hier in de Jaarrekening 2019 en daarna een realisatiewaarde van 58% voor 2019 opgenomen. Nu blijkt dat dat 48% had moeten zijn. Op basis daarvan en de realisatiewaarde van 2020 van 49% zijn de streefwaardes ook met 10% naar beneden bijgesteld.
** De Veiligheidsmonitor is in 2021 anders van opzet dan eerdere jaren, waardoor de uitkomsten met voorgaande edities niet goed te vergelijken zijn. Daarom is bij de realisatiewaarden alleen 2021 vermeld.
Algemeen
Ten opzichte van de Programmabegroting 2022 zijn enkele indicatoren niet meer opgenomen en enkele indicatoren toegevoegd. Niet meer opgenomen zijn: 7A3.c Percentage jongeren met jeugdreclassering en 7A3.d Percentage jongeren dat met een delict voor de rechter heeft gestaan. Het gevoerde beleid t.a.v. de specialistische jeugdhulp richt zich niet direct op het terugdringen van deze aantallen (indicatoren).
Nieuw zijn: 7A3.d Percentage jeugdhulptrajecten met verblijf (Eén van de doelstellingen van het beleid t.a.v. de specialistische jeugdhulp is het voorkómen of verkorten van verblijfstrajecten), 7A3.e Aantal jongeren in gesloten jeugdhulp (Ook in de regio Holland Rijnland wordt gestuurd op de afbouw van gesloten jeugdhulpvoorzieningen), 7A3.f Gemiddelde trajectduur in dagen (In het kader van 'normaliseren' zijn de afgelopen periode verschillende interventies ingezet om te zorgen dat jeugdigen op een zo kort mogelijke termijn duurzaam op eigen kracht verder kunnen), 7A3.g Percentage jeugdigen met hoogspecialistische ambulante jeugd-GGZ van het totaal aantal jeugdigen met jeugdhulp (Vanuit het inkoopsegment ‘Ambulant’ wordt vanuit het uitgangspunt ‘de-medicaliseren’ ingezet op passende alternatieven voor hoogspecialistische ggz) en 7A3.h Aantal trajecten ingezet bij niet-gecontracteerde aanbieders.

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Verbonden partijen

De Service-organisatie Zorg Holland Rijnland draagt bij aan het realiseren van een adequaat aanbod van passende en betaalbare jeugdhulp voor kinderen en gezinnen die het echt nodig hebben. Dit gebeurt in opdracht van de deelnemende gemeenten in regio Holland Rijnland. Zie voor meer informatie de Paragraaf Verbonden Partijen.

Service-organisatie Zorg Holland Rijnland (SOZ) (nieuw)

Motieven en doelen deelname GR

De Serviceorganisatie Zorg Holland Rijnland (een gemeenschappelijke regeling) behartigt de belangen van de gemeenten op het terrein van uitvoering van gemeentelijke contractering in het kader van de Jeugdwet: (a) Regionale jeugdhulp in het gedwongen kader (b) Gespecialiseerde jeugdhulp.

Kansen

De gemeenten van Holland Rijnland delen de visie op de uitvoering van de jeugdhulp met Leiden, namelijk het zo normaal en thuis mogelijk kunnen opgroeien en het centraal stellen van kind en gezin bij het uitvoeren van de hulp. Als regio zijn de gemeenten daardoor een krachtiger opdrachtgever voor de uitvoerende partijen. Het contractmanagement, dat door de Serviceorganisatie wordt uitgevoerd, is een concreet voorbeeld daarvan. Daarnaast sluit het regionaal inkopen en managen van de jeugdhulp het beste aan bij de uitvoeringsvormen en werkgebieden van de betrokken aanbieders, wat onnodige administratieve lastendruk voorkomt. Tot slot zijn vormen conform de nieuwe governancestructuur (2022) de 12 portefeuillehouders Jeugd van Holland Rijnland het bestuur van de Serviceorganisatie wat de gemeenten sturingsmogelijkheid verschaft.

Risico's (top 4)

1. Minder directe invloed van gemeenteraden op begroting, wijze van besteden van beschikbare middelen en bijsturen.
2. Aansturing geschiedt vanuit 12 gemeenten en moet dus ook op basis van consensus tussen deze gemeenten.
3. De lokale P&C-cycli van de gemeenten t.a.v. de uitvoering van de specialistische jeugdhulp zijn afhankelijk van de kwaliteit en tijdigheid van de gegevens vanuit de Serviceorganisatie Zorg
4. Balans en samenwerking tussen de gemeenten (sturing op beleid) en de Serviceorganisatie (sturing op contracten) in accountmanagement van aanbieders.

Belangrijkste doelstellingen / prestaties en opgaven 2023

- Uitvoering van gemeentelijke contractering in het kader van de Jeugdwet: (a) Regionale jeugdhulp in het gedwongen kader (b) Gespecialiseerde jeugdhulp.
- Kwantitatieve en kwalitatieve monitoring van de uitvoering van de jeugdhulpcontracten
- Afhandeling facturatie van de jeugdhulp cf. contracten via berichtenverkeer
- Opstellen definitieve prognose, afrekening en rapportage over 2022, prognoses en (tussen-)rapportage over 2023 en begroting 2024
- Samenwerking met gemeenten en aanbieders t.b.v. sturing op verwezenlijken actuele inkoop- en beleidsdoelstellingen

Belangrijkste bestuurlijke mijlpalen 2023

Per 1-1-2023: Verzelfstandiging van de Serviceorganisatie Zorg
Gedurende het jaar: bestuurlijke voorbereiding toetreding gemeente Voorschoten tot GR per 1-1-2024

Bijdrage 2023

894.932,- (organisatiekosten SOZ)

Voor eigenaarsrol, zie Paragraaf Verbonden Partijen

Beleidsterrein 7B Peuterspeelopvang en kinderopvang

Doelen en prestaties bij 7B Peuterspeelzalen en kinderopvang

Doel

Prestatie

7B1 Kwalitatief goed en toegankelijk aanbod van kindercentra

7B1.1 Zorg dragen voor voldoende aanbod peuterspeelopvang

7B1.2 Waarborgen kwaliteit kinderopvang / peuterspeelopvang

We dragen zorg voor voldoende aanbod van goede kwaliteit kindercentra en stimuleren daarmee gelijke kansen voor alle kinderen. Kinderen die deelnemen aan peuterspeel- of kinderopvang kunnen zich spelenderwijs ontwikkelen, in aanvulling op hun ontwikkeling thuis. Er is zowel aandacht voor talent als voor extra ondersteuningsbehoefte. We stimuleren de deelname aan voorschoolse educatie voor kinderen van 2 tot 4 jaar, als onderdeel van het onderwijskansenbeleid (zie 7C Onderwijsbeleid).
We houden toezicht op de kwaliteit van kinderopvang volgens de landelijke eisen.

De kwaliteit van de kinderopvang wordt niet alleen bepaald door het voldoen aan wettelijke eisen. In Leiden vinden we het ook belangrijk dat er aandacht is voor een ontwikkelingsvoorsprong of juist voor extra ondersteuning. Veel kinderopvangorganisaties zijn dan ook betrokken bij onderwerpen als de Leidse Aanpak Talentontwikkeling, of de ontwikkeling van BSO Plus voor kinderen met een zorgvraag. Daarnaast werken we aan afspraken over de vorming van Integrale Kindcentra, waarin kinderdagopvang en basisonderwijs intensief samenwerken ten behoeve van de doorgaande ontwikkeling van jonge kinderen. Samenwerking tussen kinderopvang en het basisonderwijs staat ook centraal in de uitvoering van het onderwijskansenbeleid: goede voorschoolse educatie en een soepele overgang naar de basisschool vergroten de kansen van kinderen.

Effectindicatoren bij 7B Peuterspeelopvang en kinderopvang

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2023

2024

2025

2026

Doel 7B1 Kwalitatief goed en toegankelijk aanbod van kindercentra

7B1.a Percentage kinderen van 0 tot 4 jaar dat deelneemt aan kinderdagopvang

65 (2018)

65% (2019)

64% (2020)

66%

66%

66%

66%

CBS

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 7C Onderwijsbeleid

Huidige doelen en prestaties bij 7C Onderwijsbeleid

Doel

Prestatie

7C1 Gelijke kansen voor kinderen en jongeren

7C1.1 Waarborgen van aanbod, kwaliteit en deelname aan voor- en vroegschoolse educatie

7C1.2 Stimuleren hoogwaardig taalaanbod op onderwijskansenscholen

7C1.3 Bevorderen van ouderbetrokkenheid bij doelgroepkinderen

7C2 Goede onderwijs-ondersteuning en samenwerking in het onderwijs

7C2.1 Ondersteunen zorg voor leerlingen met specifieke behoeften

7C2.2 Stimuleren samenwerking en voorzieningen in het onderwijs

7C3 Als Kennisstad toekomstbestendig onderwijs bevorderen met extra aandacht voor duurzaamheid, internationalisering en talentontwikkeling

7C3.1 Stimuleren van een duurzame rijke leeromgeving waarin leerlingen en onderwijsprofessionals hun eigen talenten kunnen ontwikkelen met aandacht voor een doorlopende leerlijn

7C3.2 Stimuleren dat leerlingen worden voorbereid op een internationale samenleving

7C3.3 Bevorderen van toekomstgerichte talentontwikkeling door samenwerking van onderwijs met bedrijven en instellingen

7C4 Zoveel mogelijk leerlingen volgen onderwijs en halen een startkwalificatie of het verwerven van een werkplek

7C4.1 Sturing geven aan projecten die zich richten op het behalen van een startkwalificatie, terugkeer naar het onderwijs (ook voor thuiszitters) of het verwerven van een werkplek

7C4.2 Tegengaan verzuim leerplichtigen

7C1 Gelijke kansen voor kinderen en jongeren
Gelijke kansen in het onderwijs is onderdeel van de brede Aanpak Gelijke Kansen en ook opgenomen als thema in de LEA.
We stimuleren dit onder andere via het onderwijskansenbeleid (OKB). Daarin voeren we onze wettelijke taak uit voor voorschoolse educatie: voldoende aanbod, goede kwaliteit en stimuleren deelname. Vanuit het OKB zijn diverse programma's en activiteiten gericht op de verbinding tussen gezin, (voor)school en wijk. Daarbij is het van belang dat een gezin in staat is om het kind bij de schoolcarrière te ondersteunen. In 2023 start een nieuwe beleidsperiode voor het onderwijskansenbeleid. Het rijk heeft er voor gekozen om beleidsarm de nieuwe 4 jarige periode vorm te geven. Leiden sluit zich hier bij aan. Met de betrokken partners is vastgesteld dat de ambities en wettelijke taken uit de afgelopen periode nog steeds valide zijn. We bouwen daarom voort op de bestaande ambities in het beleidsprogramma dat begin 2023 aan de raad wordt voorgelegd voor de periode 2023 tot en met 2026.
In gezinnen moet ook ruimte zijn om kinderen te helpen zich te ontwikkelen (ouderbetrokkenheid). Als er sprake is van onvoldoende inkomen, armoede of schulden, dan is die ruimte er vaak niet. Dit wordt verbonden aan de inzet vanuit het NPO en de thema's die in het Programma Social Impact opgenomen zijn.

Hoogwaardig Taalaanbod Onderwijskansenscholen
Samen met het basisonderwijs bieden we diverse taalklassen (schakelklassen, KOPklas, nieuwkomersonderwijs) voor kinderen die extra ondersteuning nodig hebben. Het aanbieden van taalondersteuning wordt daarnaast onder andere verbonden aan het NPO, de LEA en de inzet van de SSB partners.

Ouderbetrokkenheid
Veel activiteiten zijn gericht op de ouders en het gezin: wat is nodig aan aanvullende ondersteuning, leesbevordering en buitenschools aanbod. Dit wordt onder meer verbonden aan de inzet vanuit het NPO en de thema’s die in het Programma Social Impact zijn opgenomen, en het stimuleren van een rijke leeromgeving.

Intensivering samenwerking in en rondom het Leidse onderwijs
We verbreden onze gezamenlijke aanpak als het gaat om een doorlopende lijn binnen de onderwijsketen (onder andere tussen voorschoolse educatie, primair en voortgezet onderwijs). Daarnaast wordt zowel intern als extern ingezet op het aanbrengen van samenhang, de verbinding en samenwerking met de terreinen onderwijs, jeugd, sport, cultuur, werk & inkomen, wijken, veiligheid, welzijn en gezondheid. We werken integraal samen met verschillende (onderwijs)partners aan het projectmatig vormgeven van de Leidse maatschappelijke opgave van kansengelijkheid in en rond het onderwijs door elkaar te versterken.

Integrale Kindcentra (IKC's)
IKC's, waarin voorschool en basisonderwijs één pedagogische visie delen, bieden extra kansen voor kinderen in de doorgaande leerlijn en voor specifieke ondersteuning. We maken afspraken met kinderopvang en schoolbesturen, om de komende vier jaar te komen tot tenminste één IKC.

Aanpassing titel doel 7C1
De titel van doel 7C1 is aangepast van 'Gelijke kansen voor kinderen van nul tot dertien jaar' naar 'Gelijke kansen voor kinderen en jongeren'. Dit doel doet meer recht aan de gelijke kansen-opgave die verder reikt dan het onderwijskansenbeleid (tot dertien jaar) en waarbij de doelgroep ook breder is (namelijk ook jongeren). Dit doen we bijvoorbeeld door NPO middelen in te zetten voor jongeren.

Aanpassing titel prestatie 7C1.3
De titel van prestatie 7C1.3 wordt aangepast van 'Doen bevorderen van ouderbetrokkenheid bij doelgroepkinderen' naar 'Bevorderen van ouderbetrokkenheid bij doelgroepkinderen' omdat dit actiever klinkt.

7C2 Goede onderwijs-ondersteuning en samenwerking in het onderwijs

Meerjarenbeleid nieuwkomers
De plotselinge toestroom van Oekraïense leerlingen heeft opnieuw duidelijk gemaakt dat de versteviging van de organisatie van het nieuwkomersonderwijs nodig is. In 2021-2022 is de toeleiding naar de taalklassen en de samenwerking tussen de verschillende Leidse scholen met een taalklas verbeterd. Het komende jaar zetten we hier verder op in, evenals op het verbeteren van de doorstroom van deze kinderen naar het reguliere onderwijs. Dit past in bij het vormgeven van een regionaal nieuwkomersbeleid waarin het samenwerkingsverband, schoolbesturen en de regiogemeenten actief betrokken worden.

Oekraïense kinderen
Bijna alle Oekraïense kinderen maken inmiddels gebruik van het nieuwkomersonderwijs maar er komen nog steeds nieuwe kinderen bij. Met de toestroom van Oekraïense vluchtelingkinderen (en van statushouders en asielzoekers) is er wel ruimtegebrek ontstaan. Aangezien de toestroom van deze leerlingen zich moeilijk laat voorspellen is hier in het Leidse onderwijshuisvestingsplan geen rekening mee gehouden. Met de huidige middelen die het rijk ter beschikking stelt kan Leiden het onderwijshuisvestingsplan niet aanpassen. Dat vraagt in 2023 nadere afstemming over de mogelijke alternatieven voor het nieuwkomersonderwijs.

Passend onderwijs
Zorg voor leerlingen met specifieke behoeften is de verantwoordelijkheid van gemeente en onderwijs samen. In de Ontwikkelagenda Passend Onderwijs zijn hierover ambities benoemd op drie thema's:

1. Aansluiting Onderwijs & Jeugdhulp:

  • We continueren het Integraal Arrangeren, dat als doel heeft om de samenwerking tussen onderwijs, JGZ, Jeugdteams en RBL te versterken om zo te komen tot passende en betaalbare hulp aan kinderen.
  • In het speciaal onderwijs is per 1 januari 2022 gestart met de collectieve inzet jeugdhulp. Dit continueren we. Collectieve jeugdhulp is aanvullend op de basis- en extra ondersteuning op school (de basis- en extra ondersteuning vanuit het onderwijs zijn nadrukkelijk voorliggend aan collectieve jeugdhulp). Collectieve jeugdhulp is toegankelijk voor jeugdigen die dat volgens school en jeugdhulpprofessionals nodig hebben.

2. Het Jonge Kind - door middel van:

  • preventieve inzet van (jeugdhulp)ondersteuning, ook in de kinderopvang;
  • ontwikkeling van Integrale Kindcentra;
  • goede overdracht en doorgaande leerlijn tussen kinderopvang en onderwijs;
  • gezamenlijke professionalisering van medewerkers kinderopvang en onderwijs.

3. De aansluiting van (jeugd)hulp met het MBO
In het regionale inkoopplan Jeugdhulp is de afstemming en samenwerking met het onderwijs nadrukkelijk verankerd. Door de goede samenwerking tussen onderwijspartijen en andere partners voor leerlingen met specifieke behoeften voort te zetten benutten we de kansen die het Programma Social Impact, het NPO, OKB en de LEA bieden. Ook voor deze leerlingen staat het realiseren van gelijke kansen centraal.

7C3 Als Kennisstad toekomstbestendig onderwijs bevorderen met extra aandacht voor duurzaamheid, internationalisering en talentontwikkeling
Als (internationale) kennis- en onderwijsstad zijn we continu op zoek hoe we de kennisinstellingen en onderwijspartijen met elkaar kunnen verbinden om niet alleen hen maximaal te laten floreren, maar ook onze inwoners zoveel mogelijk te laten profiteren van de kennis die er in onze stad is. Het onderwijs is bij uitstek een sector die hiervan profiteert door de verbinding in onderzoek en onderwijs, lerarenopleidingen en mogelijkheid tot doorlopende leerlijnen en talentontwikkeling. Het doel is om alle leerlingen, studenten en onderwijsprofessionals in de stad Leiden hiermee een optimale leer- en ontwikkelomgeving te bieden. Dit doen we door intensief samen te werken met het onderwijs en onderwijsnetwerken zoals het Leiden Education Fieldlab (LEF) in het vormgeven van gezamenlijke vraagstukken en activiteiten rondom het realiseren van toekomstbestendig onderwijs. Ook zetten we in op het zichtbaar maken van goede initiatieven via het platform Onderwijs in de Leidse regio.

Internationaal basisonderwijs
In het schooljaar 2022-2023 is een internationale basisschool gestart onder regie van SCOL. De aanwezigheid van internationaal (basis)onderwijs is van belang voor kwalitatitef goed onderwijs aan kinderen van huidige internationals in Leiden en voor het aantrekken van buitenlandse bedrijven en werknemers.

Aanpassing titel doel 7C3
De titel van doel 7C3 is aangepast van 'Als kennisstad toekomstbestendig onderwijs bevorderen met extra aandacht voor internationalisering en duurzaamheid' naar 'Als Kennisstad toekomstbestendig onderwijs bevorderen met extra aandacht voor duurzaamheid, internationalisering en talentontwikkeling'. Met de aanvullingen over de talentontwikkeling van de Leidse onderwijsprofessionals zijn de titels uit de beleidsbegroting vollediger en sluiten beter aan bij de inzet van de gemeente Leiden om een aantrekkelijke onderwijsstad te zijn voor onderwijsprofessionals. De onderwijsinnovatie subsidie en het mogelijk maken van kennisnetwerken als het LEF zijn voorbeelden van deze inzet.

7C3.1 Stimuleren van een duurzame rijke leeromgeving waarin leerlingen en onderwijsprofessionals hun eigen talenten kunnen ontwikkelen met aandacht voor een doorlopende leerlijn
Leiden kent een rijke en zichzelf versterkende leeromgeving, die unieke kansen biedt op boven- en buitenschools leren en doorstroom (naar de arbeidsmarkt/ andere schoolvormen). Met het stimuleren van een rijke leeromgeving sluiten we aan op de lijn die het Rijk trekt met de rijke schooldag. We bundelen de krachten van de onderwijspartners en kennis-culturele instellingen in de stad om toekomstbestendig onderwijs te kunnen bieden aan alle doelgroepen, zoals bijvoorbeeld via MDT University.

Verwonder om de hoek
Het platform ‘Verwonder om de hoek’ ontsluit het aanbod op het gebied van cultuur, natuur, techniek en wetenschap. Het verbindt leerkrachten, ouders/verzorgers, buitenschoolse organisaties en aanbieders van educatieve activiteiten met elkaar. Denk aan musea, theaters, kunstencentra, schooltuinen, onderzoekslabs en nog veel meer, zowel activiteiten - binnen én buiten schooltijd als in alle wijken en gemeenten in de regio Holland Rijnland. Kernpartners zijn Cultuureducatiegroep, BplusC en Naturalis. Speciaal voor Leiden worden via het platform ook de kennismakingscursussen kunst, cultuur en techniek buiten schooltijd aangeboden. Dit zal een breed palet aan kortlopende cursussen zijn (bijvoorbeeld instrumenten, theater, beeldhouwen of een museumclub) dat voor kinderen en jongeren beschikbaar komt tegen een redelijk tarief, vergelijkbaar met de sportintro-activiteiten (zie ook programma 8A3.2 Cultuureducatie). In 2023 worden de activiteiten van Verwonder om de Hoek uitgebreid naar leerlingen van het voortgezet onderwijs.

Onderwijsinnovatie
De innovatiesubsidieronde in 2022 heeft geleid tot een aantal nieuwe initiatieven die de aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt verbeteren en in 2023 uitgevoerd zullen worden (zie ook programma 3). Ook starten we initiatieven die door inzet van van de rijke leeromgeving invulling geven aan burgerschap (Doors to Diversity, Krachtig burgerschap in Leiden, Geloof in eigen kunnen), een bredere perspectiefbenadering van de geschiedenis (interactieve historische tijdlijn, de muren hebben oren) en het aantrekken van nieuwe doelgroepen voor het werken in het onderwijs (expeditie leerkracht, samenwerken in opvang en onderwijs). Een totaaloverzicht van de projecten is hier te vinden.

Aanpassing titel prestatie 7C3.1
De titel van prestatie 7C3.1 is aangepast van 'Stimuleren van een rijke leeromgeving waarin leerlingen hun eigen talenten kunnen ontwikkelen in een doorlopende leerlijn' naar 'Stimuleren van een duurzame rijke leeromgeving waarin leerlingen en onderwijsprofessionals hun eigen talenten kunnen ontwikkelen met aandacht voor een doorlopende leerlijn' om de titel vollediger te maken.

7C3.2 Stimuleren dat leerlingen worden voorbereid op een internationale samenleving
Leiden is een internationale stad voor alle kinderen. Om meer bewustwording te creëren én om kinderen optimaal voor te bereiden op een internationale samenleving, denken we samen met het onderwijs na over de rol van meertaligheid in de klas en zetten we in op het wereldburgerschap. In lijn met de Visie Internationalisering (2020), willen we de landing van jonge nieuwkomers in het onderwijs verbeteren, met daarbij aandacht voor de grote diversiteit aan culturen in de stad. Zo biedt het Da Vinci City College leerlingen van de Internationale Schakel Klas (ISK) een diploma vmbo-basis, kader en mavo. Vanuit de LEA werken we ook aan thema’s als wereldburgerschap, interculturele vaardigheden en meertaligheid in het Leidse onderwijs. Leerlingen uit het primair- en voortgezet onderwijs worden op deze manier voorbereid op een internationale samenleving in een omgeving waar ook aandacht is voor de meertalige achtergrond van leerlingen. Ook binnen het MBO, HBO en WO is er aandacht voor de internationale samenleving.

7C3.3 Bevorderen van toekomstgerichte talentontwikkeling door samenwerking van onderwijs met bedrijven en instellingen
Toekomstgericht onderwijs houdt rekening met sectoroverstijgende thema’s, zoals de aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt (inclusief terugdringen van het lerarentekort en opheffen tekorten in de sector techniek)
en duurzaamheid. De voortrekkersrol van de Leidse kennisinstellingen op het gebied van onderwijs en
onderzoek biedt veel kansen. Een voorbeeld van zulke samenwerking is Leren met de Stad: hiermee
verbinden we onderwijs en maatschappelijke opdrachtgevers voor co-creatie.
Het initiatief Leren met de Stad biedt (en ontwikkelt) een Leids platform voor concrete en structurele samenwerking tussen Hogeschool Leiden, Universiteit Leiden, gemeente en maatschappelijke organisaties. De samenwerking is erop gericht om vraagstukken uit de stad op te lossen, in samenspraak met de bewoners.
De beschikbare kennis in Leiden draagt zo bij aan een betere stad. Studenten leren aan de hand van echte ervaringen in de stad, wat bijdraagt aan actief burgerschap en een grotere maatschappelijke realiteitszin en betrokkenheid. Studenten, docenten en onderzoekers zetten hun kennis en ervaring in om maatschappelijke casussen te helpen oplossen. Opdrachtgevers in de stad kunnen de kennis benutten die aanwezig is in het onderwijs. We continueren de Leergemeenschap Stad waar docenten, onderzoekers, ambtenaren en stadspartners elkaar trainen in de competenties om onderwijs en onderzoek rond maatschappelijke vraagstukken te ontwikkelen. Van het beter laten aansluiten van vraagstukken bij onderwijs en onderzoek tot de onderwijsmethoden die daarbij passen. Daarbij zetten we in op een verbetering voor de studenten, docent en de stadspartner/gemeente en uiteindelijk voor inwoners.

Het project MDT UniverCity voor Changemakers daagt jongeren uit om - met netwerk uit de regio - maatschappelijke projecten op te zetten en veranderingen te brengen waar zij zien of ervaren dat dat nodig is. MDT UniverCity is tot stand gekomen door de inzet van ZonMw, Gemeente Leiden, MBO Rijnland, Cardea, Rabobank, BloomFoundation, Fonds1818 en Studio Moio. In 2023 zetten we in op het versterken van dit partnerschap en verder in te bedden bij de betrokken partnerorganisaties na de ZonMw subsidieperiode. Met zulke onderwijsinnovaties stimuleren we doorstroom in tekortsectoren en maken we het onderwijs aantrekkelijker voor zowel leerlingen en studenten als voor docenten.

Aanpassing titel prestatie 7C3.3
De titel van prestatie 7C3.3 is aangepast van 'Bevorderen van een rijke leeromgeving en toekomstgerichte talentontwikkeling door samenwerking van onderwijs met bedrijven en instellingen' naar 'Bevorderen van toekomstgerichte talentontwikkeling door samenwerking van onderwijs met bedrijven en instellingen' om het belang van talentontwikkeling te benadrukken.


7C4 Zoveel mogelijk leerlingen volgen een vorm van onderwijs, halen een startkwalificatie en/of worden gestimuleerd tot leren in de praktijk
We stimuleren jongeren zoveel mogelijk om onderwijs te volgen en om een startkwalificatie te behalen. Dit doen we door onderwijsorganisaties te stimuleren om passende vormen van onderwijs te ontwikkelen, zoals Agora, Grip, MDT University. Daarnaast hebben sommige groepen jongeren (tijdelijk) extra ondersteuning nodig.
Het programma 'Regionale aanpak Voortijdig Schoolverlaten 2021-2024 Zuid-Holland Noord' en aanverwante regionale projecten worden samen met de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC), onderwijspartners en regiogemeenten uitgevoerd. De maatregelen uit het regionaal Voortijdig Schoolverlaten-programma richten zich op:
- Het matchen en begeleiden van jongeren naar een leerbaan/werkplek
- Laagdrempelige en toegankelijke hulpverlening op scholen
- Trajecten om uitgevallen jongeren terug te leiden naar onderwijs of werk
- Het verbeteren van de overstap tussen het VO en MBO

We zetten de Leidse middelen in om jongeren extra te faciliteren in het behalen van hun startkwalificatie,
bijvoorbeeld door preventieve voorzieningen, het creëren van extra stages of het bieden van aanvullende coaching. Met de inzet van belangrijke onderwijspartners in de stad werken we aan passende vormen van onderwijs voor jongeren die (dreigen) uit te vallen. Deze innovatieve projecten richten zich op gepersonaliseerd leren en talentontwikkeling. De gemeente stimuleert hierbij de onderwijsinstellingen om het schoolverlaten tegen te gaan. Ook zetten we de middelen in voor aanvullende activiteiten via het 5team (uitspraak 'Steam'), gericht op het terugkeren naar het onderwijs en/of het behalen van certificaten of een baan met een leercomponent. Zie voor het 5team Programma 10 Werk & Inkomen.

Het gaat hierbij om ondersteuning van jongeren met een bijstandsuitkering van 23-27 jaar en statushouders van 18–30 jaar. Dit gebeurt door een consulent onderwijs, die zich richt op scholingsadvies en begeleiding naar onderwijs. Tevens is er nazorg voor statushouders na plaatsing in het onderwijs zodat we voortijdig schooluitval voorkomen. Sommige jongeren tussen 18 en 27 jaar hebben meer begeleiding nodig. Dat biedt het Transferium; een (individueel) onderwijsprogramma met trajectbegeleiding, ook naar een bijbaan/stage. Er zijn groepen voor laaggeletterden en jongeren die van huis uit het Nederlands niet beheersen. 

Ook stimuleren we extra activiteiten bij het RBL/RMC gericht op:

  • Wijkgerichte taken in de stedelijke jeugdaanpak Begeleiding naar school van jongeren (tot 23 jaar) met een uitkering
  • Het stimuleren van betere studiekeuzes door inzet trainingen voor jongeren
  • Uitbreiding RMC-functie van jongeren zonder startkwalificatie van 23–27 jaar (de wettelijke taak loopt tot 23 jaar). Op die manier stimuleren we meer jongeren de stap te zetten richting terugkeer naar onderwijs, werk of andere zinnige dagbesteding.
Effectindicatoren bij 7C Onderwijsbeleid

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2023

2024

2025

2026

Doel 7C1 Gelijke kansen voor kinderen en jongeren*

7C1.a Aantal kinderen van 2,5 - 4 jaar dat heeft deelgenomen aan ve

427 (2019)
414 (2020)

371 (2021)

-

-

-

-

Telgegevens VE-aanbieders

Doel 7C4 Zo veel mogelijk leerlingen worden behouden voor het onderwijs en halen een startkwalificatie**

7C4.a Gemiddelde uitval onderbouw VO

0,1% (2019)

0,2% (2020)

0,3% (2021)

0,1%

0,1%

0,1%

0,1%

VSV Verkenner

7C4.b Gemiddelde uitval bovenbouw VMBO

1,5% (2019)

2% (2020)

0,9% (2021)

1,0%

0,9%

0,9%

0,9%

VSV Verkenner

7C4.c Gemiddelde uitval bovenbouw HAVO/VWO

0,5% (2019)

0,1% (2020)

0,6% (2021)

0,2%

0,2%

0,2%

0,2%

VSV Verkenner

7C4.d Gemiddelde uitval MBO niveau 1

23,3% (2019)

23,5% (2020)

30,7% (2021)

23%

22%

22%

22%

VSV Verkenner

7C4.e Gemiddelde uitval MBO niveau 2

15,8% (2019)

10,4% (2020)

12,9% (2021)

14%

13%

12%

12%

VSV Verkenner

7C4.f Gemiddelde uitval MBO niveau 3

6,9% (2019)

6,2% (2020)

4,6% (2021)

4,4%

4,3%

4,2%

4,2%

VSV Verkenner

7C4.g Gemiddelde uitval MBO niveau 4

6 % (2019)

4,8% (2020)

4,8% (2021)

4,3%

4,1%

4%

4%

VSV Verkenner

7C4.h Absoluut verzuim per 1.000 leerlingen
(aantal absoluut verzuimers die langer dan 3 maanden niet ingeschreven staan op een school (PO + VO + geen eerdere schoolinschrijving)

2 (2018)

2 (2019)

2 (2020)

2,0

1,8

1,7

1,7

RBL**

7C4.i Relatief verzuim per 1.000 leerlingen
(aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is, per 1.000 inwoners lft 5-18jr)

17 (2019)

15 (2020)

15 (2020)

12

11

10

10

RBL **

7C4.j Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie VO en MBO

2,5% (2019)

1,9% (2020)

2,2% (2021)

2,3%

2,6%

2,0%

2,0%

RBL**

* De indicatoren bij 7C1 zijn aangepast. Indicator 7C1.a is gewijzigd van 'Aantal doelgroepkinderen in een ve-voorziening' naar 'Aantal kinderen van 2,5 - 4 jaar dat heeft deelgenomen aan ve'. Hiervoor zijn geen streefwaarden opgenomen omdat de streefwaarden nog in samenwerking met de betrokken partijen worden bepaald. Indicator 7C1.b 'Gemiddelde CITO-score voor de onderwijskansenscholen' is niet meer meetbaar om dat niet alle scholen de CITO-toets (meer) gebruiken. Daarom stellen we voor om deze te laten vervallen. Momenteel wordt een nieuw beleidskader Onderwijskansenbeleid opgesteld, op basis hiervan zullen nieuwe indicatoren worden opgesteld.
** De bron van deze indicatoren is in de begroting van 2021 aangepast; voorheen was dit waarstaatjegemeente.nl (wsjg). Het RBL beschikt over actuelere cijfers dan wsjg. De BBV realisatiewaarden van voorgaande jaren kunt u terugvinden op wsjg. Specifiek voor 7C4.h zijn de realisatiewaarden met als bron BBV 2,3 (2017), 3,1 (2018) en 5,2 (2019).

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 7D Onderwijshuisvesting

Doelen en prestaties bij 7D Onderwijshuisvesting

Doel

Prestaties

7D1 Goede kwantiteit en kwaliteit van onderwijshuisvesting

7D1.1 Realisatie van nieuwbouw, uitbreiding en vervanging van lesgebouwen en gymnastieklokalen

7D1.2 In stand houden van de bestaande gymnastieklokalen door onderhoud en aanpassingen

7D1.3 Uitvoering van de overige wettelijke taken zoals ozb, schadeherstel en bekostiging gymnastiekonderwijs

7D1.1 Realisatie van nieuwbouw, uitbreiding en vervanging van schoolgebouwen en gymnastieklokalen
Lopende of in voorbereiding zijnde bouwprojecten voor de realisatie van nieuwbouw, uitbreiding en
vervanging van lesgebouwen en gymnastieklokalen:

Oplevering in 2023:

  • Vervangende bouw van de basisscholen De Meerpaal en De Tweemaster, Broekplein 1 en 5
  • Uitbreiding en renovatie Het Metrum, Schubertlaan 131
  • Aanpassing tot wissellocatie van het schoolgebouw Noachstraat 2

In ontwikkeling in 2023:

  • Vervangende nieuwbouw De Weerklank, Robijnstraat 100
  • Herontwikkeling locatie Vijf Meilaan 137 ten behoeve van de nieuwbouw Vlietlandcollege en een beperkte ingreep van de wissellocatie
  • Vernieuwbouw Lucas van Leyden, locatie Vliet 20
  • Nieuwbouw gymnastiekzaal Oppenheimstraat 4

Initiatieffase in 2023 (conform IHP):

  • Renovatie basisschool De Zwaluw
  • Mogelijk nieuwe basisschool in De Mors
  • Nieuwbouw basisschool Leiden-Noord
  • Tijdelijke huisvesting scholencomplex Antoinette Kleijnstraat, Stevenshof

7D1.2 In stand houden van de bestaande gymnastieklokalen door onderhoud en aanpassingen
In 2023 zullen akoestische verbeteringen worden gerealiseerd in twee tot vier bestaande gymnastieklokalen die in beheer zijn bij de gemeente.

Effectindicatoren bij 7D Onderwijshuisvesting

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2023

2024

2025

2026

Doel 7D1 Goede kwantiteit en kwaliteit van onderwijshuisvesting

7D1.a Rapportcijfer inwoners voor de kwaliteit van schoolgebouwen

7,4 (2017)

7,4 (2019)

7,5 (2021)

7,5

7,5

7,5

7,5

Stads- en wijkenquête

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Kaderstellende beleidsstukken

Inleiding

7A

  • Visie jeugdhulp "Samen Sterk voor Toekomst van Jeugd(hulp)" (BW 19.0372 / RV 19.0089)
  • Evaluatie vraaggerichte jeugdparticipatie 2018 en vooruitblik 2019-2021’ (RV 18.0099)
  • Koersdocument Doorontwikkeling Jeugdhulp Leidse regio (RV 18.0097)
  • Verordening Jeugdhulp (RV 18.0046)
  • Beleidskader Spelen en Bewegen (RV 17.0081)
  • Overkoepelende visie jeugdbeleid en participatie (RV 17.0020)

7B

  • Subsidieregeling Peuterspeelopvang en VVE, Leiden 2016 (RV 16.0046)

7C

7D

  • Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs (RV 15.0005)
  • Integraal Huisvestingsplan voor het Onderwijs 2020-2032 (RV 20.0127)

Programmakosten

Jeugd en onderwijs
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2021

Begroting
2022

Begroting
2023

Meerjarenraming

2024

2025

2026

Jeugd

Lasten

33.110

37.958

38.631

37.954

37.007

36.220

 

Baten

-393

-314

-324

-324

-324

-324

Saldo

 

32.717

37.643

38.307

37.630

36.683

35.896

Peuterspeelopvang en kinderopvang

Lasten

1.587

1.827

1.860

1.849

1.850

1.848

 

Baten

-4

-4

-4

-4

-4

-4

Saldo

 

1.583

1.823

1.856

1.845

1.846

1.845

Onderwijsbeleid

Lasten

8.745

10.251

10.916

8.991

8.450

8.430

 

Baten

-5.012

-5.727

-5.440

-4.115

-3.570

-3.570

Saldo

 

3.733

4.524

5.475

4.877

4.880

4.860

Onderwijshuisvesting

Lasten

10.717

14.513

12.775

13.718

15.086

15.667

 

Baten

-363

-246

-241

-304

-304

-304

Saldo

 

10.354

14.267

12.534

13.414

14.782

15.364

Programma

Lasten

54.159

64.548

64.181

62.512

62.393

62.165

 

Baten

-5.772

-6.291

-6.009

-4.746

-4.201

-4.201

Saldo van baten en lasten

 

48.387

58.257

58.172

57.766

58.192

57.964

Reserves

Toevoeging

2.159

1.056

0

0

0

0

 

Onttrekking

-430

-3.291

-3.128

-55

-55

-55

Mutaties reserves

 

1.729

-2.236

-3.128

-55

-55

-55

Resultaat

 

50.116

56.022

55.044

57.711

58.137

57.909

Budgettaire ontwikkelingen
De daling van de lasten en/of de stijging van de baten worden onder andere veroorzaakt door de indexering van budgetten, doorrekening van de kostenverdeelstaat en de kapitaallasten die zijn berekend vanuit het meerjareninvesteringsplan 2023-2026. Beleidswijzigingen met financiële consequenties worden hierna per beleidsterrein toegelicht.

Jeugd
De lasten voor het beleidsonderdeel Jeugd nemen in 2023 per saldo met 673.000 toe. In het meerjarenbeeld 2022-2025 is voor 2022 een incidentele subsidie van 350.000 opgenomen voor het realiseren van speeltuinaccommodaties. In de meicirculaire 2022 is een structurele toevoeging voor Voogdij/18+ opgenomen. Het budget voor 2023 is daarom met 187.445 verhoogd. Verder zijn in de meicirculaire 2022 voor 2023 extra rijksmiddelen opgenomen voor Jeugdhulp. Voor 2023 gaat het om een bedrag van 815.000. Deze middelen zijn eveneens toegevoegd aan het budget voor regionale Jeugdhulp. Verder is gebleken dat regionaal en dus ook vanuit de Leidse regiogemeenten extra formatie nodig is om deze taken op gebied van regionale Jeugdhulp adequaat te kunnen uitvoeren. Dit brengt extra kosten met zich mee ad 116.000. Een ander onderdeel van deze nieuwe manier van sturen is het onderbrengen van de regionale ondersteuningseenheid bij een van de gemeenten (Leiden). Deze eenheid was voorheen ondergebracht bij Holland Rijnland. Om de kosten van de extra overhead en werklast die hier voor Leiden mee gepaard gaat te kunnen dekken is vanaf 2023 6.898 extra budget opgenomen. Voor het overige zie onder het kopje Beleidsakkoord.

Nieuw beleid Beleidsakkoord 'Samen Leven in Leiden'
Het gemeentebrede programma Leiden Inclusief wordt met twee jaar verlengd. Er is jaarlijks 225.000 beschikbaar gesteld voor uitvoeringscapaciteit in 2024 en 2025, waarvan 23.000 op dit beleidsterrein. Deze post is via de kostenverdeelstaat toegerekend aan diverse programma's, in de Programmakosten van Programma 9 wordt de totale verdeling inzichtelijk gemaakt.

Peuterspeelopvang en kinderopvang

Nieuw beleid Beleidsakkoord 'Samen Leven in Leiden'
Het gemeentebrede project Leiden Inclusief wordt met twee jaar verlengd. Er is jaarlijks 225.000 beschikbaar gesteld voor uitvoeringscapaciteit in 2024 en 2025, waarvan 2.000 op dit beleidsterrein.

Onderwijsbeleid

De lasten van het beleidsonderdeel Onderwijsbeleid nemen per saldo 2023 met 655.000 toe. In het begroting 2022 - 2025 is voor 2023 een lagere raming voor het programma Social Impact opgenomen (386.000).
De lasten leerlingenvervoer nemen met 486.000 structureel toe. Dit komt enerzijds door de groei van het aantal leerlingen en anderszijds doordat de aanbesteding geleid heeft tot een fors hogere prijs. Voor het overige zie onder het kopje Beleidsakkoord.

De baten op het beleidsonderdeel Onderwijsbeleid nemen met 287.000 af. Dit is het gevolg van enerzijds de eerder al in de begroting 2022 - 2025 voor 2023 opgenomen lagere rijksbijdrage voor het Nationaal Programma Onderwijs (384.000) en anderzijds een hogere rijksbijdrage voor het gemeentenlijk onderwijskansenbeleid ( 80.000).

Nieuw beleid beleidsakkoord 'Samen Leven in Leiden'

Voor het verkennen van vernieuwende aanpakken voor bevorderen kansengelijkheid en gezondheid multiproblem gezinnen is in 2023 een eenmalig bedrag geraamd van 600.000, gedekt uit de reserve sociaal domein. Het gemeentebrede programma Leiden Inclusief wordt met twee jaar verlengd. Er is jaarlijks 225.000 beschikbaar gesteld voor uitvoeringscapaciteit in 2024 en 2025, waarvan 20.000 op dit beleidsterrein. Deze post is via de kostenverdeelstaat toegerekend aan diverse programma's, in de Programmakosten van Programma 9 wordt de totale verdeling inzichtelijk gemaakt.

Onderwijshuisvesting

De lasten van het beleidsonderdeel Onderwijshuisvesting dalen per saldo met ruim 1,7 miljoen. Dit wordt voor het overgrote deel (1,6 miljoen) veroorzaakt door in 2022 eenmalig geraamde voorzieningen voor onderwijshuisvesting. Voorbeelden hiervan zijn het incidenteel geraamd budget van 884.000 voor het realiseren van internationaal georiënteerd basisonderwijs (IGBO), de incidentele raming voor het afboeken van de restant boekwaarde voor het schoolgebouw Broekplein (495.000), een incidentele raming van 250.000 voor het realiseren van de nieuwbouw schoolgebouw Broekplein en tenslotte een incidente raming van 240.580 voor ingerepen aan het gebouw Metrum. Daarnaast is er ook sprake van reguliere verhoging van budgetten, bijvoorbeeld die voor de OZB als gevolg van indexering (107.000).

Nieuw beleid beleidsakkoord Samen Leven in Leiden:

Ten behoeve van de start van de 3e fase van het IHP is met een investeringsvolume van 11,4 miljoen rekening gehouden. De kapitaallasten daarvan bedragen vanaf 2025 411.000. Het gemeentebrede programma Leiden Inclusief wordt met twee jaar verlengd. Er is jaarlijks 225.000 beschikbaar gesteld voor uitvoeringscapaciteit in 2024 en 2025, waarvan 26.000 op dit beleidsterrein.Deze post is via de kostenverdeelstaat toegerekend aan diverse programma's, in de Programmakosten van Programma 9 wordt de totale verdeling inzichtelijk gemaakt.

Reserves

Reserves programma 7
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2021

Begroting
2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Reserve combinatiefuncties

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

0

-19

-19

0

0

0

Saldo

 

0

-19

-19

0

0

0

Reserve onderwijshuisvesting

Toevoeging

0

10

0

0

0

0

 

Onttrekking

-284

-55

-55

-55

-55

-55

Saldo

 

-284

-45

-55

-55

-55

-55

Reserve soc.-maatsch. En cult. Voorz. P7

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-18

-351

0

0

0

0

Saldo

 

-18

-351

0

0

0

0

Reserve Sociaal Domein P7

Toevoeging

2.159

1.046

0

0

0

0

 

Onttrekking

-128

-2.867

-3.054

0

0

0

Saldo

 

2.031

-1.821

-3.054

0

0

0

Reserves programma 7

 

1.729

-2.236

-3.128

-55

-55

-55

Reserve combinatiefuncties
Er is een onttrekking geraamd van 19.000 ter dekking van het tekort op de combinatiefuncties (RV 15.0082 en BW 18.0431).

Reserve onderwijshuisvesting
De onttrekking van 55.000 betreft de inzet van de reserve voor het dekken van de kosten van personele inzet en plankosten om het uitvoerend vermogen en de risico's bij de uitvoering van het Integraal huisvestingplan 2020 - 2030 te versterken, respectievelijke te beperken. Wanneer het beschikbare budget niet volledig wordt besteed vloeit het niet ingezette deel terug naar de reserve.

Reserve sociaal domein
Voor het verkennen van vernieuwende aanpakken voor bevorderen kansengelijkheid en gezondheid multiproblem gezinnen is in 2023 een eenmalig bedrag geraamd van 600.000, gedekt uit de reserve sociaal domein.
In de kaderbrief 2021-2025 is het tekort op jeugdzorg in 2023 gedekt door een onttrekking van 2.454.000 uit de reserve sociaal domein.

Investeringen

Prestatie

Omschrijving prestatie

Omschrijving investering

Categorie

nieuw / vervanging

Bijdrage derden/ reserves

2023

2024

2025

2026

07A102

Waarborgen kwal (openbare) speelruimte

Speeltuinen 2023-2026

Econ.

V

-

134

166

200

289

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

Specifiek locatiegebonden kosten 2024

Econ.

V

-

-

460

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

Specifiek locatiegebonden kosten 2025

Econ.

V

-

-

-

460

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

IHP Nieuwbouw Leiden Noord

Econ.

V

-

5.046

-

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

IHP Scholencomplex de Zwaluw

Econ.

N

-

3.452

-

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

IHP Nieuwbouw Morsdistrict

Econ.

N

-

5.046

-

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

Scholen-complex 't klankbord

Econ.

V

-

-

4.008

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

Vrije school Mareland, incl gymzaal

Econ.

N

-

-

-

-

5.482

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

IHP Tijd. huisvesting scholencomplex

Econ.

N

-

862

-

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

Metrum Schubertlaan 131 ren.en uitbr.

Econ.

V

-

620

-

-

-

07D102

In stand houden bestaande gebouwenvoorrd

3e fase IHP OHV

Econ.

V

-

-

11.729

-

-

07D103

Uitvoering van overige wettelijke taken

Gymaccomodatie Oppenheimstraat 4a

Econ.

V

-

2.919

-

-

-

07D103

Uitvoering van overige wettelijke taken

Sportzaal aan de Oppenheimstraat 25 jr

Econ.

N

-

1.400

-

-

-

 

Totaal programma 7

   

-

19.480

16.363

661

5.772

In bovenstaand overzicht staan de investeringen zoals deze zijn opgenomen in het IHP. In paragraaf 4.2.2 Investeringen wordt de ontwikkeling van de kapitaallasten toegelicht en staat een overzicht met te voteren kredieten.

Subsidies

 

subsidiestaat 2022

subsidiestaat 2023

Subsidie saldo

8.488.911

8.221.782

­Het volledige subsidie-overzicht is opgenomen in paragraaf 3.2.8 Subsidies.