Ga naar boven
Home / Beleidsbegroting / Programmaplan / Economie / Beleidsterrein 3A Ruimte om te ondernemen

Beleidsterrein 3A Ruimte om te ondernemen

Ondernemers, bedrijven en instellingen in de stad hebben ruimte en regels nodig om te kunnen ondernemen. Onder dit beleidsterrein vallen vele onderwerpen op regionaal en lokaal niveau. De onderverdeling hiervan is grofweg :

  1. onderwerpen in de fase van beleidsontwikkeling
  2. onderwerpen in de beleidsuitvoering
  3. onderwerpen in samenwerkingsverbanden

Bij de beleidsontwikkeling betreft het visies en evaluaties die in 2019 ter besluitvorming worden voorgelegd aan de raad . Het gaat dan om de regionale bedrijventerreinenstrategie stedelijke as Leiden-Katwijk, de evaluatie van de horecavisie, de regionale kantorenvisie Holland Rijnland en de beleidsregels terrassen. De uitvoering van beleid betreft de retailvisie, de winkelnota, markten en standplaatsen en de verordening ligplaatsen bedrijfsvaartuigen. Samenwerkingsverbanden zijn er op meerdere terreinen, maar Economie 071 is voor programma Economie belangrijk en wordt daarom bij de prestaties, evenals alle hiervoor genoemde onderwerpen, afzonderlijk toegelicht. Bij deze toelichting wordt bovenstaande drie-deling gehanteerd.

Doelen en prestaties bij 3A Ruimte om te ondernemen

Doel

Prestatie

3A1 Betere ruimtelijke mogelijkheden voor bedrijven en instellingen

3A1.1 Regionale en lokale beleidsontwikkeling, beleidsuitvoering en advisering

3A1.2 Doorontwikkeling Leiden Bio Science Park (LBSP)

3A1.1 Regionale en lokale beleidsontwikkeling, beleidsuitvoering en advisering

1. Beleidsontwikkeling.

Bedrijventerreinenstrategie en herijking regionale kantorenvisie Holland Rijnland
Door de aantrekkende economie en de groeiende verstedelijking groeit de vraag naar ruimte voor bedrijven en wijzigt de vraag naar kantoren. Daarom wordt in 2019 een nieuwe regionale (Holland Rijnland) en subregionale (Leidse regio) bedrijventerreinenstrategie afgerond en wordt de regionale kantorenstrategie geactualiseerd. De ruimtelijke component van deze strategieën wordt vastgelegd in de VRM (Verordening Ruimte en Mobiliteit), de provinciale Structuurvisie van de provincie Zuid-Holland.

Lokale MKB bedrijven met een lokaal of subregionaal verzorgingsgebied zijn belangrijk voor de economische kracht van onze regio, de werkgelegenheid (ook voor praktisch geschoolden) en het stedelijk voorzieningenniveau. In het in maart 2018 tussen bedrijfsleven en gemeenten gesloten convenant Ruimte voor bedrijven 2018-2022 is afgesproken dat voor alle milieucategorieën de beschikbare ruimte op bedrijventerreinen kwantitatief niet verder mag afnemen en dat bij transformatie van bedrijventerreinen de verloren gegane hectares elders binnen de stedelijke as Leiden-Katwijk gecompenseerd moeten worden. Verstedelijking en verduurzaming brengen naast een ruimteclaim ook een vraag naar capaciteit bij bouw- en installatiebedrijven die huisvesting op lokale bedrijventerreinen nodig hebben. Hierdoor heeft de bedrijventerreinenstrategie een nauwe relatie met andere thema’s uit Hart van Holland, de Leidse Omgevingsvisie en Verstedelijkingsvisie. Naast het ruimtevraagstuk wordt er ingegaan op circulaire economie, verduurzaming en aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt.

De kantorenleegstand in Leiden neemt de afgelopen jaren af. Van 15,2% in 2010 tot 8,7% in 2018. Door middel van een goede (regionale) samenwerking tussen accountmanagement, ambtelijke organisaties en markt worden incourante panden gerenoveerd, getransformeerd of gesloopt en worden nieuwe kantoorformules aangetrokken voor de stationslocatie Leiden Centraal en het Bio Science Park. De huidige regionale kantorenvisie loopt tot 1 juli 2019. Uiterlijk 1 maart 2019 wordt een geactualiseerde regionale kantorenvisie voor Holland Rijnland opgeleverd, die ter goedkeuring aan de provincie zal worden voorgelegd. De regionale visie zal ingaan op de kwaliteit en kwantiteit van de bestaande kantorenvoorraad, inclusief een aanpak van de leegstand. De visie zal ook aandacht geven aan duurzaamheid. Onderlegger van de op te stellen regionale kantorenvisie is een provinciale behoefteraming die in 2018 is uitgevoerd. Volgens deze raming is er voor de provincie als geheel sprake van een overaanbod dat moet worden verminderd. Alleen op de meest kansrijke locaties kunnen nog vierkante meters worden toegevoegd. Het gebied Leiden Centraal is één van de gebieden waar nog groei van het kantorenvolume wenselijk is. De provincie gaat vooralsnog uit van een middenscenario waarbij de zachte plancapaciteit in Leiden Centraal wordt uitgebreid tot ca. 50.000 m2 voor de periode tot en met 2030. Het Bio Science Park valt als specifieke locatie buiten de provinciale behoefteraming.

Horeca –visie en Airbnb
Op 11 februari 2016 heeft de gemeenteraad de ruimtelijk-economische horecavisie vastgesteld. De horecavisie beschrijft voor alle typen horeca (inclusief hotels en andere logiesvormen) waar en in welke mate tot en met 2020 nog uitbreiding kan plaatsvinden en waar niet. In 2018 is een tussenevaluatie van de horecavisie gestart. Hierin wordt bezien in hoeverre we meer (dag)horeca willen toestaan in winkelgebieden, gezien de landelijke trend dat het horecabestand groeit en het winkelbestand daalt. Vanwege deze trend heeft de gemeenteraad in 2017 via een tussentijdse partiële herziening van de horecavisie extra horeca mogelijk gemaakt in het Nieuwe Rijngebied. De tussenevaluatie kan mogelijk voor de komende jaren leiden tot een (verdere) bijstelling van de uitbreidingsmogelijkheden voor horeca. Ook worden in de tussenevaluatie onderwerpen als blurring, Airbnb en de groei van de hotelmarkt meegenomen. In het kader van het hotelbeleid worden de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot de toeristische verhuur van woningen via Airbnb gevolgd, om na te gaan hoe Leiden hier op in kan spelen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken overlegt met de ‘grote 4 steden’ en platforms als Airbnb en Booking.com, om te komen tot afspraken en invoering van een landelijke regeling. Leiden en enkele middelgrote steden fungeren hier als ‘achtervang’ voor de ‘grote 4 steden’. Voorstellen op basis van de tussenevaluatie worden in 2019 aan de gemeenteraad voorgelegd.

Beleidsregels terrassen
In het collegeakkoord staat opgenomen dat de beleidsregels en nadere regels terrassen zullen worden geëvalueerd en versoepeld waar mogelijk. Hierover zullen verkennende besprekingen plaatsvinden tussen de nieuwe portefeuillehouder en de stadspartners Koninklijke Horeca Nederland afdeling Leiden en het Centrummanagement Leiden. Eind 2018 zal waarschijnlijk duidelijk worden in welke mate de regels zullen worden aangepast.

2. Beleidsuitvoering

Retailvisie 071
In 2016 is de regionale Retailvisie vastgesteld, het toekomstplan voor de winkelgebieden in onze regio. In 2019 gaan we lokaal en regionaal (in economie071 verband) verder met de uitvoering van dit plan. Eigenaren, ondernemers en gemeente gaan aan de slag met de pilot regelluwe zones voor het winkelcentrum Diamantplein (zie ook prestatie 3B1.1). Parrallel aan het ontwikkeltraject van winkelcentrum De Kopermolen worden o.a. door acquisitie van kwaliteitswinkels verbeteringen doorgevoerd in het aanbod en de routing van het winkelcentrum. Hiervoor worden gegevens van het doelgroepenonderzoek en het koopstromenonderzoek gebruikt.

Op basis van een uitvraag bij ondernemers bleek dat er geen behoefte is aan een regio coördinator. Actielijn A en B van de Retailvisie zullen vanaf nu grotendeels lokaal uitgevoerd worden. Wel zal een werkwijze worden opgesteld om regionaal kennisuitwisseling te faciliteren, ook nadat het economie071 project is afgerond. Voor actielijn C, het verminderen van vierkante meters op woonboulevards, zullen profielen worden opgesteld voor de vijf verschillende perifere detailhandelslocaties in de Leidse regio. Op basis hiervan zal in de toekomst gerichter locatiebeleid gevoerd kunnen worden. Om de effecten van het project op langere termijn te kunnen blijven volgen wordt in 2019 een regionale systematiek voor Retailmonitoring ontwikkeld.

Winkelnota Leidse winkelstad 2018-2021
Deze Winkelnota is inmiddels vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin wordt het onderscheidend karakter van de Leidse binnenstad t.o.v. andere steden beschreven en worden doelen uitgewerkt die bij elkaar een belangrijke bijdrage leveren aan Leiden als concurrerende, aantrekkelijke en toekomst-bestendige winkelstad. In 2018 is een aanjaagteam geformeerd met ondernemers uit de binnenstad die willen stimuleren dat deze doelen de komende jaren ook gerealiseerd gaan worden. Het aanjaagteam binnenstad Leiden zet zich specifiek in voor een aantrekkelijke en economisch sterke en leefbare binnenstad. Er zijn twee hoofdactiviteiten :

  • het aanjagen en een bijdrage leveren, dan wel het mede realiseren van gezamenlijke oplossingen voor opgaven in de binnenstad van Leiden.
  • het stimuleren van samenwerking dan wel het uitdragen van opgedane ervaringen in de binnenstad als totaal, de zes sfeergebieden en het Cultuurkwartier in het bijzonder.

Er wordt een uitvoeringsplan opgesteld in samenwerking met CML en gemeente. De uitvoering staat hierin centraal met inzet op onderwerpen als totaalbeleving in de binnenstad, een compact winkelgebied met zo min mogelijk leegstand en het doorontwikkelen van verschillende deelgebieden in de binnenstad met hun eigen identiteit. Daarbij hebben we tevens oog voor een goede mix tussen de kleinere, zelfstandige winkelier en het grootwinkelbedrijf.

Markten, standplaatsen en schaarse vergunningen
In 2017 is een onderzoek verricht voor het toekomstbestendig maken van de warenmarkt in het stadscentrum van Leiden. Inspirerend einddoel is de aanwijzing van de Leidse centrummarkt in 2022 tot de mooiste markt van Nederland. Het hiervoor opgestelde meerjarige stappenplan is gericht op zowel ruimtelijke, functionele als organisatorische aspecten. Ruimtelijk wordt gestreefd naar een compacte opstelling. Functioneel wordt gestreefd naar goede branchering en diversiteit van het aanbod. De organisatorische ambitie is om met een meer professionele en bedrijfsmatige organisatie samen te werken in het markt gebied. Dat alles vraagt onder meer om aanpassing en handhaving van de regelgeving, om versterking van de organisatie en promotie, en om samenwerking met de ondernemers van het gebied rondom de Nieuwe Rijn. In 2018 is er onder andere gewerkt aan het formaliseren van de marktcommissie en de branchering is aangescherpt ter bevordering van de diversiteit op de markt. In 2019 vindt conform het onderzoek de verdere aanpak en implementatie plaats.

De evaluatie van het standplaatsenplan is eind 2018 afgerond met het opstellen van een nieuw standplaatsenplan. Dit nieuwe plan zal in 2019 worden geïmplementeerd. In het standplaatsenplan is geregeld waar in de gemeente losse standplaatsen mogen worden ingenomen voor bijvoorbeeld kerstbomenverkoop, frietkarren, loempiakraampjes etc.

Vergunningen die in aantal (beleidsmatig) of op grond van natuurlijke schaarste worden beperkt, mogen als gevolg van de Dienstenrichtlijn en jurisprudentie niet voor onbepaalde tijd worden uitgegeven. In de jurisprudentie wordt steeds meer uitgekristalliseerd wat het normenkader is bij schaarse vergunningen. In 2019 moet, op basis van een verkenning hoe Leiden omgaat met de verdeling van deze en andere schaarse vergunningen, hierover een besluit worden genomen dat vervolgens geïmplementeerd kan worden. Het gaat hierbij onder andere om vergunningen voor markten en standplaatsen.

Verordening ligplaatsen bedrijfsvaartuigen.
De implementatie van de in juni 2018 vastgestelde Bedrijfs- en Pleziervaartuigenverordening en het bijbehorende ligplaatsenplan is in de tweede helft van 2018 gestart en loopt door in 2019. In dit proces worden keuzes gemaakt over de wijze van verdeling en uitgifte van de ligplaatsen (zie punt 11). Daarnaast over de inrichting van de administratie van de vergunningen en het binnenhavengeld en de bijbehorende tarieven. Ook wordt in dit kader gekeken naar de historische kwaliteit van het water en de rol daarvan binnen het breder gemeentelijk beleid omtrent erfgoed.

3. Samenwerkingsverbanden

Voor het ontwikkelen van beleid, het delen van kennis en het voeren van een effectieve lobby richting bijvoorbeeld de rijksoverheid is de gemeente in verschillende platforms actief. Afhankelijk van de schaalgrootte van bepaalde economische functies wordt gekozen in welk samenwerkingsverband beleid wordt opgesteld. Dit kan variëren van lokaal (bv. Horecavisie), Leidse regio (Retailvisie), Holland Rijnland (bv. regionale bedrijventerreinenstrategie), tot provinciaal (bv. Kantorenstrategie). Daarnaast zijn wij bij verschillende kennis- en lobby platforms aangesloten, bijvoorbeeld het G40-stedennetwerk van 40 (middel)grote steden in ons land.

Economie071
De afgelopen jaren is Economie071 een succesvol samenwerkingsverband gebleken om gemeentegrensoverschrijdende projecten en beleidsvisies op te stellen en uit te voeren. Elkaar helpen bij de dingen die we toch willen doen en elkaar versterken is een goed uitgangspunt. De samenwerking is door alle partners verlengd tot eind 2020. Leiden wil daarbij ook een bijdrage leveren aan doelstellingen van anderen. Een sterke regio is voor iedereen van belang. In het najaar van 2018 hebben de overheden voorstellen geformuleerd voor nieuwe initiatieven die samen met het bedrijfsleven en de onderwijs- en kennisinstellingen worden opgepakt. Kansen voor synergie liggen bijvoorbeeld in de onderwerpen duurzaamheid, circulaire economie en smartcity oplossingen.

3A1.2 Doorontwikkeling Leiden Bio Science Park
Het Leiden Bio Science Park (LBSP) behoort tot de top van de Life Science & Health parken in Europa en is cruciaal in het functioneren van Leiden als internationale kennisstad. Het vormt samen met het Stationsgebied en de Binnenstad de stuwende economische kern van Leiden. Buck Consultants heeft in 2018 geconstateerd dat de werkgelegenheid op campussen fors harder is gegroeid dan de totale werkgelegenheid in de gemeenten waarin zij zijn gevestigd. In de periode 2014-2018 was de groei van het totale aantal arbeidsplaatsen op campussen 22% ten opzichte van overall 6% in de betreffende gemeenten. Hiermee kan geconcludeerd worden dat campussen een gewilde vestigingsplaats zijn en een motor voor nieuwe bedrijvigheid. Leiden Bio Science Park is aangemerkt als een volwassen campus. In totaal zijn er tien volwassen campussen in Nederland. Het Leiden Bio Science Park is het grootste biomedische cluster van Nederland en behoort tot de top drie van Europa. Hoewel het goed gaat met het Leiden Bio Science Park is dit geen reden om op de lauweren te rusten. De werkgelegenheidsontwikkeling (+14% in vier jaar) is goed, maar onder de beste campussen (volwassen en groei-campussen) scoort LBSP daarmee op twee na het slechtste. Dit kan diverse oorzaken hebben zoals bijvoorbeeld het ontbreken van laboratoriumruimte. Hiervan is een groot tekort op het park. De aanbevelingen zoals een Campussenvastgoedfonds/garanties, de bereikbaarheid van en in het park, het aantrekken en behouden van talent, het delen van onderzoeksfaciliteiten en marketing en acquisitie zijn herkenbaar en hieraan wordt flink gewerkt. Met de hernieuwde financiële inzet van de partners op het park wordt naarstig naar oplossingen gezocht om een hogere groei te faciliteren. Dit vanwege de werkgelegenheid, het beter maken van mensen, het verlagen van de kosten van de zorg en het strategisch belang van het park voor LUMC en de Universiteit Leiden.

De gemeente Leiden werkt nauw samen met de Universiteit Leiden, het LUMC, de gemeente Oegstgeest en de ondernemersvereniging in de ruimtelijke en economische ontwikkeling van het LBSP. In 2018 is overeengekomen dat de Ondernemersvereniging, de overheden (gemeenten Oegstgeest en Leiden), de kennisinstellingen zoals LUMC en Universiteit Leiden de komende vijf jaar een miljoen euro investeren in het LBSP om de economische structuur en innovatie te stimuleren. De gemeente Leiden is hier als lid van Raad van Participanten nauw bij betrokken.

Doelen van de gemeente zijn:

  1. Het vergroten van de vestigingsmogelijkheden op het park.
  2. Het vergroten van de werkgelegenheid in de Life Science & Health sector.
  3. Het verbeteren van de bereikbaarheid en de campuskwaliteit.

De belangrijkste ontwikkelingen voor 2019 op het gebied van openbare ruimte en infrastructuur :

  1. In 2019 wordt een definitief ontwerp voor reconstructie van de openbare ruimte en infrastructuur opgesteld. Belangrijk aandachtspunten hierbij zijn de bereikbaarheid, de (kwaliteit van de) fietverbindingen, de biodiversiteit en de campuskwaliteit.
  2. De Universiteit realiseert de openbare ruimte en infrastructuur in deelgebied Boerhaave en het Schilperoortpark. Dit park is samen met het Van Leeuwenhoekpark een belangrijke groene zone die de groen-recreatieve verbinding tussen Binnenstad en Bos van Bosman mogelijk maakt. Belangrijk aandachtspunt hierbij is de biodiversiteit.
  3. De gemeente reconstrueert de Mendelweg
  4. Verdergaande afstemming over de aansluiting van het LBSP op de Leidse Ring Noord (LRN), concreet bij de kruising Vondellaan, Darwinweg, Plesmanlaan;
  5. Het project Deelfietsen Bio Science Park wordt gefinancierd vanuit het rijksprogramma Beter Benutten. Begin 2018 is een proef van twee jaar gestart, met bij de start honderd deelfietsen op het BSP-terrein en in de fietsenstallingen bij Leiden Centraal. Eind 2018 gaat dit deelproject een nieuwe fase in met meer en nieuwe “drop-zones” op het LBSP. Deze deelfietsenproef is belangrijk als basis voor een onderzoek naar een deelfietsenplan voor heel Leiden, waarvoor de Raad in juli 2017 budget beschikbaar heeft gesteld.

De belangrijkste ontwikkeling op het gebied van bouw en vastgoed in 2019 :

  1. De gemeente ondersteunt actief de bouwinitiatieven van stakeholders in het LBSP. In 2019 wordt verwacht om in ieder geval omgevingsvergunningen te kunnen afgeven voor meerdere woongebouwen in deelgebied Entree, het nieuwe Universitair Sport centrum (UCS) in het deelgebied Entree, een nieuwe datacentrum en bedrijfsgebouwen voor Universiteit Leiden in deelgebied Snellius, nieuwbouw voor SRON in deelgebied Gorlaeus, en een woongebouw (studentenhuisvesting) in deelgebied Boerhaave.
  2. Nieuwbouw museum Naturalis Biodiversity Centre. Opening in 2019.
  3. het Rijksvastgoedbedrijf zal de verkoopprocedure voor het Pesthuiscomplex in 2018 starten. Dit proces loopt door tot in 2019, waaronder een kwalitatieve beoordeling van de ingediende plannen, waarbij de gemeente Leiden ook in de beoordelingscommissie zal zitten. (Na de verkoop (ca Q2 2019) zal de gemeente in gesprek gaan met de winnende partij voor de verdere planuitwerking voor het Pesthuiscomplex;)
  4. De Universiteit Leiden zal in deelgebied Gorlaeus in 2019 diverse panden slopen ten behoeve van de realisatie van het campus plein en de nieuwbouw van de Bèta campus, fase 2 en 2A
  5. De Hogeschool Leiden zal een plan opstellen om haar gebouw uit te breiden vanwege de groei van het studentenaantal.
  6. In het deelgebied Boerhaave zal de nieuwbouw van het Gortercomplex aan de Wassenaarsweg gereedkomen.

NB : In verband met de grote hoeveelheid bouwplannen in het LBSP zal gezamenlijk met de UL gekeken worden naar de planning en fasering van de diverse bouwlocaties.

Effectindicatoren bij 3A Ruimte om te ondernemen

Effectindicator

Realisatie

Streefwaarden

Bron

2019

2020

2021

2022

Doel 3A1 Betere ruimtelijke mogelijkheden voor bedrijven en instellingen

3A1.a Aantal arbeidsplaatsen

66.350 (2015)
67.537 (2016)
70.294 (2017)

70.500

71.000

71.500

72.000

Bedrijvenregister Zuid-Holland

3A1.b Aantal bedrijfsvestigingen

7.775 (2015)
8.664 (2016)
9.627 (2017)

9.600

9.700

9.800

9.900

Bedrijvenregister Zuid-Holland

3A1.c Percentage leegstand in kantoren

11,7% (2015)
10,8% (2016)
8,7% (2017)

8.5%

8.0%

7.5%

7.0%

Kantorenmonitor Holland Rijnland

3A1.d Aantal arbeidsplaatsen op het Leiden Bio Science Park

18.008 (2015)
18.274 (2016)
18.739 (2017)

19.263

19.633

20.033

20.433

Bedrijvenregister Zuid-Holand

3A1.e Economie071 Index

110 (2015)
113 (2016)
117 (2017)

119

121

123

124

Economie071

3A1.f Percentage functiemenging

54,9% (2015)
55,5% (2016)
55,4% (2017)

-

-

-

-

LISA*
(wsjg - BBV)

3A1.h Aantal vestigingen van bedrijven per 1.000 inwoners van 15 /m 64 jaar

88,6 (2015)
103,1 (2016)
108,3 (2017)

-

-

-

-

LISA*
(wsjg - BBV)

3A1.i Percentage demografische druk

51,1% (2015)
50,8% (2016)
50,9% (2017)

-

-

-

-

CBS*
(wsjg - BBV)

* Het herziene Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) 2015 stelt een aantal indicatoren voor alle gemeenten verplicht. Deze zijn te herkennen aan de aanduiding (wsjg.nl - BBV) bij de bron. Dit verwijst naar de plek waar alle indicatoren voor alle gemeenten te vinden zijn: www.waarstaatjegemeente.nl. Gemeenten zijn verplicht de bron te hanteren die daar aangegeven staat. Dat maakt vergelijking tussen gemeenten mogelijk. Vanwege deze wettelijk opgelegde werkwijze zien we af van het opnemen van streefwaarden.

Een overzicht van realisatie- en streefwaarden van de indicatoren (ook uit vorige begrotingen) staat op LeideninCijfers.