Ga naar boven

Overhead, Vpb en Onvoorzien

Overhead
bedragen x € 1.000,-

Rekening
2017

Begroting
2018

Begroting
2019

Meerjarenraming

2020

2021

2022

Overhead

Lasten

61.713

57.658

56.847

57.217

56.851

56.544

Baten

-8.508

-4.490

-4.629

-4.629

-4.629

-4.629

Saldo

53.205

53.168

52.218

52.587

52.222

51.915

Programma

Lasten

61.713

57.658

56.847

57.217

56.851

56.544

Baten

-8.508

-4.490

-4.629

-4.629

-4.629

-4.629

Saldo van baten en lasten

53.205

53.168

52.218

52.587

52.222

51.915

Reserves

Toevoeging

0

0

0

0

0

0

Onttrekking

-349

-519

0

-198

0

0

Mutaties reserves

-349

-519

0

-198

0

0

Resultaat

52.857

52.650

52.218

52.389

52.222

51.915

Overhead
Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat de baten en lasten van overhead in dit programma moeten worden opgenomen. Overhead mag alleen nog aan grote projecten of investeringen worden toegerekend als dit anders tot grote nadelen in de begroting zou leiden. De toerekening van overheadkosten bij het bepalen van tarieven voor heffingen en leges gebeurt buiten de begroting om.
Door het apart opnemen van overhead winnen begroting en verantwoording aan transparantie en kan beter worden gestuurd op de bedrijfsvoering. Bovendien kan door het hanteren van een landelijk voorgeschreven systematiek een goede vergelijking worden gemaakt met andere gemeenten.

Overhead wordt gedefinieerd als 'alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces', en bevat naast personele kosten ook een aantal andere kostenposten.

De personele kosten van overhead bevatten de kosten van:

  • de leidinggevenden in het primaire proces;
  • de medewerkers van Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie;
  • de medewerkers van P&O / HRM;
  • de medewerkers van Inkoop;
  • interne en externe communicatiemedewerkers, met uitzondering van klantcommunicatie;
  • de medewerkers van Juridische zaken;
  • de medewerkers van Bestuurszaken en bestuursondersteuning;
  • de medewerkers van Informatievoorziening en automatisering;
  • de medewerkers van Facilitaire zaken en huisvesting;
  • de medewerkers bezig met postbehandeling en archivering;
  • de Managementondersteuning in het primaire proces

De andere overheadkosten betreffen:

  • de kosten voor de huisvesting voor de uitvoering van de algemene taken van de eigen gemeentelijke organisatie;
  • de personele kosten van medewerkers die niet eerder genoemd zijn, maar die werkzaamheden verrichten die niet zijn toe te rekenen aan een of meerdere taakvelden;
  • de verzekeringskosten en opleidingskosten voor personeel;
  • de bijdrage aan een verbonden partij, voor zover deze verbonden partij werkzaam is voor het taakveld 0.4 Overhead.

Het saldo in het hierboven gepresenteerde overzicht is gelijk aan het saldo op het taakveld 0.4 Overhead, onderdeel van het hoofdtaakveld 0 Bestuur en ondersteuning (zie paragraaf 4.3).

In onderstaande tabel is een uitsplitsing van de overheadkosten opgenomen.

Overhead

2018

2019

 

2020

 

2021

 

2022

 

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Personeel

15.759

-231

15.586

-238

15.886

-238

15.172

-238

14.884

-238

Personeel DZB

4.787

0

4.652

0

4.652

0

4.652

0

4.652

0

Overig

16.348

-4.259

17.221

-4.391

17.377

-4.391

17.725

-4.391

17.573

-4.391

Overig DZB

2.116

0

2.131

0

2.131

0

2.131

0

2.131

0

SP71

22.123

0

22.353

0

22.276

0

22.276

0

22.186

0

Totaal overhead

61.133

-4.490

61.943

-4.629

62.322

-4.629

61.956

-4.629

61.426

-4.629

Overhead naar investeringen/projecten

-3.475

0

-5.098

0

-5.098

0

-5.098

0

-5.098

0

Totaal overhead na doorbelasting

57.658

-4.490

56.845

-4.629

57.224

-4.629

56.858

-4.629

56.328

-4.629

Bedragen x € 1.000,-

Budgettaire ontwikkelingen
Het budget voor overhead aan de lastenkant is in 2019 ruim € 800.000 lager dan in 2018. Hierna volgen de voornaamste verschillen. 2019 is het eerste jaar dat er niet meer € 700.000 wordt gestort in de reserve flankerend beleid als gevolg van de reorganisatie 'Met hart voor de stad'. Een verschil van € 519.000 is ontstaan doordat er in 2019 geen exploitatie bijdragen meer geraamd zijn aan de investeringen Zaakgericht werken en Programma VRIS (Versterken Regionale I-Samenwerking). Verder zijn de budgetten voor facilitaire zaken toegenomen met € 331.000, waarvan € 225.000 door extra budget voor energie voor de inkoop van duurzame energie en gas in het kader van een klimaat neutrale stad.

Investeringen

Prestatie

Omschrijving prestatie

Omschrijving investering

Categorie investering

Soort investering

Bijdrage derden/ reserves

2019

2020

2021

2022

12A03

Overhead facilitaire zaken

Meubilair stoelen

Bedrijfsm.

V

-

525

525

12A03

Overhead facilitaire zaken

Meubilair overig

Bedrijfsm.

V

-

1.300

1.300

12A06

Overhead huisvesting

Ambtelijke herhuisvesting 2020 IP

Bedrijfsm.

V

-

614

12A06

Overhead huisvesting

Ambtelijke huisv. Integratie balies

Bedrijfsm.

N

-

352

12A06

Overhead huisvesting

Huisvesting ambtenaren 2021 1

Bedrijfsm.

V

-

6.646

12A06

Overhead huisvesting

huisvesting ambtenaren nieuw

Bedrijfsm.

V

-

9.063

12A06

Overhead huisvesting

Renovatie gevel Stadhuis

Bedrijfsm.

V

205

721

12A06

Overhead huisvesting

Ambtelijke huisv. Integratie balies 2022

Bedrijfsm.

V

-

350

12A06

Overhead huisvesting

Stadhuis verbouwing 2022

Bedrijfsm.

V

-

3.268

12A06

Overhead huisvesting

Stadsbouwhuis verbouwing 2022

Bedrijfsm.

V

-

4.035

Totaal programma Overhead

205

10.159

-

10.888

7.654

In het bovenstaande overzicht staan de investeringen zoals opgenomen in het investeringsplan 2019-2022. In paragraaf 4.2.2. Investeringen wordt de ontwikkeling van de kapitaallasten toegelicht en staat een overzicht met te voteren kredieten.

Beleidsindicatoren
Als gevolg van de BBV-wijzigingen met ingang van 1 januari 2017 moeten 39 beleidsindicatoren verplicht bij de programma's worden opgenomen. Met deze beleidsindicatoren is het via 'waarstaatjegemeente.nl' beter mogelijk de resultaten van de gemeenten onderling te vergelijken. Van deze indicatoren vallen er 5 onder het hoofdtaakveld 0 Bestuur en Organisatie. Omdat het voornamelijk overhead gerelateerde indicatoren betreft, worden ze in deze paragraaf opgenomen.

Beleidsindicator

Eenheid

Periode

Leiden

Nederland

Bron

1. Formatie

Fte per 1.000 inwoners

2019

10,57

-

Begroting 2019

2. Bezetting

Fte per 1.000 inwoners

2019

10,20

-

Begroting 2019

3. Apparaatskosten

Kosten per inwoner

2019

1.017

-

Begroting 2019

4. Externe inhuur*

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen

2019

17%

-

Begroting 2019

5. Overhead

% van totale lasten

2019

11%

-

Begroting 2019

* Voor 2019 is onze ambitie om de uitgaven aan externe inhuur te maximeren op 17% van de totale loonsom, gebaseerd op het gemiddelde van alle gemeenten (Personeelsmonitor 2017).

Verbonden partijen
De onderstaande verbonden partij levert een bijdrage aan het programma Overhead. Zie voor meer informatie de paragraaf verbonden partijen.

Servicepunt71
Samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering tussen de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest en Zoeterwoude. De bedrijfsvoering betreft de dienstverlening op de gebieden financiën, human resource management, inkoop, informatie en communicatie-technologie, juridische zaken en, voor Leiden en Leiderdorp, facilitaire zaken.

Servicepunt71

Motieven en doelen deelname GR

Uit overwegingen van kwaliteit, continuïteit en efficiency is het gewenst om samenwerking te vinden op bedrijfsvoeringstaken die betrekking hebben op ICT, Inkoop, Financiën, HRM, Juridische Zaken en Facilitaire zaken. SP71 biedt beleidsmatig, tactisch en operationeel advies, administratie, werkplekondersteuning, werving & opleiding en regionale bezwaarafhandeling.

Kansen

In de toekomst kunnen meer bedrijfsvoeringsonderdelen ondergebracht worden bij SP71 om verdere kwaliteitsverbetering, continuïteit en efficiëntie te realiseren. Het programma versterking regionale I-samenwerking is in gang gezet waardoor een groot deel van de I-kolom overgaat naar SP71.

Risico's (top 3)

  • Programma VRIS; er zijn veel besparingen ingecalculeerd. In de toekomst moet blijken of deze ook kunnen worden gerealiseerd.
  • Informatiebeveiliging: eventuele lekken in de informatiebeveiliging kunnen leiden tot bestuurlijke boetes en extra investeringen

Belangrijkste doelstellingen / prestaties en opgaven 2019

  • Versterken van de rol van de professional
  • Creëren van meer nabijheid tussen SP71 en de klantorganisaties

Belangrijkste bestuurlijke mijlpalen 2019

De raad krijgt jaarlijks, op grond van artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op de ontwerpbegroting. In 2019 staan de volgende bestuurlijke mijlpalen gepland:

  • Zienswijze Begroting 2020 (mei 2019)

Bijdrage 2019

€ 23,4 miljoen

Voor eigenaarsrol, zie paragraaf verbonden partijen

Vennootschapsbelasting (Vpb)
Sinds 2016 zijn gemeenten vennootschapsbelastingplichtig. Vooralsnog stelt de Belastingdienst zich op het standpunt dat over het voordelig saldo woonboten en reclameopbrengsten Vpb moet worden betaald. Dat wordt door ons en andere gemeenten nog betwist. Het saldo op woonboten is nihil. Hierover hoeft dus geen Vpb te worden afgedragen. Het positief saldo op reclameopbrengsten bedraagt naar verwachting € 320.000. Voor 2018 en volgende jaren zal op basis van dit positieve saldo een bedrag van afgerond € 70.000 aan Vpb moeten worden betaald (tarief: 20% over de eerste € 200.000 en 25% over het overige deel). Dat hebben we nu opgenomen in de begroting. Het risico dat wij over meer opbrengsten Vpb verschuldigd zijn, achten we gering.

Onvoorzien
Het budget onvoorzien wordt ingezet voor uitgaven die gedurende het jaar als onuitstelbaar en onvermijdbaar worden aangemerkt en waarvoor in de begroting verder geen raming kon worden opgenomen. Indien de uitgave een structureel karakter heeft dan worden de meerjarige consequenties als autonome ontwikkeling in de volgende begroting verwerkt.