Programmanummer | 5 | |
Commissie | Leefbaarheid en Bereikbaarheid | |
Portefeuille(s) | Klimaat, Mobiliteit & Financiën |
De missie van het programma Omgevingskwaliteit luidt: |
Met de verstedelijkingsopgave neemt de druk op de stad toe. Om Leiden leefbaar te houden wordt de openbare ruimte steeds belangrijker. Het beheren van de openbare ruimte, oftewel een schone, hele en veilige openbare ruimte, is hierin belangrijk. Maar daarnaast moeten we de komende jaren ook belangrijke keuzes maken in ruimtegebruik. Klimaatverandering en toenemende extremen in het weer vragen samen met de teruglopende biodiversiteit dat we in diezelfde openbare ruimte vergroenen, verduurzamen en klimaatadaptieve maatregelen doorvoeren. Ook is er ruimte nodig voor mobiliteit en maatschappelijke voorzieningen. De gemeenteraad heeft uitgesproken dat er sprake is van een noodtoestand voor het klimaat en de natuur. Bij alle maatregelen die we nemen zullen we richting burgers en bedrijven benadrukken hoe urgent de situatie is wat betreft klimaat en natuur en dat nu handelen noodzakelijk is om de stad nu en in de toekomst leefbaar te houden.
Om de stad aan te passen aan het veranderende klimaat is in 2023 het Uitvoeringsprogramma "Leiden biodivers en klimaatbestendig 2023-2026" vastgesteld. Hierin staan de inspanningen opgenomen tot en met 2026. De ambitie in het Uitvoeringsprogramma is om in 2050 een klimaatbestendige stad te zijn, waarbij Leiden zichtbaar groener is geworden en de biodiversiteit is versterkt. Ook onderzoek naar de gevolgen van het veranderende klimaat op de stad maakt deel uit van het Uitvoeringsprogramma, net als het realiseren van vastgesteld beleid en concrete maatregelen. Vervolg op het uitvoeringsprogramma zal meegenomen worden in de nieuwe omgevingswetinstrumenten, waarbij een omgevingsprogramma voor het groen-blauw raamwerk ook mogelijkheden biedt voor een concreet uitvoeringsdeel.
We combineren op een slimme manier projecten en werkzaamheden in de openbare ruimte en doen dit zo goed mogelijk samen met inwoners uit de wijken. Een bekend voorbeeld hiervan zijn de duurzame wijkvernieuwingen: tegelijkertijd met het vervangen van het riool richten we de openbare ruimte klimaatadaptief in en nemen we maatregelen om de biodiversiteit te versterken. Hiermee verbeteren we ook de leefkwaliteit in de stad. Meer groen draagt bij aan een betere mentale en fysieke gezondheid. Ook programma 4 met onder meer de agenda autoluwe binnenstad draagt bij aan het verbeteren van de leefomgeving van de stad. Door inzet op overgang naar fiets, voetganger en openbaar vervoer ontstaat ruimte voor vergroenen.
We vragen ook andere partijen om mee te doen, de helft van de stad is namelijk particulier eigendom. Aan inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties vragen we daarom met ons samen te werken aan een duurzame stad die ook voor de toekomstige generaties leefbaar blijft. Iedereen kan daarin kleine of grote stappen zetten; van de aanleg van een geveltuin tot het bouwen van natuurinclusieve en klimaatadaptieve gebouwen door ontwikkelaars. De gemeente ondersteunt inwoners en ondernemers met initiatieven zoals Samen aan de slag, subsidies of het delen van kennis. Samen aan de Slag richt zich op vergroenen van de stad en het actief benaderen van bewoners in buurten waar meer hittestress is én minder groeninitiatieven zijn.
Het versterken van de biodiversiteit en daarmee natuurinclusief inrichten en beheren van de stad zien we als één van onze belangrijke opgaven. We willen de zeven belangrijke leefgebieden (straat- en muurvegetatie, water- en oevermilieu, kruidenrijk grasland, struwelen en zoombegroeiing, bosplantsoen, bebouwing en weidegebied) in de stad versterken. We focussen komende tijd op het water- en oevermilieu. We werken aan ecologisch sterkere oevers en kademuren door meer natuurvriendelijke oevers aan te leggen en beschoeiingen waar mogelijk onder de waterlijn te brengen. Waar dat niet kan, komen er richtlijnen voor fauna-uittreedplaatsen. Ook beschermen we waardevolle muurvegetatie en onderzoeken we de aanleg van een groene kademuur.
We moeten afwegen welke functies we allemaal nodig hebben van de bodem en hoe we de stad duurzaam ontwikkelen (klimaatadaptief, biodivers, duurzame energie, woningbouw etc.). De inpassing van extra systemen voor elektra en warmte vragen om regie en afwegingen zowel boven- als ondergronds. De keuzes komen steeds nadrukkelijker naar voren en vragen op strategisch, tactisch en operationeel niveau om regie op bodem en ondergrond. Om praktische ruimtelijke conflicten te voorkomen hebben we bekeken of we kabels en leidingen ondergronds verticaal kunnen ordenen i.p.v. horizontaal, zodat er meer ruimte ontstaat voor andere opgaven. Dit verticaal kabels- en leidingensysteem (VKLS) is een pilot die succesvol verloopt en waarmee we goede resultaten boeken, die vertrouwen geven voor toepassing in de toekomst. Het VKLS is opgenomen als mogelijkheid in de verordening fysieke leefomgeving, als een vorm van ondergrondse ordening die voorgeschreven kan worden. Er zijn enkele gemeentelijke projecten die interesse hebben getoond om in 2027 het VKLS toe te passen in hun project. Daarnaast zal de interne als externe integraal programmering geprofessionaliseerd worden in de samenwerking vanuit ons convenant met Dunea en Liander. Hiermee zal de impact van elkaars werkzaamheden duidelijker wordt en er keuzes gemaakt kunnen worden. Verder zal in 2027 (zoals in de Omgevingsvisie en het Leids Uitvoeringsprogramma Bodem en Ondergrond is vastgelegd) voor gezonde bodems beleid worden voorgesteld binnen de gemeentelijke projecten (zoals groenprojecten, wijkvernieuwing). Een gezonde bodem is randvoorwaardelijk voor veel maatschappelijke ambities, zoals klimaatadaptatie (waterberging, tegengaan verdroging, wateroverlast), hittestress, biodiversiteit etc. Hierbij moet een balans gevonden worden gevonden tussen fysische, chemische en biologische kwaliteiten van de bodem.
We beheren en onderhouden de openbare ruimte op basis van wettelijke kaders, de ambities uit het beleidsakkoord, zorgplichten en de beoogde functionaliteit en kwaliteit, zoals vastgelegd in de beleidskaders en beheerplannen. Dit jaar starten we met de uitvoering van de nieuwe uitvoeringsprogramma’s beheer voor de kapitaalgoederen 2027–2031 (voorheen de beheerplannen). Hiermee bouwen we inhoudelijk voort op de vorige beheerplannen qua kwaliteit en met bijzondere aandacht voor circulariteit, water en groen, en de inpassing van lokale beleidsuitgangspunten. Extra uitdagingen hierbij vormen de oplopende levertijden in de markt en het invullen van (technische) vacatures.
De gemeente Leiden blijft ook in 2027 inzetten op de verdere verduurzaming van het wagenpark, met als doel te voldoen aan de eisen van de zero-emissiezone. Voor voertuigen waarvoor momenteel nog geen passend alternatief beschikbaar is, wordt – net als bij ondernemers – gebruikgemaakt van de beschikbare ontheffingsmogelijkheden om de continuïteit van de dienstverlening te waarborgen. De aanbestedingen voor circa 100 personen- en bedrijfswagens en 30 vrachtwagens zijn in 2026 afgerond en dit jaar worden de eerste voertuigen uitgeleverd, waarbij elektrisch de voorkeur heeft en diesel alleen wordt ingezet waar elektrificatie (nog) niet haalbaar is. Verder wordt er gewerkt aan netverzwaring op de Kenauweg waardoor in de loop van 2027 verdere opschaling van elektrisch vervoer mogelijk wordt.
In 2027 ronden we de laatste zaken af in de uitvoering van de ideeën die we in 2026 samen met de wijkraad Stevenshof in de wijk hebben opgehaald. We rapporteren de (tussen)resultaten aan de raadscommissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid.
De gemeente heeft als primaire taak de zorg voor een goed functionerende openbare ruimte die aansluit bij de beleving van haar inwoners. We hanteren hierbij beeldkwaliteit Niveau B (conform de beeldkwaliteits-meetlatten van de CROW). Voor de kwaliteit van de openbare ruimte zijn niet alleen het beheer en onderhoud belangrijk, maar ook functionele, esthetische, ruimtelijke en sociale aspecten. Hierbij regelt en borgt de gemeente dat ingrepen op het juiste moment, tegen de laagste mogelijk maatschappelijke kosten en zonder kapitaalvernietiging worden uitgevoerd. Binnen de beschikbare middelen wordt daarbij veel aandacht besteed aan verduurzaming en circulair werken.
Doel | Prestatie |
|---|---|
5A1 Schoon, heel en veilig | 5A1.1 Ontwikkelen beleid openbare ruimte |
5A1.2 Beheren openbare ruimte | |
5A1.3 Inzamelen huishoudelijk afval | |
5A1.4 Beheren contracten buitenreclame | |
5A1.5 Handhaven gebruik openbare ruimte | |
5A1.6 Werken voor derden cluster beheer |
De bodem kan veel bieden aan de ontwikkeling van de stad: de bodem is het fundament waar veel functies bij elkaar komen, zoals waterberging, kabels en leidingen, boomwortels, fundering. Daarnaast kent de bodem uitdagingen uit het heden en verleden zoals bodemverontreiniging, ontplofbare oorlogsresten en bodemdaling. Daarom maken we de afweging welke functies we allemaal nodig hebben van de bodem en hoe we de stad duurzaam kunnen ontwikkelen (klimaatadaptief, biodivers, duurzame energie, woningbouw etc.). In het Leids Uitvoeringsprogramma Bodem en Ondergrond (LUBO) 2024-2030 zijn de activiteiten voor bodem en ondergrond vastgelegd en hoe de gemeente de reserve LUBO en de door het rijk beschikbaar gestelde budgetten voor bodem en ondergrond wil inzetten. Gezonde bodems zijn een noodzaak om de ambities uit de Omgevingsvisie over o.a. klimaatadaptatie en biodiversiteit te verwezenlijken. In 2027 wordt voor gezonde bodems beleid ontwikkeld binnen de gemeentelijke projecten (zoals groenprojecten, wijkvernieuwing). In 2026 wordt de regionale nota bodembeheer geëvalueerd. Op basis hiervan bepalen we in 2027 of en zo ja welke aanpassingen er in het Omgevingsplan nodig zijn ten aanzien van het toepassen van grond in Leiden en de regiogemeenten. In 2027 start een regionaal onderzoek om nieuwe bodemkwaliteitskaarten op te stellen, die we in 2028 verwerken in het Omgevingsplan. In 2027 zet de gemeente de vervolgstappen om datagedreven te werken, in de Omgevingsvisie genaamd "Grand Design". Dit betekent een focus op besluitvorming mede op basis van data, gevisualiseerd in een Geo-Informatie Systeem. Hiervoor wordt het datagedreven werken in 2027 verankerd in zowel procedures als organisatie. Het doel is om via beter overzicht van alle huidige en toekomstige boven- en ondergrondse ruimtelijke claims, betere afwegingen te maken bij ruimtelijke ingrepen op zowel straat, buurt, wijk en stadsniveau. Op nationaal niveau is Leiden nauw betrokken bij de oprichting en uitvoering van het Nationaal Programma Bodem, Ondergrond en Grondwater, dat in 2027 start. Hieruit volgen belangrijke financiële, juridische en digitale (data) randvoorwaarden en uitgangspunten voor zowel regie op boven- en ondergrond als gezonde bodems. Leiden loopt nationaal voorop bij de onderwerpen gezonde bodems en regie op bodem en ondergrond.
Openbare verlichting Leiden participeert in een meerjarig onderzoek van diverse universiteiten waaronder die van Leiden en het Nederlands Instituut voor Ecologie in combinatie met diverse instituten in onder andere de gezondheidszorg en lichtwereld naar de invloed van (straat)verlichting op biodiversiteit. Vanuit de gemeente Leiden (openbare verlichting) haken we hierbij aan om uiteindelijk openbare verlichting te kunnen plaatsen waar wetenschappelijk onderbouwd, (meer) recht wordt gedaan aan mens, flora en fauna (zoveel mogelijk) binnen de normen van landelijke richtlijnen (verkeersveiligheid, sociale veiligheid). In 2027 maken we een plan hoe we de uitkomst van het onderzoek kunnen gebruiken binnen het, in 2025 vastgestelde, verlichtingsbeleid van Leiden. In 2027 geven wij uitvoering aan het beleid Openbare Verlichting & Donkerte 2025. Dit beleid is gericht op (sociale) veiligheid en het verminderen van de impact op de natuur.
Met de duurzame wijkvernieuwingsprojecten vervangen we de riolering en verharding en richten de wijken klimaatadaptief in. Hierbij nemen we waar mogelijk andere opgaven mee en participeren we uitgebreid met bewoners en ondernemers. Zie ook 5B 1.2. In 2027 werken we verder aan de duurzame wijkvernieuwingsprojecten. Onderstaand een overzicht per project:
Project | Start | Gereed |
Gasthuiswijk-Haagweg Zuid fase 2 | In uitvoering | 31-03-2027 |
Noorderkwartier-Oost fase 3, 4, 5 | In uitvoering | 30-06-2027 |
Raadsherenbuurt | In uitvoering | 30-06-2027 |
Hoge Mors Fase 2 | In uitvoering | 30-12-2028 |
Gasthuiswijk-Haagweg Zuid fase 4 | 01-01-2027 | 31-12-2028 |
Gasthuiswijk-Haagweg Zuid fase 3 | 01-01-2027 | 31-03-2029 |
Hart van Meerburg | 01-06-2027 | 30-06-2029 |
Merenwijk Horsten | 01-01-2028 | 31-12-2029 |
Merenwijk Rodes | 01-01-2028 | 31-12-2029 |
Fortuinwijk-Noord | 01-04-2028 | 30-06-2032 |
Fortuinwijk-Zuid | 01-04-2028 | 30-06-2032 |
Boshuizen | 01-07-2029 | 31-12-2032 |
Samen aan de Slag ontwikkelt zich verder als aanjager van vergroening en bewonersparticipatie in de stad. We zetten in op het versterken van de groencommunity, het stimuleren van vergroening in tuinen (tuinambassadeurs), buurten en bedrijventerreinen en het ondersteunen van initiatieven die bijdragen aan biodiversiteit, klimaatadaptatie, gezondheid en sociale verbinding. Daarbij blijft de samenwerking met bewoners, maatschappelijke partners en andere gemeentelijke opgaven centraal staan.
2027 Is het eerste uitvoeringsjaar van de uitvoeringsprogramma’s Beheer voor alle assets behalve riolering. Voor deze laatste wordt in een ander ritme een Integraal Waterketenplan vastgesteld. Om continu te leren en waar mogelijk te verbeteren wordt actief kennis en ervaringen uitgewisseld met andere gemeenten over het beheer. Zo nemen we deel aan de landelijke Kennisgroep Assetmanagent, de kopgroep Beheer en het programma DOOR (Dataharmonisatie Objecten Openbare Ruimte).
Het vervangen van armaturen naar LED ligt op schema en wordt in 2027 voortgezet. De verwachting is dat eind dit jaar 75% van alle conventionele Leidse armaturen vervangen of omgebouwd zijn naar LED.
We beheren en onderhouden de bruggen, tunnels en viaducten zodat de stad toegankelijk en bereikbaar is voor alle verkeersdeelnemers en voor de doorvaarbaarheid van het scheepvaartverkeer. Ook de bediening van de beweegbare bruggen hoort hierbij. De volgende activiteiten voeren we in 2027 uit:
We onderhouden verharding op het wettelijke aansprakelijkheidsniveau (R–). Dat betekent dat we alleen ingrijpen (onderhoudsmaatregelen uitvoeren) wanneer het aansprakelijkheidsniveau dreigt te worden overschreden. In het komende uitvoeringsprogramma Beheer voeren we onderhoudswerkzaamheden uit verspreid door de stad op basis van inspectieresultaten. Hiernaast moet de verharding op een aantal wegen vervangen worden zoals de Willem van de Madeweg, delen van de IJsselmeerlaan en Gooimeerlaan, Breestraat en Wassenaarseweg.
Tegelijk met de onderhoudswerkzaamheden aan de wegen wordt ook groeiplaatsverbetering voor bomen die wortelopdruk veroorzaken toegepast. Ook worden waar mogelijk (kleine) verkeerskundige verbeteringen uitgevoerd. De Groene Kansenkaart is hierbij een integraal onderdeel van de werkzaamheden.
Straatreiniging draagt bij aan een schone en veilige openbare ruimte door het opvegen van zwerfafval en blad, het legen en schoonhouden van prullenbakken, onkruidbestrijding en het verwijderen van graffiti. In 2027 wordt het prullenbakkenbestand verder geoptimaliseerd: Waar nodig worden ze schoongemaakt en waar mogelijk worden kleine prullenbakken 1:1 vervangen door grotere exemplaren. Gebleken is dat het huidige aantal pizzadozencontainers in de binnenstad volstaat. Wel zal het aantal statiegeldbakken verder uitgebreid worden en onderzoeken we manieren om overlast van sigarettenpeuken terug te dringen. Aanpak van de hotspotlocaties wordt verder geïntensiveerd en de resultaten worden gemonitord.
De volgende werkzaamheden voeren we in 2027 uit:
Tijdens de jaarlijkse schouwen monitoren we wat nodig is om de beeldkwaliteit van het straatmeubilair op niveau B te houden. We brengen in heel Leiden de staat van het straatmeubilair in beeld met speciale aandacht voor scheefstand en bevuiling, omdat dit een terugkerend punt van aandacht is. Op basis hiervan bepalen we, indien nodig, welke maatregelen uitgevoerd moeten worden.
De speelplekken worden conform het uitvoeringsplan Spelen onderhouden en beheerd. De aanwezige speeltoestellen worden jaarlijks op veiligheid getoetst aan het Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen. Vervangen van speelplekken is bij einde levensduur en gebeurt planmatig. Participatie, inclusie en een verdere vergroening van speelplekken worden hierin meegenomen.
Hoewel de beoordeling van de openbare ruimte in de stadsenquête ruim voldoende is blijven dumpingen en zwerfafval continu aandacht vragen. Middels diverse maatregelen wordt dit ondervangen. Denk aan plaatsen van grotere prullenbakken en het uitvoeren van clean sweeps in de wijken. In 2027 zullen we de wijken intrekken met een recyclewagen en worden recycletassen uitgedeeld waar bewoners diverse zaken kunnen inleveren met als doel het hergebruik hiervan. Daarnaast is er zes wekelijks overleg met Handhaving op basis van een lijst met hotspots (locaties waar regelmatig afval wordt gedumpt). De hotspots worden regelmatig gezamenlijk bezocht om waar mogelijk verbaliserend op te treden en tegelijkertijd de locatie op te ruimen. Daarnaast worden elke dag de meldingen van overlast, zwerfafval en dumping opgepakt. Deze meldingen worden meestal binnen één werkdag opgelost. Bewoners worden bij opschoonacties ondersteund met materialen en containeradoptie wordt aangemoedigd. Het zwerfafval in het groen wordt zo veel als mogelijk voorafgaand aan de groenwerkzaamheden gedaan om te voorkomen dat het zwerfafval bij het groenafval komt.
Wekelijks wordt bij de ruim 78.000 huishoudens in Leiden afval opgehaald met minicontainers bij de laagbouw en verzamelcontainers bij de hoogbouw. Papier, glas en textiel worden apart opgehaald, aan-huis of met verzamelcontainers. Het kunststofafval, drankenkartons en blik worden nagescheiden uit het restafval. De voorbereiding van de GFE inzameling bij de hoogbouw heeft wat vertraging opgelopen maar zal in 2027 starten en de daaropvolgende jaren verder worden uitgerold door de stad. Dit geldt eveneens voor aanvullende recyclemogelijkheden. Om hergebruik van spullen te stimuleren gaan we naar de mensen toe. We introduceren hiervoor in 2027 een recycletas voor boeken, elektrische apparaten, speelgoed en textiel. Naast het inleveren van de spullen uit de recycletas kunnen inwoners hun herbruikbare spullen (die niet in de recycletas passen) en klein chemisch afval (KCA) aanbieden bij de recyclewagen die op een vaste dag bij het winkelcentrum staat.
Om de opbrengsten uit buitenreclame zoveel mogelijk op peil te houden, zetten we in op actief contractbeheer en professioneel contractmanagement. Uw raad heeft met een motie het college opgedragen te onderzoeken om de exploitatie van lichtmastreclames niet te continueren. Het contract voor de lichtmastreclames is niet verlengd. Vanaf 2028 leidt dit tot een structurele afname van de reclameopbrengsten.
Het toezicht en de handhaving in de openbare ruimte betreft de naleving van de (lokale) wet- en regelgeving zoals bijvoorbeeld vastgelegd in de APV. De prioriteiten waar de Buitengewoon Opsporingsambtenaren (Boa’s) van de gemeente aan werken, zijn bepaald in de Visie op Handhaving 2025-2028 en het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma Handhaving (UPH). Uitgangspunt in de handhaving blijft beschermen van de leefbaarheid in de stad en het voorkomen dat leefbaarheidsproblemen veiligheidsproblemen worden.
In 2027 zetten we, op basis van de Centrumregeling die we hiervoor hebben afgesloten, de inzameling van diverse afvalstromen voort bij de buurgemeenten Oegstgeest, Zoeterwoude en Leiderdorp.
De onderstaande Verbonden Partij levert een bijdrage aan dit beleidsterrein. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.
Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland |
|---|
De Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) is een samenwerkingsverband op het gebied van belastingen tussen het hoogheemraadschap van Rijnland en de gemeenten: Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Velsen, Voorschoten, Waddinxveen, Wassenaar en Zoeterwoude. De BSGR voert namens de deelnemers de heffing en invordering van afvalstoffenheffing uit. |
Effectindicator | Realisatie | Streefwaarden | Bron | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |||
Doel 5A1 Schoon, heel en veilig | ||||||
5A1.a Rapportcijfer onderhoud openbare ruimte | 7,0 (2021) | 7,1 | - | 7,1 | - | Stadsenquête |
5A1.b Percentage inwoners dat 'behoorlijk wat' tot 'zeer ernstig' zwerfvuil ervaart | 45% (2021) | 39% | - | 39% | - | Stadsenquête |
5A1.c Gemeten kwaliteitsniveau 'zwerfvuil' | (2023) | B | B | B | B | Beleidsmeting openbare ruimte |
5A1.d Percentage inwoners dat 'behoorlijk wat' tot 'zeer ernstig' hondenpoep ervaart | 23% (2021) | 25% | - | 25% | - | Stadsenquête |
5A1.e Gemeten kwaliteitsniveau 'hondenpoep' | A (2023) | B | B | B | B | Beleidsmeting openbare ruimte |
5A1.f Percentage inwoners dat 'behoorlijk wat' tot 'zeer ernstig' onkruid ervaart | 17% (2021) | 25% | - | 25% | - | Stadsenquête |
5A1.g Gemeten kwaliteitsniveau 'onkruid' | B (2023) | B | B | B | B | Beleidsmeting openbare ruimte |
5A1.h Percentage inwoners dat 'behoorlijk wat' tot 'zeer ernstig' drijfvuil ervaart | 23% (2021) | 25% | - | 25% | - | Stadsenquête |
5A1.i Gemeten kwaliteitsniveau 'drijfvuil' | A (2023) | B | B | B | B | Beleidsmeting openbare ruimte |
5A1.j Percentage inwoners dat het onderhoud van straten en wegen als 'uitstekend' of 'goed' beoordeelt ** | 69% (2021) | 68% | - | 68% | - | Stadsenquête |
5A1.k Gemeten kwaliteitsniveau verharding | B (2023) | B | B | B | B | Beleidsmeting openbare ruimte |
5A1.l Percentage inwoners dat het onderhoud van straatmeubilair als 'uitstekend' of 'goed' beoordeelt | 61% (2021) | 70% | - | 70% | - | Stadsenquête |
5A1.m Gemeten kwaliteitsniveau 'straatmeubilair' | B (2023) | B | B | B | B | Beleidsmeting openbare ruimte |
Water is een belangrijke kwaliteit in Leiden en heeft verschillende functies. Het watersysteem in West-Nederland, en dus ook in Leiden, is belangrijk voor de aan- en afvoer van water. Voor alle functies in de stad is het van belang dat er genoeg, maar ook niet teveel water is. Verder staat het volgende in de Omgevingsvisie Leiden 2040: “Openbaar water heeft niet alleen een recreatief, maar ook een functioneel nut. Het heeft een transportfunctie, kan warmte / koude opslaan, de stad koelen en overtollig water na hevige regenval opvangen.” Naast het in stand houden van het watersysteem is ook de verbetering van de waterkwaliteit een belangrijke opgave. Hiervoor beperken we oa vervuiling door overstorten en leggen we natuurvriendelijke oevers aan en stimuleren we de groei van waterplanten, wat ook bijdraagt aan het versterken van de biodiversiteit.
Doel | Prestatie |
|---|---|
5B1 Waterkwantiteit op orde en verbeteren waterkwaliteit | 5B1.1 Ontwikkelen en uitvoeren beleid waterkwantiteit en waterkwaliteit |
5B1.2 Beheren openbaar water en riolering | |
5B2 Stimuleren van een doelmatig gebruik van het openbaar water | 5B2.1 Ontwikkelen beleid gebruik openbaar water |
5B2.2 Exploiteren havens en waterwegen | |
5B2.3 Behandelen ligplaatsvergunningen | |
5B2.4 Handhaven gebruik openbaar water |
In het kader van de Omgevingswet en de uitwerking van het Groen-Blauwe raamwerk is een verkenning uitgevoerd voor het water in Leiden vanuit het principe Water en Bodem Sturend. Samen met het Hoogheemraadschap van Rijnland is zowel gekeken naar de verwachtingen ten aanzien van waterbeheer en klimaatverandering en naar de mogelijkheden voor het verbeteren van de waterkwaliteit. Een goede waterkwaliteit is belangrijk voor de biodiversiteit en volksgezondheid. We doen onderzoek naar de waterkwaliteit, onder andere samen met de universiteit. Het herstel van waterplanten speelt hierin een belangrijke rol, in combinatie met het aanleggen van natuurvriendelijke oevers. Dit wordt ook meegenomen in de verdere samenwerking met het Hoogheemraadschap van Rijnland. Doelstellingen voor waterkwaliteit zijn nu nog niet concreet vastgelegd in beleid, maar dit wordt te zijnertijd meegenomen in de omgevingswetinstrumenten, waaronder een omgevingsprogramma voor het Groen-Blauw raamwerk. Een omgevingsprogramma leent zich goed voor het vastleggen van doelen en ambities en voor de programmering van uitvoeringsmaatregelen.
Beheer en onderhoud aan de watergangen waar de gemeente voor verantwoordelijk is doen we om de waterkwantiteit te borgen en de waterkwaliteit te verbeteren conform de "Legger" en Onderhoudsverordening van het Waterschap. We verwerken de vrijgekomen biomassa duurzaam bij een erkende verwerkingsinstallatie, of als dat kan in het terrein. De werkzaamheden worden verricht conform het ecologisch werkprotocol soortbescherming. De volgende activiteiten voeren we in 2027 uit:
Het doel is het duurzaam beschermen van de volksgezondheid, het afvoeren van afvalwater en hemelwater en het reguleren van de grondwaterstand. Overeenkomstig het Integraal Waterketenprogramma 2024-2028 wordt onderstaand regulier en groot onderhoud verricht:
In de duurzame wijkvernieuwingen wordt een ondergronds klimaatrobuust gescheiden systeem aangelegd. Hiermee wordt (gemengd) afvalwater getransporteerd naar zuivering, regenwater vertraagd op oppervlaktewater afgevoerd en grondwaterstand gereguleerd. De energietransitie wordt middels ruimtereservering meegenomen in het project. Bovengronds wordt de openbare ruimte klimaat-adaptief, biodivers en groener ingericht. Bij aanbestedingen worden duurzaamheid, hergebruik van materiaal en circulariteit opgenomen. De voortgang van de duurzame wijkvernieuwingen verloopt voorspoedig. In 2027 worden vier onderdoorgangen water-robuuster gemaakt. Met aantal mobiliteitsprojecten wordt “werk met werk” gemaakt zoals Lammenschansweg – Stationsgebied e.o. – Morsweg – Groene Loper.
In de visie op de Bezoekerseconomie is ervoor gekozen om niet in te zetten op grootschalige stimulering van het watertoerisme. Bezoekers met sloepen weten de stad immers al voldoende te vinden. In de brief aan de raad over het water in Leiden geeft het college aan dat een goede balans tussen het gebruik van het water en het waarborgen van de natuurlijke waterfuncties, zoals het afvoeren van overtollig water bij hevige regenval, noodzakelijk is. Ook schoon water voor mens en natuur speelt hierbij een belangrijke rol. Dit wordt verder uitgewerkt binnen het stadsbrede thema Groen-Blauw Raamwerk binnen de Omgevingsvisie. Via communicatie voor goed vaargedrag en handhaving wordt ingezet om dit vaarverkeer in goede banen te leiden.
In 2027 wordt in de Passantenhaven en de Charterhaven (langs de Zijlsingel) het jaarlijkse klein onderhoud uitgevoerd. Voor het overnachten in de haven int de gemeente havengelden. Door het nieuwe digitaal betalingssysteem en betere handhaving middels het Havenreglement, is de verwachting dat de inkomsten hoger worden en transparant geregistreerd. Daarnaast zorgt de gemeente in de havens voor een goed functionerende douche en toiletvoorziening. Dit betekent o.a. een jaarlijkse controle op legionella. Hierbij streven we naar het predicaat van de Blauwe Vlag.
De gemeente publiceert ieder kwartaal een lijst met vrije ligplaatsen voor pleziervaartuigen. Inwoners van Leiden die zich hebben geregistreerd op de wachtlijst kunnen hun interesse voor een vrije ligplaats kenbaar maken. De ligplaats wordt vervolgens vergund aan de inwoner die het hoogst op de wachtlijst staat. Aanvragen voor ligplaatsen voor bedrijfsvaartuigen worden op dit moment nog niet verdeeld. Dit komt doordat nader onderzoek nodig bleek naar de vraag of ligplaatsvergunningen voor bedrijfsvaartuigen moeten worden aangemerkt als schaarse vergunningen. Naar verwachting zijn de lotingssystematiek en het bijbehorende beleidskader medio 2027 gereed en kunnen de ligplaatsen worden uitgegeven.
Om overlast op het water te beperken, wordt door gemeentelijke handhavers nauw samengewerkt met de politie en andere partners op het water. De inzet van Handhaving op het water wordt bepaald in de Visie op Handhaving 2025-2028 en het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma Handhaving (UPH). Met oog op de beperkte bevoegdheden is deze inzet vooral preventief ingestoken. Het toezicht op het water blijft bestaan, maar wordt met een lagere frequentie opgepakt. Daarnaast wordt nog steeds ingezet op de handhaving op de ligplaatsenvergunningen van bedrijfs- en pleziervaartuigen en op het verwijderen van wrakboten. In 2027 wordt de huidige boot vervangen voor een elektrische boot. Deze vervanging is noodzakelijk omdat de huidige boot aan het einde van de afschrijving zit. Er wordt gekozen om de boot te vervangen voor een elektrische bood om zo invulling te geven aan de duurzaamheidsambities van de gemeente.
De onderstaande Verbonden Partij levert een bijdrage aan dit beleidsterrein. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.
Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland |
De Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) is een samenwerkingsverband op het gebied van belastingen tussen het hoogheemraadschap van Rijnland en de gemeenten: Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Velsen, Voorschoten, Waddinxveen, Wassenaar en Zoeterwoude. De BSGR voert namens de deelnemers de heffing en invordering van de riool- en waterzorgheffing uit. |
Effectindicator | Realisatie | Streefwaarden | Bron | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |||
Doel 5B2 Verbeteren waterkwaliteit | ||||||
5B2.a Percentage inwoners dat het onderhoud van watergangen als 'uitstekend' of 'goed' beoordeelt | 70% (2021) | 66% | - | 66% | - | Stadsenquête |
Doel 5B3 Recreatieve waarde water vergroten | ||||||
5B3.a Rapportcijfer door Leidenaars voor de recreatieve kwaliteit van groen en water in Leiden | 7,2 (2021) | 7,3 | - | 7,3 | - | Stadsenquête |
Een groene leefomgeving is belangrijk voor bewoners en bedrijven in een verstedelijkte stad als Leiden. Zeker wanneer er woningen bijkomen is het belangrijk dat er in die omgeving ook groene plekken zijn, waar bewoners kunnen verblijven en recreëren. Een groene inrichting draagt daarnaast ook bij aan de belangrijke opgaven als het behouden en versterken van de biodiversiteit en klimaatbestendigheid. Verder is het belangrijk het groen in Leiden en het groen in de regio te verbinden zodat dieren en planten zich kunnen verplaatsen en burgers via groen naar het ommeland kunnen reizen.
Het college heeft zich tot doel gesteld om Leiden in de collegeperiode 2022-2026 zichtbaar groener te laten worden. Dit kan door de kwaliteit van het groen te verbeteren, door leefgebieden van planten en dieren te verbinden en door het toevoegen van extra groen, in een stad die tegelijkertijd werkt aan het toevoegen van veel extra woningen. Daarnaast heeft het college zich tot doel gesteld om meer en beter leefgebied voor flora en fauna te maken en door een bijdrage te leveren aan het klimaatadaptiever inrichten van Leiden.
Doel | Prestatie |
|---|---|
5C1 Ontwikkelen en beheren van het openbaar groen | 5C1.1 Ontwikkelen en uitvoeren beleid stedelijk en regionaal groen |
5C1.2 Renoveren en herinrichten parken | |
5C1.3 Beheren openbaar groen | |
5C1.4 Behandelen kapvergunningen | |
5C1.5 Aanleggen Singelpark | |
5C1.6 Beheren Oostvlietpolder | |
5C2 Bevorderen biodiversiteit | 5C2.1 Ontwikkelen en uitvoeren beleid biodiversiteit |
5C3 Bevorderen dierenwelzijn | 5C3.1 Ontwikkelen en uitvoeren beleid dierenwelzijn |
5C1.1 Ontwikkelen en uitvoeren beleid stedelijk en regionaal groen
Op basis van het Beleidsakkoord 2022 – 2026 Samenleven in Leiden is gestart met het PanoramaPark, een groene ring meer door en langs de buitenrand van de stad. Er wordt gewerkt aan het Ontwikkelkader voor het PanoramaPark. Naar verwachting zal de realisatie zeker 20 jaar in beslag nemen, waarbij de eerste delen al de komende jaren worden uitgevoerd. Bij het uitvoeren van projecten zal worden aangesloten bij al lopende trajecten en bijbehorende gereserveerde financiering. Verder wordt onderzocht of er regionaal, provinciaal of rijksgeld beschikbaar kan komen voor deelprojecten. Het groenfonds binnen de Regionale InvesteringsAgenda van Holland Rijnland is hiervoor een mogelijkheid, net als middelen uit het Zuid-Hollands Programma Landelijk gebied of de Novex.
In 2026 heeft het Nationaal Park Hollandse Duinen een definitieve status als Nationaal Park gekregen. In 2027 worden de communicatie activiteiten voortgezet; doel is bezoekers te verleiden om niet alleen de duinen te bezoeken maar ook andere gebieden als de landgoederen en de steden die grenzen aan het Nationaal Park, zoals Leiden.
Vanuit de Regionale investeringsagenda van Holland Rijnland zijn er middelen voor planvorming van een groen-blauw raamwerk in de regio, voortbouwend op zowel het Leidse groen-blauw raamwerk en het PanoramaPark. De middelen uit de RIA worden binnen het project Groen-Blauw Verbindt gebruikt om een aantal haalbaarheidsstudies uit te voeren voor groene ringen, groene randen en groene vingers. Op basis van deze haalbaarheidsstudies kunnen later middelen gezocht worden voor de realisatie en wordt gezocht naar meekoppelkansen in lopende projecten.
De Groene Hoofdstructuur zoals vastgelegd in het Uitwerkingsplan uit 2018 (en geactualiseerd in 2022) is grotendeels gereed. De laatste projecten worden in 2026 uitgevoerd of worden meegenomen in bijvoorbeeld de realisatie van het PanoramaPark en het groen-blauwe raamwerk.
Leiden heeft veel parken. Om de kwaliteit van deze parken te behouden, te versterken en aan te passen aan nieuwe behoeften, heeft Leiden een Investeringsprogramma Parken (IP Parken), waarin middelen zijn gereserveerd om ieder jaar één of meerdere parken te renoveren. Aan de hand van de evaluaties van de beheerplannen wordt jaarlijks bepaald welke parken in aanmerking komen voor een grootschalige onderhoudsbeurt. Het doel is om de parken in goede conditie te houden door deze ongeveer eens in de 25 jaar te renoveren (cyclus in beheerplannen). De gefaseerde renovatie in Polderpark Cronesteyn loopt nog door tot 2029. Verder wordt er gewerkt in het Merenwijkpark en het Hooghkamerpark, en worden in de komende periode renovaties opgestart in het Korte Vlietpark fase 2, het Roomburgerpark en het Stevenspark.
Bij het (her)planten van bomen kijken we naar de juiste soort op de juiste plaats. Hierbij spelen de ecologische waarde, klimaatbestendigheid, toekomstbestendigheid, standplaats, esthetische waarde en welke soorten er weinig in de stad aanwezig zijn een rol.
We verwachten eind 2027 de achterstand van de kwarrende (zieke of niet groeiende) bomen te hebben ingelopen. Afhankelijk van de resultaten van de inspecties zullen naar schatting in 2027 meer dan 2000 bomen vervangen moeten worden. Dit gaat niet lukken dus een deel van de bomen wordt naar 2028 e.v. doorgeschoven waar mogelijk. De vervanging van deze bomen komt de gezondheid en kwaliteit van het totale bomenbestand in Leiden ten goede. Ook werken we in 2027 verder aan het verbeteren van de kwaliteit van het bomenbestand door extra voedsel in de bodem te brengen en door bij droge periodes (indien nodig) water te geven. De pilot met watersensoren geeft aan waar dat nodig is. Het verbeteren van de biodiversiteit wordt in 2027 voortgezet door ecologisch te maaien, door waar mogelijk gazons om te vormen naar bermen, door een andere maaifrequentie of door mozaïekbeheer (vlakken wel maaien en vlakken niet maaien zodat niet alles volledig kaal is) of door plantenvakken om te vormen naar bloemrijke bermen. Hierbij is van belang dat er een balans is tussen het draagvlak bij inwoners en de ecologische kwaliteit.
De Japanse duizendknoop wordt zesmaal per jaar behandeld om hem onder controle te houden. Daarnaast monitoren we de ervaringen en behaalde resultaten in Nederland met alternatieve vormen van bestrijding door onder andere de bladvlo die de natuurlijke vijand is van de Japanse duizendknoop.
Het stedelijk groen is waardevol en het bomenbestand wordt gezien als ruimtelijke kwaliteit. Bij ruimtelijke ingrepen wordt vanaf de initiatieffase al zorgvuldig gekeken hoe bomen behouden kunnen blijven. Pas in het uiterste geval wordt tot kap overgegaan.
Het Singelpark is een project van en voor de bewoners, en maakt onderdeel uit van het Groen-Blauwe raamwerk. Het is een groene omlijsting van de historische binnenstad, een park waar Leiden zich mee op de kaart zet. Vele inwoners en bezoekers van Leiden kunnen genieten van het rondje Singelpark.
De herinrichting van de Jan van Houtkade loopt volop. Vergroening van de Wereldtuin bij het Wereldmuseum is gestart in 2026 en wordt de komende jaren afgerond. Het Museum betaalt een groot deel van de vergroening zelf met de inzet van crowdfunding, en heeft daarnaast bijdragen ontvangen van de provincie Zuid-Holland, van Holland Rijnland en van de gemeente Leiden. Verder heeft de Vereniging Vrienden van het Singelpark in 2025 een driejarige subsidie van de gemeente ontvangen, die zij onder andere inzetten voor tuinieren op hoogte in het Lakenpark, de realisatie van een Singelpunt en natuur- en milieueducatie.
In onze Omgevingsvisie 2040 is benoemd dat de Oostvlietpolder groen blijft en dat dit één van de weinige locaties is in Leiden waar we kunnen investeren in natuur. In 2026 zijn de werkzaamheden voor WarmtelinQ in de Oostvlietpolder gestart. Deze lopen naar verwachting door in 2027. Verder wordt uitvoering gegeven aan een aantal maatregelen ter verbetering van de natuurwaarden (als onderdeel van het project Verbeteren natuurwaarden), in samenhang met recreatieve voorzieningen.
We richten ons op het versterken van de biodiversiteit in zeven verschillende leefgebieden in de stad (natuurvriendelijke oevers, kruidenrijk grasland, straatgroen, bosplantsoen, natuurvriendelijke bebouwing, weidevogelgebied en de kademuur). Begin 2026 is een uitvoeringsbesluit per leefgebied vastgesteld met uitvoeringsplannen per leefgebied. In de periode 2026-2029 worden de uitvoeringsplannen uitgewerkt en uitgevoerd. Het beheer wordt daarnaast meer ecologisch ingevuld door uitvoering te geven aan de gedragscode soortbescherming voor gemeente, waarvoor in 2026 een voor Leiden toepasbare uitwerking is vastgesteld. Ook wordt specifiek gewerkt aan het versterken van leefgebied van beschermde soorten die in gebouwen voorkomen – zoals huismussen en vleermuissoorten - in het kader van het soortenmanagementplan. Met dit soortenmanagementplan wordt de de biodiversiteit versterkt én wordt veel tijd en geld bespaard voor natuurvergunningen rondom renovatie,- isolatie,- en nieuwbouwprojecten in de stad. In 2027 geven we verder invulling aan het vastgestelde beleid voor natuurinclusief ontwikkelen.
In 2027 worden binnen de gemeente gerichte en zichtbare stappen gezet om dierenwelzijn en de kwaliteit van de openbare ruimte te versterken, dit in lijn met de in 2025 vastgestelde Nota Dieren. In 2026 is het hondenlosloopbeleid geëvalueerd en dit leidt mogelijk tot aanpassingen in de openbare ruimte. Bij de eventuele herinrichting en verbetering van de losloopgebieden voeren we waar mogelijk fysieke verbeteringen uit om de kwaliteit en veiligheid van deze zones te vergroten. Zo worden deze toekomstbestendiger en gebruiksvriendelijker voor zowel honden als hun eigenaren. De subsidie voor de dierenambulance wordt omgezet naar een contract of dienstverleningsovereenkomst, waarmee de regionale samenwerking wordt versterkt én de financiële relatie met de dierenambulance en het Vogelasiel Leiden duurzaam wordt geborgd. Deze contractvorm biedt de dierenambulance de zekerheid om een stabiele en continu beschikbare dienst te kunnen blijven leveren. De eerste voorbereidingen hiervoor zijn halverwege 2026 gestart. Daarnaast wordt een plan voor het hertenkamp en de volière ontwikkeld en uitgevoerd, gericht op toekomstbestendige voorzieningen en verbeterd dierenwelzijn op deze locaties. Tot slot wordt de informatie over dieren op de gemeentelijke website uitgebreid, zodat inwoners beter worden geïnformeerd over regels, voorzieningen en gemeentelijke projecten.
Effectindicator | Realisatie | Streefwaarden | Bron | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |||
Doel 5C1 Ontwikkelen en beheren van het openbaar groen | ||||||
5C1.a Percentage inwoners dat het onderhoud van groen als 'uitstekend' of 'goed' beoordeelt | 72% (2021) | 73% | - | 73% | - | Stadsenquête |
5C1.b Aantal hectare groen* | 482 (2022) | ≥474 | ≥474 | ≥474 | ≥474 | GeoVisia |
5C1.c Rapportcijfer door Leidenaars voor de recreatieve kwaliteit van groen en water in de omgeving van Leiden | 7,9 (2021) | 7,7 | - | 7,7 | - | Stadsenquête |
5C2 Bevorderen biodiversiteit | ||||||
5C2.a Het percentage gemeten dieren met een stabiele of positieve trend sinds 2004** | 50% (2021) | 50% | 50% | 50% | 50% | Stadsnatuurmeetnet |
5C2.b Voor planten: het percentage van de gemeten doelecotopen met een stabiele of positieve trend sinds 2004 | 69% (2022) | 55% | 55% | 55% | 55% | Stadsnatuurmeetnet |
* Zoals toegelicht bij de groenrapportage 2021 wordt voor deze indicator het beheersysteem Geovisia van de gemeente gebruikt. Het betreft het groenareaal in eigendom van de gemeente.
** Omdat het college biodiversiteit belangrijk vindt, zijn er nu voor het eerst cijfers opgenomen die echt iets zeggen over hoe het ervoor staat. Dat helpt het college en uw raad om beter te kunnen sturen. Toch zijn cijfers alleen niet genoeg — biodiversiteit is complex en vraagt om uitleg. Die geeft het college via de jaarlijkse rapportages van het stadsnatuurmeetnet, die openbaar beschikbaar zijn (via: https://leiden.incijfers.nl/Onderzoeksbank/--Ruimtegebruik-en-duurzaamheid). Op basis van die rapporten kiest het college jaarlijks welke maatregelen nodig zijn. De laatste jaren is er vooral geïnvesteerd in meer struiken, struwelen en natuurvriendelijke oevers, omdat die volgens de metingen de meeste aandacht nodig hebben. Het college verwacht dat de resultaten hiervan de komende jaren steeds meer zichtbaar worden in betere biodiversiteitscijfers. Daarnaast werkt het college samen met ecologen aan een nieuw adviesrapport over de biodiversiteit in Leiden, met daarin nieuwe voorstellen om waar nodig bij te sturen. Dat rapport wordt in het derde kwartaal met de gemeenteraad gedeeld. Op basis van al deze informatie is het vervolgens aan uw raad om te besluiten of u samen vindt dat het college genoeg doet voor de biodiversiteit.
Dit beleidsterrein omvat alle activiteiten binnen dit programma die gericht zijn op de functionaliteit van de openbare ruimte voor duurzaamheids- en milieuaspecten, voor zover ze geen plek hebben gekregen bij de beleidsonderdelen circulaire economie (programma 3), duurzame mobiliteit (programma 4), klimaatadaptatie en biodiversiteit (programma 5), energietransitie (programma 6) en duurzame verstedelijking (programma 6). De gemeente Leiden heeft ten aanzien van milieu de gemeentelijke taken en bevoegdheden op grond van milieuwetgeving overgedragen aan de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst West-Holland. Het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst stelt de kaders vast waarbinnen de milieudoelstellingen voor Leiden worden gerealiseerd. Het doen van investeringen in het verbeteren van de lokale milieukwaliteit is evenwel een lokale aangelegenheid.
Doel | Prestatie |
|---|---|
5D1 De stad behouden voor toekomstige generaties door het tegengaan en voorkomen van aantasting van het leefmilieu. | 5D1.1 Milieubeheer algemeen |
5D1.2 Uitvoeren geluidsanering | |
5D1.3 Uitvoeren bodemsanering | |
5D1.4 Uitvoeren duurzaamheidbeleid |
De Omgevingsdienst West-Holland voert de algemene milieutaken voor de gemeente Leiden uit. Een groot deel betreft het reguliere werk rondom de wettelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Daarnaast adviseert de Omgevingsdienst over milieuaspecten bij ruimtelijke planvorming en is de dienst actief op het brede terrein van veiligheid, milieu en duurzaamheid. Hierbij gaat het om onderwerpen als gevaarlijke stoffen, bodem- en luchtverontreiniging, geluid- en geurhinder, omgevingsveiligheid, en energie- en waterbesparing. In 2027 werkt de gemeente wederom constructief en nauw samen met de Omgevingsdienst aan de verdere uitwerking van het Omgevingsplan. Daarnaast wordt steeds intensiever met de Omgevingsdienst samengewerkt op het thema ondermijning.
De gemeente Leiden wordt voor haar milieu- en duurzaamheidsbeleid geadviseerd door de Leidse Milieuraad (LMR). De LMR is een onafhankelijk adviesorgaan van het college en adviseert gevraagd en ongevraagd over de duurzaamheidaspecten van het gemeentelijk beleid. Duurzaamheid wordt ruim opgevat en omvat milieu gerelateerde, sociale en economische aspecten. De Leidse Milieuraad heeft een advies voor de nieuwe raadsperiode uitgebracht.
Het onderwerp ‘milieu’ heeft binnen de Omgevingswet een expliciete rol gekregen. Tegelijkertijd wordt het verband tussen milieu en gezondheid hierbij steeds prominenter. Om aan de wettelijke, en eventueel ook verdergaande gezondheids-, normen te kunnen voldoen is beleid nodig om adequate afwegingen te maken voor het gebruik van de schaarse ruimte. Een schone (qua milieu) fysieke leefomgeving is een voorwaarde om de gezondheid van onze inwoners voldoende te beschermen. Het afwegingskader voor geluid en geur in de Omgevingswet vraagt om een lokaal beleid. Gezien de sterke samenhang met het thema lucht is gestart met de actualisatie van het geluidbeleid (uit 2004) en dit te integreren met de thema's lucht en geur in één Omgevingsprogramma Lucht, geur en geluid. Dit omgevingsprogramma zal naar verwachting begin 2027 door het college worden vastgesteld. Tevens wordt een geluidbelastingkaart vastgesteld conform de Omgevingswet, deze kaart geeft de geluidsbelasting weer in decibel (dB).
Leiden als fijne en gezonde stad om in te wonen, te werken en te leven betekent onder andere minder geluidsoverlast en een verbetering van de luchtkwaliteit. In het Omgevingsprogramma lucht, geur en geluid worden daartoe maatregelen opgenomen. Daarnaast draagt ook het uitvoeren van geluidsaneringsprojecten bij aan een vermindering van de geluidoverlast. Bij de geluidsaneringsprojecten is er sprake van woningen die door het verkeerslawaai een te hoge geluidsbelasting hebben. De geluidsbelasting is dusdanig hoog dat deze woningen op een landelijke lijst staan. Deze woningen komen in aanmerking voor een gevelisolatieonderzoek om te bepalen of het geluidniveau in de woning voldoet aan de wettelijke norm van 43 dB. Bij overschrijding van deze norm komt de woning in aanmerking voor geluidwerende gevelmaatregelen. De proceduretijd voor geluidsanering verschilt per project maar kan vanwege de huidige economische omstandigheden 5 tot wel 10 jaar duren. Er is een lange wachttijd voor de gevelisolatieonderzoeken vanwege een beperkt aantal gespecialiseerde adviesbureaus. Ook is er een wachtlijst bij aannemers voor het uitvoeren van geluidwerende gevelmaatregelen. Voor deze zogeheten saneringslijsten is subsidie van het Rijk beschikbaar gesteld. Alle Leidse woningen die op deze landelijke saneringslijst staan zijn opgenomen in een project en hiervoor is projectsubsidie aangevraagd en ontvangen. Deze projecten worden de komende jaren uitgevoerd waarbij het gaat om geluidwerende gevelmaatregelen en soms ook maatregelen aan de weg. De projectbegeleiding van de sanering vindt plaats door de Omgevingsdienst.
Het uitvoeringsprogramma voor bodemsanering wordt door de gemeente Leiden opgesteld en vormt een onderdeel van het Leids Uitvoeringsprogramma Bodem en Ondergrond 2024-2030. In Leiden vindt de aanpak van bodemverontreiniging plaats via twee sporen. Enerzijds wordt zoveel mogelijk gesaneerd in samenloop met bouw- of herinrichtingsplannen. Daarmee wordt de omgevingskwaliteit integraal verbeterd. Anderzijds worden locaties aangepakt op grond van milieuhygiënische urgentie (spoedlocaties). De Omgevingsdienst voert de taak bodemsanering voor de gemeente en waar nodig in afstemming met de gemeente uit.
5D1.4 Uitvoeren duurzaamheidbeleid
Op de verschillende duurzaamheidsthema’s is er beleid en wordt er beleid ontwikkeld. Dit beleid moet worden toegepast en uitgevoerd. Om ervoor te zorgen dat dit gebeurt, wordt het adviseren bij projecten integraal vormgegeven. Hierdoor wordt het duurzaamheidsbeleid meegenomen in projecten en tot uitvoering gebracht. Daarnaast zijn voor de programma’s Klimaatadaptatie en biodiversiteit, energietransitie en circulaire economie uitvoeringsprogramma’s opgesteld.
Met de Duurzaamste Kilometer is duurzaamheid in de Spoorzone op de kaart gezet en is de Green Deal door vele betrokken stakeholders ondertekend. Hoewel de Duurzaamste Kilometer als zelfstandige organisatie per 2024 is gestopt, blijven de hoge duurzaamheidsambities bestaan. De ambities van de Duurzaamste Kilometer zijn inmiddels verankerd in de gebiedsvisies Schipholweg en Stationsgebied. Daarnaast zijn in de kaderbrief 2023 middelen gevraagd om vanaf 2024 gebiedsgericht te sturen. Duurzaamheid is daarbij 1 van de belangrijkste thema’s waarbij gestuurd wordt om de ambities van de vastgestelde gebiedsvisies te realiseren. The Field manifesteert zich steeds meer als de ontmoetingsplek om te experimenteren en leren over duurzame gebiedsontwikkeling en neemt daarmee de rol van de DZKM over.
Verbonden Partijen
De onderstaande Verbonden Partij levert een bijdrage aan dit beleidsterrein. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.
Omgevingsdienst West-Holland | |||
|---|---|---|---|
Motieven en doelen deelname GR | Uitvoering van de wettelijke taken zoals de vergunningverlening en handhaving van delen van de Omgevingswet, en advisering van de deelnemende gemeenten en de provincie Zuid-Holland bij de uitvoering van hun taken, zoals ruimtelijke planvorming en verkeersbeleid. | ||
Kansen |
| ||
Risico's (top 3) |
| ||
Belangrijkste doelstellingen / prestaties en opgaven 2027 | Vanuit het Interbestuurlijk programma versterking Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving-stelsel (IBP-VTH) is een pakket opgeleverd ter versterking van het VTH-stelsel. Doelstellingen hierbij zijn onder meer het robuust maken van alle omgevingsdiensten en de ontwikkeling van een landelijk digitaal VTH-stelsel. Een omgevingsdienst is robuust wanneer deze voldoet aan een set van zes kritische prestatie-indicatoren (kpi’s) en zes randvoorwaarden. De ODWH is in 2026 robuust bevonden. De komende jaren staan in het teken van borging en doorontwikkeling van het VTH-stelsel. De laatste jaren is ondermijning een belangrijk thema geworden. Daarom werkt de ODWH steeds actiever samen met diverse partners en andere omgevingsdiensten om het team Bibob nog beter te faciliteren. Het doel is met een integrale benadering van de opsporing van verborgen criminaliteit in de regio de ondermijnende invloed tegen te gaan. Tevens is er aandacht voor het verder ontwikkelen van de ODWH op het gebied van informatievoorziening en datakwaliteit. Voor de werving van personeel werkt de ODWH intensief samen met de vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland. Andere belangrijke doelen hierbij zijn om de dienst te verjongen en de kosten van inhuur te beperken. | ||
Belangrijkste bestuurlijke mijlpalen 2027 |
| ||
Bijdrage 2027 | € 3.845.000 (begroting 2027) | ||
Voor eigenaarsrol, zie paragraaf verbonden partijen | |||
Jaarlijks worden de omgevingswaarden (normen) voor luchtkwaliteit gemonitord. Bij (dreigende) overschrijding van de luchtkwaltiteitsnormen moet een omgevingsprogramma worden opgesteld. Momenteel worden de normen niet overschreden.
Effectindicator | Realisatie | Streefwaarden | Bron | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |||
Doel 5D1 Werken aan een duurzame stad | ||||||
5D1.a Aantal hoofdwegen* met stikstofgehalte >35 μg/m³ | 1 (2023)** | 0 | 0 | 0 | 0 | CIMLK |
* De 23 gemeentelijke hoofdwegen zijn: Churchilllaan, Dr Lelylaan, Haagweg, Haagse Schouwweg, Herenstraat, Hoge Rijndijk, Hooigracht, Kanaalweg, Kooilaan, Lammenschansweg, Langebrug, Langegracht, Levendaal, Noordeinde, Oranjeboomstraat, Plesmanlaan, Schipholweg, Stevenshofdreef, Tunnelmond Schipholweg / Stationsweg, Vrijheidslaan, Willem de Zwijgerlaan, Willem v d Madeweg, Zijlsingel.
** Dit betrof de tunnelmond van de Willem de Zwijgerlaan bij de Kooilaan.
In 2023 is het Uitvoeringsprogramma 2023-2026 "Samen maken we Leiden groener, gezonder en klaar voor de toekomst", vastgesteld. De ambitie is om in 2050 een klimaatbestendige stad te zijn, waarbij Leiden zichtbaar groener is geworden en de biodiversiteit is versterkt. We kiezen voor een aanpak waarbij we parallel aan het verdere onderzoek naar de gevolgen van het veranderende klimaat voor Leiden ook al concrete zichtbare resultaten in de stad realiseren. Een vervolg op het uitvoeringsprogramma zal meegenomen worden in de nieuwe omgevingswetinstrumenten.
We geven uitvoering aan twee subsidieregelingen voor het ontharden en vergroenen van tuinen en daken. Namelijk de subsidieregeling Groene tuinen en daken Leiden voor particulieren en huurders die in 2026 is vastgesteld, en een nog op te stellen subsidieregeling voor woningcorporaties. We wachten de landelijke ontwikkelingen af met betrekking tot het uitvoeren van stresstesten en bepalen dan of we op lokaal niveau nieuwe stresstesten gaan uitvoeren.
Doel | Prestatie |
|---|---|
5E1 Beperken van effecten van extreme neerslag, langdurige droogte en hittestress; betrekken bewoners en ondernemers bij klimaatverandering | 5E1.1 Ontwikkelen en uitvoeren beleid klimaatadaptatie |
De uitvoering van klimaatdaptatieve maatregelen nemen we mee bij de realisatie van projecten, zoals de wijkvernieuwingen, maar ook bij andere projecten. Bijvoorbeeld bij de infrastructurele projecten en gebiedsontwikkelingen proberen we klimaatadaptatie gelijk mee te nemen. Dit doen we door de vastgestelde richtlijnen klimaatadaptief bouwen mee te geven aan de projecten. De kosten hiervan worden gedekt door de riool- en waterzorgheffing. Waar nodig worden deze kosten voor de lopende projecten worden verwerkt in het Meerjaren Investeringsprogramma.
Om bewoners te stimuleren ook klimaatadaptieve maatregelen te nemen hebben we naar aanleiding van de vastgestelde riool- en waterzorgheffing een uitgebreidere regeling voor klimaatadaptieve maatregelen opgezet. Voor woningcorporaties wordt een aparte subsidieregeling opgezet, met klimaatadaptieve maatregelen die goed aansluiten bij de opgave en de schaal van corporaties. Deze regeling gaat in 2027 in.
De gemeente Leiden heeft verschillende panden met zeer verschillende functies in bezit, waar mogelijk gevolgen kunnen ontstaan door klimaatverandering (hitte, droogte, regenwateroverlast). De urgentie voor klimaatadaptatie wordt gezien, al is er geen volledig overzicht en ook nog geen risico-inschatting. De uitwerking Routekaart voor verduurzaming, die met name is gericht op de energietransitie, biedt ruimte om klimaatadaptatie eraan toe te voegen. Bijvoorbeeld op een locatie waar sprake is van overlast of waar een meekoppelkans is. Dit sluit aan bij de strategie die we hanteren op het gebied van klimaatadaptatie. Welke maatregelen er daadwerkelijk mogelijk zijn, hangt mede af van de functie en de toekomst van het pand. Gekoppeld aan het Duurzaam Meerjaren onderhoudsplan wordt ook een klimaatrisico analyse gedaan en inzicht gegeven in mogelijke maatregelen die getroffen kunnen worden.
Effectindicator | Realisatie | Streefwaarden | Bron | |||
|---|---|---|---|---|---|---|
2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |||
Doel 5E Beperken van effecten van extreme neerslag, langdurige droogte en hittestress; betrekken bewoners en ondernemers bij klimaatverandering | ||||||
5E1.a Percentage inwoners dat vindt dat groen belangrijk is voor klimaatadaptatie* | 69% (2023) | - | - | - | - | Stadsenquête |
5E1.b Percentage afkoppeling van hemelwaterriool van het vuilwaterriool. | 18% (2024) | 21% | 23% | 23% | 23% | GeoVisia |
* In Hoofdstuk 7 van het Uitvoeringsprogramma "Leiden biodivers en klimaatbestendig" staat beschreven hoe we de komende jaren toewerken naar een monitoringssystematiek voor klimaatadaptatie.
Onderstaand overzicht omvat de afgelopen 5 jaar.
Omgevingskwaliteit | Rekening | Begroting | Begroting | MJB | MJB | MJB | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Bedragen x € 1.000,- | 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |
Verharde openbare ruimte | Lasten | 46.912 | 53.246 | 54.402 | 57.562 | 59.405 | 60.255 |
Baten | -27.669 | -28.174 | -28.554 | -30.844 | -30.962 | -31.051 | |
Saldo | 19.244 | 25.072 | 25.848 | 26.718 | 28.442 | 29.204 | |
Openbaar water | Lasten | 10.863 | 11.096 | 11.951 | 12.654 | 13.709 | 14.569 |
Baten | -15.227 | -15.490 | -17.081 | -18.092 | -18.796 | -19.528 | |
Saldo | -4.364 | -4.394 | -5.131 | -5.439 | -5.086 | -4.959 | |
Openbaar groen | Lasten | 12.268 | 13.711 | 13.830 | 14.159 | 14.788 | 14.830 |
Baten | -274 | -60 | -56 | -57 | -56 | -56 | |
Saldo | 11.993 | 13.651 | 13.773 | 14.102 | 14.731 | 14.773 | |
Milieu en duurzaamheid | Lasten | 4.883 | 5.711 | 5.015 | 4.984 | 4.973 | 4.961 |
Baten | -154 | -60 | -62 | -62 | -62 | -62 | |
Saldo | 4.729 | 5.652 | 4.953 | 4.923 | 4.911 | 4.900 | |
Klimaatadaptatie | Lasten | 378 | 1.017 | 643 | 636 | 636 | 531 |
Baten | -0 | -0 | -0 | -0 | -0 | -0 | |
Saldo | 377 | 1.017 | 643 | 636 | 636 | 531 | |
Programma | Lasten | 7.037 | 7.300 | 7.772 | 7.746 | 7.922 | 8.114 |
Baten | -549 | -7.534 | -51 | -51 | -51 | -51 | |
Saldo van baten en lasten | 6.488 | -235 | 7.722 | 7.695 | 7.871 | 8.063 | |
Reserves | Toevoeging | 106 | 6 | - | - | - | - |
Onttrekking | - | -42 | - | - | - | - | |
Mutaties reserves | 106 | -36 | - | - | - | - | |
Resultaat | 6.594 | -271 | 7.722 | 7.695 | 7.871 | 8.063 |
De daling van de lasten en/of de stijging van de baten worden onder andere veroorzaakt door de indexering van budgetten, doorrekening van de kostenverdeelstaat en de kapitaallasten die zijn berekend vanuit het meerjareninvesteringsplan 2027-2030. Het begrote saldo van baten en lasten is € 1.5 miljoen lager dan in 2026. Per beleidsterrein verklaren wij de grootste budgetbijstellingen (> € 250.000). Beleidswijzigingen met financiële consequenties worden hieronder per beleidsterrein toegelicht.
In 2027 stijgen de lasten met € 1.2 miljoen. Dit komt door gestegen en gewijzigde kostenverdeling bij voornamelijk personeel (€ 1.3 miljoen nadeel). Het restant verschil wordt verklaard door diverse bijstellingen kleiner dan € 250.000 die samen op tellen tot € 178.000.
In 2027 stijgen de baten met € 300.000. Dit komt door stijging baten afvalstofheffing (€ 300.000 voordeel) De stijging van de afvalstoffenheffing komt daarmee op 1,3% ten opzichte van 2026. Het restant verschil wordt verklaard door diverse bijstellingen kleiner dan € 250.000 die samen optellen tot € 80.000.
In 2027 stijgen de lasten met € 855.000 dit komt voornamelijk door:
Het restant verschil wordt verklaard door diverse bijstellingen kleiner dan € 250.000 die samen optellen tot € 150.000
In 2027 stijgen de baten met € 1.6 miljoen. Dit komt door stijging baten riool- en waterzorgheffing (€ 1.4 miljoen voordeel) De stijging van de riool- en waterzorgheffing bedraagt daarmee 9% (nog exact berekenen). Het restant verschil wordt verklaard door diverse bijstellingen kleiner dan € 250.000 die samen optellen tot € 150.000.
In 2027 dalen de lasten met € 206.000. Dit komt voornamelijk door het jaarlijks incidenteel budget voor het panoramapark (€ 350.000 voordeel). Voor het panoramapark wordt per jaar een bedrag beschikbaar gesteld vanuit het meerjareninvesteringsplan. In 2026 is hiervoor een bedrag van € 350.000 beschikbaar gesteld. Voor het jaar 2027 is hiervoor geen bedrag opgenomen in de begroting waardoor er in 2027 een daling is van de lasten.
In 2027 dalen de lasten met € 696.000. De daling komt voornamelijk door incidenteel budget in 2026 voor gevelsanering (€ 969.000 voordeel), waardoor er in 2027 een daling is van de lasten. Jaarlijks wordt het restant bedrag overgeheveld naar het volgend jaar als incidentele bijdrage. De bijdrage wordt gedekt uit de reserve GSB-middelen.
In 2027 dalen de lasten met € 374.000. De daling komt voornamelijk door incidenteel budget in 2026 voor de groene daken subsidie (€ 163.000 voordeel) en klimaatadaptatie (€ 225.000 voordeel) waardoor er in 2027 een daling is van de lasten. Het restant verschil wordt verklaard door diverse bijstellingen kleiner dan € 250.000 die samen optellen tot € 14.000.
Reserves programma 5 | Rekening | Begroting | Begroting | MJB | MJB | MJB | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Bedragen x € 1.000,- | 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |
Reserve asbestsanering (P5) | Toevoeging | 106 | 106 | 106 | 106 | 106 | 106 |
Onttrekking | - | - | - | - | - | - | |
Saldo | 106 | 106 | 106 | 106 | 106 | 106 | |
Res. Leefbaarh.projecten in de wijken P5 | Toevoeging | 2 | 2 | 2 | 2 | 2 | 2 |
Onttrekking | -210 | -30 | -30 | - | - | - | |
Saldo | -208 | -28 | -28 | 2 | 2 | 2 | |
Reserve gsb-middelen ISV/EZ P5 | Toevoeging | - | - | - | - | - | - |
Onttrekking | -12 | -969 | - | - | - | - | |
Saldo | -12 | -969 | - | - | - | - | |
Reserve programma binnenstad P5 | Toevoeging | - | - | - | - | - | - |
Onttrekking | -20 | - | - | - | - | - | |
Saldo | -20 | - | - | - | - | - | |
Reserve Duurzame Stad P5 | Toevoeging | 748 | - | - | - | - | - |
Onttrekking | -17 | -439 | - | - | - | - | |
Saldo | 732 | -439 | - | - | - | - | |
Reserve Bomenfonds P5 | Toevoeging | 40 | 70 | - | - | - | - |
Onttrekking | -134 | -85 | - | - | - | - | |
Saldo | -94 | -15 | - | - | - | - | |
Reserve bovenwijkse voorz. Grondbedr. P5 | Toevoeging | - | - | - | - | - | - |
Onttrekking | 18 | -118 | - | - | - | - | |
Saldo | 18 | -118 | - | - | - | - | |
Reserve Sociaal Domein P5 | Toevoeging | - | - | - | - | - | - |
Onttrekking | -20 | -20 | -20 | - | - | - | |
Saldo | -20 | -20 | -20 | - | - | - | |
Totaal | Toevoeging | 896 | 178 | 108 | 108 | 108 | 108 |
Onttrekking | -394 | -1.662 | -50 | - | - | - | |
Reserves programma 5 | 502 | -1.484 | 58 | 108 | 108 | 108 |
In 2027 is er een storting begroot van € 106.000 voor mogelijke inzet asbestsanering gemeentelijk vastgoed. De onttrekking aan deze reserve is begroot in programma 6.
In 2027 is er een storting begroot van € 2.000 voor kapitaalslasten en een onttrekking van € 30.000 voor de stichting Vrienden van het singelpark.
In 2027 is er een ontrekking begroot van € 20.000 voor de stichting Vrienden van het singelpark.
Prestatie | Omschrijving prestatie | Omschrijving investering | Categorie | nieuw / vervanging | Bijdrage derden/ reserves | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
05A102 | Beheren openbare ruimte | Investeringen wegen 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 2.935 | 3.349 | 1.865 | 385 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | RWN Bachstraat-Domela Nieuwenhuisln | Maatsch. | V | - | 55 | - | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | RWN Gasthuiswijk fase 3-4 | Maatsch. | V | - | 109 | - | - | ||
05A102 | Beheren openbare ruimte | RWN Meerburg | Maatsch. | V | - | 184 | - | - | ||
05A102 | Beheren openbare ruimte | VMOR Meerburg | Maatsch. | V | - | 3.504 | - | - | ||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Kademuren 2026-2030 | Maatsch. | V | - | 3.405 | 6.341 | 6.341 | 6.341 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Damwanden 2026-2030 | Maatsch. | V | - | 865 | 418 | 418 | 418 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Groenemarededijk | Maatsch. | V | - | 1.566 | - | - | ||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Schelpenkade houten damwand | Maatsch. | V | - | - | 1.013 | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Parkbruggen | Maatsch. | V | - | 369 | - | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Verkeersbruggen - Maartje Offersbrug | Maatsch. | V | - | 161 | - | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Techn.installaties beweegb.bruggen 2027 | Maatsch. | V | - | 1.471 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Techn.installaties beweegb.bruggen 2028 | Maatsch. | V | - | 179 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Remmingswerken en meerpalen 2028-2030 | Maatsch. | V | - | - | 64 | 64 | 64 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | kw10893 - Betonbrug | Maatsch. | V | - | 93 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | kw150 - Cronesteynbrug Prov. | Maatsch. | V | - | 294 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | kw156 - Allemansbrug | Maatsch. | V | - | 352 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | kw258 - Brug in Vlietweg | Maatsch. | V | - | 339 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Bruggen in de vlietweg 2027 | Maatsch. | V | - | 1.650 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Houten bruggen 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 741 | 565 | 408 | 330 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Lichtmasten 2024-2030 | Maatsch. | V | - | - | 58 | 783 | 783 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Eigen net openbare verlichting 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 78 | 78 | 78 | 78 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Armaturen 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 424 | 424 | 424 | 424 | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Armaturen Leidse Lantaarn - 2027 | Maatsch. | V | - | 989 | - | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Armaturen Leidse Lantaarn - 2028 | Maatsch. | V | - | - | 791 | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Automatisering gladheidsbestrijding 2027 | Econ. | V | - | 54 | - | - | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | Boshuizen ruimtereservering | Maatsch. | V | - | 436 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Fortuinwijk Noord ruimtereservering | Maatsch. | V | - | 736 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Fortuinwijk Zuid ruimtereservering | Maatsch. | V | - | - | 421 | |||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Boshuizen KLIMA 40 jaar | Maatsch. | V | - | - | - | 2.670 | ||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Fortuinwijk Noord KLIMA 40 jaar | Econ. | V | - | 4.510 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Fortuinwijk Zuid KLIMA 40 jaar | Econ. | V | - | - | 3.200 | |||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Merenwijk-De Horsten 40 jaar | Maatsch. | V | - | - | 2.670 | |||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV Gasthuiswijk wegen 3 4 | Maatsch. | V | - | 1.461 | ||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | Merenwijk Horsten ruimtereservering | Maatsch. | V | - | - | - | 396 | - | |
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV wegen Fortuinwijk Noord | Maatsch. | V | 13.332 | |||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV wegen Boshuizen fase 1 | Maatsch. | V | 825 | |||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV wegen Boshuizen fase 2 | Maatsch. | V | - | - | 7.428 | |||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV wegen Slaaghwijk | Maatsch. | V | 7.715 | |||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV wegen Zijlwijk Noord fase 1 | Maatsch. | V | 659 | |||||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV wegen Zijlwijk Noord fase 2 | Maatsch. | V | - | - | 7.417 | |||
05A102 | Beheren openbare ruimte | WV Leedewijk Zuid fase 1 | Maatsch. | V | - | - | - | 234 | ||
05A103 | Inzamelen huishoudelijk afval | Ondergrondse en bovengrondse afvalcontainers 2027-2031 | Econ. | V | - | 302 | 608 | 608 | 608 | |
05A103 | Inzamelen huishoudelijk afval | Pers afvalcontainer 2027-2031 | Econ. | V | - | 87 | 240 | 240 | 240 | |
05A103 | Inzamelen huishoudelijk afval | 2de milieustraat gebouw | Econ. | N | VK | - | 3.058 | - | - | - |
05A103 | Inzamelen huishoudelijk afval | 2de milieustraat machines | Econ. | N | VK | - | - | - | - | 1.062 |
05A103 | Inzamelen huishoudelijk afval | Verv, hoofdgeb. ABW 2024 5 jaar | Econ. | V | - | 420 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering Zeeheldenbuurt IP 2025 | Econ. | V | - | 612 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Meerburg Hoge Rijndijk fase2 | Econ. | N | - | - | - | 1.974 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Meerburg Utrechts Jaagpad | Econ. | N | - | - | - | 326 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Meerburg omg. Spaarnestraat | Econ. | N | - | - | - | 792 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Schipholweg Transport | Econ. | V | - | - | 2.883 | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Fortuinwijk Boshuizen 2024 | Econ. | V | - | 11.190 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Fortuinwijk Boshuizen 2027 | Econ. | V | - | - | - | 9.108 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Fortuinwijk Boshuizen 2028 | Econ. | V | - | - | - | - | 9.108 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering Merenwijk 2027 | Econ. | V | - | 5.923 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering Riebeekhof eo | Econ. | V | - | - | 1.554 | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Vervanging gemalen 2027-2030 | Econ. | V | - | - | 527 | 508 | 1.025 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | KLIMA Domela nieuwenhuislaan | Econ. | V | - | 53 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | KLIMA Gasthuiswijk fase 3-4 | Econ. | V | - | 436 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | KLIMA Bachstraat | Econ. | V | - | 292 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | WV Rio gasthw haagweg-zuid fase 3&4 | Econ. | N | NK | - | 157 | - | - | - |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | WV Rio Gasthw Haagwg-zd fase1+2 2025-26 | Econ. | V | - | 280 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | WV Gasthuiswijk RIO 3 4 | Econ. | V | - | 1.757 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | riolering Stationsweg | Econ. | N | NK | - | - | - | 532 | - |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering Lammenschans | Econ. | V | - | 1.778 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | WV KLIMA Merenwijk Horsten 2029 | Econ. | V | - | - | - | 3.007 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering binnenstad Z+N 2029 | Econ. | V | - | - | - | 2.521 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering Merenwijkdistrict | Econ. | V | - | 3.607 | - | - | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Stationskwartier Marislaan | Econ. | V | - | - | - | 830 | - | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Stationskwartier Marislaan 2030 | Econ. | V | - | - | - | - | 13.677 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Lammenschansweg Transport 2030 | Econ. | V | - | - | - | - | 3.918 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Riolering Merenwijkdistrict 2030 | Econ. | V | - | - | - | - | 15.098 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | KLIMA Boshuizen 2030 | Econ. | V | - | - | - | - | 2.570 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Prins6 278m1 2030 | Econ. | 0 | - | - | - | - | 563 | |
05B102 | Beheren openbaar water en riolering | Binnenstad buitenring / Steenstraat Groene Loper/Kort Rapenburg overstort 2030 | Maatsch. | 0 | - | - | - | - | 751 | |
05C101 | Ontw en uitv beleid sted. en regio groen | GHS herprofileringsprojecten 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 137 | 132 | 132 | 133 | |
05C101 | Ontw en uitv beleid sted. en regio groen | GHS reconstructieprojecten 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 68 | 66 | 66 | 67 | |
05C101 | Ontw en uitv beleid sted. en regio groen | IP parken 2027-2030 | Maatsch. | V | - | 684 | 661 | 661 | 667 | |
05C101 | Ontw en uitv beleid sted. en regio groen | 2e Groene Ring 2024 | Maatsch. | N | VK | - | 526 | - | - | - |
05C101 | Ontw en uitv beleid sted. en regio groen | 2e Groene Ring 2025 | Maatsch. | N | VK | - | 407 | - | - | - |
05C103 | Beheren openbaar groen | Speeltoestellen in openbare ruimte 2025-2030 | Econ. | V | - | - | 550 | 550 | 550 | |
05C103 | Beheren openbaar groen | Vervangen bomen 2026-2030 | Econ. | V | - | 1.276 | 1.276 | 1.276 | 1.276 | |
05C105 | Aanleggen Singelpark | Singelpark binnen het Energiepark | Maatsch. | N | NK | 1.232 | 4.233 | - | - | - |
05C105 | Aanleggen Singelpark | Energiepark brug | Maatsch. | N | VK | 1.887 | - | - | - | 1.926 |
05C106 | Beheren Oostvlietpolder | Aanleg volkstuinen | Maatsch. | N | NK | 62 | - | 1.386 | - | - |
05C106 | Beheren Oostvlietpolder | Herstel natuurwaarden Oostvlietpolder | Maatsch. | N | - | 750 | - | - | - | |
3.181 | 86.657 | 30.146 | 51.423 | 62.298 |
In bovenstaand overzicht staan de investeringen zoals deze zijn opgenomen in het investeringsplan 2027-2030. In paragraaf 4.2.2 Investeringen wordt de ontwikkeling van de kapitaallasten toegelicht en staat een overzicht met te voteren kredieten.
subsidiestaat 2026 | subsidiestaat 2027 | |
|---|---|---|
Subsidie saldo | 510.071 | 248.682 |
Het volledige subsidie-overzicht is opgenomen in paragraaf 3.2.8 subsidies.