Programmabegroting 2027

3.1.2 Veiligheid

Programmanummer

2

Commissie

Leefbaarheid en Bereikbaarheid

Portefeuille(s)

Bestuur, Veiligheid en Handhaving
Gezondheid, Jeugdzorg & Welzijn

De missie van het programma Veiligheid luidt:
De gemeente Leiden staat voor een stad die veilig is en voelt op het gebied van wonen, werken en leven in samenwerking met bewoners en partners.

Inleiding

Veiligheid is continu in beweging. Ontwikkelingen in de stad, de regio en de samenleving beïnvloeden de veiligheidsopgaven waar Leiden voor staat. Tegelijkertijd blijven de basisopgaven op het gebied van veiligheid en leefbaarheid onverminderd van belang.

De veiligheidsmonitor 2025 is een tweejaarlijks onderzoek naar onder meer veiligheid, leefbaarheid en slachtofferschap van criminaliteit en geeft inzicht in hoe inwoners de veiligheid en leefbaarheid in Leiden ervaren en welke ontwikkelingen zichtbaar zijn. Recent zijn de cijfers van de veiligheidsmonitor beschikbaar gekomen en inzichtelijk via:Veiligheidsmonitor | Leiden. De uitkomsten vormen een belangrijke basis voor het bepalen van de veiligheidsopgaven voor de komende jaren. Tegelijkertijd geven ontwikkelingen zoals de blijvende effecten van de coronaperiode en de groei van de stad aanleiding om de huidige streefwaarden kritisch te bekijken. In het verlengde van het nieuwe IVP wordt daarom opnieuw gekeken naar de streefwaarden en worden deze waar nodig bijgesteld.

Daarnaast zijn landelijk en regionale ontwikkelingen van invloed op de veiligheidsopgaven van Leiden. De ontwikkelingen rond het landelijk vuurwerkverbod, het versterken van de maatschappelijke weerbaarheid en de veranderende online leefwereld van jongeren vragen de aandacht van de gemeente.

De landelijke en regionale ontwikkelingen en de inzichten uit de veiligheidsmonitor worden betrokken bij het vernieuwde Integraal Veiligheidsplan (IVP). Naar verwachting wordt het IVP 2027-2030 begin 2027 aan de gemeenteraad aangeboden. Het vernieuwde IVP geeft richting aan de veiligheidsopgaven en prioriteiten voor de komende jaren.

Beleidsterrein 2A Veiligheid

Doelen en prestaties bij 2A Veiligheid

Doel

Prestaties

2A1 Bewaken democratische rechtstaat en

beperken van (georganiseerde) ondermijnende

criminaliteit

2A101 Aanpak ondermijning

2A102 Aanpakken radicalisering en polarisatie

2A103 Inzet Wet Bibob

2A104 Inzet Veilige Publieke Taak

2A2 Bevorderen van veilige en leefbare

woon en leefomgeving

2A201 Beperken van overlast van personen met onbegrepen gedrag

2A202 Beperken van woonoverlast

2A203 Inzet preventie en weerbaarheid gedigitaliseerde
criminaliteit

2A204 Regievoering samenwerking jaarwisseling/vuurwerk

2A205 Inzet buurt- en wijkveiligheid en integrale wijkaanpak

2A206 Aanpak fietsendiefstal

2A207 Bestuurlijke inzet overtredingen Opiumwet en tegengaan
van drugshandel

2A3 Regie op jeugd (overlast en criminaliteit)

2A301 Inzet Stedelijke Jeugdaanpak

2A302 Inzet Dealbreakers

2A4 Fysieke veiligheid en optimaliseren crisisorganisatie

2A401 Realiseren en bestendigen van BRL-vakbekwame
gemeentelijke crisisorganisatie

2A402 Planvorming rondom grootschalige risicovolle evenement

2A403 Inzet bij rampen en (cyber)crises

2A404 Optimale preventie brandveiligheid

2A405 Inzet bij demonstraties en betogingen

2A5 Veilig ondernemen en veilig uitgaan

2A501 Risicoscan, coördinatie vergunningverlening evenement

2A502 Inzet Landelijk Programma Veilige Steden

2A503 Bijdrage aan (digitaal) veilig ondernemen

2A504 Handhaven coffeeshopsanctiebeleid

2A505 Coördinatie vergunningverlening horeca

2A506 Handhaven horecasanctiebeleid

2A507 Handhaven prostitutiebeleid

2A1.1. Aanpak ondermijning

In 2027 richt team aanpak ondermijning zich op een aantal thema’s. Bij vastgoedcriminaliteit ligt de focus op het voorkomen van misbruik van vastgoed voor criminele doeleinden en het versterken van de samenwerking met onder andere woningcorporaties als belangrijke signalerende partners. De Kerntafel vastgoed wordt voortgezet. Aan die tafel worden risico’s zoveel mogelijk aan de voorkant verkend door de bij vastgoed betrokken afdelingen van de gemeente. De tafel maakt de verbinding met regionale en landelijke ontwikkelingen bij de aanpak van vastgoedcriminaliteit.

Binnen malafide bedrijvigheid zetten we in op het tegengaan van bedrijven die criminaliteit faciliteren of ervan profiteren, onder andere door het verder ontwikkelen van een aanpak voor risicovolle branches door middel van een vergunningsplicht. In dit verband wordt ook ingezet op het voorkomen van witwassen.

We blijven inzetten op het verstoren van georganiseerde drugscriminaliteit en criminele netwerken. In samenwerking met de Stedelijke Jeugdaanpak versterken we de aanpak van jonge aanwas door beter zicht te krijgen op de verwevenheid tussen jongeren, criminele netwerken, locaties en bedrijven en door criminele uitbuiting tegen te gaan. De aanpak van mensenhandel blijft een belangrijk aandachtspunt. We vergroten de bewustwording, verbeteren het zicht op locaties en pakken facilitators van illegale prostitutie aan met behulp van de regiobrede aanpak.

Als in 2027 andere fenomenen of specifieke gebieden extra inzet vragen zal dit invloed hebben op het weeg- en keuzeproces.

2A1.3 Inzet Wet Bibob

De Wet Bibob is een belangrijk en krachtig gemeentelijk instrument om integriteit te toetsen en criminele invloeden te weren. In 2027 zetten we onze kennis en expertise opnieuw in om signaal gestuurd de Wet Bibob toe te passen en onderzoek te doen. Het toepassingsgebied blijft ongewijzigd; we zetten actief in op aanvragen van Omgevingsvergunningen, Alcoholwetvergunningen en vastgoedtransacties.

In het weeg- en keuzeproces wordt ruimte vrijgehouden voor het doen van Bibob onderzoek in kwetsbare branches zoals ten aanzien van de vergunningen voor coffeeshops en seksinrichtingen. Als een vergunningplicht voor een bepaalde branche/gebied wordt ingevoerd zal Bibob ook in dat kader gericht worden ingezet.

We blijven investeren in het vergroten van de kennis en bewustwording van integriteits- en ondermijningsrisico’s binnen de rest van de ambtelijke organisatie. Door vakafdelingen beter in staat te stellen zelf risico’s te herkennen en vanuit hun eigen wettelijke kaders te handelen, kan Bibob gerichter worden ingezet als aanvullend instrument en als ultimum remedium.

2A.1.4 Inzet Veilige Publieke Taak

Het aantal ervaren incidenten blijkt vooralsnog hoger dan wat in het Gemeentelijk Incidenten Registratiesysteem (GIR) geregistreerd wordt. De bereidheid om te melden en te registreren moet dus verder omhoog. Tegelijkertijd willen we natuurlijk dat de ervaren agressie tegen medewerkers afneemt.

De ambitie is om alle medewerkers en bestuurders een veilige werkplek te bieden. Agressie en geweld tegen medewerkers blijft daarbij een belangrijk aandachtspunt. Daarom blijven we ons in 2027 actief inzetten voor een Veilige Publieke Taak, onder andere via communicatie. De communicatie richt zich op bewustwording, preventie, het melden en registreren van agressie-incidenten en hoe te handelen bij en na incidenten. We investeren daarnaast in training van medewerkers. De Veiligheidsregisseur, die in 2026 is gestart, adviseert collega’s over hun eigen veiligheid bij participatie. Conform de leidraad zal de politie ook in 2027 betrokken blijven bij de aanpak van agressie.

2A2.1 Beperken van overlast van personen met onbegrepen gedrag

In 2027 blijft de gemeente inzetten op het terugdringen van overlast door personen met onbegrepen gedrag. Daarnaast blijven we het komende jaar investeren in de persoonsgerichte aanpak en treffen we -waar nodig- bestuurlijke maatregelen om overlast in de openbare ruimte zoveel mogelijk te beperken. Dit vraagt om een integrale en domeinoverstijgende samenwerking tussen alle betrokken partijen (zowel in- als extern), waaronder de maatwerkfunctionarissen, de beleidsmedewerker Zorg & Veiligheid, het Zorg- en Veiligheidshuis, de politie, Handhaving en zorgpartijen.

2A.2.4 Regievoering samenwerking jaarwisseling/ vuurwerk

In de ontwikkeling richting een vuurwerkvrije jaarwisseling is de aanpak Leiden vuurwerkvrij ingehaald door de landelijke wet Veilige jaarwisseling. De wet regelt een landelijk vuurwerkverbod voor consumenten en biedt de burgemeester daarbij ruimte om ontheffingen te verlenen aan verenigingen. In 2027 wordt onderzocht of, en onder welke aanvullende voorwaarden de burgemeester ontheffingen wil verlenen. Indien nodig wordt hier een beleidsregel voor opgesteld. De gemeente stimuleert en ondersteunt waar mogelijk vuurwerkvrije buurt- en bewonersinitiatieven tijdens de jaarwisseling.

De jaarwisseling wordt jaarlijks met diverse partners voorbereid. In 2027 wordt dit voortgezet. Afhankelijk van de eerste ervaringen met het landelijk vuurwerkverbod tijdens jaarwisseling 2026-2027 worden werkzaamheden of interventies aangepast.

2A3 Regie op jeugd (overlast en criminaliteit)

De inzet in de aanpak ‘Regie op jeugd’ is gericht op het combineren van preventie en, waar nodig repressie: het een werkt niet zonder het ander. Doordat een deel van de uitvoering bij de gemeente zelf ligt, ontstaat scherper zicht op signalen uit de praktijk, kan sneller worden geschakeld en worden niet alleen individuele casussen, maar ook patronen in beeld gebracht. De online leefwereld krijgt nadrukkelijker een plek binnen de aanpak: uit casuïstiek blijkt dat wat online begint zich steeds vaker vertaalt naar gedrag op straat. De gemeente werkt aan een plan van aanpak om ouders, school en jongeren hierin te ondersteunen, in afstemming met landelijke partners. Door deze instrumenten in samenhang in te zetten, beoogt Leiden te voorkomen dat problematiek escaleert naar zwaardere en kostbaardere trajecten, zoals specialistische jeugdhulp of justitiële trajecten.

De financiering van diverse onderdelen van de aanpak ‘Regie op Jeugd’ lopen in 2027 af. Dit gaat om Dealbreakers, Skill School, PIT+ en Specialistisch Jongerenwerk. Dit betekent dat (delen van) de huidige interventies binnen Regie op Jeugd moeten worden beëindigd of sterk afgeschaald. Het wegvallen van onderdelen doorbreekt samenhang van de aanpak. Vroegsignalering, preventie en intensieve begeleiding zijn op elkaar afgestemd; het schrappen van één schakel leidt tot een grotere druk op andere voorzieningen. Jongeren die nu preventief worden bereikt, komen later mogelijk alsnog in zwaardere trajecten terecht, zoals specialistische jeugdhulp of het strafrecht.

2A.4.1 Realiseren en bestendigen van BRL-vakbekwame gemeentelijke crisisorganisatie

Grootschalige, complexe en langdurige verstoringen kunnen grote impact hebben op de samenleving en de continuïteit van de gemeentelijke organisatie. Maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht is het vermogen van de samenleving en van de gemeentelijke organisatie om schokken op te vangen, te kunnen functioneren onder druk en sterker uit de verstoring te komen. Dit vermogen is mede afhankelijk van onderling vertrouwen, sociale cohesie, de robuustheid van vitale voorzieningen en de mate waarin de organisatie en partners zijn voorbereid en samenwerken. In 2027 geven we uitvoering aan het programmaplan Maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht. Dit programma is gericht op het versterken van de weerbaarheid van de Leidse samenleving, de gemeentelijke organisatie en de samenwerking met vitale (keten-)partners. De uitvoering vindt plaats in samenwerking met interne en externe partners.

2A5.2 Inzet landelijk programma Veilige Steden

In 2026 is het landelijk programma Veilige Steden, geïnitieerd door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), afgelopen. Dit programma is gericht op het vergroten van de veiligheid van vrouwen en meisjes in de openbare ruimte. Leiden gaf uitvoering aan dit programma met de aanpak Wensen en Grenzen in Leiden: ‘Leidse aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld 2023-2026’.

Met de aanpak werd het thema seksueel grensoverschrijdend gedrag integraler benaderd waardoor interventies en best practices vanuit verschillende beleidsterreinen samenkwamen. De komende jaren blijft vanuit ieder beleidsterrein aandacht voor het thema seksueel grensoverschrijdend gedrag. Voor het thema veiligheid van vrouwen en meisjes in de openbare ruimte kan gebruik worden gemaakt van de bestaande materialen zoals de Ben je Oké-campagne, de Veilig Dansen bakfiets die in het bezit zijn van gemeente Leiden.

Bij (acute) onveiligheidssituaties, onrust of incidenten kan worden overgegaan tot de inzet van persoons of locatiegerichte instrumenten. Voorbeelden van locatiegerichte maatregelen zijn samenscholingsverboden of noodverordeningen. Bij eenpersoonsgerichte aanpak kunnen maatregelen zoals gebiedsontzeggingen of gebiedsverboden ingezet worden.

Verbonden Partijen

De onderstaande Verbonden Partijen leveren een bijdrage aan dit beleidsterrein. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.

Veiligheidsregio Hollands Midden

De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is verantwoordelijk voor de volgende taken: brandweerzorg, crisisbeheersing, risicobeheersing, meldkamer brandweer en crisisbeheersing, GHOR en coördinatie gemeentelijke Bevolkingszorg. De VRHM werkt hierbij nauw samen met andere (crisis)partners, onder meer politie, gemeenten, waterschappen, milieudiensten en defensie. De VRHM is een verplichte gemeenschappelijke regeling op grond van het Wet veiligheidsregio’s. Het Algemeen Bestuur (AB) van de VRHM bestaat uit de 18 burgemeesters van de deelnemende gemeenten. Het AB stelt de hoofdlijnen voor het te voeren beleid en de financiële kaders vast, al dan niet na overleg met de gemeenteraden.

Veiligheidsregio Hollands Midden

Motieven en doelen deelname GR

Deelname aan de Veiligheidsregio is wettelijk voorgeschreven (Wet veiligheidsregio’s). De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) is verantwoordelijk voor de volgende taken: brandweerzorg, crisisbeheersing, risicobeheersing, meldkamer brandweer en crisisbeheersing, GHOR en coördinatie gemeentelijke Bevolkingszorg.

Kansen

De Veiligheidsregio werkt op basis van het Regionaal Risicoprofiel 2027 – 2030 en het Regionaal Beleidsplan 2024-2027. De gemeenteraad heeft bij vaststelling van beide stukken een zienswijze ingediend bij de VRHM.

Risico's (top 3)

De drie belangrijkste risico’s zijn:

  • Toekomstige vakbekwaamheid: de huidige structurele middelen zijn onvoldoende om nu en in de toekomst te kunnen voorzien in voldoende en opgeleide brandweermensen, ook gelet op nieuwe incident- en crisistypen.
  • Huisvesting: Ook de komende jaren staat de nieuwbouw en verbouwing van een aantal kazernes gepland. Op basis van eerdere ervaringen is duidelijk dat nieuwbouw en verbouwing tot forse structurele meerkosten kan leiden voor de veiligheidsregio.
  • Besturing en bedrijfsvoering op orde: De stap naar een toekomstgerichte en wendbare organisatie kan de VRHM alleen realiseren als de bedrijfsvoering, werkwijzen en organisatiestructuur en bijbehorende cultuur dit optimaal faciliteren.

Deze risico’s zijn opgenomen in de ontwerp-Programmabegroting 2027 VRHM die op 18 juni 2026 ter zienswijze is aangeboden aan de gemeenteraden die deelnemen in de gemeenschappelijke regeling VRHM. De Leidse gemeenteraad heeft ingestemd met de programmabegroting. De Programmabegroting VRHM 2027 is na afloop van deze zienswijzeprocedure vastgesteld door het Algemeen Bestuur VRHM.

Belangrijkste doelstellingen / prestaties en opgaven 2025

De veiligheidsregio is namens 18 gemeenten verantwoordelijk voor de volgende taken:

  • meldkamerfunctie voor brandweer en crisisbeheersing
  • risicobeheersing
  • rampenbestrijding en crisisbeheersing
  • GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio - uitgevoerd door GGD)
  • coördinatie gemeentelijke bevolkingszorg
  • brandweerzorg

De doelstellingen per taak voor 2027 staan, tezamen met de opgaven die voortkomen vanuit het Regionaal Beleidsplan 2024-2027, in de Programmabegroting 2027 van de Veiligheidsregio Hollands Midden.

Belangrijkste bestuurlijke mijlpalen 2026

De gemeenteraad dient jaarlijks op grond van artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen de mogelijkheid te krijgen om een zienswijze in te dienen op de ontwerpbegroting.
In 2027 staan de volgende bestuurlijke mijlpalen gepland:

  • Zienswijze Programmabegroting 2027 (mei / juni)
  • Regionaal Beleidsplan ter consultatie (april t/m juli)

Bijdrage 2027

€ 15 miljoen

Voor eigenaarsrol, zie paragraaf verbonden partijen

Effectindicatoren bij 2A Veiligheid

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2026

2027

2028

2029

Doel 2A1 Bewaken van democratische rechtstaat en beperken van georganiseerde (ondermijnende) criminaliteit

2A1.a Aantal geregistreerde incidenten in GIR (Gemeentelijk Incidenten Registratiesysteem)

42 (2023)
64 (2024)
81 (2025)

100

100

100

100

Gemeentelijk Incidenten Registratiesysteem

2A1.b Percentage medewerkers dat verbale agressie ervaart

23% (2025)

22%

21%

20%

19%

Medewerkers onderzoek

2A.1c Percentage medewerkers dat bedreiging/ intimidatie ervaart

7% (2025)

7%

6%

6%

5%

Medewerkers onderzoek

2A.1d Percentage medewerkers dat fysieke agressie ervaart

2% (2025)

1%

1%

1%

1%

Medewerkers onderzoek

Doel 2A2 Bevorderen van veilige en leefbare woon- en leefomgeving

2A2.a Aantal overlastmeldingen drugs, burenruzie, geluid

3.498 (2023)
4.307 (2024)
3.684 (2025)

2.900

2.900

2.900

2.900

Politie- eenheid Den Haag

2A2.b Aantal woninginbraken (inclusief pogingen) per 1.000 inw.

1,3 (2023)
1,0 (2024)
0,9 (2025)

2,0

2,0

2,0

2,0

CBS (wsjg.nl - BBV)*

2A2.c Percentage inwoners dat in de eigen buurt veel overlast ervaart van drugsgebruik

4% (2024)
4% (2025)

4%

4%

4%

4%

Veiligheidsmonitor

2A2.d Percentage inwoners dat in de eigen buurt veel overlast ervaart van drugshandel

3% (2023)
4% (2025)

4%

4%

4%

4%

Veiligheidsmonitor

2A2.e Aantal geweldsmisdrijven per 1.000 inwoners

5,0 (2023)
5,1 (2024)
5,2 (2025)

5,5

5,5

5,5

5,5

CBS (wsjg.nl - BBV)*

2A2.f Aantal (brom)fietsdiefstallen

1.370 (2023)
1.479 (2024)
1.585 (2025)

1.425

1.425

1.425

1.425

Politie- eenheid Den Haag

2A2.h Overlastmeldingen, gerelateerd aan personen met onbegrepen gedrag

1.620 (2023)
1.604 (2024)
1.819 (2025)

1.000

1.000

1.000

1.000

Politie- eenheid Den Haag

Doel 2A3 Regie op jeugd (overlast en criminaliteit)

2A3.a Aantal incidenten overlast door jeugd

980 (2023)
1.090 (2024)
1.067 (2025)

950

950

950

950

Politie- eenheid Den Haag

2A3.b Aantal HALT verwijzingen per 1.000 jongeren

14 (2023)
18 (2024)
17 (2025)

20

20

20

20

Bureau HALT (wsjg.nl - BBV)*

2A3.c Aantal vernielingen en beschadigingen in de openbare ruimte per 1.000 inwoners

6,6 (2023)
6,2 (2024)
6,6 (2025)

5,0

5,0

5,0

5,0

CBS (wsjg.nl - BBV)*

2A3.d Percentage inwoners dat in de eigen buurt veel overlast ervaart van rondhangende jongeren

8% (2023)
9% (2025)

6%

6%

6%

6%

Veiligheidsmonitor

Doel 2A4 Fysieke veiligheid en optimaliseren crisisorganisatie

2A4.a Aantal brandstichtingen

35 (2023)
26 (2024)
20 (2025)

35

35

35

35

Politie- eenheid Den Haag

2A4.b Aantal gemelde woningbranden in Leiden

53 (2023)
52 (2024)
61 (2025)

64

64

64

64

Veiligheidsregio Hollands-Midden

Doel 2A5 Veilig ondernemen en veilig uitgaan

2A5.a Percentage inwoners van stadsdeel Midden dat in eigen buurt veel overlast ervaart door horecagelegenheden

8% (2023)
5% (2025)

7%

7%

7%

7%

Veiligheidsmonitor

2A5.b Percentage inwoners van Leiden dat vaak overlast heeft van evenementen

2% (2023)
3% (2025)

3%

3%

3%

3%

Veiligheidsmonitor

2A5.c Percentage inwoners van stadsdeel Midden dat vaak overlast heeft van evenementen

7% (2023)
10% (2025)

8%

8%

8%

8%

Veiligheidsmonitor

2A5.d Percentage inwoners dat in de eigen buurt veel overlast ervaart door dronken mensen op straat

5% (2023)
5% (2025)

3%

3%

3%

3%

Veiligheidsmonitor

2A5.e Aantal winkeldiefstallen per 1.000 inwoners

3,5 (2023)
3,0 (2024)
3,8 (2025)

3,0

3,0

3,0

3,0

CBS (wsjg.nl - BBV)*

2A5.f Percentage vrouwen die één of meerdere keren een vorm van straatintimidatie meegemaakt hebben de afgelopen 12 maanden

57% (2023)**
60% (2025)

51%

51%

51%

51%

Veiligheidsmonitor

2A5.g Percentage mannen die één of meerdere keren een vorm van straatintimidatie meegemaakt hebben de afgelopen 12 maanden

35% (2023)**
39% (2025)

32%

32%

32%

32%

Veiligheidsmonitor

* Deze BBV-indicator is landelijk verplicht. De realisatiewaarden staan op waarstaatjegemeente.nl.
** Deze indicatoren zijn voor het eerst uitgevraagd in de Veiligheidsmonitor. Aangezien sprake is van een nulmeting, kunnen dus maar beperkt conclusies worden getrokken ten aanzien van een streefwaarde. De gehanteerde streefwaarden zijn voor nu afgeleid uit vergelijkbaar onderzoek in de gemeente Amsterdam.

Kaderstellende beleidsstukken

  • Integraal Veiligheidsplan 2023-2026 (RV 23.0043)
  • Visie op Handhaving Openbare Ruimte 2025-2028 (RV 25.0010)

Programmakosten

Veiligheid

Rekening

Begroting

Begroting

MJB

MJB

MJB

Bedragen x € 1.000,-

2025

2026

2027

2028

2029

2030

Veiligheid

Lasten

18.842

19.145

19.374

19.321

19.319

19.318

Baten

-973

-33

-35

-36

-36

-36

Saldo

17.869

19.112

19.339

19.285

19.283

19.283

Programma

Lasten

18.842

19.145

19.374

19.321

19.319

19.318

Baten

-973

-33

-35

-36

-36

-36

Saldo van baten en lasten

17.869

19.112

19.339

19.285

19.283

19.283

Reserves

Toevoeging

-

-

-

-

-

-

Onttrekking

-

-100

-

-

-

-

Mutaties reserves

-

-100

-

-

-

-

Resultaat

17.869

19.012

19.339

19.285

19.283

19.283

Budgettaire ontwikkelingen

De daling van de lasten en/of de stijging van de baten worden onder andere veroorzaakt door de indexering van budgetten, doorrekening van de kostenverdeelstaat en de kapitaallasten die zijn berekend vanuit het meerjareninvesteringsplan 2027-2030. Beleidswijzigingen met financiële consequenties worden hierna per beleidsterrein toegelicht.

Beleidsterrein Veiligheid

De lasten in 2027 zijn € 229.000 hoger (nadeel) dan in 2026 door:

  • Indexatie;
  • Doorrekening kostenverdeelstaat (= technische verdeling van directe organisatiekosten over de verschillende programma's).

De baten in 2027 zijn € 2.000 hoger (voordeel) dan in 2026 door:

  • Indexatie

Reserves

Reserves programma 2

Rekening

Begroting

Begroting

MJB

MJB

MJB

Bedragen x € 1.000,-

2025

2026

2027

2028

2029

2030

Reserve Sociaal Domein P2

Toevoeging

-

-

-

-

-

-

Onttrekking

-

-100

-

-

-

-

Saldo

-

-100

-

-

-

-

Totaal

Toevoeging

-

-

-

-

-

-

Onttrekking

-

-100

-

-

-

-

Reserves programma 2

-

-100

-

-

-

-

Investeringen

Niet van toepassing.

Subsidies

Niet van toepassing.