Programmabegroting 2022

Werk en inkomen

Programmanummer

 

10

Commissie

 

Werk en Middelen

Portefeuille(s)

 

Werk. Inkomen, Economie & Cultuur
Gezondheid, Jeugdzorg & Welzijn

Bestuur, Veiligheid en Handhaving


De missie van het programma Werk en inkomen luidt:
Leiden wil een inclusieve stad zijn met een gunstig economisch klimaat, waarin alle Leidenaren kunnen deelnemen en zich kunnen ontwikkelen door middel van werk en participatie en waar een vangnet is voor wie dat nodig heeft.

Inleiding

In het programma Werk en Inkomen werken we op verschillende manieren aan de participatie en de bestaanszekerheid van onze inwoners. De focus ligt op werk, inkomen, maatschappelijke participatie en schuldhulpverlening. Leiden moet een inclusieve arbeidsmarkt en duurzame banen hebben, zodat alle inwoners naar hun vermogen mee kunnen doen. Het is van belang dat elke Leidenaar bestaanszekerheid heeft. Alle inwoners moeten een dak boven hun hoofd hebben en voldoende financiële middelen om rond te komen, bij voorkeur via werk.

Programma 10 maakt onderdeel uit van het Sociaal Domein. Daarom wordt er gehandeld naar de Visie Sociaal Domein. Er wordt op drie sturingsniveaus richting gegeven aan het beleid. Op het niveau van het stadsklimaat betekent dit dat we een inclusieve arbeidsmarkt hebben met voldoende werkgelegenheid voor iedereen. Op het collectief niveau zijn er algemene voorzieningen zoals het maatwerkbudget dat de wijkteams en jeugdteams kunnen inzetten. Een groot deel van de activiteiten voor Werk en Inkomen vindt plaats op het individuele niveau, zoals de uitvoering van re-integratie, de bijstand en schuldhulpverlening

Wet Inburgering
Op 1 januari 2022 gaat de nieuwe Wet Inburgering van start. Hiervoor hebben wij de nodige voorbereidingen getroffen om per die datum te starten. Dit betekent dat Project JAS ophoudt te bestaan en de werkzaamheden omtrent inburgering worden ondergebracht bij Team Werk & Inkomen. Ook Project JA en JA+ worden hier ondergebracht in een apart te vormen team. Er worden extra middelen ingezet voor de begeleiding van de doelgroepen van de JA-projecten. We willen meer begeleiding gaan inzetten voor jongeren, ook voor de niet-uitkeringsgerechtigden (NUG-ers).

Speerpunten 2022:

  • Uitvoering geven aan het Taalpact Leiden en Leiderdorp 2021-2024
  • Uitvoering geven aan Beleidsplan Werk en Participatie 2019-2023 (RV 19.0110)
  • Uitvoering geven aan steun- en herstelpakketten naar aanleiding van corona (crisisdienstverlening)
  • Uitvoering geven aan ‘Breed Offensief’ ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen en houden
  • Uitvoering geven aan invoering Wet inburgering per 1 januari 2022

Beleidsterrein 10A Arbeidsparticipatie

Doelen en prestaties bij 10A Arbeidsparticipatie

Doel

Prestatie

10A1 Leidenaren hebben werk en zijn daardoor minder uitkeringsafhankelijk

10A1.1 Inzetten van re-integratie en participatievoorzieningen

10A1.2 Aanbieden volwasseneneducatie

10A1.3 Inzetten Projecten JA

10A2 Mensen met loonwaarde onder het wettelijk minimumloon werken zo regulier mogelijk

10A2.1 Inzetten sociale werkvoorziening

10A2.2 Inzetten beschut werk

10A2.3 Inzetten loonkostensubsidie

De coronacrisis heeft veel impact gehad op het leven van mensen en onze economie. Sommige sectoren zijn zwaar getroffen, terwijl de werkgelegenheid in andere sectoren relatief stabiel bleef. In 2021 zagen we dat de vraag naar personeel weer toenam, met name in de ‘traditionele’ tekortsectoren. We kunnen constateren dat de steun- en herstelpakketten veel leed hebben voorkomen. De Leidse regio is veerkrachtig en we beschikken over een sterke regionale economie. In 2022 verwachten we dat deze trend zich doorzet, ook al is het onzeker hoe de coronacrisis verder verloopt en wat de gevolgen zijn als de steun- en herstelpakketten stoppen.

De uitdagingen van vóór de coronacrisis zijn nog steeds actueel. De coronacrisis heeft de zwakke plekken in het arbeidsmarktbeleid benadrukt. Daarbij hebben we het over het verschil tussen flexibel en vast personeel, maar ook over de onzekere situatie voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Meerdere kritische rapporten tonen aan dat de Participatiewet niet voor iedereen goed werkt. Afhankelijk van de kabinetsformatie, zal er wellicht een wetswijziging komen.

Het demissionaire kabinet heeft het onderwerp ‘breed offensief’ controversieel verklaard. Met het breed offensief wil het kabinet meer mensen met een handicap aan een baan helpen en aan het werk houden. Het breed offensief is een brede agenda om de arbeidsmarktkansen voor mensen met een arbeidsbeperking te vergroten. Doelen van de maatregelen uit het breed offensief zijn:

  • Makkelijker maken voor werkgevers om mensen met een arbeidsbeperking aan te nemen;
  • Mensen met een arbeidsbeperking voor langere tijd aan het werk te krijgen;
  • Werk voor mensen met een arbeidsbeperking aantrekkelijker maken (bijvoorbeeld door meer loon);
  • Zorgen dat werkgevers en werkzoekenden elkaar makkelijker vinden.

Zaken die nog wel door kunnen gaan:

  • SUWI-regelgeving werkgeversdienstverlening (ingevoerd per 1 januari 2021);
  • Uniformering loonwaardebepaling en kwaliteit professionals (ingevoerd per 1 juli 2021);
  • Stroomlijning werkprocessen loonkostensubsidie (wetsvoorstel is niet nodig);
  • Andere financiering loonkostensubsidies (per 1 januari 2022);
  • Wegnemen knelpunten forfaitaire loonkostensubsidie (VNG neemt dit onderwerp mee in de modelverordening).

In 2022 geven we uitvoering aan onze wettelijke taken en continueren we het Beleidsplan Werk en Participatie 2019-2023 (RV 19.0110). In de Leidse aanpak staan drie pijlers centraal:

  • Bevorderen duurzame en inclusieve werkgelegenheid;
  • Benutten van scholingskansen en leerwerktrajecten;
  • Optimale werk- en participatievoorzieningen.

Met de komst van de coronacrisis en de steun- en herstelpakketten, is een vierde pijler toegevoegd: crisisdienstverlening voor behoud van werkgelegenheid en het stimuleren van de economie. De volgende werkgelegenheidsprojecten worden in 2022 gecontinueerd, waarbij we anticiperen op het verdere verloop van de coronacrisis en ontwikkelingen op de arbeidsmarkt:

  • Regionaal Mobiliteitsteam Holland Rijnland voor werk-naar-werk dienstverlening;
  • Regionale Aanpak Jeugdwerkloosheid Holland Rijnland;
  • Heroriëntatie Zelfstandigen Leidse Regio.

Vanuit de Leidse aanpak is extra aandacht voor jongeren, statushouders en migranten. In het specifieke JAS-programma wordt de veranderopgave met betrekking tot het nieuwe inburgeringsbeleid uitgewerkt. De nieuwe Wet inburgering zal per 1 januari 2022 in werking treden.

In 2022 zetten we in op het begeleiden van jongeren met een ondersteuningsbehoefte op gebied van werk, voordat zij een bijstandsuitkering hebben aangevraagd (preventie). We willen de overgang van school naar werk verbeteren, vooral gericht op schoolverlaters in het praktijkonderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs en het Mbo-onderwijs, waarbij we ons richten op duurzame plaatsing.

Tot slot hebben we extra aandacht voor mensen met een psychische kwetsbaarheid die willen en kunnen werken. Hiervoor zoeken we aansluiting bij het landelijke programma voor opschaling van de toeleiding naar werk voor de GGZ-doelgroep. Dit doen we op de schaal van de arbeidsmarktregio Holland Rijnland, waarbij het Werkgeversservicepunt een belangrijke rol speelt.

10A1 Leidenaren hebben werk en zijn daardoor minder uitkeringsafhankelijk
We blijven inzetten op het verkleinen van de mismatch op de arbeidsmarkt door de inzet van re-integratie instrumenten, participatievoorzieningen en specifieke trajecten voor jongeren tot 27 jaar en statushouders. Daarnaast zijn of worden maatregelen uitgewerkt om het makkelijker te maken na een tijdelijk contract weer terug in de uitkering te komen of het verrekenen van inkomsten uit part time werk eenvoudiger te maken. Zo hoeven mensen niet helemaal opnieuw een uitkering aan te vragen als ze binnen vijf maanden na werkaanvaarding weer werkloos worden.

DZB - pilot wijkleerbedrijf
Op dit moment zijn er vijf deelnemers in traject en elke twee weken worden nieuwe aanmeldingen besproken. Deze mensen waren wel in begeleiding bij bijvoorbeeld BuZz of Incluzio maar een aanmelding voor een re-integratie traject bij DZB was nog een brug te ver. Voor hen is een kleine vertrouwde setting in de wijk een beter vertrekpunt dan een groot bedrijfspand aan de rand van de stad. Er is gestart met het goed in kaart brengen van de deelnemers. Kenmerkend voor de groep deelnemers is dat het veelal om mensen met een migratie-achtergrond gaat, waarbij de taal soms nog een belemmering vormt. Ook speelt er problematiek op meerdere leefgebieden, zoals schulden, het ontbreken van een netwerk, problemen in de gezinssituatie en ontbreekt het aan opleiding en/of werkervaring.

10A1.2 Aanbieden volwasseneneducatie
In het Regionaal Programma Integrale aanpak laaggeletterdheid Holland Rijnland 2020-2024 is het beleid met betrekking tot de bestrijding van laaggeletterdheid voor de komende jaren beschreven. Laaggeletterdheid wordt niet benaderd als een geïsoleerd probleem, maar de aanpak wordt volledig geïntegreerd in het sociaal domein. Dit doen we in Leiden via volwasseneneducatie. Volwasseneneducatie, in het kader van de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB), is een belangrijk instrument en financieel de belangrijkste pijler. Kenmerken van het nieuwe beleid zijn de nadruk op de doelgroep NT1 (mensen die in Nederland zijn geboren en getogen en niet goed kunnen lezen en schrijven), een grotere betrokkenheid van werkgevers en de aanpak via vijf actielijnen (de eigen rol van de gemeente, werk en participatie, armoede en schulden, het voorkomen van laaggeletterdheid en gezondheid en welzijn). De uitvoering van de WEB-gefinancierde volwasseneneducatie is in 2020 voor de periode 2021-2024 opnieuw aanbesteed. Daarnaast is er nog het aanbod van trajecten basisvaardigheden door welzijnsinstellingen onder de vlag van de Sterke Sociale Basis (SSB).

We gaan door met de regionale samenwerking. Alle op dit terrein actieve partijen zijn verenigd in een taalnetwerk, waarin gezamenlijk afspraken zijn gemaakt om laaggeletterdheid aan te pakken. De afspraken zijn vastgelegd in het Taalpact Leiden en Leiderdorp 2021-2024. Het Regionaal Programma Integrale aanpak Laaggeletterdheid Holland Rijnland 2020-2024 vormde daarvoor het kader. Er zijn ambities en (tussen)doelen geformuleerd bij de actielijnen om gezamenlijk laaggeletterdheid te bestrijden en te voorkomen. Er is onder andere aandacht voor intergenerationele overdracht van laaggeletterdheid binnen de actielijn Preventie door een link te leggen met het OnderwijsKansenbeleid uit programma 7C1.
De (tussen)doelen kunnen de komende jaren worden bijgestuurd waar nodig. Het Taalhuis van BplusC heeft hierin samen met de gemeente een sturende rol. Resultaten worden gemonitord.

10A1.3 Inzetten Projecten JA
De JA-projecten zijn aangesloten bij de Aanpak Jeugdwerkloosheid, eind 2020 aangevangen in het kader van het actieprogramma door het Rijk geïnitieerd om jongeren te helpen die door de coronacrisis zijn geraakt. De verwachting is dat dit programma verder doorgang vindt in 2022 waardoor de JA-projecten in staat zullen zijn een brede doelgroep van jongeren te bedienen en verder op weg te helpen richting onderwijs, werk en participatie in meer algemene zin.

Ook ingezet wordt het programma REACT-EU, met name op het gebied van trainingen bedoeld om jongeren en mensen met een migratie-achtergrond een goede basis te geven om de arbeidsmarkt te betreden. REACT-EU is een Europees programma, opgezet om de economische en sociale impact van de Coronacrisis op de verschillende EU-landen te verzachten.

Tot slot is per 1 januari 2022 de nieuwe Wet Inburgering van kracht. Deze wet zorgt ervoor dat de regierol op het inburgeringstraject van inburgeringsplichtige migranten bij de gemeente komt te liggen. Het Rijk stelt voor de implementatie van de nieuwe wet aanvullende middelen beschikbaar. Per vanaf 1 januari 2022 inburgeringsplichtig geworden migrant is daarnaast financiering beschikbaar vanuit het Rijk om zowel het inburgeringstraject als de monitoring hierop mogelijk te maken. Waar mogelijk zal gebruik worden gemaakt van Europese subsidieprogramma’s zoals het eerdergenoemde REACT-EU.

10A2 Mensen met loonwaarde onder het wettelijk minimumloon werken zo regulier mogelijk
Om mensen met een arbeidsbeperking (indicatie banenafspraak / advies beschut werk) zo regulier mogelijk te laten werken is de loonkostensubsidie in het kader van de banenafspraak/beschut werk beschikbaar. Uitgangspunt bij een plaatsing is dat er een basis is voor een duurzame arbeidsrelatie.

Voor mensen die zijn aangewezen op een beschutte werkplek stelt de gemeente beschutte werkplekken beschikbaar. DZB biedt beschutte werkplekken aan en daarnaast kunnen ook reguliere werkgevers beschutte werkplekken beschikbaar stellen.
De gemeente is verplicht om iedere burger met een advies voor beschut werk passend werk te bieden. Het UWV is verantwoordelijk voor het afgeven van de adviezen voor beschut werk. Vanuit het Rijk is berekend hoeveel beschutte werkplekken gemeenten beschikbaar moeten stellen om in 2050 landelijk 30.000 beschutte werkplekken te realiseren. Voor 2022 en de jaren daarna zijn de streefaantallen nog niet bekend. De streefwaarden van de effectindicatoren voor beschut werk zijn gebaseerd op basis van realisatie in de afgelopen jaren.

Effectindicatoren bij 10A Arbeidsparticipatie

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2022

2023

2024

2025

Doel 10A1 Leidenaren hebben werk en zijn daardoor minder uitkeringsafhankelijk

10A1.a Netto arbeidsparticipatie, % werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking

68% (2018)

69% (2019)

68% (2020)

70%

70%

70%

70%

CBS
(wsjg - BBV)

10A1.b Aantal banen per 1.000 inwoners van 15 t/m 65 jaar*

811 (2018)

818 (2019)

821 (2020)

820

821

823

825

LISA
(wsjg - BBV)

10A1.c Werkloze jongeren, percentage 16- tot en met 22-jarigen

1% (2018)

1% (2019)

1% (2020)

0,8%

0,8%

0,8%

0,8%

Verwey Jonker Instituut/ Kinderen in Tel (wsjg-BBV)

10A1.d Aantal lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15-64 jaar

260 (2018)

199 (2019)

158 (2020)

220

220

220

220

CBS
(wsjg - BBV)

Doel 10A2 Mensen met loonwaarde onder het minimumloon werken zo regulier mogelijk

10A2.a Aantal volledige banen in de WSW uitgedrukt in standaardeenheden (SE)**

798 (2018)

757 (2019)

680 (2020)

614

583

554

526

DZB

10A2.b Aantal loonkostensubsidie banenafspraak
(via DZB)

92 (2018)

128 (2019)

160 (2020)

200

220

240

260

DZB

10A2.c Aantal nieuw beschut werk

***

15 (2018)

20 (2019)

25 (2020)

41

46

52

58

DZB

10A2.d Aantal opstapsubsidies eerste jaar

40 (2018)

26 (2019)

19 (2020)

40

40

40

40

DZB

* In vergelijking met het landelijk gemiddelde doet Leiden het erg goed qua aantal banen in vergelijking met het aantal inwoners.
** SE = 'standaardeenheid' (vgl. fte). Aantal correspondeert met de hoogte van het door het Rijk beschikbaar gestelde budget.
*** Tot en met 2020 wordt het aantal beschut werk gerapporteerd op basis van 36 upw. Basis voor door Rijk beschikbaar gestelde budget is echter aantal beschutte werkplekken van gemiddeld 31 upw. Dit zorgde voor verwarring in rapportages. Om dit te voorkomen wordt met ingang van 2021 uitgegaan van 31 upw (basis voor door Rijk beschikbare budget).

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima

Doelen en prestaties bij 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima

Doel

Prestatie

10B1 Minima doen mee in de samenleving en raken niet in een sociaal isolement

10B1.1 Ondersteunen van mensen die gebruik maken een bijstandsuitkering om actief te zijn in de samenleving en niet ín een sociaal isolement te raken

10B2 Armoedebestrijding

10B2.1 Behandelen aanvragen individuele bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag

10B2.2 Verstrekken (bijdrage in) premie Collectieve Ziektekostenverzekering Minima

10B2.3 Verstrekken tegemoetkoming kinderopvang op Sociaal Medische Indicatie

10B2.4 Kwijtschelding gemeentelijke heffingen

10B2.5 Subsidies minimabeleid

10B1 Minima doen mee in de samenleving en raken niet in een sociaal isolement

Project Door is opgegaan in de nieuwe werkwijze van BuZz Leiden, de uitvoerende partij van de opdracht Basiskracht in de Sterke Sociale Basis. BuZz Leiden zal twee keer per jaar de voortgang rapporteren aan de gemeente Leiden. Aan de hand van lijsten van mensen die zich op trede 1 of 2 van de participatieladder bevinden tracht Buzz deze mensen te activeren.
Voor minima bestaat de mogelijkheid om voordelig aanvullend verzekerd te zijn via de collectieve zorgverzekering via de gemeente. Daarnaast is via Stichting Leergeld en het maatwerkbudget bij de Sociale Wijkteams ondersteuning mogelijk.

Positie op de participatieladder

Aantal personen op 31-12-2020, minimaal 2 jaar in uitkering

1 Geïsoleerd

214

2 Sociale contacten buiten de deur

974

3 Deelname georganiseerde activiteiten

481

4 Onbetaald werk

456

5 Betaald werk met ondersteuning

262

6 Betaald werk

18

onbekend

42

Totaal

2.447

Deze tabel met uitkeringsontvangers op de participatieladder geeft inzicht in de ontwikkeling van de doelgroep en het bereiken van de prestaties van doel 10B. Deze tabel wordt jaarlijks opgenomen, zowel in de begroting als in de jaarrekening (realisatie).

10B2 Armoedebestrijding

Maatwerkbudget
In 2021 wordt onderzocht of en hoe het maatwerkbudget aangepast kan worden om de doelgroep beter te bereiken. Dit onderzoek wordt in samenwerking met de uitvoerende partijen, namelijk Jeugdteams en Sociale Wijkteams, uitgevoerd. De aanpassingen zullen in 2022 geïmplementeerd worden.

Beleidsterrein 10C Inkomensvoorzieningen

Doelen en prestaties bij 10C Inkomensvoorzieningen

Doel

Prestatie

10C1 Leidenaren (18 t/m AOW-leeftijd) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.1 Behandelen aanvragen en beheer uitkeringen Participatiewet, Ioaw, Ioaz, Bbz- inkomensvoorzieningen

10C1.2 Uitvoeren fraudepreventie en opsporen uitkeringsfraude

10C1.3 Uitvoeren terugvordering en verhaal

10C1 Leidenaren (18 t/m AOW-leeftijd) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning
Het beroep op de bijstand is licht toegenomen, onderen jongeren is deze stijging groter. In 2021 zijn de TONK en TOZO afgelopen. De verwachte onderuitputting van de TONK, die zich richt op ondersteuning van bijvoorbeeld zzp’ers, zal voor het Social Impact Team gereserveerd worden. Er is een enorme krapte op de arbeidsmarkt, maar dat leidt niet per definitie tot grote uitstroom uit de bijstand. De werkzoekenden zijn niet altijd te matchen met de openstaande vacatures.

Effectindicatoren bij 10C Inkomensvoorzieningen

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2022

2023

2024

2025

Doel 10C1 Leidenaren (18 t/m 64 jaar) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.a Personen met een bijstanduitkering, aantal per 1.000 inwoners

43,0 (2018)

40,9 (2019)

42,6 (2020)

42,0

42,0

42,0

42,0

CBS
(wsjg - BBV)

10C1.b % ontvangen bedrag van het totaalsaldo vorderingen (Incassoquote)

15% (2018)

14% (2019)

14% (2020)

15%

15%

15%

15%

W&I

10C1.c % percentage personen met schuld, inclusief fraude met wie nog geen afspraak tot aflossing is gemaakt

18% (2017)

14% (2018)

18% (2019)

15%

15%

15%

15%

W&I

10C1.d Percentage huishoudens dat ten minste één jaar een inkomen heeft tot 120% van het sociaal minimum

15,7% (2017)

15,1% (2018)

14%

14%

14%

14%

CBS

10C1.e Aantal Leidenaars dat langdurig in armoede leeft

4600 (2019)

4550

4500

4450

4400

CBS

10C.1.f Aantal statushouders in de bijstand*

334 (2018)

345 (2019)

368 (2020)

251

-

-

-

W&I

*Deze effectindicator komt uit het Beleidsakkoord 2018-2022 'Samen maken we de stad' (blz. 22): ‘we hebben de ambitie om [de komende vier jaar] het percentage statushouders in de bijstand met 25% te verlagen’. De genoemde streefwaarden lopen daarmee niet gelijk aan kalenderjaren, maar aan ‘collegejaren’: de streefwaarde 2020 dient te worden gelezen als het streven over de periode 1 mei 2019 tot 1 mei 2020, etc. Voor de periode na 1 mei 2022 is (nog) geen ambitie vastgelegd, waardoor een streefwaarde voor 2023 (nog) niet te geven is.

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Beleidsterrein 10D Schuldhulpverlening

Doelen en prestaties bij 10D Schuldhulpverlening

Doel

Prestatie

10D1 Het ontstaan dan wel escalatie van problematische schuldensituaties is voorkomen

10D1.1 Uitvoeren van budgetbeheer, stabilisatietrajecten en overige preventieve maatregelen

10D2 Problematische schuldensituaties zijn beheersbaar gemaakt en (zo mogelijk) opgelost

10D2.1 Uitvoeren schuldhulpverlening

Beleidsterrein 10D Schuldhulpverlening
In februari 2021 is het Beleidsplan schuldhulpverlening 2021-2024 vastgesteld. Preventieactiviteiten die voorheen werden beschreven in het Preventieplan, zijn opgenomen in dit nieuwe beleidsplan. Het beleidsplan richt zich op het voorkomen, beheersbaar maken en oplossen van schulden van inwoners van Leiden. Een speerpunt is het effectiever en efficiënter maken van het primaire proces, mede om goed voorbereid te zijn op de verwachte extra instroom vanwege de coronacrisis. De coronacrisis heeft tot dusver echter nog niet geleid tot een extra toestroom. Een ander speerpunt is preventie. Met onder andere Eerste Hulp Bij Geldzorgen, de Buddy app en hulp bij thuisadministratie voorkomen we dat schulden ontstaan of problematisch worden.

Effectindicatoren bij 10D Schuldhulpverlening

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2022

2023

2024

2025

Doel 10D1 Het ontstaan dan wel escalatie van problematische schuldensituaties is voorkomen.

10D1.a.Het gemiddelde schuldbedrag van mensen die zich bij de schuldhulpverlening hebben gemeld

32.360 (2018)

32.356 (2019)

33.134 (2020)

€31.000

€30.000

€29.000

€28.000

Stadsbank

10D1.b Het gemiddelde aantal schuldeisers van mensen die zich bij de schuldhulpverlening hebben gemeld

10 (2018)

12 (2019)

12 (2020)

9

8

7

7

Stadsbank

10D1.c Het percentage aanvragers voor schuldhulpverlening, dat eerder (binnen een periode van 3 jaar voorafgaand aan de aanvraag) een minnelijk of wettelijk traject hebben doorlopen

11% (2018)

1% (2020)

8%

7%

6%

5%

Stadsbank

10D1.d Aantal ex-zzp'ers dat zich meldt bij de Stadsbank

90 (2018)

66 (2019)

43 (2020)

90

90

90

90

Stadsbank

Doel 10D2 Problematische schuldensituaties zijn beheersbaar gemaakt en (zo mogelijk) opgelost

10D2.a Aantal gestarte schuldbemiddelingstrajecten en saneringskredieten

170 (2018)

166 (2019)

122 (2020)

170

165

165

165

Stadsbank

10D2.b Aantal geslaagde schuldbemiddelingstrajecten en saneringskredieten

153 (2018)

137 (2019)

141 (2020)

125

125

125

125

Stadsbank

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.

Kaderstellende beleidsstukken

Inleiding

10A

10B

10C

10D

  • Beleidsplan schuldhulpverlening Leiden 2017-2020 'Preventief, laagdrempelig, maatwerk en integraal' (RV 17.0040)

Programmakosten

Werk en inkomen
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2020

Begroting
2021

Begroting
2022

Meerjarenraming

2023

2024

2025

Arbeidsparticipatie

Lasten

35.986

40.592

36.003

35.815

34.830

34.801

 

Baten

-11.617

-14.071

-12.325

-12.325

-12.325

-12.325

Saldo

 

24.369

26.521

23.677

23.490

22.505

22.476

Maatsch. participatie en onderst. minima

Lasten

8.410

7.927

9.635

9.746

9.640

9.640

 

Baten

-473

-460

-468

-468

-468

-468

Saldo

 

7.938

7.466

9.167

9.277

9.171

9.171

Inkomensvoorzieningen

Lasten

76.690

67.609

64.309

64.309

64.306

64.306

 

Baten

-75.896

-65.430

-58.546

-58.546

-58.546

-58.546

Saldo

 

795

2.180

5.764

5.763

5.761

5.761

Schuldhulpverlening

Lasten

2.423

2.829

2.698

2.423

2.300

2.300

 

Baten

-378

-442

-339

-339

-339

-339

Saldo

 

2.045

2.387

2.359

2.084

1.961

1.961

Programma

Lasten

123.509

118.957

112.644

112.293

111.076

111.047

 

Baten

-88.363

-80.403

-71.678

-71.678

-71.678

-71.678

Saldo van baten en lasten

 

35.146

38.554

40.967

40.615

39.398

39.369

Reserves

Toevoeging

4.803

6.459

0

0

0

0

 

Onttrekking

-2.407

-1.743

-287

-253

-220

-220

Mutaties reserves

 

2.396

4.716

-287

-253

-220

-220

Resultaat

 

37.542

43.270

40.680

40.362

39.178

39.149

Budgettaire ontwikkelingen
De daling van de lasten en/of de stijging van de baten worden onder andere veroorzaakt door de indexering van budgetten, doorrekening van de kostenverdeelstaat en de kapitaallasten die zijn berekend vanuit het meerjareninvesteringsplan 2022-2025. Beleidswijzigingen met financiële consequenties worden hierna per beleidsterrein toegelicht.

Beleidsterrein Arbeidsparticipatie/Werk en Inkomen
De lasten nemen met 2,8 miljoen af en de baten met 0,1 miljoen. In 2021 is een incidenteel rijksbudget geraamd van 1,357 miljoen voor extra lokale re-integratie-inspanningen als gevolg van de coronapandemie. Tevens is in 2021 een incidenteel rijksbudget geraamd van 770.000 voor crisisdienstverlening aan schoolverlaters in Holland Rijnland, een incidenteel budget van 217.000 voor het regionaal werkbedrijf, een incidenteel budget van 249.000 voor de invoering van de nieuwe wet inbugering en een incidenteel budget van 265.000 voor de uitvoering van trajecten voor jongeren (JA/JAS). In 2021 is een incidenteel ESF-budget aan lasten en baten geraamd van 130.000. In de loop van 2021 en/of 2022 zullen ESF-middelen voor re-integratie beschikbaar komen voor 2022, maar die kunnen nog niet worden geraamd in deze begroting. In 2021 is een incidenteel rijksbudget geraamd van 281.000 voor het bestrijden van laaggeletterdheid in Holland Rijnland.

Beleidsterrein Arbeidsparticipatie/DZB
De lasten nemen met totaal 2,8 miljoen af en de baten met 0,1 miljoen. De lasten dalen per saldo met
536.000 als gevolg mutatie van rijkssubsidies die via de algemene uitkering ontvangen worden voor respectievelijk de WSW (daling 683.000) en de Trajectbegeleiding (stijging 147.000). De daling bij de WSW betreft de door het Rijk geprognosticeerde daling van het aantal arbeidsjaren van WSW’ers. Daarnaast heeft DZB in de rol van centrumgemeente arbeidsregio Holland Rijnland in 2021 éénmalige rijksmiddelen gekregen van 2.313.000. Deze middelen worden ingezet voor projecten gericht op arbeidsparticipatie binnen de Leidse arbeidsregio/Holland Rijnland. Tenslotte nemen enerzijds de lasten toe als gevolg van de indexering en dalen de lasten als gevolg van taakstelling en mutaties eerdere besluitvormingen, per saldo een stijging van 49.000.
De baten dalen per saldo met 128.000 door enerzijds indexering (stijging 162.000) en anderzijds de incidentele inzet van personeel op regionale projecten (290.000) in 2021.

Beleidsterrein Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima
De lasten nemen per saldo met 0,3 miljoen af. In 2021 is incidenteel 100.000 door het rijk beschikbaar gesteld voor hogere uitgaven bijzondere bijstand als gevolg van de coronapandemie en incidenteel 604.000 voor de TONK-regeling (tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten). De lasten kwijtschelding afvalstoffen-heffing en rioolrechten nemen met circa 200.000 toe als gevolg van de opgenomen verhoging in het Beleidsakkoord 2018-2022. Het overige verschil wordt veroorzaakt door indexerings- en overheadmutaties.

Beleidsterrein Inkomensvoorzieningen
De baten nemen met 1,0 miljoen toe als gevolg van indexering. Het is voor het eerst sinds jaren dat de bijstandsgerelateerde budgetten, zowel baten als lasten, worden geïndexeerd. De hoogte van de daadwerkelijke indexering van het BUIG-budget 2022 (het te ontvangen rijksbudget, waaruit de bijstandsuitkeringen worden bekostigd) wordt door het Rijk wordt bekendgemaakt in oktober 2022.
De lasten nemen met 2,6 miljoen toe. Dat wordt met name veroorzaakt doordat het begrote bijstandsbudget 2021 incidenteel verlaagd is met 2,1 miljoen als gevolg van het aangemelde voordeel op de bijstandsuitgaven in de Kaderbrief 2021-2025. Het overige verschil wordt veroorzaakt door indexerings- en overheadmutaties.

Beleidsterrein Schuldhulpverlening
De lasten nemen per saldo af met 0,4 miljoen. Dat wordt veroorzaakt doordat in 2021 een incidenteel budget van 420.000 aan rijksmiddelen is geraamd voor extra schuldhulpverlening als gevolg van corona.

Reserves

Reserves programma 10
bedragen x 1.000,-

 

Rekening
2020

Begroting
2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

DZB Bedrijfsreserve dzb-Leiden wsw

Toevoeging

2.529

1.095

0

0

0

0

 

Onttrekking

-1.297

-1.400

0

0

0

0

Saldo

 

1.232

-305

0

0

0

0

DZB Reserve zachte landing rijksbez. Wsw

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-191

-288

-265

-231

-198

-198

Saldo

 

-191

-288

-265

-231

-198

-198

DZB Reserve frictiekosten ID/WIW DZB

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

-70

-46

-22

-22

-22

-22

Saldo

 

-70

-46

-22

-22

-22

-22

Reserve Sociaal Domeins P10

Toevoeging

2.274

5.364

0

0

0

0

 

Onttrekking

-849

0

0

0

0

0

Saldo

 

1.425

5.364

0

0

0

0

Reserve Fonds Debt? to no Debt!

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

 

Onttrekking

0

-9

0

0

0

0

Saldo

 

0

-9

0

0

0

0

Reserves programma 10

 

2.396

4.716

-287

-253

-220

-220

DZB Reserve zachte landing rijksbezuinigingen Wsw
De onttrekking van 264.990 is geraamd ter dekking van de kosten van het gemeentelijk vitaal personeels-beleid (114.990) en daarnaast zijn er kosten geraamd voor de uitwerking van DZB toekomstvisie (150.000).

DZB Reserve frictiekosten ID/WIW
Er is een onttrekking geraamd van 21.560 in 2022. Dit is nodig om het geraamde tekort op de twee WIW-dienstbetrekkingen te dekken. In 2014 is besloten om de WIW af te bouwen en is een bedrag gestort in de reserve om de toekomstige frictiekosten op te vangen.

Investeringen

Niet van toepassing

Subsidies

 

subsidiestaat 2021

subsidiestaat 2022

Subsidie saldo

1.785.222

1.622.219

­­Het volledige subsidie-overzicht is opgenomen in paragraaf 3.2.8 subsidies.