Programmabegroting 2020

Dekkingsmiddelen, Overhead, Vpb en onvoorzien

Binnen de begroting bestaat er onderscheid tussen specifieke dekkingsmiddelen en algemene dekkingsmiddelen. Specifieke dekkingsmiddelen (bijvoorbeeld opbrengsten voor ophalen afval, verstrekken van vergunningen, onderhouden van het riool, reisdocumenten etc.) hangen samen met een concreet beleidsveld en staan opgenomen in de betreffende programma’s. Deze dekkingsmiddelen verlagen het saldo van lasten en baten op de betreffende programma’s in de begroting.

De algemene dekkingsmiddelen onderscheiden zich van specifieke dekkingsmiddelen doordat zij vrij aan te wenden zijn. De besteding van deze inkomsten is niet aan een bepaald programma (doel) gebonden. De algemene dekkingsmiddelen vormen de financiële dekking van de bestedingen van de programma’s 1 tot en met 10 en 12, en zijn ingedeeld naar voorgeschreven categoriën en onvoorzien.

In dit hoofdstuk lichten wij de algemene dekkingsmiddelen toe.

Algemene dekkingsmiddelen

Algemene middelen
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2018

Begroting
2019

Begroting
2020

Meerjarenraming

2021

2022

2023

Lokale heffingen besteding niet gebonden

Lasten

0

0

0

0

0

0

 

Baten

-55.461

-59.258

-62.185

-63.034

-56.969

-56.969

Saldo

 

-55.461

-59.258

-62.185

-63.034

-56.969

-56.969

Algemene uitkering

Lasten

0

-400

118

120

122

124

 

Baten

-249.102

-262.384

-272.764

-276.640

-280.721

-284.581

Saldo

 

-249.102

-262.784

-272.646

-276.520

-280.599

-284.457

Dividend

Lasten

90

90

90

90

90

90

 

Baten

-2.958

-4.277

-2.877

-2.877

-2.877

-2.877

Saldo

 

-2.868

-4.187

-2.787

-2.787

-2.787

-2.787

Saldo financieringsfunctie

Lasten

-1.770

-512

-635

248

2.364

2.960

 

Baten

-292

-121

-121

-121

-121

-121

Saldo

 

-2.063

-633

-756

127

2.243

2.839

Overige alg.dekkingsmiddelen

Lasten

446

3.533

-1.644

-2.465

-1.655

-492

 

Baten

460

0

-135

-140

-145

-151

Saldo

 

906

3.533

-1.779

-2.605

-1.800

-643

Programma

Lasten

-1.234

2.711

-2.071

-2.007

921

2.682

 

Baten

-307.352

-326.040

-338.082

-342.813

-340.833

-344.699

Saldo van baten en lasten

 

-308.586

-323.329

-340.153

-344.820

-339.913

-342.018

Reserves

Toevoeging

31.695

19.003

8.826

12.678

5.416

5.758

 

Onttrekking

-52.688

-28.841

-12.348

-9.274

-3.964

-4.573

Mutaties reserves

 

-20.993

-9.837

-3.521

3.404

1.453

1.186

Resultaat

 

-329.580

-333.166

-343.674

-341.416

-338.460

-340.832

Budgettaire ontwikkelingen
De daling van de lasten en/of de stijging van de baten worden onder andere veroorzaakt door de indexering van budgetten, doorrekening van de kostenverdeelstaat en de kapitaallasten die zijn berekend vanuit het meerjareninvesteringsplan 2020-2023. Beleidswijzigingen met financiële consequenties worden hierna per beleidsterrein toegelicht.

Lokale heffingen (OZB en Precariobelasting)
De onroerende-zaakbelastingen worden geïndexeerd met 2,7%, de opbrengst hiervan is afgerond 1,4 miljoen. De OZB voor woningen wordt op basis van het beleidsakkoord met nog eens 1,5% verhoogd. Opbrengst € 357.000. Daarnaast stijgt de opbrengst naar verwachting door areaaluitbreiding (woningbouw en bedrijven) met 1,2 miljoen)

Algemene uitkering gemeentefonds.
De algemene uitkering ontwikkelt zich op basis van de septembercirculaire 2019 positief.

Het accres stijgt vanaf 2020 t.o.v. de kaderbrief met:

Bedragen x 1.000

2020

2021

2022

2023

Ontwikkeling algemene uitkering gemeentefonds t.o.v. kaderbrief

229

3.574

6.054

6.746

 

V

V

V

V

De ontwikkeling van de algemene uitkering kent een aantal grote onzekerheden. Met ingang van 2021 wordt de verdeling van het gemeentefonds herzien. Verder is de groei van het gemeentefonds afhankelijk van de ontwikkeling van de rijksuitgaven. De laatste jaren zien we elk jaar een onderbesteding op de rijksbegroting in het lopende jaar. Dit leidt tot een lagere algemene uitkering dan begroot. Uit voorzorg is nu een stelpost voor behoedzaamheid geraamd van 3,0 miljoen structureel vanaf 2023.

Ontwikkeling algemene uitkering t.o.v. 2019:

Groei gemeentefonds inclusief indexering

5.400

Groei gemeente

2.400

Taakmutaties

500

Stijging decentralisatieuitkeringen

800

Stijging integratieuitkering sociaal domein

1.300

Totaal

10.400

Dividend
Zowel Alliander en de BNG realiseren in de afgelopen jaren een hoger resultaat dan verwacht. De raming is hier vanaf 2021 op aangepast. Structureel betreft het een meevaller van 0,9 miljoen.
Daarnaast was over 2019 de verwachte dividendopbrengst opbrengst van Alliander eenmalig met 1.400.000 opgehoogd. Reden was de eenmalige extra dividend uitkering door de verkoop van Allego. Allego installeert en exploiteert laadpalen voor elektrische mobiliteit. Hierdoor komen de opbrengsten t.o.v. 2019 lager uit.

Overige algemene dekkingsmiddelen
In 2020 is het budget 7.093.000 lager dan in 2019.Verschil ontstaat voornamelijk door de in 2019 opgenomen incidentele budgetten (o.a. het opnemen van een bijdrage aan de plankosten in 2019 ).Het overige verschil is het gevolg van technische aanpassingen binnen de begroting 2020.

Reserves

Reserves AD en Overhead
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2018

Begroting
2019

Begroting 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Reserve flankerend beleid AD

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-185

-300

-300

-300

-300

0

Saldo

 

-185

-300

-300

-300

-300

0

Bedrijfsvoeringsreserve concern

Toevoeging

1.000

2.472

1

0

0

0

 

Onttrekking

-2.392

-2.053

-710

0

0

0

Saldo

 

-1.392

419

-709

0

0

0

Concernreserve

Toevoeging

11.409

5.609

5.492

9.617

3.653

4.835

 

Onttrekking

-15.505

-6.662

-5.783

-6.735

-1.709

-2.263

Saldo

 

-4.096

-1.053

-291

2.882

1.944

2.572

Reserve bedrijfsvoering plankosten

Toevoeging

1.222

1.003

908

924

924

924

 

Onttrekking

-1.030

-2.810

-856

-805

-805

-805

Saldo

 

192

-1.806

53

119

119

119

Reserve Sociaal Domein AD

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-115

0

0

0

0

0

Saldo

 

-115

0

0

0

0

0

Reserve Informatisering AD

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

0

-288

0

0

0

0

Saldo

 

0

-288

0

0

0

0

Reserve afschrijvingen investeringen

Toevoeging

8.575

9.634

2.425

2.137

840

0

 

Onttrekking

-26.269

-8.348

-3.852

-1.100

-1.149

-1.504

Saldo

 

-17.694

1.286

-1.427

1.037

-310

-1.504

Reserve verv.inv. maatschappelijk nut AD

Toevoeging

1.289

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-2.000

0

0

0

0

0

Saldo

 

-711

0

0

0

0

0

Reserve budgetoverheveling

Toevoeging

8.199

285

0

0

0

0

 

Onttrekking

-4.745

-8.223

-436

-334

0

0

Saldo

 

3.455

-7.938

-436

-334

0

0

Reserve Informatisering Overhead

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-432

-83

0

0

0

0

Saldo

 

-432

-83

0

0

0

0

Reserve bedrijfsvoering concern OH

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-15

-75

-198

0

0

0

Saldo

 

-15

-75

-198

0

0

0

Reserve asbestsanering AD/OH

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

0

0

-132

0

0

0

Saldo

 

0

0

-132

0

0

0

Reserve Leids uitvoeringspr LUBO 2016 AD

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

0

0

-80

0

0

0

Saldo

 

0

0

-80

0

0

0

Reserves AD en Overhead

 

-20.993

-9.837

-3.521

3.404

1.453

1.186

Reserve Flankerend beleid
De reserve flankerend beleid is bestemd om bijkomende frictiekosten van personeel op te vangen bij reorganisaties en andere wijzigingen in de organisatie waardoor mensen bovenformatief worden. Daarnaast is een deel bestemd voor een financiële bijdrage aan de Garantiebanen. Voor de periode 2019-2022 is jaarlijks een onttrekking van 300.000 geraamd.

Bedrijfsvoeringreserve concern
Met de bedrijfsvoeringsreserve concern worden enerzijds resultaten op de bedrijfsvoering ten opzichte van de begroting over meerdere jaren geëgaliseerd en anderszins incidentele knelpunten in de bedrijfsvoering opgelost. In 2020 wordt nog eenmaal 500.000 voor organisatieontwikkeling onttrokken. Met de onttrekking van 500.000 voor de zogenaamde Ontwikkelpool beogen we met instroom van jong talent de organisatie op een aantal specifieke gebieden verder te ontwikkelen. Daarnaast is er nog een onttrekking geraamd van € 210.000 voor de invoering van het Leidse Werken.

Concernreserve
De concernreserve dient als buffer voor de afdekking van niet-kwalificeerbare risico’s en de egalisatie van exploitatieresultaten. De minimale omvang van de concernreserve aan het eind van het meerjarenbeeld is vastgesteld op 150% van de uitkomst van de risicosimulatie. Rekeningsresultaten worden toegevoegd aan de concernreserve. De concernreserve is in principe vrij besteedbaar met inachtneming van de minimale omvang zoals die is vastgelegd in de financiële verordening. Het surplus in de concernreserve kan worden gebruikt voor het sluitend maken van het meerjarenbeeld bij de begroting of kaderbrief waarbij toevoegingen en/of onttrekkingen kunnen voorkomen. Naast de al in eerdere jaren geraamde onttrekking van 1.204.091 is eveneens het uiteindelijke negatieve saldo uit de kaderbrief van 5.138.000 aan de concernreserve onttrokken.
Naast de hierboven genoemde onttrekkingen vindt er in 2020 een extra bijdrage plaats van 3,2 miljoen uit de reserve afschrijvingen. Hiermee voorkomen we dat de concernreserve een stand bereikt onder het vereiste weerstandvermogen.

Reserve Bedrijfsvoering plankosten
De primaire functie van deze reserve is de dekking van de plankosten van projecten in de definitiefase. De secundaire functie van deze reserve is het oplossen van knelpunten met betrekking tot de plankostensystematiek. De reserve wordt jaarlijks (structureel) gevoed. Voor 2020 is deze storting 598.000, met daar tegenover een onttrekking voor hetzelfde bedrag. Daarnaast kunnen plankosten in de definitiefase bij het nemen van een kaderbesluit terugvloeien naar de reserve (rekening houden met BBV voor het activeren van plankosten). Voor 2020 betreft dit enerzijds een storting van 310.000 en anderzijds een onttrekking van € 258.000.

Reserve Afschrijvingen investeringen
De reserve afschrijving investeringen dient als dekking van vervangingsinvesteringen waarover de raad heeft besloten. In 2020 wordt voor diverse investeringen per saldo 2.425.000 toegevoegd en wordt als dekking voor kapitaallasten per saldo 3.852.000 onttrokken. Daarnaast wordt er in 2020 ter versterking van de concernreserve een bedrag van 3,2 miljoen onttrokken. De structurele onttrekking is daardoor met 128.000 per jaar verlaagd.

Reserve Budgetoverheveling
In de reserve budgetoverheveling worden de budgetten verzameld die eerder bij de bestuursrapportages voor overheveling zijn aangemeld. Per saldo gaat het in 2020 om een onttrekking van 436.000.

Reserve bedrijfsvoering concern OH
De reserve heeft tot doel om enerzijds resultaten op de bedrijfsvoering ten opzichte van de begroting over meerdere jaren te egaliseren en anderszins incidentele knelpunten in de bedrijfsvoering op te lossen.Binnen de reserve wordt in 2020 198.000 onttrokken voor ontwikkelpool binnen de gemeente.

Reserve asbestsanering AD/OH
Voor 2020 is een onttrekking geraamd van 132.000 voor asbestsanering bij de verbouwing van het Stadhuis.

Reserve Leids uitvoeringsprogramma LUBO AD

Voor 2020 is een onttrekking begroot van 80.000 voor inzet regisseur bodem en ondergrond. In het kader van de ordening van alle elementen in de bodem en ondergrond worden verschillende initiatieven ontplooid. Om integraal sturing te geven aan deze lopende initiatieven is een regisseur bodem en ondergrond aangesteld.

Reserve Leids uitvoeringspr LUBO 2016 AD

Investeringen

Prestatie

Omschrijving prestatie

Omschrijving investering

Categorie investering

Soort investering

Bijdrage derden/ reserves

2020

2021

2022

2023

21

CONCERNSTAF

Bedrijfsauto's Landmeten en GPC

Bedrijfsm.

V

-

65

   

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Beheersysteem openbare ruimte

Bedrijfsm.

V

-

 

1.175

  

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Inrichting kenauweg 10 jr 2022

Bedrijfsm.

V

-

  

292

 

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Kenauweg 10 jr 2018

Bedrijfsm.

V

-

517

   

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Kenauweg 20 jr 2018

Bedrijfsm.

V

-

144

   

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Kenauweg 40 jr 2018

Bedrijfsm.

V

-

86

   

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Opslag kadavers 2023

Bedrijfsm.

V

-

   

7

P73

HKPL STEDELIJK BEHEER

Wagenpark 8 jaar 2020 - 2023

Bedrijfsm.

V

-

336

954

57

2.120

 

Totaal bedrijfsvoering

 

 

 

-

1.148

2.129

349

2.127

In bovenstaand overzicht staan de investeringen zoals deze zijn opgenomen in het investeringsplan 2020-2023. In paragraaf 4.2.2 Investeringen wordt de ontwikkeling van de kapitaallasten toegelicht en staat een overzicht met te voteren kredieten.

Verbonden Partijen

De onderstaande Verbonden Partijen leveren een bijdrage aan het programma Algemene dekkingsmiddelen. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.

Alliander

Via energienetwerken zorgt Alliander voor de distributie van gas en elektriciteit in een groot deel van Nederland. Alliander brengt een open en duurzame energiemarkt dichterbij.

Dunea

Dunea produceert en levert aan circa 1,3 miljoen klanten betrouwbaar drinkwater in het westelijk deel van Zuid-Holland.

NV Bank Nederlandse Gemeenten

BNG Bank is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger.

Overhead, Vpb en Onvoorzien

Overhead

Overhead
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2018

Begroting
2019

Begroting
2020

Meerjarenraming

2021

2022

2023

Overhead

Lasten

59.457

60.924

60.937

58.728

57.492

57.121

 

Baten

-8.598

-2.404

-2.242

-2.252

-2.231

-2.231

Saldo

 

50.859

58.520

58.695

56.476

55.261

54.890

Programma

Lasten

59.457

60.924

60.937

58.728

57.492

57.121

 

Baten

-8.598

-2.404

-2.242

-2.252

-2.231

-2.231

Saldo van baten en lasten

 

50.859

58.520

58.695

56.476

55.261

54.890

Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat de baten en lasten van overhead in dit programma moeten worden opgenomen. Overhead mag alleen nog aan grote projecten of investeringen worden toegerekend als dit anders tot grote nadelen in de begroting zou leiden. De toerekening van overheadkosten bij het bepalen van tarieven voor heffingen en leges gebeurt buiten de begroting om.
Door het apart opnemen van overhead winnen begroting en verantwoording aan transparantie en kan beter worden gestuurd op de bedrijfsvoering. Bovendien is het doel dat door het hanteren van een landelijk voorgeschreven systematiek een goede vergelijking kan worden gemaakt met andere gemeenten.

Overhead wordt gedefinieerd als 'alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces', en bevat naast personele kosten ook een aantal andere kostenposten.

De personele kosten van overhead bevatten de kosten van:

  • de leidinggevenden in het primaire proces;
  • de medewerkers van Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie;
  • de medewerkers van P&O / HRM;
  • de medewerkers van Inkoop;
  • interne en externe communicatiemedewerkers, met uitzondering van klantcommunicatie;
  • de medewerkers van Juridische zaken;
  • de medewerkers van Bestuurszaken en bestuursondersteuning;
  • de medewerkers van Informatievoorziening en automatisering;
  • de medewerkers van Facilitaire zaken en huisvesting;
  • de medewerkers bezig met postbehandeling en archivering;
  • de Managementondersteuning in het primaire proces

De andere overheadkosten betreffen:

  • de kosten voor de huisvesting voor de uitvoering van de algemene taken van de eigen gemeentelijke organisatie;
  • de personele kosten van medewerkers die niet eerder genoemd zijn, maar die werkzaamheden verrichten die niet zijn toe te rekenen aan een of meerdere taakvelden;
  • de verzekeringskosten en opleidingskosten voor personeel;
  • de bijdrage aan een verbonden partij, voor zover deze verbonden partij werkzaam is voor het taakveld 0.4 Overhead.

In onderstaande tabel is een uitsplitsing van de overheadkosten opgenomen.
De totalen van 2020 zijn gelijk aan het saldo op het taakveld 0.4 Overhead, onderdeel van het hoofdtaakveld 0 Bestuur en ondersteuning (zie paragraaf 4.3).

Bedragen X 1.000

MJB 2019

MJB 2020

MJB 2021

MJB 2022

MJB 2023

 

lasten

baten

lasten

baten

lasten

baten

lasten

baten

lasten

baten

Personeel

16.168

-

16.553

-

16.489

-

16.489

-

16.489

-

Personeel DZB

4.969

-

4.868

-

4.823

-

4.767

-

4.738

-

Overig

18.140

-2.404

15.279

-2.242

14.200

-2.252

13.659

-2.231

13.333

-2.231

Overig DZB

1.814

-

1.832

-

1.832

-

1.832

-

1.832

-

SP71

24.953

-

27.773

-

26.752

-

26.114

-

26.098

-

Subtotaal

66.044

-2.404

66.306

-2.242

64.097

-2.252

62.861

-2.231

62.490

-2.231

           

Overhead naar investeringen/projecten

-5.120

-

-5.369

-

-5.369

-

-5.369

-

-5.369

-

Eindtotaal

60.924

-2.404

60.937

-2.242

58.728

-2.252

57.492

-2.231

57.121

-2.231

Budgettaire ontwikkelingen
De daling van de lasten en/of de stijging van de baten worden onder andere veroorzaakt door de indexering van budgetten, doorrekening van de kostenverdeelstaat en de kapitaallasten die zijn berekend vanuit het meerjareninvesteringsplan 2020-2023. Beleidswijzigingen met financiële consequenties worden hierna per beleidsterrein toegelicht.

De voornaamste mutqaties binnen overhead zijn ontstaan door de herhuisvesting Hiervoor is er binnen de post "overige" in 2019 een een incidenteel budget beschikbaar. Door het wegvallen van dit budget in 2020 dalen de lasten met circa 3,0 mln. Als gevolg van de overgang van VRIS medewerkers en de extra incidentele inzet voor de herhuisvesting stijgt de bijdrage aan Servicepunt 71 met circa 2,8 mln.
Door de herhuisvesting (o.a. afstoten van het Stadsbouwhuis in 2020) dalen de facilitaire kosten ten opzichte van 2019 met circa 250.000, voornamelijk door lagere energiekosten en het wegvallen van het incidentele verhuisbudget dat beschikbaar is voor 2019.

Investeringen

Prestatie

Omschrijving prestatie

Omschrijving investering

Categorie investering

Soort investering

Bijdrage derden/ reserves

2020

2021

2022

2023

12A03

Overhead facilitaire zaken

Meubilair Stoelen 2021

Bedrijfsm.

V

-

533

   

12A03

Overhead facilitaire zaken

Meubilair Overig 2021

Bedrijfsm.

V

-

1.320

   

12A06

Overhead huisvesting

Carillon en toren-uurwerk / koffiekamer

Econ.

V

-

   

150

 

Totaal programma Overhead

 

 

 

-

1.852

-

-

150

In bovenstaand overzicht staan de investeringen zoals deze zijn opgenomen in het investeringsplan 2020-2023. In paragraaf 4.2.2 Investeringen wordt de ontwikkeling van de kapitaallasten toegelicht en staat een overzicht met te voteren kredieten.

Beleidsindicatoren
Als gevolg van de BBV-wijzigingen met ingang van 1 januari 2017 moeten 39 beleidsindicatoren verplicht bij de programma's worden opgenomen. Met deze beleidsindicatoren is het via 'waarstaatjegemeente.nl' beter mogelijk de resultaten van de gemeenten onderling te vergelijken. Van deze indicatoren vallen er 5 onder het hoofdtaakveld 0 Bestuur en Organisatie. Omdat het voornamelijk overhead gerelateerde indicatoren betreft, worden ze in deze paragraaf opgenomen.

Beleidsindicator

Eenheid

Periode

Leiden

Nederland

Bron

1. Formatie

Fte per 1.000 inwoners

2020

10,60

-

Begroting 2020

2. Bezetting

Fte per 1.000 inwoners

2020

10,39

-

Begroting 2020

3. Apparaatskosten

Kosten per inwoner

2020

1.048

-

Begroting 2020

4. Externe inhuur*

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen

2020

20%

-

Begroting 2020

5. Overhead

% van totale lasten

2020

11%

-

Begroting 2020

* De externe inhuur kwam in 2018 uit op 21,5%. In de prognose voor 2019 bedraagt dit 18,2%. Voor de gemeente Leiden is de norm gesteld dat het percentage externe inhuur niet hoger is dan het gemiddelde van alle 100.000+ gemeenten. Over 2018 was dit 21% (conform Personeelsmonitor A&O fonds gemeenten). Met de genomen maatregelen verwachten we hier in 2020 onder te blijven. Toch blijft de externe inhuur een punt van aandacht, zeker gelet op de krapte op de arbeidsmarkt en organisatieontwikkelingen waarvoor we mogelijk tijdelijk specifieke expertise nodig hebben.

Verbonden partijen
De onderstaande verbonden partij levert een bijdrage aan het programma Overhead. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.

Servicepunt71
Samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering tussen de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest en Zoeterwoude. De bedrijfsvoering betreft de dienstverlening op de gebieden financiën, human resource management, inkoop, informatie en communicatie-technologie, juridische zaken en, voor Leiden en Leiderdorp, facilitaire zaken.

Vennootschapsbelasting (Vpb)

Vennootschapsbelasting
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2018

Begroting
2019

Begroting
2020

Meerjarenraming

2021

2022

2023

Vennootschapsbelasting

Lasten

104

70

71

71

71

71

 

Baten

0

0

0

0

0

0

Saldo

 

104

70

71

71

71

71

Programma

Lasten

104

70

71

71

71

71

 

Baten

0

0

0

0

0

0

Saldo van baten en lasten

 

104

70

71

71

71

71

Het positief saldo op reclameopbrengsten bedraagt naar verwachting 320.000. Voor 2018 en volgende jaren zal op basis van dit positieve saldo een bedrag van afgerond 70.000 aan Vpb moeten worden betaald (tarief: 20% over de eerste 200.000 en 25% over het overige deel). Dat is opgenomen in de begroting.

Onvoorzien

Onvoorzien
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2018

Begroting
2019

Begroting
2020

Meerjarenraming

2021

2022

2023

Onvoorzien

Lasten

0

210

251

251

251

251

 

Baten

0

0

0

0

0

0

Saldo

 

0

210

251

251

251

251

Programma

Lasten

0

210

251

251

251

251

 

Baten

0

0

0

0

0

0

Saldo van baten en lasten

 

0

210

251

251

251

251

Het budget onvoorzien wordt ingezet voor uitgaven die gedurende het jaar als onuitstelbaar en onvermijdbaar worden aangemerkt en waarvoor in de begroting verder geen raming kon worden opgenomen. Indien de uitgave een structureel karakter heeft dan worden de meerjarige consequenties als autonome ontwikkeling in de volgende begroting verwerkt.